Het leven is maar grillig. Vrienden blijken soms weinig loyaal. Wat is vriendschap nu helemaal? En ook: Wat met de ene mens niet werkt stroomt moeiteloos met de ander. Wederkerigheid en ware liefde. Thema’s die je terugziet in de franse film Rock’n Roll. Leuke film! Heks heeft lol!


Maandag kom ik alweer dezelfde vroegere vriendin tegen. Soms bijt ze mijn kop er bijna af, maar vandaag is ze poeslief voor de verandering. Heks volgt al tijden niet meer wat de vrouw bezield om zich zo te misdragen in haar bijzijn, maar dit is weer eens iets totaal anders.

Even denk ik dat het te maken heeft met het rare mailtje, dat ze me enige tijd geleden stuurde na zo’n bijna-kop-afbijt incident. ‘Je denk misschien dat ik ontzettend kwaad op je ben, maar dat ben ik niet. Het ligt allemaal aan jou. Ik kijk zo vanwege jou. Jij bent de boosdoener…..’

Niet dat ik die mail toen begreep. Ik snap het gedrag van deze vermeende vriendin al niet meer sinds ze mijn foute buurman Veter Aarsgat ging steunen in zijn verwoestende queeste tegen Heks. Een bizar feit.

Ze ging daar ook vrij ver in. Tot aan totaal negeren in het openbaar aan toe. Hetgeen niet meevalt, want Heks valt behoorlijk op met haar lengte en rare hoedjes. En dan zei ik haar ook nog enthousiast gedag!

Jarenlang heb ik er geprobeerd me eroverheen te zetten. Maar waarom? Het is intussen toch wel duidelijk?


Dinsdag ga ik met Trui op stap. Heerlijk. Zij doet niet raar, kijkt niet boos, negeert me niet als het haar zo uitkomt. Zit niet alleen maar over zichzelf te zagen en zuigen. Nodigt me altijd uit op haar verjaardagsfeestjes, maar manipuleert me niet zodanig dat ik ze moet gaan organiseren.

We zien een geweldig leuke film, ‘Rock’n Roll,’ met  Guillaume Canet en Marion Cotillard . Ik hoor mezelf voortdurend schateren. Wat een sukkelige hoofdrolspeler, geweldig. En wat zet hij zichzelf voor schut, heerlijk.

‘Weet je dat de hoofdrolspelers in werkelijkheid ook met elkaar getrouwd zijn?’ giebelt mijn vriendin als we naar de aftiteling kijken, ‘Hij heeft de film geproduceerd, ze spelen zichzelf, hun filmnamen zijn hun eigen namen, kijk het zijn ook zijn echte ouders, die als zijn filmouders meespelen……!’


Het verhaal heeft een onverwacht en heel geestig einde. Goedgemutst verlaten we het Kijkhuis. Wat kun je toch opkikkeren van een goeie film. Of een mooi toneelstuk.

Verrassend einde!

‘Weet jij eigenlijk hoe je een groeps-app van je telefoon gooit? Ik zit in een paar groepen, die ik niet meer op mijn telefoon wil en ik ben kwijt hoe ik er vanaf kan!’

Mijn vriendin is altijd zeer doortastend, dus ze pakt mijn iPhone en doet het me voor. ‘Welke groepjes?’ Ik zoek er een paar op en zie dan dat er weer allemaal berichtjes staan, die ik niet gelezen heb.


Snel laat ik mijn ogen eroverheen glijden. Nieuwsgierigheid is toch een vreemd fenomeen. De kans is groot dat ik dingen lees, die ik niet wil weten!

En inderdaad. Opeens begrijp ik waarom die vroegere vriendin zo bedrieglijk alleraardigst om me heen liep te draaien van de week. Ze heeft zeer onlangs een feestje gegeven en Heks was niet uitgenodigd.

Het is niet eens de eerste keer dat ze het me flikt. Jarenlang heeft ze me stiekem buiten haar verjaardagsfeestjes gehouden, -de rest van onze vriendenkring werd wel uitgenodigd,- terwijl ze hier intussen de deur plat liep! Met allemaal zeurverhalen om aandacht!


Je zou zelfs kunnen stellen, dat Heks ofwel niet werd uitgenodigd, ofwel zo stom was om zich door een bewust getrokken sneue smoel te laten verleiden om de feestelijkheden te helpen organiseren. Ja, hoe dom kun je toch zijn?

Dus al die poeslieve aandacht was bedoeld om me uit mijn tent te lokken? Wellicht. Het ligt voor de hand. Het past in het plaatje…..

Het meest absurde van dit verhaal is, dat zij wel altijd welkom is gebleven op de nieuwjaarborrels, die Heks jarenlang wist te organiseren. Ondanks haar brakke lijf en beperkte budget nodigde ze een berg oude vrienden uit. Maanden voorbereiding zaten er in. Voor een halve zool als ik dan. Een normaal mens doet er hooguit een week over…..


Heks wil nu eenmaal nooit iemand buitensluiten. Het is het ergste wat je kan overkomen. Vanaf de kleuterschool zit ik al regelmatig met allerlei kneusjes opgescheept, waar iedereen met een boog omheen loopt. Het zijn ook mensen. Ja toch?

Andersom gebeurt het me nogal eens, dat ik helemaal buitenspel word gezet. Mijn soort loyaliteit is bij die ander vaak juist ver te zoeken. Het achtervolgt me als het ware. Ik kijk er altijd weer raar van op.

In de dynamiek van groepen trek ik uiteindelijk vaak enorm aan het kortste eind. Mijn te vergaande loyaliteit wordt beantwoord met vergetelheid.

‘Het is projectie, Heks, je projecteert je eigen familiaire problemen op je vriendenkring,’ zegt iemand uit de vriendenkring.


Hoofdschuddend gooi ik de groep van mijn iPhone. Soms komt het echt nooit meer goed met iemand, stomweg omdat het nooit goed heeft gezeten. Heks heeft al zoveel scheve toestanden in de lucht gehouden, ik ben de tel kwijt. Maar dat in de lucht houden doe ikzelf. Ik kan moeilijk blijven beweren, dat het altijd aan de ander ligt.

Ik ben gepokt en gemazeld in het hebben van voor mij verkeerde vrienden. Waarbij de dynamiek niet klopt. Waarbij geven/nemen niet in balans is.

Begonnen vanuit een verkeerd uitgangspunt, om de ander te helpen bijvoorbeeld. Of omdat iemand heel zielig kijkt: Ook goed fout! Of ik slik afschuwelijke beledigingen, bijvoorbeeld van gefrustreerde dikke dames met gewichtsproblemen, waar ik niet kwetsend op kan of wil reageren.

Maar binnenkort krijg ik hele goeie aanwijzingen hoe ik het er in de nabije toekomst beter vanaf kan brengen. Dat weet ik, omdat ik al in die toekomst ben. Vergeleken bij dit vertelseltje uit mijn recente verleden.

Geïmpregneerd met woede? Dan spoor je toch niet? Inderdaad….. Toch komt het in de beste families voor. Maar niet getreurd en genoeg gezeurd. Heks is iets op het spoor: Ik ga mijn woede beteugelen met Delphinium. Ofwel Ridderspoor.


Oh, wat ben ik toch moe. Woensdag zit ik bij de homeopaat. ‘Hoe gaat het?’ vraagt ze natuurlijk. Ja, moe. Moe, moe, moe. Nou moe. Het went niet. Nooit.

‘En ik ben kwaad. Zo boos. Ik ben een vat vol woede. Het komt bij het minste, geringste naar boven. Mensen die op de fiets SMSen maken me razend bijvoorbeeld. Ik ben onlangs op de fiets aangereden door zo’n hopeloos figuur. Ik werd zo kwaad, dat ik ben weggefietst. Niets voor mij!’

‘Vandaag of morgen raak ik nog eens in de problemen door die oncontroleerbare woede. Soms ga ik liever helemaal niet naar buiten om triggers te vermijden. Maar ook binnenshuis is er nog genoeg om me over op te winden.’

‘Ik wil geen zuur oud wijf worden, maar ik ben hard op weg. Ik ken genoeg mensen, die altijd met hun vingertje zwaaien. En soms blijft het niet bij een vingertje. Mijn eigen vader was zo, altijd kwaad of onderweg om kwaad te worden. En hij had het ongetwijfeld geërfd van zijn voorouders. Ik ben genetisch geïmpregneerd met woede. En ik heb het vaak over me heen gekregen……’

‘En dan al die kwaaie partners in mijn leven. Ik zocht hen er onbewust op uit….. Dat riep dan uiteindelijk die woede in mijzelf weer op. En dat moest dan weer worden onderdrukt. Want ik kan niks met die woede. Het rent door mijn lijf, ik kan er geen kant mee op. Een flinke scheldpartij is het hoogst haalbare….’

‘Je kunt het intussen wel voelen. Je kunt er wel bij komen. Dat is echt een enorme stap vooruit,’ mijn homeopate laat zich niet uit het veld slaan door mijn gesomber.

Ze heeft gelijk. Er zijn zeker voordelen verbonden aan contact maken met wat er diep in je leeft.

‘Buiten die woede ben ik wel weer veel levendiger. Een hondenvriendin zei me vandaag dat ik er zo geweldig uit zie momenteel. Zeker vergeleken bij afgelopen winter. Toen was ik compleet lamgeslagen…… Mannen fluiten me voortdurend na op straat. Gisteren in de milieustraat heb ik zelfs ouderwets een enorme file veroorzaakt.’

‘Eerst ging de man achter de balie gezellig uitgebreid met me flirten. Hij was ooit getrouwd geweest met een juffrouw Toverheks. Een kwaaie heks helaas. Maar wel met dezelfde naam als Heks. Dus. Toen ik weer buiten kwam stond er een mega rij auto’s te wachten. Bewusteloze bestuurders door de hitte….. Goddank. Ze waren gewoon te sloom om zich op te winden. ‘

We moeten er hartelijk om lachen. ‘Een grote kerel zat zich in een soort hijskraan geweldig voor me uit te sloven. Tenslotte stapte hij uit om ook alweer een lekker potje te flirten. Een beschaafde oudere heer sjouwde mijn hele auto leeg. Ook bij het chemisch afval werd ik met open armen ontvangen…….. Heerlijk. Ik moet eens vaker naar de milieustraat. Ik ben er geweldig van opgeknapt!’

‘Ja, Heks, als je je woede niet langer onderdrukt kom je natuurlijk meer tot leven. Niet zo gek dat mensen daarop reageren. Ik heb een prachtig middel voor je: Delphinium staphisagria ofwel Staverridderspoor. Als ik dit geef aan iemand, die in een onderdrukkende waardeloze relatie vast zit vraagt die persoon binnen een week echtscheiding aan!’

‘Je moet echter wel jezelf de ruimte geven tijdens het gebruik. Er kan van alles loskomen. Je zou nog het beste in een hutje op de hei kunnen gaan zitten…..’

Heks heeft een beter idee. Ik heb bij het opruimen van mijn berging allemaal schilderdoeken gevonden. Ik ga gewoon een enorm schilderij maken!

Maar eenmaal bezig met de pillen begin ik te koken. Eerst van woede, maar daarna gewoon achter het fornuis. Ik maak allemaal verrukkelijke gerechtjes. Soepjes en sapjes, limonade, verschillende salades…….. Ik zet mijn Wut om in food.

De komende tijd ga ik me eens uitgebreid oriënteren op wat ik nu eigelijk wil. In plaats van te doen wat anderen van me willen. De ellende is dat mensen altijd zo boos op me worden als ik niet meer naar hun pijpen dans. Daar zie ik tegen op. Tegen die woede. Want dat is ook een trigger. Die onterechte woede maakt me ook weer kwaad.

Maar ja. Veranderen is zo moeilijk. Voor ik het weet zit ik weer in mijn oude groef. Voor anderen zorgen, terwijl ik voor mezelf moet zorgen. Allerlei onrecht te lijf gaan, terwijl mijzelf ook onrecht is aangedaan! Naar andermans gezeur luisteren, terwijl ikzelf zo graag een potje wil zeuren en zeiken……

De korreltjes ridderspoor hebben nog een mooi bijeffect. ’s Nachts komt eindelijk weer het verlangen in me op om anderen te vergeven. Gewoon omdat het jezelf bevrijd. Om uit die cyclus van woede te stappen moet ik anderen en mezelf vergeven. Het is de enige manier.

‘Sommige mensen wil ik eigenlijk helemaal niet vergeven, zoals de stelende thuiszorg. Toen dat mens me te grazen nam ben ik echt slecht gaan schelden. Het woord hoer was nog nooit uit mijn mond gekomen, maar haar vind ik een  ongelofelijke hoerenmadam. Ik noem haar dan ook Schaamhaar Stampiesloer. Een verbastering van haar echte naam. Maar ik heb er zelf last van dat ik haar zo noem. Die vrouw is een vieze smaak in mijn mond geworden……’ zeg ik tijdens het consult als het begrip vergeven ter sprake komt.

‘Willem Glaudemans heeft daar een prachtig boek over geschreven: ‘Vergeven. Echt een aanrader. Je koopt het al voor 20 euro. Vergeven doe je niet voor de ander, je doet het voor jezelf,’ zegt mijn behandelaar.

‘Ja, je hebt gelijk. Het stomme is dat ik het allang weet. Ik heb dat lang geleden al ontdekt. Ik heb mensen al de raarste dingen vergeven, maar die thuiszorg zit me nog steeds dwars. Ik herontdek eigenlijk de kracht van vergeven op dit moment. Vorige week had ik een prachtige ervaring op dat gebied. Er valt nog veel te vergeven hoor, die thuiszorg stelt eigenlijk niks voor, ik ben er nog lang niet…..’

Misschien moet ik nog maar een keer naar de milieustraat. Daar is het vergeven van de aardige kerels. En die doen niet flauw, maar vallen flauw als ze Heks zien.  Een enorme verbetering!  😉

‘Juh, kehjut tsien? He’k wat fan je an dan?’ Heks stijfgescholden door Leidse Moslima met een debiel in heur hoofddoek: ‘Pleurttop juh! Teer op! Tief lekka je graf in, achteleke toverlijer met je leipe bezemsteel. Ga maar lekker op je plaat in rontonde om de kerktoruh! Met die zinksnijer in je smoel! Gestoorde dakschijter!’ En hier dan weer om lachen met Don Leo. Hij is eindelijk op bezoek in Huize Heks!

‘Hoorde je me ruzie maken hier voor de deur?’ Verwachtingsvol kijk ik de Don aan. Hij komt net fris gewassen en geschoren de badkamer uit. Aan de achterkant van mijn huis. Het incident is hem dan ook ontgaan. Jammer. Het was weer een geweldig staaltje van krijg nou wat!

Een piepjonge moslima  fietst als een ongeleid projectiel door de steeg. De oorzaak van haar zwabbergang is de mobiel, die ze in haar hoofddoek heeft geklemd. Vol overgave zit ze er in te blaten. De rest van de wereld ontgaat haar. Ze mist mij en mijn hond op een haar na. Verbluft kijk ik hoe ze na deze gevaarlijke manoeuvre gewoon door blijft kletsen.

Het intermenselijk verkeer laat haar koud. Op die ene idioot aan de andere kant van de lijn na dan.

Ik vang haar blik, terwijl ze verwoed probeert controle te krijgen over haar fiets. ‘JUH, KEH JUH UT SIEN?’ blèrt ze in plat Leids. ‘Ja,’ antwoordt Heks droog, ‘Ik zag je bijna over mijn hond fietsen met die debiel aan je oor.’  Nou, ik kan een hijs voor m’n treiter krijgen. Moord en brand schreeuwend fietst deze perfect geïntegreerde allochtone schone de straat uit.

Nou ja, schone………  Zolang ze haar klep houdt dan. Zodra die muil open gaat ga je over je zuiger van wat er aan asociaal taalgebruik uit komt……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

De Don moet erg lachen om het gebeurde. ‘Hahaha, Heks, geweldige tekst vanuit die hoofddoek. Wat is de werkelijkheid toch absurd. Als je dit verhaal zou verzinnen gelooft niemand het!’

Al dagen vermaken Heks en de Don zich prima met vrijwel niets. We hebben genoeg aan elkaars gezelschap. We hebben altijd maar een half woord nodig. We moeten lachen om dezelfde grappen. We hebben ongeveer hetzelfde energieniveau of gebrek aan energieniveau……

Vorige week woensdag haal ik de Don van het station. Na een bijzonder vlotte treinreis staat mijn oude vriend dan eindelijk weer eens in levende lijve voor mijn neus. Hoera!

Een grote grijze gleufhoed prijkt op zijn hoofd. En ondanks de tropische temperaturen die dag draagt mijn makker natuurlijk een driedelig pak. Met stropdas. En overjas!

Snel gooi ik zijn bagage in mijn auto en even later zitten we heerlijk op mijn balkonnetje bij te kletsen. Urenlang. Aan het eind van de middag lopen we de stad in met het hondje. In een park laten we mijn monster zwemmen en spelen. Op een terrasje klinken we op ons weerzien na al die jaren.

Don’s vorige bezoekjes dateren alweer van jaren her. En de laatste paar keer hadden we slechts een verloren uurtje om samen stuk te slaan. En ondanks het feit dat we elkaar al die tijd minstens een keer per week uitgebreid spreken wil je toch wel weer eens tegenover elkaar zitten. Wij wel in elk geval! En dat doen we dan ook: Deze keer hebben we alle tijd.

Pas om een uurtje of tien ’s avonds zijn we weer in Huize Heks. We moeten nog eten! Heks gooit snel wat lamskoteletjes in haar grillpan. De Romaanse sla gril ik ook. De Don doet even een tukje. Hij heeft er een hele lange dag opzitten!

Midden in de nacht zitten we eindelijk te smikkelen aan de keukentafel. ‘Een heerlijke souper!’ glimmen we tevreden naar elkaar. Ha! Dit is pas de eerste dag van een nu al legendarische logeerpartij.

‘Mijn zangmaatje Anna heeft me gisterenavond flink doorgezaagd over je slaapplek,’ vertel ik de Don nadat ik zijn bed heb opgemaakt, ‘Ik moest haar ervan overtuigen dat je in de logeerkamer slaapt, dit tot groot vermaak van de sopranen!’  Hikkend van de lach geven we elkaar een nachtzoen. Oh, oh, die Anna. Zo heerlijk ouderwets en degelijk. En: Ze houdt me goed in de gaten!

 

Help, ik loop leeg! Opladers opladen!!!!!! De draak steken op een krasse scootmobiel!!!!! En een vliegende non vangt altijd wat: Wat dan? Een gestrande Heks natuurlijk!

Enige tijd geleden krijg ik een mailtje van de Stichting ‘Leven in Aandacht’ over een aanstaande retraite. Alle Nederlandse nonnen en monniken komen vanuit Plumvillage hierheen om ons een paar dagen te stichten. Ook mijn geliefde nonvriendin. Heerlijk! Wat heb ik zin om erheen te gaan. Helaas ben ik hartstikke blut. Ik zit constant te hannessen met allerhande medische rekeningen.

Ook wil ik het liefst alleen op een kamer, maar de eenpersoonskamers zijn al vergeven. Een andere optie is om de accommodatie te delen met een vriendin, die begrip heeft voor mijn halvezolige levensstijl. Ik doe wat halfslachtige pogingen om iemand te enthousiasmeren. En het lukt! Kras heeft belangstelling!

Dan krijgt Heks het druk op haar manier. Met de Matthäus. Met mijn ADHD-hond uitlaten. Van de fiets vallen en mezelf weer oplappen. Oh, wat ben ik toch moe! Echt. Vreselijk uitgenast. Verder gaat het redelijk. De gewrichten grotendeels binnen de perken en de verkrampingen redelijk onder controle……. Beetje viraal hier en daar, maar ik ben erger gewend!

Vorige week begeeft de oplader van mijn E-bike het. ‘Plof’ hoor ik. Een elektrisch geladen onweersluchtje volgt op de voet. Het onding is dood. Waarschijnlijk een zekering, maar het geval is zodanig gefabriceerd, dat het onmogelijk te repareren is. Een wegwerpoplader……. De nieuwe kost me bijna 100 euro!

Dan bezwijkt de oplader van mijn telefoon ook nog eens, nadat mijn hulp het snoertje raar heeft opgerold. Het snoer van mijn tablet heeft het gelukkig wel overleefd. Die lag ook in een piepklein drolletje gedraaid in de kast.

Vervolgens houdt de oplader van mijn elektrische vouwfiets er gewoon me op. Het is al de derde oplader, die het begeeft bij deze onverwoestbare en onderhoudsarme Beixo. En inderdaad: Je hebt nooit een nieuwe ketting nodig! Maar wel om het jaar een nieuwe oplader! Ik weet niet wat ergerlijker is…….

-385

Ik loop dus leeg op het leeglopen. De ernst van de situatie dringt tot me door. De kosmische boodschap is duidelijk! Mijn persoonlijke innerlijke oplader is stuk. Ja. Alsof ik dat niet weet…..

Zaterdagochtend gaat de bel. Mopperig loop ik door het huis en naar het keukenraam. Nijdig kijk ik naar buiten. Welke gek belt me wakker? Wie haalt het in zijn hoofd om me van mijn broodnodige slaap te beroven? Grrrr.

Kras staat voor de deur met haar knaloranje scootmobiel. Haar twee brakken vrolijk joelend aan de lijn. Snel ren ik naar beneden en help mijn vriendin om de hele karavaan naar binnen te loodsen. Ha, gezellig. Dit is echt lekker wakker worden!

Ik zet een pot koffie en smeer een paar rijstwafels. Even later zitten we vrolijk te lachen. We rollen van het ene onderwerp in het andere en steken overal heerlijk de draak mee. Hoe we weer op het onderwerp Plumvillage komen weet ik niet, maar plotseling besluit ik om te kijken of we nog terecht kunnen bij de retraite.

‘Ik heb eigenlijk een zangdag en je mag maar twee repetities missen. Goddank heb ik nog nooit verstek laten gaan, dus volgens mij kom ik er wel mee weg als ik die dag verstek laat gaan…..’ Heks is blij, dat ze onlangs met haar kapotte knie toch de discipline heeft kunnen opbrengen om te gaan repeteren diezelfde middag. ‘Dit is je beloning voor het feit dat je toen hebt doorgezet,’ grijnst Kras. Ja, we zijn blij!

Je kunt nog steeds het formulier invullen, dus er is waarschijnlijk nog plek! ‘Jeetje Kras, dat had ik nooit verwacht. Meestal zit die retraite zo vol!’ We gaan ons opgeven!

Een dag later heeft Kras alle benodigde informatie opgevraagd: We kunnen terecht!!!!! Nog dezelfde dag betaalt ze voor ons beiden, zodat onze inschrijving definitief is. Hoera! Mooi zo, Mijn vakantiegeld is nog niet gestort, dus ik zit nog eventjes te sappelen. Maar dit tripje kan me niet meer ontgaan.

‘Zo heerlijk, ik heb toch zo’n zin om saampjes een kamer te delen. En nu zul je ook mijn vriendin de non ontmoeten. En nog veel meer hele leuke mensen…. Er komen ook wel spirituele shoppers op af hoor. Of mensen met een ernstige vorm van Goeroeisme.’

‘Ik heb wel eens iemand meegemaakt, die daar last van had. Zieke mensen waren dom volgens hem. Irritant ook. Ze deden beslist iets verkeerd, want ziekte en gebrek moet je gewoon weg mediteren….. Tijdens de bijeenkomsten werden we om de oren geslagen met dit soort idiote ideeën door die gek zonder gebrek. Vervolgens werd ons de oren gewassen met het feit dat we nog steeds niet genezen waren……’

‘Er zijn nogal wat mensen met een aandoening, die baat hebben bij mediteren. De mediatieoorden zitten er vol mee. Zo ook de Sangha’s in de traditie van Thich Nath Hanh. Wekelijks zat die persoon daar dan die gebrekkigen te beledigen. Ik heb er uiteindelijk iets van gezegd, maar ik geloof niet dat het is overgekomen…..’

Toen de zelfbenoemde goeroe zelf iets ernstigs ging mankeren dacht ik dat zijn ideeën omtrent ziekte en hoe je dat zelf veroorzaakt wel zouden veranderen, maar nee. Nog steeds kwam er allerlei nonsens uit die mond. Wel op een een liefdevolle manier uitgesproken. Slijmerig bijkans. Je zou je bijna vergissen en denken dat het goed bedoelt is als je ernaar luistert. Of erger: Het serieus nemen! ‘

‘Zelfs toen mijn hond in zijn been beet, hetgeen die persoon geheel aan zichzelf te danken had nadat ie al mijn waarschuwingen in de wind had geslagen….., zelfs toen beweerde hij die beet gewoon eventjes weg te gaan mediteren!’ Bizar ja. Heks moet hartelijk lachen nu ze er aan de terugdenkt, hoewel ik het toen echt verschrikkelijk vond……

‘Ik was allang blij, want hij had ook naar de politie kunnen gaan na dat incident. En ook al waarschuw je iemand vijfentwintigduizend keer en probeer je je hond met man en macht bij zo’n grenzeloze persoon weg te houden, toch ben jij fout als het mis gaat! Zelfs als die gestoorde mafkees onverwacht min of meer bovenop je intussen in een hoekje gedreven grommende hond springt……’

‘Ik heb verstand van honden zeggen ze dan altijd. Ik twijfel in zo’n geval of iemand überhaupt verstand heeft…… Hopeloos.’

‘Hahahaha,’ Kris zit te hikken van de lach bij al die gekke verhalen. Ze ziet het voor zich! Plotseling kijkt ze me echter verbijsterd aan, ‘Ik denk dat ik die persoon ook ken. Mijn geliefde en ik hebben hem regelmatig meegemaakt, want hij werkte ooit voor een voormalig behandelaar van mijn vrouw, toen ze nog leefde. Hij kon ons nooit uitstaan, omdat we ons niet aan zijn talloze rigide regeltjes hielden……’ Ze begint een reeks hilarische anekdotes te vertellen waar we bijna in blijven.

Ach, lachen is toch zo lekker. Zelfs al is het om iemands gekke irritante fratsen. Raar gedrag kom je overal tegen tenslotte. Gelukkig ben ikzelf zo normaal! 😉 Mensen maken nu eenmaal niet altijd de meest denderende keuzes, zacht uitgedrukt. Soms zijn ze zeer overtuigd van de juistheid hun zaak, terwijl ze er mijlenver naast zitten. Je kunt er dus maar beter om lachen!

Heks heeft echter een hele goede keuze gemaakt dit weekend. Mijn hele lijf is blij met dit besluit. Alle kapotte opladers ten spijt ga ik eerst mezelf maar eens lekker opladen. En iets doen aan mijn moeite met mediteren. Al enige tijd breng ik het nauwelijks op om te zitten……

‘Misschien moeten we zelf maar een meditatiegroep opzetten als we terug zijn: Meditatie voor kneusjes met honden. We beginnen gewoon klein, met z’n tweetjes,’ verzucht ik tegen Kras als we de details nog even doorspreken aan de telefoon. Ja, wie weet. Al jaren ben ik van plan om een wandelmeditatiegroepje te beginnen. Misschien is de tijd rijp!

 

 

 

 

 

 

Je doet het goed, Heks. Omdat het moet. Houdt moed. Wie goed doet, goed ontmoet. Toch? De reumatoloog vindt ook dat ik het goed doe. Wat doe ik dan goed? En waar blijft dat goede dat ik ontmoet? Is het soms de Lyme in mijn bloed?

LYME DISEASE, ZIEKTE VAN LYME, lyme borreliosis,

Het is schitterend weer en Heks ligt in bed. Oh, oh. Zo moe. Kan geen pap meer zeggen. Kapot. Volledig naar de kloten. ‘Heb je gefuifd?’ vraagt een keurige dame met een hondje van VikThors leeftijd vanmorgen als ze mijn gezicht ziet. De monsters zijn lekker aan het spelen in het park. Hondje Tess is net voor het eerst loops geweest. Heks is niet meer zo loops. ‘Was het maar waar. Nee, ik heb gewoon slecht geslapen.’ Zoals altijd. Balen.

‘Mevrouw Toverheks, ik heb de resultaten van het bloedonderzoek van een paar weken terug. Alles is in orde. Uw vitamine D is normaal. Bezinking is goed, schildklierfunctie binnen de waarde, blabla -een hele waslijst volgt-, niks aan de hand…..’ Ja. Het zou toch godgeklaagd zijn als al die waarden te laag zouden zijn, ik slik me tenslotte suf aan allerlei voedingssupplementen…..

LYME DISEASE, ZIEKTE VAN LYME, lyme borreliosis,

Ik luister naar haar geleuter over hoe gezond ik wel niet ben. Al toen ze het onderzoek uitschreef wist ik dat er niets uit zou komen. De dingen, die zij onderzoekt zijn zeker tig keer eerder onderzocht bij Heks. Ik ben al vanaf dag 1 van mijn ziekte door allerlei medici volstrekt gezond verklaard. Stomweg omdat ze de verkeerde dingen onderzoeken. En waarom doen ze dat? Omdat ze geen idee hebben waar ze wel naar moeten kijken.

Bovendien loont het om ons ME/patiënten te laten barsten: We zijn te belabberd om ertegen te protesteren en eenmaal gek verklaard kun je ons alsnog volstoppen met antidepressiva en verplicht laten deelnemen aan cognitieve therapie. Dat schuift zo’n 50.000 euro per patiënt. Zeer lucratief. Die patiënt wordt er overigens alleen maar slechter van. En niet alleen financieel……

Heks zit weer lekker op haar stokpaardje. Heb je het in de gaten? Heerlijk. Het is er echt weer voor!

‘U test wel positief op Lyme, maar dat hoeft niets te betekenen. Het duidt er op dat u onlangs met Lyme borreliose in aanraking bent geweest. Maar ja, dat zegt ook weer niets. Andere testen zijn weer negatief. Dus.’

‘Ja, u heeft dan wel recent een tekenbeet gehad en bent alsmaar moe enzo, en uw gewrichten zijn pijnlijk en dik, u bent niet vooruit te branden en crepeert van de pijn, maar ik denk niet dat het door die Lyme is. Waarschijnlijk is er niets aan de hand. Het is maar een test. Ja, ja. U bent echt aan het verkeerde adres hier, dat heeft u toch wel begrepen intussen? Het spijt me echt heel erg. Zoek het maar lekker uit. Tot besluit.’

Ik zit te suizebollen aan de telefoon. Hoor ik het nu goed? Hebben ze nu ook nog Lyme dingen gevonden in mijn bloed? En waarom geeft dat niets? Ze vinden toch iets?

LYME DISEASE, ZIEKTE VAN LYME, lyme borreliosis,

‘Ik zal de uitslagen naar uw huisarts sturen. En succes ermee. Ik kan verder niets voor u doen. Ach mevrouw Toverheks, u doet het goed! Ja echt.’

‘U doet het goed, u doet het goed. Wat is dat nu weer voor een onzin? Dus ik zit voor de kat zijn viool zo te klagen op uw spreekuur. Ik laat me voor de lol  wekelijks een paar keer lekprikken. Ik vind het gewoon gezellig bij de fysiotherapeut, ik geniet van die martelingen! En ik kan niks leukers bedenken dan 80 % van mijn tijd in bed door te brengen. Alleen wel te verstaan. Bewegingsloos door de pijn. Zonder een gezellig seksmaatje of geliefde.’

‘U doet het goed, u doet het goed. Wat is dat nu weer voor een dooddoener? Ik ben hartstikke ziek en de medische wereld weigert me te behandelen. Gewoon omdat ze te stom zijn om er achter te komen wat ik mankeer. Jullie weten echt niet alles. Sterker nog: Jullie weten bijna niks, maar gedragen je alsof jullie god zelf zijn. En als jullie er dan niet uitkomen dan mankeer ik gewoon niets. En doe ik het goed.’

‘Ja, ik doe het goed. Ik ben mijn eigen dokter. Ik heb mezelf die LDN voorgeschreven…… Mezelf begeleidt door dat vreselijke eerste jaar tijdens het opbouwen van het middel. Mezelf regelmatig weerhouden om van een flat te springen. Zo’n drie keer per maand krijg ik daar geweldig veel zin in. Dus ik ben ook nog eens mijn eigen psychotherapeut.’

‘Daarnaast ben ik ben mijn eigen diëtist. Jaren experimenteren met hetgeen ik in mijn mond stop heeft gezorgd dat ik van chronische diaree af ben. Ik ben mijn eigen orthomoleculaire therapeut, al jaren weet ik meer van voedingssupplementen en hun werking dan die beroepsgroep zelf…..’

LYME DISEASE, ZIEKTE VAN LYME, lyme borreliosis,

Zo kan ik nog wel eventjes doorgaan over hoe zelfvoorzienend ik wel niet ben……. Zorgmijder avant la lettre. Onvrijwillig zorgmijder. Zorg mijden die er sowieso al niet is!

Wat moet je ervan zeggen? Zoek het uit krijg je te horen. En dan dat je het goed doet. Een dooddoener van jewelste……

Vandaag schijnt de zon. Ik ga lekker met VikThor op stap. Uiteindelijk is hij jong en gezond. Eén brok energie. Hij kan er ook niets aan doen dat ik zo’n vat vol kwalen ben. Bovendien knap ik altijd enorm op van het wandelen met mijn schatje.

Ik ben bezig met het opstarten van meer hulp. Er is een dame over de vloer geweest, die me gaat aanmelden bij allerlei vrijwilligersorganisaties. Ikzelf moet mezelf dan ook nog aanmelden. En dan nog de nodige intake gesprekken doen, ik heb er al drie achter de rug intussen……. Daar word je dan ook weer moe van. Ik ben er nog niet, maar op een dag hoop ik dat mijn leven weer ergens op lijkt.

LYME DISEASE, ZIEKTE VAN LYME, lyme borreliosis,

En wat die Lyme betreft? Ik ben het natuurlijk maar weer eens zelf gaan uitzoeken. Mijn IgM serologie waarde test positief. Hetgeen betekent dat ik onlangs met Lyme in aanraking ben geweest. Maar de resultaten van de test zijn soms corrupt bij mensen met een auto immuunziekte. En hoewel ik officieel psychiatrisch patiënt ben op grond van mijn ME, heb ik natuurlijk wel degelijk een auto immuunziekte. Namelijk ME!

Dus wat mij betreft valt de Lyme wel mee. Denk ik. Hoop ik.

Nooit de moed opgeven. Dan doe je het goed……

LYME DISEASE, ZIEKTE VAN LYME, lyme borreliosis,

Interpretatie uitslag

Borrelia IgM
Naast een interpretatie (positief of negatief) wordt er een index waarde vermeld. De hoogte van de index is van invloed op de interpretatie van het totaalbeeld; zie online handreiking.

Borrelia IgG
< 10 U/ml negatief
10-100 U/ml (laag) positief
> 100 U/ml (hoog) positief

Praktische notities

– De immuunrespons tegen Borrelia burgdorferi is traag: IgM antilichamen zijn vaak pas na vier tot zes weken aantoonbaar. IgG antilichamen bereiken soms pas na maanden een piek en kunnen jarenlang aantoonbaar blijven. Bij aanhoudende verdenking op Lyme borreliose herhalen we de test met tussenpozen van ongeveer zes weken.
– Om de diagnose ‘syndroom van Bannwarth’ te stellen, dient zowel liquor als serum te worden ingestuurd. Dit houdt in dat de patiënt wordt doorgestuurd naar een neuroloog.
– Antimicrobiële therapie in een vroeg stadium van de ziekte kan de vorming van antilichamen verhinderen.
– Asymptomatische (IgG seropositieve) Lyme borreliose komt vaak voor, vooral bij een vergrote kans op tekenbeten.
– De IgM Lyme serologie kan fout-positief zijn, vooral bij auto-immuunziekten, primaire EBV en primaire CMV.
– De IgG Lyme serologie kan fout-positief zijn, vooral bij syfilis.

LYME DISEASE, ZIEKTE VAN LYME, lyme borreliosis,

Inspiratie: Levensechte Eenhoorn, dansende Vlinder een een warme goedgemutste Trui voor Heks! Dat is helemaal niks geks. Minder zeldzaam dan goeie seks!

Voor de kerk staat een paard. Een paard? Nee! Het is een eenhoorn!

Vrijdagmorgen haal ik alvast wat boodschappen. Ik loop finaal op mijn tandvlees, maar vanavond komt Trui eten en ik wil het absoluut niet afzeggen! ‘Weet je dat we elkaar al meer dan drie maanden niet gezien hebben, Heks? De laatste keer dat ik op de stoep stond was op je verjaardag. En dat liep toen mis….’ pepert ze me onlangs in. Goeie hemel. Ik schrik ervan.

Mijn vriendin is ook in de lappenmand. Dus het is niet geheel aan mij te wijten, maar met Heks schiet het natuurlijk ook niet op momenteel. Ik bel meer af dan me lief is.

Nieuwe verse buitenlandse studenten drommen om het arme dier.

Om half 1 komt mijn hulp. Ik ploeter samen met haar door het huis. Mijn schouder plopt in en uit de kom, terwijl ik probeer ook wat te doen. Bah. Pijnlijk ook. Stomme rotschouder. Sinds afgelopen woensdag is het weer helemaal mis. Net toen ik dacht dat het weer een beetje de goede kant opging hoorde ik een enorm gekraak. Gevolgd door allemaal lugubere geluiden. Bot op bot. Vlak naast mijn linkeroor.

Het leven van een eenhoorn gaat ook niet over rozen. Sta je weer tussen allemaal dronken studenten mooi te zijn……

De telefoon gaat. ‘Are we still on for tonight?’ piept mijn vriendin astmatisch in mijn oor. Dat klinkt nog niet best. ‘Natuurlijk,’ snotter ik, ‘Ik heb al boodschappen gedaan….’ ‘Oh, nou,’ ze gaat afzeggen vrees ik, ‘Vlinder werkt vanavond in de Zijlpoort, zullen we bij haar gaan eten? Het is restaurantweek. Worden we extra verwend!’

Shit. Ik ben bezig met bezuinigen, maar het lukt nog niet erg. Maar om dan maar direct uit eten te gaan….. ‘My treat!’ klinkt het opgewekt aan de andere kant. Heks is om. Lekker uit eten. Niet koken met dit lamme lijf. Heerlijk!

Zo trek ik dan mijn nieuwe uitverkooprokje aan. Ik poets mezelf op tot een acceptabel uiterlijk. Eerst kruip ik onder een gloeiendhete douche door. Dan smeer ik mezelf in met allerhande heerlijke bodybutters. De verfkwast met rouge gaat royaal over de bleke kaken. Helaas werken mijn armen niet mee. Ik ben zo traag als een slak.

Ripse Ruiter

Als ik in het restaurant arriveer zit Trui al aan de witte wijn. Snel wordt er een glas bijgezet. Haar beeldschone dochter Vlinder fladdert vrolijk om ons heen. We worden heerlijk verwend met allemaal kleine liflafjes. Glutenvrij, lactosevrij en sojavrij! Ik kan alles eten!

VikThor ligt onder de tafel. Wat een feest dat ik hem zonder problemen overal mee naar toe kan nemen! Dat ben ik helemaal niet gewend. Ys wilde altijd graag ook ergens in bijten als ik hem meenam naar een restaurant. Bij voorkeur de kuiten van een ober…..

Het is al over tienen als we afscheid nemen. Heks is tonnetje rond na een bacchanaal van zeker drie uur. We zien elkaar misschien veel te weinig de laatste tijd, maar als we elkaar dan treffen, dan doen we dat goed!

Dank je wel, lieve boezemvriendin. Dat etentje ging er lekker in! Als Gods woord in een ouderling!

Op naar de volgende klus

Heks en Steenvrouw kleden kale kerstkalkoen aan met keur aan kleurige groenten. Zelf lopen we allemaal in het zwart: Hartstikke chic!

Tweede kerstdag slaap ik uit. Ik slenter een ochtendhondenronde door de stad en lunch met het restant haring van gisteren. Supersloom ben ik vandaag. En ik hoef ook hoegenaamd niets.

Dat is dan weer het voordeel van een jaartje kerst overslaan. Geen toestanden rondom het optuigen van de kerstboom. Geen metershoge stapels met lege dozen, geen emmers met takken, bloemen en bessen, geen heidense troep in de keuken. Nee. Serene rust all over the place.

 

Aan het eind van de middag ga ik met VikThor richting Leiden Zuid West. Ik fiets langs het Vlietkanaal en laat mijn hondje goed rennen. Het is ongelofelijk vies koud pisweer. Ik ben blij als ik de warme gezellige woonkeuken van Steenvrouw in schuif. Wat een verademing. En wat ruikt het hier lekker!

Mijn vriendin is al de gehele dag bezig met het braden van de kalkoen. Ieder half uur wordt het bakbeest besprenkeld met eigen vleessappen. ‘Wat een klus,’ verzucht Steenvrouw, ‘Het is echt heel veel werk lieve Heks. Kijk, ik heb het spek er afgehaald, zodat het velletje een mooi kleurtje kan krijgen….’

We inspecteren de kalkoen. De kernthermometer wordt in het borststuk gestoken. 67 graden. We rekenen uit of het de goede temperatuur is bij een kalkoen van deze grote en kwaliteit. ‘Ik zoek het nog een keertje op,’ Heks staat alweer op internet te neuzen, ‘Het is goed hoor, schat. Dit monster is ongetwijfeld helemaal gaar.’

Omdat de kalkoen er eng wittig blijft uitzien, ondanks de kerntemperatuur, gooien we de grill nog eventjes aan. En ja hoor, binnen een kwartier heeft Meneer de Kalkoenkoekepeer een fantastisch Goois oranjebruin kleurtje opgedaan. Koningsgezind bijkans……

Nu moet Heks nog eventjes in actie komen. Er moet nog een listige jus worden gebrouwen van alle vettigheid, vleessappen en het onderliggende groentegarnituur. Ik pak mijn roerzeef uit mijn tas. De zoon van Steenvrouw kijkt perplex naar het apparaat. ‘Ja jongen, jullie hebben mooie machines in jullie bouwbedrijf, maar wij huisvrouwen hebben ook zo onze speciale hulpmiddelen…..’

‘Huisvrouwen…’ sist Steenvrouw verontwaardigd, ‘Tsssss…..’ Ze wenst niet met dit vlijtig stofzuigende volkje vergeleken te worden. Ze is per slot van rekening beeldhouwster. Ze houdt zich bezig met hakken in plaats van naaien. Emmers worden door haar uitsluitend gebruikt om papier maché in te prepareren. Ramen zemen is volstrekt onbelangrijk. Haar heerlijke huishouden van Jan Steen rommelt ze er maar zo’n beetje bij…..

Als de jus klaar is roepen we alle kids aan tafel. We krijgen een fantastisch voorgerecht voorgeschoteld. Tonijnsalade met garnalen. ‘Voor jou hebben we avocado in plaats van brood, Heks,’ de dochter kijkt me stralend aan. Vanavond heeft iedereen echt rekening met me gehouden!

Ik kijk de tafel rond. Allemaal vrolijke gezichten. Iedereen is op zijn paasbest. Met kerst. Zelfs de zoon heeft een mooi colbert aangetrokken! Geweldig. We proosten op het mooie leven en vallen aan op het voorgerecht. Het is heerlijk!

De kalkoen steelt echter de show vandaag. Vol trots dient Steenvrouw het enorme stuk gevogelte op. We poseren samen naast de vrucht van onze arbeid. Hij ziet er goed uit, die kalkoen. Ook de groentes liggen naar ons te lonken. ‘Ik ben toch zo benieuwd naar die rode kool. Ongetwijfeld heeft dat nachtje marineren in cranberrysap goed uitgepakt. Maar ik wil het nu wel eens proeven…..’

kalkoentje11

Heks staat te popelen om een en ander in haar mond te stoppen. We zijn er ten slotte al een dag mee bezig. Na de verrukkelijke hoofdmaaltijd volgt nog een zalig toetje. Helaas mag ik niet proeven van de Tiramisu, maar er zijn ook nog eens stoofpeertjes op tafel gezet. Met een heerlijke stroperige saus.

Het traditionele kerstdiner is alweer ten einde. Steenvrouw ruimt als een haas de keuken op, jeetje wat is ze hard aan het werk vandaag. ‘Je mag me niet helpen, Heks, ga maar lekker tv kijken met zoonlief. Straks drinken we nog een kopje koffie.’ Dochter en haar vriendje zijn met VikThor aan het wandelen. Ze blijven lekker lang weg, dus het ventje komt goed aan zijn trekken.

 

Een uurtje later rijd ik met hond, fietskar en bakken vol restanten kerstdiner weer naar de binnenstad. De komende dagen ga ik aan de kalkoen, dat is wel duidelijk. Zielstevreden schuif ik alles in mijn koelkast.

Die avond val ik alweer voor de televisie in slaap. En opnieuw word ik pas midden in de nacht weer wakker. Gelukkig is het geen vijf uur in de morgen. En evenmin hoef ik nog te eten. Wel moet ik de volgende dag bijtijds op. Prikken halen bij mijn huisarts. Het gewone leven is weer begonnen.

 

 

 

Gewoontepatronen laten zich niet gemakkelijk doorbreken. Je kunt ze maar beter vervangen door iets nieuws. Heks worstelt met haar neiging elke keer in dezelfde groef terecht te komen. Misschien is het tijd voor een nieuwe bezem: Die vegen tenminste schoon!

Sinds ik terug ben van mijn retraite is het zaak om niet direct in mijn oude patronen te vervallen. ‘Gewoonte energie’ noemen ze dat in Bhoeddhistische kringen. We hebben er allemaal last van: Je wilt wel anders, beter leven, maar je zit vast in je groef. Van je groef in je graf als je niet uitkijkt. Bewust zijn, jezelf her inneren: Het is een hele klus.

Toch zit em hier wel de kneep.

Ik ga het klooster in met een brandende vraag. Hoe kun je het nog hebben over de fundamentele goedheid van de mens als je met narcisten en psychopaten te maken hebt? Dit kwaadaardige volkje dat alleen om zichzelf geeft en verder louter neemt. Deze liegende en bedriegende medemensen. De wolven in schaapskleren. Die machtswellustige en seksueel gefrustreerde egoïsten……

Waar blijf je met al je goede bedoelingen oog in oog met deze onmenselijke persoonlijkheidsstoornis?

Ik krijg er geen antwoord op. De meeste mensen hebben geen idee wat narcisten nu eigenlijk voor’n wezenloze wezens zijn. Net als ik een tijdje geleden. De neiging bestaat om compassie te hebben met deze meedogenloze agressors. Ik ken die neiging.

Dan hoor ik tijdens een Dharmatalk door een sprankelende non opeens het verlossende woord. Haar verhaal gaat niet over narcisten, noch over psychopaten. Hier in Plumvillage zijn alle mensen gewoon medemensen.

‘Soms zie je iemand lijden, maar ze willen het niet toegeven. Of je ziet iemand, die heel boos is, maar ze beweren van niet. Sterker nog: Ze zeggen rustig dat jij boos bent en dat jij lijdt. Maar ook voor hen geldt: Zolang je niet toegeeft dat je lijdt verandert er niets. Je zit er in vast. Je kunt overigens zowel in lijden als geluk blijven steken….’

‘Wees geen slachtoffer,’ zegt Thay altijd. Hij is er zelf het levende voorbeeld van. Zelfs in zijn huidige positie, na het herseninfarct. ‘Wie weet hoe hij moet lijden kan er zijn voordeel mee doen. No mud, no lotus.’

In de loop van de retraite verdwijnt de noodzaak om een antwoord te krijgen op mijn vraag. Ik ben stomweg helemaal niet meer bezig met het thema narcisme. Evenmin denk ik aan de narcisten in mijn leven. Het is me om het even. Leven en laten leven. Ze zoeken het maar uit. Zolang zijzelf hun lijden niet erkennen is er weinig aan te doen. En als er iemand al iets aan moet doen dan zijn ze het toch echt zelf……

Wel dringt het tot me door dat ik beter voor mezelf moet zorgen. Ik neem iedereen in bescherming behalve mezelf. Ik spring voor Jan en Alleman in de bres, maar mezelf laat ik creperen. Ik stel niet of nauwelijks grenzen en die worden dan nog met voeten getreden en zwaar overschreden. En dat vergeef ik dan weer grif.

Ook moet ik ophouden met alleen maar te luisteren naar anderen. Ik mag zelf ook delen wat er in me omgaat. Zeker bij vrienden! Na mijn relatiebreuk is het me met enige regelmaat gebeurd dat mensen waar ik altijd eindeloos naar zit te luisteren me na een paar weken de mond snoerden. Of ik kon ophouden met die verhalen, ze wisten het nu wel!

Thuisgekomen zit ik elke dag op mijn kussentje te mediteren. In de stilte luister ik naar mezelf. Ik ben mijn eigen soulmate. Daarnaast zie ik maar weinig mensen en dat voelt prima. Ik ben op zoek naar nieuwe patronen en daar horen nieuwe gewoontes en nieuw gedrag bij. Maar o jee, ik schiet als ik niet uitkijk zo weer in mijn oude groef.

Het leven test me door iemand op mijn pad te sturen, die een zwaar beroep op me doet. Soms kun je er gewoon met je petje niet bij hoe onrechtvaardig mensen door hun dierbaren behandeld worden. Als dan ook de omgeving een duit in het zakje doet en de maatschappij er nog een schepje bovenop doet en het rechtssysteem faalt……

Heks voelt natuurlijk compassie opwellen in haar hart en voor ik het weet spring ik in de bres. Ik luister, schrijf brieven, help uit de brand, bid en brand kaarsjes. Niks mis mee.

Toch moet ik ook in deze situatie heel goed mijn grenzen bewaken, want als ik niet uitkijk vreet het me op. Ik realiseer me dat ik in een mij zeer bekend patroon ben beland:

Een wildvreemde of vage bekende zit zwaar in de shit en staat bij me op de stoep. Ik bied de helpende hand en een luisterend oor. Een scheve ‘vriendschap’ ontstaat, waarbij ik luister en geef. Dit gaat geruime tijd goed. Dan verandert er iets: De andere partij haalt me onderuit, gaat op mijn nek zitten of probeert me de les lezen. Ellendig einde verhaal.

Vorige week in de kerk zette iemand nog op die manier haar nagels in me! Ook die dame heeft regelmatig haar hart bij me gelucht toen ze in de problemen zat bedacht ik me later. Ik ben daar uiterst discreet mee omgegaan natuurlijk, maar toch vindt ze het nodig me op mijn nummer te zetten! MEUH!

Kort samengevat: Eerst zet iemand je op een voetstuk, omdat ie je nodig heeft. Dan beland je in een zogenaamde vriendschap die mank gaat. En tot slot stampt zo’n medemens je dan de grond in, omdat je tegenvalt in het gebruik.  Een simpele formule op zich. Dat wel.

Tijdens de retraite lukt het me prima om mijn grenzen te bewaken.  Tevens luisteren mijn sangha-familieleden ook naar hetgeen ik te vertellen hebt en wat mij bezig houdt of pijn doet tijdens de dharmadiscussies. In deze veilige omgeving oefen ik verwoed op het mezelf handhaven tussen mijn medemensen. En het lukt!

Thuisgekomen is dat een ander  verhaal. In mijn gewone dagdagelijkse omgeving wankelt mijn besluit om mijn ruimte in te nemen. Het is ontzettend moeilijk om zaken anders aan te pakken. Grenzen trekken is niet echt mijn ding. Ook kost het me moeite om niet aardig te zijn. Ik ben een hopeloze pleaser… Ik geef al iets weg voordat ik er over heb nagedacht. En elke keer doe ik het weer.

Daarom zit ik nu stil op mijn kussen te ademen voordat ik iets doe of toezeg. Ik trek wel een grens, doe soms de deur niet open. Ik leg niet uit waarom en hoe, maar bescherm mezelf tegen mensen die me leegtrekken. Er is namelijk een groot verschil tussen energie geven en leeggetrokken worden. In het eerste geval komt het uit de ‘Oneindige Bron’. Dat gebeurt als ik mensen instraal bijvoorbeeld. Dat is heerlijk, ook voor mezelf.

Helaas pluggen er regelmatig mensen stiekem in. Ze verorberen mijn persoonlijke energie, zoals een vampier het bloed van zijn gastheer… En ik heb al zo weinig energie: Ik wil het nu wel eens voor mezelf gebruiken. Al was het alleen maar om mijn huis op te ruimen! Maar ook tekenen en schilderen, lezen en muziek maken schieten er al jaren bij in.

‘You have to take care of yourself before you can take care of others,’ zegt televisiegoeroe Phil op de achtergrond van mijn geschrijf tegen de dochters van een ontaarde alcoholiste. Zij houden van hun moeder, maar diens hersenen zijn zo vergiftigd door drank en pillen, dat ze die liefde op een bizarre manier retourneert. Ik zie ongelofelijke voorbeelden voorbij komen. Tenenkrommend. Wat een keihard wijf!

Phil vervolgt ‘Als jouw moeder ontkent dat jij bent misbruikt door haar partner en de relatie met die man gewoon nog 12 jaar doorzet: Stop er geen energie meer in. Jij moet nu echt voor jezelf gaan zorgen. Je bent ernstig getraumatiseerd en jouw moeder ontkent dat. Erken het in elk geval zelf en zorg voor dat geschonden kind in je, zodat je kunt helen. Eerder kun je niets voor wie dan ook betekenen!’

Wat zegt Thich Nhat Hanh ook alweer? ‘We rennen vaak zonder erbij na te denken achter de brandstichters aan, als ons huis in de fik vliegt.’ Je hebt er niets aan. Het is ook gewoonte-energie. En ook ‘Als je niet thuis bent bij jezelf kan iedereen met het grootste gemak inbreken en de boel leeghalen‘.

Ik ben bezig om voor mijn eigen woning te zorgen, mijn ruimte te beschermen. Ik hoop daar een goede gewoonte van te maken…..

Road trip: Toverheks, Boeddhistische Non en Bosuil ofwel une Chouette Hulotte gaan op queeste; Reizen naar buiten en naar binnen…. Een geneeskrachtig avontuur.

De aspirant monnik bekijkt de vogel voorzichtig.

Als ik een goede week in het klooster ben hebben we les op een andere locatie: New Hamlet. Het is een flink end rijden, dus iedereen is al vroeg uit de veren om op tijd bij de bus te zijn. Heks gaat met de auto, ondanks het dringende verzoek om dat niet te doen. Iemand spreekt me er zelfs vermanend over toe. ‘Klets maar raak,’ glimlach ik onschuldig zwijgend naar de bemoeial, ‘Ik heb zo mijn redenen om met eigen vervoer te gaan en die gaan je niets aan!’

We krijgen hulp van een paar lieve dames. Deze schat heeft ook een gele Peugeot 107 vertelt ze me. Wat een toeval! Een Franse versie van Heks!

Heks wordt regelmatig op de vingers getikt over allerlei vermeend slecht gedrag. Gisteren nog hier in de kerk. Waarom ik toch altijd op het nippertje naar binnen schuif. Of ik soms aandacht wil trekken? Stond ik me toch nog een beetje te verdedigen, omdat ik de vingertikster graag mag…. De vrouw heeft wel een punt natuurlijk, zeker in haar optiek. Maar ja. Ik heb nu eenmaal de grootste moeite om waar dan ook op tijd te zijn, überhaupt om waar dan ook te zijn!

In het klooster kost het me niet de minste moeite om op tijd te zijn. Ik heb gewoon niets anders te doen: Geen hond uitlaten, behandelaars bezoeken, administratie bijhouden, huis opruimen….. Met het grootste gemak arriveer ik overal op het juiste tijdstip. Heerlijk. Ik haast me nergens voor en als ik iets niet haal, laat ik het gewoon schieten.

Vanmorgen rijd ik met mijn vriendin, de Nederlandse non, naar het andere klooster. Op ons gemak gaan we op pad. Als we het dal uitdraaien en op de heuvelkam terecht komen stokt zoals altijd de adem in mijn keel. Het uitzicht is adembenemend! Kilometers ver kijken we door de Dordogne. Ontroerd rijd ik over de kam langs het dal.

Plotseling zien we een bevriend echtpaar langs de weg lopen. Voor hen uit loopt een dame met een enorme vogel in haar handen. Het is een uil! Heks stopt haar auto. Snel springen we er uit. De vrouw legt de vogel in een greppel en gaat er snel vandoor. ‘Hij lag op de weg, hij is gewond! Helaas heb ik geen tijd om me er verder mee bezig te houden. Ik heb haast, ik moet naar mijn werk, mijn baas zit op me te wachten!’

la chouette hulotte

la chouette hulotte

Onthutst staan we te kijken. ‘Leeft die uil nog?’ informeer ik bezorgd. Het beest leeft nog. Onze vriend haalt hem voorzichtig uit de greppel en houdt hem omhoog. Goeie hemel, wat een prachtig dier! Eén oog zit dicht, maar zijn andere oog kijkt me helder en wakker aan. Ik voel mijn hart opengaan.

‘Hij is waarschijnlijk geraakt door een auto,’ zeggen we tegen elkaar, ‘Hij moet naar een dierenarts.’

Onze vriendin, de non, helpt het gezelschap uit de droom. ‘Je hoeft hier echt nergens aan te komen met gevonden wild. Vorig jaar vond ik een aangeschoten hert. De enige, die ik ervoor kon interesseren was de jagersvereniging. Geen dierenarts wil er zijn handen aan branden. Zij willen alleen maar huisdieren. Of vee. We moeten iets anders verzinnen…..’

We besluiten naar het andere klooster te rijden en het gewonde dier mee te nemen. ‘Ik laat je niet in de steek, uileballetje,’ slis ik stiekem in uilentaal tegen de vogel, ‘Ik zal zorgen dat je ergens wordt geholpen, wees maar niet bang!’

Uit mijn lijf komt een veld rustgevende moeder-aarde-energie. Het legt een deken van liefde en kalmte rondom het diertje. De Godin heeft zich het lot van haar vogelkind aangetrokken. De Grote Moeder gaat alle zeilen bijzetten om dit prachtige schepsel te redden!

‘Misschien is er wel een dierenarts onder de deelnemers aan de retraite,’ zeg ik hoopvol tegen mijn vriendin, als we weer onderweg zijn. Zij zit naast met met de uil in een knalgele gebloemde koeltas op haar schoot. Hij zit gerieflijk op een fleurig tafelkleedje! Het dier is gelukkig heel rustig. Stress is funest. Dodelijk vaak bij aangeschoten wild….

Bij de dierenarts

In het klooster blijkt dat er inderdaad een dierenarts aanwezig is: Eén van de aspirant monniken beoefende in zijn vorige leven dit beroep. Na de lezing snorren we hem op. Ook een paar dierlievende dames staan ons met raad en daad terzijde. Zij vinden een kliniek in Bordeaux, waar ze wild behandelen in plaats van opeten. En een vogelresort in Arcachon, die het dier na de eerstelijns behandeling wil rehabiliteren!

‘Het beestje ziet er behoorlijk levendig uit,’ de knappe aspirant kijkt me verbluft aan, ‘en hij is zo relaxed, dat is echt een wonder. Soms gaan ze dood van de stress nog voordat je iets voor hen hebt kunnen doen. Ik laat hem dan ook zoveel mogelijk met rust, volgens mij is hij prima te redden! Maar dan moet hij helaas helemaal naar Bordeaux!’

‘Het is wel een ongelofelijk end rijden,’ roepen mijn nieuwe vrienden door elkaar. We staan te overleggen hoe het nu verder moet. ‘Ik vind het geen probleem om te gaan, als jullie me het adres geven en eventjes met die mensen willen bellen dat ik er aan kom, dan ga ik direct op weg,’ verzucht ik. Ik laat dit dier niet stikken!

Mijn vriendin  de non kijkt me stralend aan. ‘Ik ga mee, we hebben vanmiddag toch geen dharma-discussie, ik heb mijn handen vrij, dus het komt prima uit!’ Ha fijn. Een road trip met mijn maatje! De uil wordt met koelbox en al in een kartonnen doos gezet. Zorgvuldig bevestig ik het geheel in de veiligheidsgordels. Even later zijn we op weg.

Weer is er een péage ondergelopen door de overvloedige regenval. Dat betekent ook nog eens omrijden! We nemen de prachtige route national. Die is behoorlijk bobbelig, hetgeen me zorgen baart. Ik hoop dat Uil er niet al teveel last van heeft! De weg voert ons langs kleine dorpen en stadjes. Wat is het hier toch schitterend mooi. Op ons gemak rijden we naar Bordeaux.

Intussen zitten we heerlijk met elkaar te praten: Mijn vriendin vertelt me haar hele levensverhaal! Daar hebben we alle tijd voor! Tegen het eind van de middag zijn we in de grote stad. Het is druk, want vrijdagmiddag en spits. De TomTom voert ons echter moeiteloos via een tussenweg naar het doel, een schier onvindbare kliniek.

‘Ah, een Hulotte!’ roepen de artsen in koor als we met onze kleine gewonde vogelvriend binnenkomen. Ofwel een Chouette Hulotte, een bosuil! Wat klinkt dat ook weer lekker, zo’n zoete chouette in plaats van een uil….. Ze tillen hem uit de doos. Geroutineerd wordt hij bekeken. Het beest geeft geen kik. De dokter aait hem over zijn bolletje en hij vindt het heerlijk!

‘Het is zo’n schatje, ik kon hem ook gewoon knuffelen en aaien, dat had ik helemaal niet verwacht,’ zegt Heks verwonderd tegen de arts. ‘Van alle uilen is dit de meest lieve soort. De gemiddelde uil kan best agressief zijn, die moet je echt niet proberen te aaien. Handschoenen zijn dan onontbeerlijk…. Maar deze soort is erg vriendelijk!’

Nou, was ik al verliefd op het dier, dit kleine wonder, dan word het nu alleen maar erger. Verrukt kijk ik hoe ze mijn schatje meenemen voor een grondig onderzoek. We wachten rustig totdat de artsen klaar zijn met het beestje. We willen uiteindelijk weten hoe het afloopt natuurlijk!

‘Hij heeft alleen een flinke bloeduitstorting rond zijn oog, zijn vleugels zijn goddank nog intact. Hij heeft absoluut een aanvaring met een auto te verduren gehad! We geven hem antibiotica en wat cortisonen. Maandag gaat hij naar Arcachon, voor revalidatie. Hij komt er weer helemaal bovenop. Dank jullie wel voor het brengen, niet veel mensen getroosten zich die moeite!’

We nemen tevreden afscheid. Wat heerlijk dat het zo goed afloopt. Dolgelukkig beginnen we aan de terugweg.

‘We gaan het eten in het klooster niet meer halen, Heks, zullen we ergens onderweg stoppen om iets te drinken?’ Een prima idee. Omdat het intussen erg druk is op de weg schieten we toch geen bal op. In een stadje doen we ons te goed aan koffie met gebak. We wandelen het hele plaatsje rond en babbelen intussen vrolijk verder over het leven in het algemeen en onze levens in het bijzonder!

Na een heerlijke middag achter het stuur met het beste reisgezelschap ooit komen we terug in het klooster. Tevreden, vrolijk, opgewonden en blij. Over een paar weken laten ze Uil weer vrij. Waarschijnlijk vindt hij zijn weg terug naar zijn habitat. Hemelsbreed is het niet eens zo ver naar Arcachon. Zo’n vogel vliegt met het grootste gemak over al die bergen en heuvels heen!

s’Avonds lig ik lekker in mijn tent. De eerste nacht van mijn verblijf  hier zat er een uil te roepen in de boom boven mijn hoofd. Een waanzinnig prachtig geluid. Ik kon er zelfs niet van slapen! Nu is het rustig. Alleen geritsel van bladeren. ‘Zou het dezelfde uil zijn geweest zijn?’ vraag ik me af. De kans is groot, want we hebben het dier hier vlakbij gevonden.

De volgende dag vind ik een piepklein veertje in mijn koelbox, tezamen met een uilepoepje op mijn gebloemde tafelkleedje. Het kleedje spoel ik uit. Dus uilen poepen, ondanks hun tevens produceren van uilenballen. Ze hebben gewoon ook een cloaca, net als alle andere vreemde vogels!

Het veertje plak ik in mijn aantekeningenboek. Een klein bewijs van de onwijs gave redding van een wijze vogel.

DSC03941