Commissaris Carlos in vreemd gezelschap. ‘Je heet Gijs en Gijs is niet wijs,’ krijgt hij naar zijn hondenkop! Gelukkig maar dat het zo’n goedzak is. Al doet zijn uiterlijk anders vermoeden!

Dinsdag kom ik Buurman met zijn Duitse herder Carlos tegen bij de dierenwinkel. VikThor springt een gat in de lucht als hij zijn grote vriend ontwaart. Even later kuieren we samen door de stad. ‘Laten we ergens een drankje doen, Heks, bijvoorbeeld hier,’ Buurman wijst op een berucht aso-rookterras.

Heks vindt het prima. Even lekker tussen de aso’s, alhoewel, er is niemand te bekennen….

‘Wat wil jij? Ik ga iets halen,’ mijn vriend staat op en kijkt me verwachtingsvol aan. Heks wil wijn. Bij wijze van aangename zelfmedicatie. Ik verrek nog steeds van de pijn en moet nog een hele avond naar het koor. Hoe moet ik dat voor elkaar krijgen?

Zoals altijd zitten we binnen de kortste keren te lachen om iets absurds.

Een jongeman komt naar buiten om te roken. Het is een aardig joch. In zijn kielzog komt een stel. De man is totaal niet opvallend, maar de vrouw springt in het oog. Ze is nog geen dertig, maar gedraagt zich alsof ze het hele terras bezit. En al degenen die er op zitten.

Breed loopt ze rond te paraderen. Zelfs haar gezicht dijt uit. Een breedbekkikker is er niets bij! Ze gaat uitgebreid voor Heks staan en geeft haar een hand. Ze stelt zich voor! Maar de manier waarop geeft te denken. Je verwacht er een flinke oplawaai achteraan……

Wat een rare griet toch weer. Ook Buurman kijkt bevreemd als ze hem met haar kinnebak in de lucht en haar bekken met denkbeeldige penis vooruit zo’n rare hand komt geven. Maar imponeren kun je hem eenvoudigweg niet met zijn enorme Duitse herder. Laat staan intimideren…….

‘Wat een prachtig beest,’ de heren in het gezelschap vragen of ze de hond mogen aaien. Niemand let op VikThor. Zo’n schattige pup interesseert hen totaal niet. Carlos echter met zijn grote kop en imposante lijf krijgt alle aandacht……. Zo’n levensgevaarlijke Duitse herder: Daar kun je hier mee aankomen……

Ook de vrouw is onder de indruk van de hond. Zij wil hem niet aaien. Wel zakt ze door haar knieën en staart de hond recht aan. Gelukkig maar dat deze Duitse herder zo’n goedzak is!

‘Ha Gijs,’ zegt ze tegen het bakbeest. ‘Hij heet Carlos, geen Gijs.’ O jee. Ik heb mijn oude vriend wel eens ruzie zien krijgen met een dronken vrouw, die zijn vorige hond consequent Commissaris Rex noemde. Hoe gaat dit aflopen?

‘Nee hoor,’ zegt het eigenwijze kreng, ‘Dit is een echte Gijs, ha Gijs,’ provocerend kijkt ze Buurman aan. Zie je, ik voelde het al aankomen: Narigheid! ‘Gekke Gijs, kom maar hier Gijs,’ ze is niet meer te stoppen.

‘Ha,’ zegt Buurman, ‘Dat klinkt bijna als Gajus. Zo heette mijn vorige hond. Ook een Duitse herder. Ook een geweldige hond, heel ander karakter dan dit exemplaar. Ja, dat was een fantastische hond, nog veel groter dan deze.’

Buurman vertelt graag. De ene anekdote na de andere vliegt uit zijn mond. Over de Duitse Herder Vereniging. Over de training aldaar. Bewaking, lange afstand lopen, pakwerk……

‘Met onze vorige hond hebben we dat allemaal gedaan, maar Carlos is te gevoelig. Met hem zijn we er niet meer aan begonnen. Dat pakwerk is best heftig. Zo’n ingepakte man, die door een hond te grazen wordt genomen…..’

‘Ik ken een man, die in het veld stond als pakwerker. Allerlei honden gingen op hem tekeer, behalve zijn eigen herder. Die zat in zijn splinternieuwe auto, maar het beest kon zijn baas wel zien. Met al die andere herders in de aanval……. Daar werd die hond helemaal gek van! Heeft hij het interieur van die auto volledig gesloopt, hahaha.’

‘Hahaha….’ echoot zijn publiek. Ja, dat zal je toch gebeuren. Dan ben je niet blij. Maar wel een leuk verhaal. Het wordt zeer gewaardeerd…….

Nadat ons vreemde gezelschap een paar sigaretten heeft weggepaft gaan ze weer naar binnen. ‘Ze zitten lekker met z’n allen te eten,’ zegt Buurman, nadat hij is gaan betalen, ‘Ze hebben hier een heerlijke daghap!’

Heks gaat echter thuis eten. Ik heb een heerlijke Indische maaltijd bij Sjonnie gehaald en zoals altijd heeft hij de bakken extra volgepropt. ‘Ik denk dat hij me gewoon een hele leuke vrouw vindt,’ vertrouw ik Fiederelsje later toe als ik het haar vertel. Ze kent de man toevallig.  ‘Net als jou, je krijgt weer de groetjes. Hij verwent me zo gigantisch. Soms kan ik van 1 maaltijd wel drie dagen eten…..’

Genezende martelingen, helpende heksenhanden, helende trancedans en curerende kunst helpen Heks herstellen van gekmakende zenuwpijnen. Goddank! Fantastisch!

Woensdagmorgen kan ik dan eindelijk bij mijn orthopedische fysiotherapeut terecht. Na een kleine week creperen ga ik voor de zoveelste keer uit de kleren bij een behandelaar. Een moeizaam gebeuren ook nog met mijn pijnlijf.

Een half uur lang word ik systematisch gemarteld. Pijnplekken worden beknepen. Er wordt in verstrengelde spiervezels gepord. Een paar gemene naalden verdwijnen in verkrampte spieren. Vervolgens wordt er net zo lang in die stijve plek geporreld tot de spier losspringt. Een afschuwelijk misselijkmakend gevoel. Heks schreeuwt het uit. Of kreunt, steunt, kermt en jammert.

Maar je hoort me niet klagen. Ik ben de wanhoop nabij na een slapeloze week en hartstikke blij dat ik terecht kan bij die gemene man. Zijn magische geniepige handen kunnen ware wonderen bewerkstelligen. Systematisch pakt hij de stagnerende spieren en pezen aan.

Deel na deel van mijn rug en schouder krijgen een beurt. ‘Je rechterheup en linkerschouder werken samen….’ verzucht hij , terwijl hij de heup onder handen neemt. ‘Nou, samenwerken,’ pruttel ik, ‘Als je dit samenwerken noemt…. Het zijn meer broeders in het kwaad….’

Mijn behandelaar moet lachten. Intussen plopt er nog meer los links en rechts. Langzamerhand komt er wat beweging in de plank, die voor mijn lichaam doorgaat, maar lekker voelt het nog allerminst.

Na de door deze behandeling veroorzaakte schreeuwsessie snel ik naar huis. Fiederelsje komt een uurtje roerzeven.

In groepsverband roerzeven? Het moet niet gekker worden!

Mijn vriendin komt me helpen met een huishoudelijk klusje. Drie bakken met oranje gekookte kweeperen wachten op verwerking tot jam. Helaas lukt het me zelf maar niet om ze door die verrekte roerzeef te draaien. Een kolfje naar de heksenhand van mijn kweepeervriendin. ‘Ik sta om 12 uur op je stoep, Heks, geen probleem. Om 2 uur heb ik pas weer een afspraak, tijd genoeg dus.’

Mijn vriendin is nog geen kwartier binnen, of ze staat al met haar handen in de kweeperen. ‘Wat zijn ze prachtig van kleur, je hebt ze echt lang gekookt!’ Geroutineerd draait ze de knaloranje brokken door de zeef. Intussen kwebbelen we er vrolijk op los.

‘Ik heb nog een cadeautje voor je, lieve Heks,’ ze diept tussen de bedrijven door een pakje op uit haar tas. ‘Dit vertegenwoordigt voor mij pure schoonheid,’ ze drukt me het pakket in de hand.

Er zit een prachtig boek in over pottenbakker Gerrit de Blanken (1894-1961) uit Leiderdorp. Wat leuk! ‘Hij kwam hier uit de buurt, dat vind ik ook zo bijzonder.’ Mijn vriendin haalt nog een presentje tevoorschijn. Oh, wat word ik verwend!

Niet veel later klinkt mijn nieuwe CD door de keuken. Het is ‘La Tarantella’ van Marco Beasley en Christina Pluhar. Inderdaad antigif tegen ziekte en narigheid, deze muziek:

Zo’n lied eindeloos herhalen werd in vervlogen tijden ingezet als geneesmiddel: Je joeg het gif van de ziekte als het ware de deur uit door je helemaal in het zweet te dansen. Zoals na een spinnenbeet van de tarantula……. Zuid Italiaans sjamanisme uit de zestiende en zeventiende eeuw!

Later diezelfde middag lig ik alweer op een behandeltafel bij alweer een andere fysiotherapeut. Deze keer is mijn heup aan de beurt. Weer gepor en geknijp. Naalden in verkrampte spieren. En weer komt er wat ruimte en beweging in een deel van de plank, die doorgaat voor een heksenlijf.

Aansluitend wandel ik met mijn hondje door het bos. Wel zo prettig met je heup weer min of meer in de kom.

Eenmaal thuis zet ik de helende CD op. Met al die heroverde ruimte in mijn lijf kan ik weer een beetje in mijn stoel zitten. Lang houd ik het niet vol. Al die behandelingen hebben me uitgeput. De tarantella dansen zit er vandaag nog niet in…….

Gelukkig ligt VikThor ook helemaal voor pampus na een speelsessie in Het Leidse Hout. Straks nog een goeie ronde in een stadspark en dan zit het er weer op voor vandaag.

Maar eerst eventjes een paar uur slapen, na al die slapeloze nachten, heerlijk ……

 

Rotouders en een moeilijke jeugd vol agressie kunnen een sterk mens van je maken hoor ik vandaag. Het kan je ook breken en kapotmaken. Als je je verhaal binnen houdt. Of is dat gewoon onzin?

Vanmorgen kijk ik per ongeluk naar Koffietijd. Ik heb het aanvankelijk nauwelijks in de gaten. Mutsige dames in hippe tuttebel jurkjes. Bekende Nederlanders te gast waar ik nog nooit van gehoord heb. Snel wil ik weer wegzappen, maar ik kan de afstandbediening niet vinden.

Een acteur is aan het woord. Als ik hem later google blijkt het om Dirk Zeelenberg te gaan. De man heeft een boek geschreven. Een autobiografie nog wel. Hij durft! Het gaat namelijk over zijn moeilijke jeugd met ellendige en agressieve ouders. Loretta Schrijvers interviewt er lustig op los. Ze stelt de ene stomme vraag na de andere.

Ze heeft een tuttig tijgertruitje aan. Knalgroen. Heks heeft een hip rokje van precies dezelfde stof in de kast hangen. O jee. Dat is even schrikken……

‘Het is autobiografisch, maar de meeste mensen houdt je in de anonimiteit. Dat geldt niet voor je ouders. Die worden met naam en toenaam genoemd. Je had een rotmoeder en je vader sloeg. Is dat niet een beetje een oneerlijke strijd? Wat kunnen je ouders hier nu mee? Iedereen weet het nu ook nog eens……

Die mensen leven dus nog gewoon. Hij heeft niet gewacht met de vuile was lukraak op straat gooien tot ze er geen last meer van zouden hebben. Heks zou dat nooit voor elkaar krijgen. Het kost me al moeite om zoiets te zeggen over iemand die al vijfentwintig jaar dood is. Geboeid kijk ik verder.

‘Ik ben intussen zevenenveertig, ik heb echt geprobeerd om er met mijn ouders uit te komen, maar dat is helemaal niet gelukt. Het interesseert hen weinig. Ze willen er niets mee. Ik kan het lekker uitzoeken. 99% van de ouders houdt van hun kinderen volgens mij. Mijn ouders horen bij die ene procent die dat niet doet…..’

‘Jeetje,’ roept de andere presentatrice wiens naam ik niet weet, ‘Wat verschrikkelijk. Dat lijk me zo moeilijk!’ Ach ja. Het is moeilijk. Want tegennatuurlijk. Ouders horen onvoorwaardelijk van je te houden. Je te steunen en te respecteren. Als dat niet zo is wordt het nooit wat met je.

Zou je denken.

‘Ik ben er sterk door geworden. Door die moeilijke jeugd heb ik me enorm ontwikkeld. Ik heb aan alle kanten geprobeerd om het goed te krijgen met mijn ouders, maar dat is niet gelukt. Daar ben ik dermate moe van…..Het doet me meer verdriet om hen te wel zien dan om hen helemaal niet te zien…..’

En dat allemaal op televisie. Bij koffietijd. Wedden dat zijn moeder zit te kijken?

Rotouders. Je ziet het niet aan hun neus. Vaak heeft de buitenwacht niets in de gaten. Kinderen zelf zijn eindeloos loyaal. Bijvoorbeeld ‘Ik ben van de trap gevallen,’ in plaats van ‘Mijn kleerkast van een vader heeft mijn slaapkamerdeur ingetrapt en me bewusteloos  geslagen,’ zeggen tegen de huisarts is een bekend fenomeen.

En vaak denken die mishandelde kinderen ook dat dit normaal is. Dat alle ouders slaan. Dat ieder kind regelmatig in elkaar wordt geramd.

En het is natuurlijk hun een schuld. Het kind zit fout. Ben je boksbal en zondebok. Zie dan nog maar eens iets van je leven te maken. De acteur heeft het in dat opzicht niet slecht gedaan. Hij loopt nog steeds gezond en wel rond.

Veel mensen met zo’n verleden ontwikkelen een auto immuunziekte of hevige pijnklachten naar het schijnt. Ben je al door het leven geslagen, steekt je eigen lijf nog een mes in de wonde. En richt je afweersysteem zich ook nog eens tegen je…….

Hoe ga je met zo’n jeugd om? Schiet die man er iets me op? Of kun je toch maar beter je bek houden. Heks weet het niet. Als je je kop houdt dan blijven je agressors vrolijk over je heen te walsen. Want de gemiddelde mens is niet geneigd iets aan zichzelf te doen en zulke patronen zijn erg hardnekkig.

Maar om nu bij koffietijd te gaan zitten met je verhaal? Die brave nationale roddelshow? Dat gaat wel ver.

Vijf gevolgen van een slechte jeugd.

Leven bij de dag. Dag na dag. Soms een leuke dag. Dan weer een hoop gezeur en gedoe. En elke dag weer doodmoe. Maar dat is een oude koe. Laat die maar lekker in de sloot.

Zondag ga ik een dagje Indiaas zingen. Het is ongelofelijk lang geleden dat ik dat gedaan heb. Dit jaar nauwelijks. Op een privélesje na dan, hier en daar.

Omdat ik zo gammel ben en verrek van de pijn zie ik er tegenop. Ik hou een paar dagen van tevoren alvast m’n gemak. Een eitje, want ik lig sowieso gestrekt. Maar de zaterdagmiddag ga ik naar de verjaardag van Joy. Verstandig of niet. Ik reanimeer mezelf tot een acceptabel niveau en rep me naar het huis van mijn jeugdige vrienden. Daar is het al een drukte van belang. Supergezellig!

Ouders, schoonouders en andere familieleden bevolken de piepkleine woonruimte van Joy en Boy. Heks strijkt neer naast oma. We blijken veel gemeen te hebben. Allebei verwoede zanglijsters! In no time zitten we te ginnegappen. ‘Wat zie je er mooi uit, Heks,’ roepen de andere bezoekers in koor. Klopt. Ik heb een listig glitterpakje aan!

Kijk, zo doe ik mijn best in het leven om er toch iets van te maken. Hoewel ik nauwelijks op een stoel kan zitten, zit ik intussen toch maar mooi bij. Het heeft zowel voor- als nadelen, dit verhullen van hoe het werkelijk met je gesteld is.

Het nadeel is natuurlijk dat je altijd veel te goed wordt ingeschat en daardoor voortdurend wordt overvraagd. Voordeel is dat je er zelf enorm van opknapt. Als ik mijzelf van een verfje en mooie kleertjes voorzie, dan trek ik bijna vanzelfsprekend een vrolijk hoofd. Als je glimlacht ontspannen vervolgens de spieren in je lichaam en dat helpt weer mee aan je algehele welbevinden.

Als dat laatste allemaal niet lukt dan houd ik het voor gezien. In zo’n geval worden dingen afgebeld en ga ik maar weer mijn bed in. De laatste tijd meer regel dan uitzondering.

Zondagmorgen om negen uur vis ik een zangmaatje van het station. We rijden zonder oponthoud naar Barendrecht. ‘Heks, wat ben je vroeg!’ mijn zangjuf valt me om de pijnlijke hals. We hebben elkaar maandenlang niet gezien!

Een half uurtje later zingen we Karwatjs. Mijn stem is door een verkoudheid extra laag, ik zak weg tot onder de lage Pa! Ik lijk wel een vent! Daarna gaan we ons wijden aan Chandrakauns. Heks heeft het zich in haar hoofd gezet binnenkort een stukje Indiaas te zingen voor haar koor tijdens een soort Bonte Avond. Na tien jaar zangles moet dat toch tot de mogelijkheden behoren.

‘We gaan het helemaal vastzetten, Heks, ik help je wel,’ roept mijn lerares enthousiast, ‘We spreken gewoon een extra les af.’ Oeps. Ik hoop dat het gaat lukken, want lekker met je medeleerlingen een dagje zingen is 1 ding. Voor mijn koor in mijn dooie eentje een compositie laten horen is natuurlijk iets geheel anders!

Zondag is een heerlijke dag. We worden weer fantastisch verwend met een heerlijke lunch. ’s Middags improviseren we rondom de compositie van Chandrakauns. De man van juf speelt een ongelofelijk ingewikkeld ritme op de Pakhaway. We klappen het mee. 14 tellen. KLAP-1-2-3-4, klap 1-2-3, klap-1-2, klap-1, en weer opnieuw KLAP 1-2-3-4, etcetera. En niet iedere klap is hetzelfde, je hebt een kali en een thali…. Ook dat nog!

Op een gegeven moment ben ik echt moe. ‘Sjakie in zijn nakie,’ vertaal ik de tekst nogal vrij vanuit het Sanskriet, ‘Naaaakte Sjaaakieieie…’ Mijn stem draait en kronkelt. Het klinkt prachtig! Iedereen ligt dubbel.

‘Jeetje Heks,’ roept een zangvriendin, ‘Wat heerlijk toch dat je zo lekker gek kan doen, je inspireert me!’ Om vervolgens zelf ook over de naakte Sjakie te gaan zingen……

De rit naar huis verloopt voorspoedig. Als ik echter thuis in een grote stoel neerzijg is de koek plotseling op. Ik zet mijn TENS apparaat op de ontspanningsmodus. Een speciale stand om spieren uit de knoop te krijgen. Andere spiergroepen verwen ik met de morfinestand. Een soort geklop in spieren is het resultaat. Hierdoor maakt je lichaam ter plekke een soort lichaamseigen opiaat aan.

De spieren in mijn nek voelen blauw aan. Mijn arm vlamt pijnlijk langs mijn flank. Mijn knie is dik, mijn heup hangt uit de kom…….. Ik kan maar op 1 manier zitten. Moeizaam. Een uurtje later lig ik al in bed.

Deze tekst hangt op mijn voordeur……

Vandaag kruip ik richting fysiotherapeut. Het huilen staat me nader dan het lachen. Bovendien geeft deze fysio louter ritmische massages, waar ik juist behoefte heb aan de martelpraktijken van de orthopedisch fysiotherapeut. Zijn methoden willen nog wel eens aanslaan, maar bij hem kan ik pas volgende week terecht….

Zelfs de subtiele ritmische massage van mijn rug is te pijnlijk. Ik hou het niet vol. Uiteindelijk legt de therapeut me op mijn rug en pakt mijn oorlellen. Intussen vertel ik over wat me dwars zit. Dat heeft ze me namelijk gevraagd.

De woorden rollen uit mijn mond. Allemaal verdrietige dingen waar ik weinig invloed op heb. Centraal is wel het thema van mijn eeuwige geluister. Jaren heb ik met bepaalde mensen rondgesjouwd. Er is grif gebruik van gemaakt, maar het is nooit gewaardeerd. En het is ook nooit genoeg geweest.

‘Je bent niet verantwoordelijk voor andermans geluk, hoorde ik gisteren iemand zeggen en dat trof me diep. Ik heb me namelijk altijd verantwoordelijk gevoeld voor andermans geluk. Ik heb me jarenlang ingespannen om anderen tevreden te houden. Of op te peppen. Of gezelschap te houden in hun eenzaamheid of ellende……. En precies diezelfde mensen behandelen me dan achteraf echt lullig.’

Ik weet niet wat mijn behandelaarster allemaal aan het doen is, maar er schijnt ruimte te ontstaan in mijn lijf. ‘Er zitten allemaal herinneringen vast in je lichaam. Laat het maar los. En bescherm jezelf een beetje beter. Er komt gewoon heel veel bij je binnen.’

Grenzen stellen. Ik hoor het bepaald niet voor het eerst. Ja, als je andermans geluk hoger acht dan je eigen geluk, dan wordt het niks met die grenzen natuurlijk. Voor de zoveelste keer neem ik me voor om mijn eigen ruimte beter te af te schermen. Ik wil ook geluk in mijn leven tenslotte!

Na de behandeling loop ik een uur met VikThor door het Bosje van Bosman. We dwalen helemaal door tot aan de bossen rondom Endegeest. De rest van de dag lig ik in bed. Mijn lijf voelt wel iets beter na mijn bezoek aan de fysiotherapeut, maar echt veel stelt het nog steeds niet voor. Straks nog een rondje met het hondje en dan houd ik het voor gezien. Morgen gaat het weer beter misschien.

Leven bij de dag. Zo doen we dat.

Het atelier van Steenvrouw is een oase van rust en inspiratie in de woestijn van het leven. Ik ben er weer eens even. Hier is altijd wat te beleven. En ook: Hondentanden en de kloten van de bok!

‘Wat ligt daar nu op de grond, het komt uit de bek van je hondje..’ Steenvrouw neemt een snoekduik naar de vloer en vist een klein bloederig dingetje van de tegels. ‘Kijk,’ ze houdt het onder mijn neus. ‘Het is een melktandje!’ Dolblij pak ik het kleinood af, ‘Nee, een kies. Een piepkleine messcherpe melkkies. Joepie, eindelijk heb ik er eentje te pakken.’

Ik geef mijn vriendin een pakkerd en bewonder het kleine kiesje mateloos.

‘Laat je tandjes zien,’ zeg ik tegen VikThor. Dit oefenen we altijd op puppycursus. Ter voorbereiding op de dierentandarts…..Ik frummel met mijn vingers rond zijn bekje. Hij ontbloot een sneeuwwit rijtje tanden en kiezen.

Supersmerig hondje. 

‘Ik zie een bloederig gat!’ Steenvrouw kijkt gebiologeerd in het kleine bekje. Achterin zit inderdaad een vers wondje. Aan de andere kant zie ik een nieuwe kies opkomen naast de oude. ‘Daar moet ik op letten, die oude moet er wel uit. Kijk, de worteltjes lossen op,’ ik wijs op het bloederige kiesje in mijn hand, zonder wortel ‘En daarna vallen ze eruit.’

Al weken is mijn pup bezig om zijn haarscherpe naaldwapens, geen idee hoe het iemand dit geniepige natuurlijke wapen der puppies zo’n onschuldige benaming als melkgebit kan geven, om te wisselen voor een blijvende versie. Minder scherp, maar nog immer venijnig. Het proces verloopt in etappes. Elke keer als ik denk dat we er doorheen zijn begint het monstertje weer overal op te kauwen. Met name op de handen van Heks. Een heftig bijverschijnsel van al dat gewissel.

Maar zo lief!

.We zitten in het atelier van Steenvrouw. Het is voor het eerst dat ik haar op deze locatie bezoek. Ze zit er al meer dan een jaar!

‘Mooie ruimte,’ roep ik bewonderend als ik binnen kom. Het is niet zo groot en hoog als haar vorige loft, maar ze heeft er helemaal haar eigen plekje van gemaakt. Tafels vol kunstwerken in progress. Prachtige experimentele lampen en marmeren beelden in alle stadia van ontwikkeling. Brokken Belgisch Blauw, Amber, marmer. Enorme vijlen, beitels, slijptollen, lijm, verf, kippengaas……

De bok op Boerderij Het Geertje: Aan het werk, mijn baan is ideaal. Seizoenssekswerker……

Ik ben altijd graag in haar atelier. Het feit dat het zo lang geduurd heeft voordat ik haar hier heb opgezocht heeft niets met haar te maken. Noch met mijn beperkte energie, griepaanvallen en extreme vermoeidheid. Van Steenvrouw krijg ik altijd energie! Van een uurtje tussen haar prachtige beelden knap ik geweldig op.

Het komt doordat er in het pand ook een eikel huist, die ik nog ken uit het verleden. Een draak van een kerel, die Heks ernstig verbaal heeft bedreigd nadat ze op veertigjarige leeftijd gedrogeerd  werd en vervolgens te grazen genomen door een hormonaal gestoorde twintigjarige.

Hij heeft zijn dreigementen ook uitgevoerd: Nog steeds gaat Heks vreselijk over de tong in bepaalde kringen en dat komt uit de koker van deze reptielachtige man en zijn gemene dikke pad van een ex.

En dan nu eindelijk: De kloten van de bok!

Ik heb mezelf beloofd nooit meer in de buurt van die engbek te hoeven verkeren. Gemakkelijker gezegd dan gedaan in een dorp als Leiden. Want hoewel de griezel is verstoken van enige artistieke of andersoortige kwaliteiten huurt hij toch een ruimte bij met Heks bevriende kunstenaars. Hij is klusjesman. En een hele slechte hoor ik onlangs en passant.

Want in de sauna van de sportschool zitten twee vrouwen een keer steen en been te klagen over diezelfde man. Wat een toeval toch weer. Heks zit stilletjes te luistervinken.

Valt hier nog wat te neuken?

Ze balen als een stekker van de klier, omdat hun eigen vent voor hem werkt. Zwart natuurlijk.  Want belasting betalen is er niet bij. Ook hoeven zijn werknemers niet verzekerd te zijn. Nergens voor nodig. Wat kan er misgaan met een cirkelzaag en slijptol tenslotte? Stoned op een steiger. Je bent een sukkel als je weigert!

‘Hij betaalt nooit uit. Mijn geliefde krijgt nog duizenden pikzwarte euro’s van hem. We hebben haast geen geld. Juist nu we een baby hebben gekregen,’ aldus een beeldschone yogalerares. Toevallig ken ik haar man ook. Heks kent nu eenmaal half Leiden. Dat die voor de eikel is gaan werken…. Hij moet toch beter weten……

Je aan geen enkele afspraak houden? Het tekent die vent. Ik ken hem al zo’n vijfendertig jaar en heb nog nooit een fris verhaal over hem gehoord. Een pillen slikkende, blowende, zuipende, snuivende,  illegaal werkende sukkel van een vent. Het enige dat hem siert is een mooie bos haar, grijs intussen, maar nog steeds vol.

Vandaag heb ik echter mijn weerstand om in een straal van honderd meter van de lul te komen overwonnen. Voor mijn vriendin. Omdat ze het zo gezellig vindt als ik langskom. Zij kent de zak overigens nauwelijks. Voor haar is hij niet meer dan een medehuurder van dit krottige complex.

We drinken koffie in een plastic tent met een gaskachel erin. Midden in haar atelier! De kachel staat hoog. De temperatuur is aangenaam. We giebelen en kletsen. Zachtjes, want het pand is erg gehorig. Ik wil niet dat die idioot iets kan verstaan. Gelukkig is hij in geen velen of wegen te bekennen.

‘Misschien hij wel veranderd,’ mijn vriendin is altijd hoopvol. Positief. Ze gelooft in verandering ten goede…… Heks op zich ook. Maar doorgaans gaat dat niet vanzelf. Nooit zomaar. Zonder noodzaak.

Mensen moeten enorm gemotiveerd zijn om het roer om te gooien. En zelfs dan valt het nog niet mee om het voor elkaar te krijgen. Ik spreek uit ondervinding. Zelfreflectie. liefde, respect, inzicht. Elementen die daar onlosmakelijk mee verbonden zijn. Termen die die kerel niet kent.

‘Vergeet het maar, schat. Die man is onverbeterlijk. Ik heb onlangs nog een paar ongelofelijke shitverhalen over hem gehoord. Het is een droplul. Het is niet anders.’ We lopen naar buiten. Een andere huurder is bezig een bus uit te laden. Ook deze man vindt Heks tien keer niks. Maar dat is nergens op gebaseerd.

vik14

Alle gekke geiten op een stokje! Wat loopt daar voor’n rare bok?

De man heeft me nooit iets misdaan, behalve een ruimte verhuren aan een eikel, zodat die weer in mijn periferie opduikt. Louter antipathie en vooroordeel dus. En ook overdrachtHij bevindt zich op de verkeerde plek met een klusbus.

Een spontane antipathie: Daar heeft iedereen wel eens last van. Ook Heks.

Thuis stop ik de kies van VikThor in een mooi doosje. Ik koester mijn schat. Mijn gang in het hol van de leeuw is rijkelijk beloond. Deze queeste is goed verlopen. Zodra ik in de atelierruimte van mijn vriendin ben is er niets meer aan de hand. Absoluut voor herhaling vatbaar.

Ja, dit is een vreemde geit in de bijt!

Want hij heeft zwarte oren!

 

 

Kattenperikelen: Een panter in het nauw maakt rare sprongen! Gelukkig in een volstrekt LEEG museum. Je moet er niet aan denken dat de collectie van dit instituut, tenen op sterk water bijvoorbeeld, s’nachts tot leven zou komen…..

Katten! Teringlijers zijn het. Als ze ergens de pest over inhebben smeren ze em zonder met hun grote groene ogen te knipperen. Dagen- weken-, soms maandenlang laten ze je lijden doordat je hen nergens kunt vinden. En als ze dan opduiken zijn ze alles behalve dankbaar. Moet je weer op je knieën om hun affectie binnen te vissen…….

Snuitje is nog maar net een beetje bijgetrokken van haar avonturen of de panter is alweer zoek. Ik probeer mijn zwerver weer een beetje te domesticeren. Dus met enige regelmaat zorg ik dat hij binnen slaapt. Thuis wel te verstaan. In Huize Heks.

Het liefst ligt hij dan gezellig in mijn heksenbed. Maar de laatste weken bonjour ik hem eruit. Snuitje heeft het rijk alleen, want zij moet aansterken. Een grote bak voer staat permanent naast haar kleine uitgemergelde kattenkopje en gedurende de nacht peuzelt ze zo’n hele bak weg! Niet echter als de panter ons bed deelt, binnen vijf minuten maakt hij die hele bak vreten soldaat.

Dus slaapt de dolende ridder op de vensterbank in de keuken. Lekker boven de verwarming. Maar ook: Temidden van andere katten. Dat laatste vindt hij dan weer beduidend minder. Hoewel ze hem volledig met rust laten. Hij is een enorme loner. Het liefst in zijn uppie. Buiten. Of met Heks.

Waar is mijn zwarte bakbeest? Heks loopt alweer dagen te zoeken.

‘Ik heb hem woensdag nog gezien,’ beweert mijn buurvrouw, ‘Hij zat in de hal en liep met mij mee naar buiten.’ Heks heeft hem dinsdagmorgen voor het laatst gezien. Op zich niet dramatisch lang geleden, panter is wel eens vaker enige dagen op stap. In de lente. Als het lekker weer is. Als de rudimentaire restanten van zijn gecastreerde klokkenspel opspelen. De castratie heeft in zijn geval nauwelijks effect gehad. Hij is nog steeds zeer uithuizig.

Maar met dit weer, die afschuwelijke regen en kou? Zit hij soms ergens in een keldertje opgesloten? Hij ruikt soms wat schimmelig als hij een nachtje is weggebleven. Wie weet waar hij schuilt?

Zoals altijd als Ferguut in de problemen raakt voel ik het op mijn klompen. Vanaf het eerste moment. Alsof hij een noodoproep doet! Zodoende loop ik al dagen door de buurt te struinen en te roepen. Ik blèr langdurig onder het raam van de vrouw die zich hem afgelopen zomer had toegeëigend. Ik gil door het hofje waar haar bejaarde moedertje woont. Verschrikte hoofden voor ramen, maar geen zwart monster…..

Zondagmorgen loop ik door de buurt met VikThor. Het eerste piesrondje. Ik wil graag naar de kerk, dus ik ben wat gehaast. ‘Ferguut’ roep ik door de steeg om de hoek. Belachelijk denk ik nog bij mezelf. Waar zou het beestje zich hier moeten verbergen? Achter een vuurdoorn? In die afvalbak? Zinloos gezoek. Hopeloos geroep.

©Toverheks.com

Plotseling hoor ik een tijger grauwen, een leeuw brullen, een panter miauwen. Geen twijfel mogelijk. Dit verbale geweld is afkomstig van mijn schatje, ik weet het zeker. Maar waar zit hij in godsnaam. Onrustig spurt ik door de steeg. VikThor verwoed snuffelend naast me. Die heeft zijn neus helemaal ontdekt!

Waar zit Ferguut? Ik kan hem nergens vinden…..

Na een paar sprintjes ontdek ik zijn verstopplek. Hij zit in het museum! Stevig opgesloten achter een dikke tijdelijke deur: Het museum wordt al sinds jaar en dag verbouwd. Afgelopen week waren ze weer bezig een gat in de muur te slaan om allerlei buizen door naar binnen te duwen. Vervolgens werd het gat vol water gepompt. Of de buizen. Een grote kraan tilde troep over het dak naar de binnenplaats……

Kortom: Levensgrote gevaren voor ondernemende katten, want een kat in het nauw maakt vreemde sprongen. Sinds woensdag schreeuw ik al in die ellendige bouwput hier in de steeg. Ik ben afgelopen zomer door het gebouw gedwaald, zonder toestemming overigens, volledig op eigen risico, op zoek naar Snuitje: Alle vloeren liggen open, muren worden verplaatst of gesloopt, overal elektriciteitsdraden……

In mijn kop spelen zich de meest vreselijke taferelen af: Mijn kat ingemetseld in een eeuwenoude muur of opgesloten in het riool. Of geëlektrocuteerd door een loshangende draadje……… Geen medewerker van het museum die er wakker van ligt.

‘Wij hebben dag en nacht bewaking, als uw kat hier zit hadden wij hem allang gezien,’ zeiden ze afgelopen zomer toen ik Snuitje liep te zoeken, ‘Hier zit ze echt niet….’

Mooi zo. Ze hebben bewaking. Ook in het weekend. Heks belt het noodnummer, dat op de deur staat. Ook zoekt ze online naar het betreffende bedrijf. Die nemen de telefoon niet op en het noodnummer blijkt van iemand te zijn die nog nooit in het museum is geweest. Hij kent wel iemand die er werkt, een opzichter of iets dergelijks, dus die belt hij op. ‘Zoek het maar uit,’ adviseert die, ‘Morgen ben je de eerste.’

Ook de politie en dierenambulance hebben weinig interesse in een opgesloten kat. Mijn buurvrouw is ook aan het bellen geslagen, groot dierenvriend als ze is. ‘Ze komen niet hoor, Heks,’ verontwaardigd kijkt ze me aan. Heks heeft intussen het gebouw aan een grondig onderzoek onderworpen.

©Toverheks.com

Plotseling klinkt er een akelig geschater door de steeg. De zon verduistert. De hemel wordt zwart als de nacht……

Een fladderende gedaante vliegt door de lucht op een bezemsteel. Na een ijzingwekkende looping rondom de kerktoren ploft er een hoop vodden op de stoep. Een grote neus prikt onder een enorme zwarte heksenhoed vandaan. We staan we aan de grond genageld. Verstijfd van schrik……

‘Wat staan jullie nu stom te kijken? Nog nooit een echte toverheks gezien? Ik weet dat ik moeders mooiste niet ben, maar ach. In de nacht zijn alle katjes grauw, dus waar hebben we het over?’

Met een stevige tik breekt een klein ruitje in de ruimte naast de voordeur in duizend stukjes. Wie heeft daar nu een klap met een koevoet tegenaan gegeven? Welke engel staat daar met een bakje voer te zwaaien totdat er een roofridder tussen de scherven door naar buiten sluipt? Geen idee. Het is een groot wonder en bepaald niet voor de kat zijn kont gedaan!

Zit je nu als een kat om de hete brij te draaien? Maak dat toch de kat wijs, Heks!

De flodderige figuur veegt het glas weg met haar bezem en roetsjjjj….. ze is er alweer vandoor! Met een grote zwarte kater achterop haar vervoersmiddel. Krijsend verdwijnt ze aan de einder!

Zo is de panter veilig thuis. Je moet het breekijzer smeden als het heet is, dat is wel duidelijk.

Als bedankje poept hij in mijn bed. De teringlijer. Een dikke drol wacht me op als ik terug kom van een wandeling met mijn hondje en Fiederelsje. De lucht slaat me al tegemoet in het portaal.

Een dag later is het ruitje alweer gerepareerd, alsof er nooit een kat in dit vreemde pakhuis heeft gezeten…… Hopelijk houdt het raampje nu een tijdje en is het geen kat in de zak. En hopelijk komt niemand verhaal halen , want daar komt de zwarte kat in….. 

Night at the MuseumNight at the Museum

Amoz Oz, Visie op Jezus, Judas was een onbegrepen schatje en soms is er ergens een katje dat je niet zonder handschoenen kunt aanpakken: Blijkt dat je de ouders moet aanpakken. …..

Maandagmorgen. Langzaam kom ik uit de kreukels. Kopje koffie, televisie bromt. Bij Doctor Phil zit weer een hopeloze puber op de bank. Haar ouders zijn de wanhoop nabij. Phil tekent een tijdlijn op zijn schoolbord. ‘Toen ze twee was dit, toen ze drie was dat, klasgenoten pesten, etcetera…., op tiende roken, elfde stiekem het raam uit glippen, twaalf jaar en aan de drugs en alcohol, dertien jaar en volop seks, veertien kostschool……’

Ziet er lekker uit. Dit kind is er ongetwijfeld vroeg bij. Net zestien en alles al meegemaakt. Ongelofelijk agressief, ze slaat met enige regelmaat haar eigen moeder in elkaar…… De ouders hebben hun handen van haar afgetrokken naar eigen zeggen. Waar gaat dit naar toe?

Er zal wel weer een addertje onder het gras zitten. Ze zal wel zijn misbruikt door een foute oom of buurman. Of de vader is eigenlijk een narcist. Of ze is op haar hoofd gevallen als baby en haar hersenchemie is in de war. Of ze is zelf narcist, het lijkt er wel op. Ze staat bijvoorbeeld bekend als de persoonlijke bully van een autistische buurjongen…….

Jee Heks, je wilt niet meer naar mensen met problemen luisteren, maar die Phil met zijn ellende-circus zit je elke keer uit! Ja, vreemd. Het loopt wel altijd goed af, althans daar lijkt het op en dat kun je van het dagdagelijkse leven niet zeggen. Er wordt immer hulp geboden, de waarheid komt altijd min of meer boven tafel, dat kun je wel aan die grote kale man toevertrouwen:

Hij zaagt zijn slachtoffers eindeloos door, als de eerste beste goochelaar. Vervolgens toont hij de verschillende onderdelen ter lering ende vermaak aan het publiek en zet het geheel weer publiekelijk in elkaar!

Dat dingen niet altijd zijn wat ze lijken is me allang duidelijk. Goedgelovig en naïef als ik ben gestart in dit leven, ben ik toch door schade en schande een beetje wijzer geworden intussen.

Veel kinderen geven zichzelf de schuld als de familiedynamiek niet klopt. Maar een gezin is een geheel, zoals een lichaam: Is er een onderdeel ziek, dan is het hele lichaam ziek…..

Modern als we zijn snijden we echter dat zieke onderdeel er meestal direct uit en werpen het weg, als het een beetje kan in het hellevuur: De zondebok is geboren. Het zwarte schaap. Elk zichzelf respecterend  familiair bolwerk heeft wel zo’n bokkig exemplaar in huis.  Zo’n eeuwige dwarsligger, zo’n kont tegen de krib!

Gisteren in mijn kerk, waar god ook een vrouw is, gaat het over de grootste zondebok in de menselijke geschiedenis, Judas van Iscariot. De grote verrader, de afvallige, de slechtheid in persoon, de man die er persoonlijk voor gezorgd heeft dat de Here Jezus Christus, toen nog een totaal onbekende louche rondtrekkende Joodse leraar, 1 van de vele in die tijd, what’s new, aan het kruis werd genageld.

Het is een interessante preek van de zingende voorganger, Jan Delhaas, in de serie ‘ Visie op Jezus’. Ik dwaal niet af halverwege en evenmin val ik aan het eind in slaap. Hetgeen me nogal eens is gebeurd in het verleden tijdens een ouderwetse donderpreek. Die eigenlijk is bedoeld om je wakker te schudden of doen schrikken. In dat soort kerken zul je me ook niet meer vinden.

Geen patriarchale kutverhalen meer voor Heks. Geen foute vrouw met slang in paradijs. Geen Maria Magdalena is een hoer in mijn bijbel. Ze was overigens de echtgenote van Jezus volgens ingewijden. Ook verdiende ze niet de kost met het verkopen van haar lichaam, maar kwam ze zo uit het klooster zetten: Haar familie behoorde tot de spirituele elite in het beloofde land.

Al die lasterpraat rondom haar persoon is ongeveer hetzelfde wat de ouders bij Phil doen over hun tienerdochter: Smerige leugens en roddel. Kwaadspreken om er zelf beter op te staan. Dom en contraproductief. Heel erg ondermijnend en kwetsend.

Want de ouders noemen haar een hoer en een slet! Lekker voor het zelfbeeld van dit meisje. ‘Er moet honderden keren gezegd worden hoe geweldig ze is om 1 keer uitschelden voor hoer of slet goed te maken. Vooral omdat dit door de ouders is gedaan, dat heeft geweldig veel impact!’ reageert Phil genadeloos als hij de waarheid uit de ouders heeft gewrongen……

Alle vrouwen overal ter wereld hebben dagelijks last van het geschonden zelfbeeld. Overal, in elke cultuur waar dan ook worden we uitgemaakt voor slet en hoer. Het is een ware plaag……

‘Judas hield ontzettend veel van Jezus. Anders dan de andere discipelen, vissers en herders, had hij een enorm goeie opleiding genoten, hij kwam uit een geslacht van priesters,’ onze voorganger haalt het boek Judas van Amos Oz aan,  waarin uitgebreid op de materie wordt ingegaan, ‘Judas leverde hem uit omdat hij onvoorwaardelijk in hem geloofde. Hij was ervan overtuigd dat hij zo van het kruis zou stappen. Petrus had niets nodig om zijn leermeester te verraden. Judas echter was er kapot van toen Jezus overleed. Hij hing zichzelf op!’

Zo zie je maar weer. Dingen zijn niet altijd wat ze lijken. Werd die vuile verrader Petrus onze eerste piespaus. Judas is verguisd en gehaat. Heet de halve wereld Petrus, Johannes, Lucas, Marcus of Jacobabus, een Judas zul je niet snel aantreffen. Het is geen naam meer, maar een scheldwoord.

Ach, in die zin staat Judas nog steeds het meest dicht bij Jezus: Ook zijn naam is een scheldwoord geworden. Het meest gebruikte ook nog. Op de naam van zijn vader na dan……

Phil is aan het eind van zijn programma. De gepeste autist verklaart dat het allemaal wel meeviel met het gepest. Het vreselijke meisje blijkt zeer aanspreekbaar. Ze wil best aan zichzelf werken, maar volgens haar is ze echt niet het grootste probleem in dit disfunctionele gezin. Phil is het roerend met haar eens: En raad eens? De ouders moeten hoognodig iets aan zichzelf doen! Ze gaan linea recta in therapieperdepiep hoera!

‘Haha,’ grinnikt Jip als we na de kerkdienst aan de koffie gaan, ‘Niet iedereen kon die preek waarderen! Ik hoorde toch wat protesterende geluiden om me heen…. Zo van dat is niet zo, dit klopt niet….’

Ik heb het boek van Amos Oz besteld. Vierhonderd pagina’s dik. Lekker lezen komende week……

Die kus komt zo ook in een heel ander licht te staan…..

Stop. Kappen nou. Hou ermee op. Ik wil geen connectie met u, Meneer de Koekepeer.U kunt antropoliegen tot u erbij neervalt: Ik stel mijn lichaam never nooit beschikbaar voor antropologisch veldwerk……

images-41

Sommige mensen hebben zo’n plaat voor hun domkop! Ongelofelijk!

Ik heb zelden een vervelender en opdringeriger en volhardender type ontmoet dan de geile antropoloog. Al ruim tien jaar doet die idioot verwoede pogingen om bij Heks binnen te dringen. Eerst door haar eens lekker aan te randen tijdens een boeddhistische meditatieavond.

Het oude reptiel liet zijn groezelige grijpertjes schaamteloos langs mijn flanken fladderen, terwijl Heks net met haar armen in de lucht stond. Terwijl ik me niet kon verweren betaste deze zelfbenoemde goeroe me vrolijk dwars door mijn kleren heen.

© Toverheks.com

Hij ziet zichzelf als een echte heer en toffe peer, die dit soort acties louter uit liefde debiteert. Hij heeft daar een hele theorie over: Hij bedoelt het goed, liefdevol, warm……Er steekt niet kwaads achter……

Meuh, geloof je het zelf viespeuk?

Ik zie een oud smerig mannetje met een heel lelijk vogelhoofd. Vol domme praatjes bedoeld om gaatjes te vullen. Bij jonge mooie vrouwen. Of uitdagende vrijgevochten mokkels, zoals Heks.

De man is ongetwijfeld een narcist. Sinds ik me in dit menstype heb verdiept kan ik de eikel beter plaatsen. Het gaat hem ook niet om mij persoonlijk, hij heeft geen idee wie ik werkelijk ben.

Nee, ik ben de vrouw die hem publiekelijk afwees. Het ergste wat een narcist kan overkomen. Die iets zei van zijn handtastelijkheden. Die never nooit iets van hem moet hebben. Die met een boog om hem heenloopt. Die niet luistert naar zijn lulkoek! Die hem heeft ontmaskerd……

Al dat gezichtsverlies……Hij kan dat gewoonweg niet uitstaan.

Al verscheidene malen in het afgelopen decennium heeft het secreet me hele vervelende mailtjes gestuurd. Echt berichten waar de honden geen brood van lusten. Aanmatigend en opdringerig en heel erg fout.

Ook heeft hij me regelmatig in de kerk of op straat staan uitschelden. Ik kan het schlemielige ventje niet tegenkomen met zijn dwaze hoedje en zijn waxinelichtje compenserende lullige wandelstokje of hij begint tegen me te vervelen. Waar ik aan verdiend heb?  Nergens aan. De man is een narcistische kwezel.

© Toverheks.com

Een tijdlang heeft hij me gestalkt hier in de buurt. Liep hij over straat te schreeuwen dat ik een gefrustreerd kutwijf ben, die vast misbruikt is als kind. Laat ik nu net in die tijd voor iets dergelijks in therapie hebben gezeten. Ik was dus niet blij met zijn ordinaire acties, dat kan ik je wel vertellen.

Het blijft me ook verbazen dat iemand, die het op televisie in een religieus programma over zijn enorme spirituele ontwikkeling heeft, dit soort kwalijk gedrag  vertoont. Je zou toch enige zelfreflectie verwachten, maar nee. Daar doet dit manneke niet aan. Hij ‘denkt’ voornamelijk met zijn kleine uitwendig gedragen hersenen. En daar komt nooit veel goeds uit voort……..

Vandaag krijg ik weer post van de oude idioot. Of ik een connectie met hem wil op LinkedIn. Brrrr. Liever niet. Snel blokkeer ik de etter.

\

Wat kunnen mensen een enorme plaat voor hun knar hebben, je houdt het niet voor mogelijk. Ik ga echt never nooit wat voor’n connectie ook aan met die griezel. Ook ga ik niet met hem afspreken om alles uit te praten: De engbek heeft me vorig jaar een tijd achtervolgd om dat te bewerkstelligen.

Iets uitpraten met een narcist? Onmogelijk! Je geeft zo’n gek alleen maar ruimte om allerlei narigheid uit te halen!

Vanaf dag 1 zo’n tien jaar geleden wil ik maar 1 ding van die leipstra: Dat hij me met rust laat. Opzouten en wegwezen. Je hebt je kans gehad en grondig verprutst. Niet verbazingwekkend voor een narcist. Respectloze zakken als het zijn.

Misschien moet ik hem eens zo’m taart sturen, met laxeermiddel erin……. Raakt hij zijn shit toch een beetje kwijt!

Blokkeren, negeren en er iets van leren, dat is wat me rest. In de hoop dat zijn obsessie met mijn persoontje ooit ophoudt. Gelukkig gaat alles voorbij. Uiteindelijk……..

Ik blokkeer de man dus op alle sociale media denkbaar. Niets in mij wil ook maar iets met die man. Ik denk gelukkig verder nooit aan die kwal, behalve als hij weer eens mijn pad kruist of mijn aandacht probeert te trekken. Want dat laatste kan hij als de beste. Ja, dat heb je met gekken. Je vindt ze op de gekste plekken: Ook in de Sangha en in de kerk……

© Toverheks.com

Een weekend vol verrassingen en bijna allemaal aangenaam! Van Galactic Grooves in de kroeg tot visite, visite, een huis vol….. Hier en daar een hinderlijke antropoloog.

De Geile Antropoloog slaat weer toe! Heks staat voor de zoveelste keer met haar mond vol tanden. Dan besluit ik hem een brief te sturen. Die ranzige ouwe snoeper. Dat stuk scrotum vol eigendunk!

© Toverheks.com

Lieve Heks, waarom meld je Snuitje niet aan bij het Reiki crisisteam voor dieren? Bestaat er dan zoiets? Jazeker!

‘Lieve Heks, waarom meld je Snuitje niet aan bij het Reiki crisisteam voor dieren voor een oppeppertje en ondersteuning? Kost 25 Euros en een heel team mensen gaat met haar aan de slag, ik ook. Je mailt het verhaal en haar foto en ze plannen haar in. ik zal haar zowiezo helpen ❤ . Als je interesse hebt laat mij het weten…..’ schrijft mijn vriendin Maan.

Sinds Snuitje terug is zijn er een flink aantal mensen met haar in de weer. Allereerst Heks natuurlijk. Ik geeft haar doorlopend lekkere hapjes te eten, knuffel mijn schatje plat of aai haar teder. Ook ben ik veelvuldig in haar buurt te vinden.

Daarnaast zijn er nog flink wat kattenvrienden en vriendinnen op bezoek geweest. Ze nemen Snuitje op schoot en omhullen haar met warmte, liefde en veiligheid.

‘Praat me haar over Ysbrandt en hoe jijzelf ook van een koude kermis thuis kwam, toen er opeens een pup hier zat na je vakantie in plaats van die ouwe Dibbes,’ moedig ik de broodnuchtere Frogs aan om zijn steentje bij te dragen. Hij heeft mijn schatje al op schoot.

‘Even stil zijn, Heks, ik probeer me te focussen,’ maant mijn kikkervriend. Hij gaat het zowaar doen!

Ook mijn buurvrouw doet een flinke duit in het zakje. Zij is een echte dierenvriend. Al mijn katten zijn gek op haar. Vooral de boskat. Dagelijks doet hij geslaagde pogingen om de voordeur open te maken, om vervolgens de trap af te spurten en voor haar voordeur keihard te miauwen. ‘Laat me erin!’

Maar ook Ysbrandt was dol op haar, een waar wonder gezien zijn geschiedenis van pesterijen hier in het trappenhuis. Wilde hij bij mijn andere buren voornamelijk in hun kuiten bijten, als hij de kans zou krijgen, mijn benedenbuurvrouw kon hem gewoon aaien en uitlaten!

Uitgebreid zit ze Snuitje te strelen, soms wel een uur achter elkaar! ‘Ik geef alleen maar liefde, Heks,’ glundert ze, terwijl ze onvermoeibaar verder knuffelt. Snuitje komt helemaal bij als ze zo bezig is. Je ziet haar koppie veranderen…… Volgens mij zou buurvrouw zo een praktijk als dierenmagnetiseur kunnen beginnen!

‘Ik heb geloof ik mijn eigen Reiki crisisteam,’ schrijf ik Maan terug. Toch vraag ik het mail-adres. Voor het geval Snuitje niet opknapt.

We zijn intussen een week verder. Ze eet weer goed. En met smaak. Snorren doet ze ook, maar niet zo hard en veelvuldig als voorheen. Ze gromt tegen Bolster en de Boskat. De kwelgeesten waar ze het meeste last van heeft gehad in de kattenwandelgangen.

Vooral Bolster mocht nogal eens achter haar aan jagen. Hij vindt het heerlijk om zijn grootmoedertje te plagen, maar ze is echt te oud voor dit soort survivalgymnastiek intussen.

‘Ik zal zorgen dat hij niet bij je kan komen als ik niet thuis ben. En in geval van vakantie breng ik je ergens onder!’ beloof ik Snuitertje. ‘Dan mag je wel bij mij,’ zegt mijn buurvrouw goeiig. Ik weet niet of het een goed idee is, ze heeft zelf ook een stokoude kat. In het verleden mishandeld door een vreselijke ex. Die kat zit waarschijnlijk niet op gezelschap te wachten……

Heks belandt bij mysterieuze magiër op de Kaasmarkt, ofwel de Koerdische fietsenmaker. Klein van stuk en ruk van de tongriem gesneden, maar absoluut in het bezit van superpower…..

Tussen alle idiote gebeurtenissen door probeer ik het voor elkaar te krijgen dat er een fietskar aan mijn fiets wordt gemonteerd. Of beter gezegd een verbindingsstuk. Uitgangspunt zijn twee fietskarren en vier fietsen!

Een oude mountainbike waarvan helaas de voorvork kuren vertoont. Een oude gammele vouwfiets, die zeker niet in aanmerking komt om een aanhanger achter te hangen. Een geavanceerde elektrische vouwfiets zonder kettingkast en de oerdegelijke Batavus E-Bike van mijn moeder.

Een oud onverwoestbaar Batavus aanhangwagentje en een splinternieuwe Doggy ride zijn ook van de partij. Het aandoenlijke antieke houten karretje behoeft alleen nog een knop achter het zadel. Om em aan te hangen. Maar dan moet je wel zo’n knop hebben en daar zit em de kneep.

Die knop ligt bij een boze ex. Hij heeft er wel twee maar geen wagentje. Toch heb ik mijn exemplaar nooit terug gekregen. En nu zijn die dingen nergens meer verkrijgbaar! De fietsenmaker om de hoek is al twee maanden op zoek!

De Doggy Ride vraagt een geheel andere aanpak. Koppelstukken genoeg, maar nu ligt de fietsenmaker dwars. ‘Ik ga dat ding er niet opzetten. Ik heb met Batavis gebeld en die raden het ten sterkste af. Het elektrische systeem kan van slag raken en dan blijft hij maar vooruit gaan. Met als gevolg levensgevaarlijke toestanden. Ik neem dat risico niet.’

Ik snap het niet helemaal. Het is toch de bedoeling dat ik vooruit blijf gaan? Bovendien fietst de fiets zo log en zwaar dat het me onmogelijk lijkt om echt snel te gaan. Laat staan uit de bocht te vliegen.

©Toverheks.com

‘Onzin,’ zegt de man van de dierenwinkel,’Ik zet al twintig jaar koppelstukken op elektrische fietsen, nog nooit problemen mee gehad, neem je fiets maar mee, dan zet ik dat onderdeel er wel op. Ik heb toevallig nog zo’n speciaal verbindingsstuk liggen!’

In de praktijk blijkt het toch weer niet te werken. Het fame van de fiets van mijn moeder is zo dik en zwaar, daar past dat speciale koppelstuk voor elektrische fietsen helemaal niet op! De man van de dierenwinkel heeft intussen zijn derde kind gekregen, dus ik moet ook nog een paar weken wachten tot hij terug is van vaderschapsverlof voordat we er achter zijn…….

©Toverheks.com

En al die tijd hangt VikThor in een kattenmandje aan het stuur van de onverwoestbare Batavus. Hij groeit en groeit. Van twee kilo naar vier, naar zes, naar acht….. Hij gaat koppeltjeduikelend zijn kattenmandje in, je hoort hem niet klagen. Maar goeie hemeltje, hij barst er intussen bijna uit!

Na wekenlang tobben en overal nul op het request krijg ik van iemand de gouden tip. ‘Ga toch eens naar de Koerdische fietsenmaker op de Kaasmarkt. Die man kan echt alles, bovendien heeft hij ook alle denkbare onderdelen in huis….’

©Toverheks.com

Zo ga ik op zoek naar deze kleine magiër. Ik vind hem in een enorm pand op de Kaasmarkt. Het heeft wel iets weg van een oude smederij, maar dan zonder het vuur.

‘Wat kan ik voor je doen?’ De Koerdische fietsenmaker staat in de deuropening. Hij loodst me door zijn winkel van Sinkel naar achteren, om daar mijn fiets aan een grondige inspectie te onderwerpen.

Ik leg hem intussen het probleem uit. Al die fietsen en fietskarren. Maar geen enkele combinatie die werkt! ‘Deze fiets heb ik van mijn moeder geleend. Het is een geweldige fiets, oerdegelijk, sterk als een paard. Maar niemand wil of kan dat verbindingsstuk erop zetten.’

De man kijkt me doordringend aan. ‘Het kan me niet schelen of je die fiets van je moeder hebt gekregen of geleend. Of wat dan ook,’ begint hij. Goeie hemel, wat heb ik nu aan mijn neus hangen? Heb ik iets verkeerd gezegd? Hebben we last van de taalbarrière? ‘Het kan me echt niet schelen, het interesseert me totaal niet! Of die fiets is van jouw moeder, geleend of gekregen, maakt me helemaal niet uit’ benadrukt hij nog eens,’ Ik ga voor jou in orde maken!’

©Toverheks.com

De taalbarrière dus, grinnik ik inwendig. Wat een grappig mannetje. Ik krijg lol in het verhaal. De neverending story van de fietskar. Of eindigt het verhaal hier?

‘Kom over uurtje maar terug. Dan heb ik alles goed gemaakt.’ Ik ga er vandoor. Met VikThor aan een touwtje uit de werkplaats, hij hing aan het stuur in zijn mandje, maar is intussen te zwaar om te dragen…..

Als ik een uurtje later de grote hal weer inloop staat mijn fiets al klaar. Achter het zadel zit een mooie knop. Daar kan mijn oude aanhangwagentje aan hangen. Wat lager, in de buurt van de achteras zit het verbindingsstuk voor de Doggy Ride. Het is voor elkaar. Appeltje eitje! Voor de Koerdische fietsenmaker dan, want zijn Hollandse collega’s kregen dit niet voor elkaar!

Een Koerdische fietsenmaker. Ik wist niet eens dat ze fietsen hebben in Koerdistan, laat staan fietsenmakers. ‘U weet toch wel dat u een zeer belangrijk beroep heeft, meneer. U bent eigenlijk een soort superman! Zonder uw hulp zou ik bijvoorbeeld niet met mijn hondje kunnen fietsen!’

Ik vertel hem over de uitermate grappige act van Monty Pyton over bicycle repairman, die furore maakt in het land der supermannen. De man snapt er geen jota van, maar is wel geïnteresseerd. Ik schrijf de benodigde informatie voor hem op een papier. ‘Opzoeken hoor, op YouTube. Het is echt heel erg grappig.’

Dezelfde middag fiets ik met mijn hondje in de fietskar door de stad. Mijn pup zit als een prins op de erwt in zijn mooie karretje. Lekker droog en uit de wind. Wat een verbetering! Wat een geweldige vooruitgang……

Als ik later aan Don Leo vertel over de merkwaardige edoch grappige reactie van de Koerdische fietsenmaker of mijn moeders fiets begint hij te grinniken.. ‘Misschien dacht hij wel dat je em had gestolen, lieve Heks…..’ Tja. Dat zou ook nog kunnen……

©Toverheks.com