Barmhartige Samaritaan komt nog wel eens te laat op afspraak. Dat is het nadeel van empathie. Zonder compassie heb je dat niet! Laat je die ander gewoon lekker creperen door je zeiksnor te drukken of em te smeren…….

Vanmorgen vroeg gaat de bel. Verdorie. Ik wil uitslapen. Ik heb er pas een paar uurtjes dromenland op zitten. Veel te kort. Het is vast weer zo’n idioot van woningbouwvereniging Portaal. Of Museum Boerhaave. Laatstgenoemde is flink aan het verbouwen.

Nu willen ze de staat van mijn huis onderzoeken, in verband met eventuele toekomstige schade. ‘Maar dan moeten jullie bij Portaal zijn. Zij zijn eigenaar, het is hun pand,’ wimpel ik een paar dagen geleden al die toestanden af tegenover een mannetje met meetlint en fototoestel hier in de steeg, ‘Mij zal het een rotzorg zijn of het overeind blijft staan.’ Nou ja, liever wel, maar ik heb geen zin om weer achter van alles aan te jagen uit naam van mijn hopeloze verhuurder.

Geen idee of ze op de hoogte zijn gesteld van de aanstaande werkzaamheden, maar ik ben niet van plan om het te doen. Ik heb wel wat anders aan mijn hoofd. Slapen bijvoorbeeld. Of beter gezegd een gebrek daaraan. De bel gaat nog een keer. Alleen bij Heks, alsof ik hoofdbewoner ben van dit pand. Je zou het bijna gaan denken.

Ik haal vele kastanjes uit het vuur bij de verhuurder en ik ben de enige die wel eens een bezem en dweil door het portiek haalt. Vorige week nog. Met mijn pijnlijf. Drie dagen last achteraf, maar ja. Het wordt zo smerig, op een gegeven moment kan ik het niet meer aanzien.

Zo is het altijd geweest, overal waar ik heb gewoond was ik de lul met schoonmaken. Vooral vrouwen zijn smerige huisgenoten heb ik ontdekt.

Verwoed probeer ik weer in te slapen. Het lukt niet, potverdorie. Een paar uurtjes later wordt er weer gebeld. Ze zijn wel vasthoudend. En opnieuw gaat de bel, nu hoor ik ook mijn naam. Het lijkt de stem van Steenvrouw wel! De telefoon rinkelt ook nog. Ik sprint naar de keuken. Als ik uit het raam kijk zie ik mijn vriendin in de steeg staan met een krijsende Panter aan haar voeten. Ferguut heeft honger, hij wil naar binnen.

Even later zitten we aan de koffie. Steenvrouw gaat exposeren in het Baljuwhuis in Voorschoten. Zaterdag is de opening. ‘Ik ben helemaal klaar, alles is geregeld. Er wordt een mooi filmpje gemaakt als introductie. In elk geval van mezelf, de mede exposanten laten het een beetje afweten met dit geweldige filmproject, misschien dat één van hen op de valreep nog materiaal aanlevert.’

‘Superleuk schat, zo’n filmpje is nooit weg, je kunt hem mooi op je website zetten!’ Babbeldebabbel, kwekkwekkwek. Intussen drinken we een voortreffelijk bakkie koffie. Met verrukkelijke cocoskoekjes.

‘Het was vanmorgen ijskoud en spekglad, toen ik op weg was naar een afspraak. Ik had geroeid met iemand en we liepen nog te lachen om die gladheid. ‘Tot de volgende keer!’ riep ze terwijl ze afsloeg richting binnenstad. Opeens lag ze plat op haar gat!’ Nou ja, op haar kop, maar dat rijmt niet zo mooi.

‘Er zat een flink gat in haar hoofd, niet ernstig hoor, maar wel veel bloed….. Ze is later nog eventjes naar de dokter gegaan. Die had toch wel drie hechtingen nodig om de boel weer te lijmen. Ook heeft ze drie gekneusde ribben. Best een flinke val dus. Ik was er natuurlijk eventjes mee bezig en zodoende te laat voor mijn afspraak.’

‘Ja, wat moet je dan? Je kunt haar moeilijk laten liggen onder het mom van, sorry hoor, maar ik heb haast. Zoek het uit!’ giebelen we tegen elkaar. ‘Maar we zouden toch meer om onszelf denken, hoe kun je nu zo dom zijn om die vrouw te helpen?’ roep ik quasi verontwaardigd, ‘Laat toch lekker gewoon aan de kant van de weg liggen, leipe barmhartige Samaritaan. Nu was jij weer te laat. Hihihi….’

‘Ja, hihihi, stel je voor, dat je dat doet!’ lacht Steenvrouw. We zijn helemaal melig geworden van dit verhaal. ‘Nou ja, er zijn mensen die dat doen hoor,’ grap ik terug, ‘er  zelfs een verhaal in de bijbel met die thematiek. ‘Ik kan me daar helemaal niets bij voorstellen,’ nu kijkt mijn vriendin verwonderd. Gelukkig maar. Aan mensen, die zich dat moeiteloos kunnen voorstellen heb je niet zoveel.

‘Een ex van Heks deed er nog een schepje ellende bovenop als ik op mijn plaat ging. Zoals in de vakantie. Eerst liet hij me in mijn eentje de hele reis voorbereiden, hij was zelf te druk met stiekem vreemdgaan. Toen reed hij mijn auto in de poeier. Achteraf vermoed ik opzet. Misschien een sneaky poging om onze vakantie te verijdelen? De reparatie liet hij me zelf opknappen. Ook financieel. Geen ‘dank je wel dat je het zo coulant opneemt’. ‘Dank je wel’ komt sowieso niet voor in zijn vocabulaire.’

‘Daarna liet hij me het hele stuk naar Frankrijk  rijden, Tens-apparaat op de hoogste stand tegen de pijn, terwijl hij met een zeiksnorgezicht naast me zat te zwijgen. Vervolgens liet hij me modderen met het opzetten van de tent. Intussen helemaal over mijn theewater verzwikte ik mijn voet. Hij klapte dubbel met een harde krak, de verkeerde kant op. Een misselijkmakend geluid. Hij schold me vervolgens uit voor alles wat lelijk is. ‘Domme koe, het is je eigen schuld, je moet beter dit en dat en zus en zo’ en liet me verder barsten.’

‘Nooit heeft hij geïnformeerd hoe het met mijn pijnlijke voet gesteld was. Gestoord natuurlijk. Die enkel is drie maanden dik geweest.’

Ach Heks, het is ook niet voor te stellen, zo’n houding. Neem het jezelf maar niet kwalijk, dat je je zo te grazen hebt laten nemen door een narcist. Die mensen missen nu eenmaal elke vorm van empathie. Behalve met zichzelf.

Als hij zijn enkel had verstuikt was het voor mij een enkeltje hel geweest. De zorghel, waar geween om een fopspeen is en melktandengeknars. En een eindeloos beroep op mijn overontwikkelde zorgspier door een uit de kluiten gewassen egocentrische kleuter.

Zonnige dag en dito verslag. En foto’s van Ysbrandt met zijn suikeroompje tijdens het wekelijkse gifbad.

 

Ysbrandt krijgt zijn wekelijkse gifbad van suikeroom Frogs. Die handschoenen draagt hij niet voor de sier!

Heks zit in het zonnetje op haar balkonnetje. Net onder mijn steen vandaan laat ik mijn koudbloedige reptielenlijf opwarmen. ‘Weet je wat ik zo jammer vindt, Heks? Je bent zo’n warme vrouw, maar ze hebben je koud gemaakt, die mensen om je heen….’ zei de paragnost Peter van der Hurk onlangs tegen me. Hij sloeg de spijker op zijn kop.

Door kille woede geïnstigeerde scheldpartijen zijn al tijden aan de orde van de dag. Mijn Gille de la Tourette achtige gedrag stoort me in hoge mate. Ik schrik soms van wat er zoal uit mijn tater komt. Alsof mijn spijsvertering zich finaal heeft omgedraaid. Stront lozen is gezond, maar uit je kont, niet uit je mond.

Zo’n zonnetje doet wonderen voor je gestel. Elk mens heeft een beetje warmte nodig. Ik mag dan een veilige haven zijn geweest voor allerlei halve zachte uit de poppenkast gevallen mafketels, zelf laat ik me slecht troosten. ‘Waarom accepteer je geen arm om je heen?’ vraagt Peter dan ook. Geen idee. Ik ben geneigd het zelf uit te zoeken. Tja….

Later in de middag loop ik door de zonnige stad. Leiden is prachtig in dit heldere voorjaarslicht. De grachten weerkaatsen de hemel en voegen iets toe. Mijn stad, een heilzaam lichtbad.

‘Mag ik een poster ophangen van mijn koor?’ De man in de bloemenwinkel next door geeft gewillig gehoor aan mijn verzoek. Net als de conciërge  van het buurthuis, de receptioniste van het hotel, de medewerkers van het café en de dames van de broodjeszaak die op mijn lijstje staan. Mijn bijdrage aan de kaartverkoop voor de Matthäus Passion‎ is een rondje met mijn hondje door de buurt. Tot slot drentel ik langs de Singel. Ysbrandt wroet verrukt met zijn neus door het gras en tussen de krokussen.

Zo verzoen ik me met mijn stad en leven terwijl het binnen in me een slagveld is. Gek is dat toch. Ik kan zo gelukkig zijn met een hondje en een krokus midden in wat dan ook. Nou ja. Goddank.

Een lange wandeling om het gif uit te laten dampen…..

Paddenstoelen risotto met snijbiet en pittige paprikasoep toe.

Koor als metafoor. Mijn koor is geweldig hoor! Horen met je oren wat je met hart en ziel zingt samen: Daar doe je het voor!

Vanavond trek ik een cowboypak aan. Althans, daar lijkt het op. Jasje, laarzen, hoed. Heks het staat je goed! Snel gooi ik wat eten in de pan. Ik heb koorrepetitie. We studeren de Matthäus Passion van Bach in, dus ik moet zorgen dat ik in topconditie ben!

Ik heb sowieso een goeie dag. Dat wil zeggen in mijn geval, dat ik aan iets meer toe kom dan aankleden en de hond uitlaten. Ik doe boodschappen, ruim op. Ik kook eten….. Helemaal niet gek.

‘Heks, wat zie je er weer uit! Geweldig! Je lijkt wel een….’ mijn zangmaatjes zoekt naar het woord. Ik schiet denkbeeldig in de lucht en slinger een lasso om haar heen. Dan glijd ik op de stoel naast haar. Om direct weer op te staan. we gaan inzingen.

Op de een of andere manier krijgt Wim de Ru ons daarmee altijd aan het lachen. Vooral bij een oefening om onze migddenrifspieren op te rekken. Onze kleine dirigent  staat dan op zijn podium, grijpt met zijn linkerhand zijn rechterribbenkast beet.

Hij zwaait zijn rechterhand voor zijn gezicht naar links, buigt tegelijkertijd voorover. Om dan met een enorme zwaai omhoog te komen. ‘Hop’ roept hij. Iedereen schiet in de lach. Dan doen we hem na. Nu veert onze rechterarm boven ons hoofd. De linkerhand rust nog steeds op de ribben. Je voelt de rek ter plekke.

We komen omhoog. ‘Houdt je hand nog even op die plek. Voel hoe warm het wordt daar.’

Als ook de andere kant aan de beurt is geweest doet ons middenrif helemaal mee. Nu gaan we glijtonen produceren. Een kakofonie aan geluiden vult de ruimte. We giebelen. Het klinkt zo grappig. Heks zingt stiekem boventonen. M’n maatje voor me staat verbaasd te luisteren. Met oren in haar achterhoofd.

In de pauze kwetteren we er lustig op los. Ik zit altijd met een clubje oudere dames te geiten. Ik vind ze geweldig, ze zitten al een eeuwigheid op dit koor. Ja, ik weet dat er vreselijke mensen zijn in de wereld en ik schrijf er vaak over tegenwoordig, maar er zijn ook zulke schatten te ontdekken. Op mijn koor bijvoorbeeld.

Eén zo’n juweeltje zing dit jaar al voor de 55e keer in de Matthäus mee. Zo lang zit ze al op dit koor! Een ander komt maar tot 44 keer, nou ja, maar…. Heks zingt al weer voor de tweede keer mee. En dat is goed te merken. Het stuk zit er aardig in.

‘Ach,’ zegt de vrouw van de 44 keer, ‘Ik vind het wel prettig om de partituur vast te houden, maar ik kijk er eigenlijk niet meer in……

Heks kijkt wel. Dit jaar zingen de alten van koor twee stukken mee, die vorig jaar door een derde koor werden gezongen. Dus er zijn toch wat passages, die ik vanavond voor het eerst zie….

Aan het eind oefenen we het spreekkoor ‘Was gehet uns das an? Da siehe du zu!‘ Een supermoeilijk onderdeel vol listige lastige syncopen. Vorig jaar rammelde dat nog een beetje bij mij. Vanavond echter krijg ik de swing helemaal te pakken. Fanatiek knal ik mijn partij eruit samen met mijn medealten.

Als we tenslotte met het gehele koor dit gedeelte doorzingen krijg ik kippenvel. Door alle syncopen krijgt de muziek zo’n heftige emotie. Het schuurt en schurkt. Prachtig!

Ik wil leven met de mensheid zoals ik met dit koor ben, bedenk ik me op de terugweg naar huis. Al die individuen. Met sommigen ben je bevriend, anderen staan verder van je af. Heel soms raak je slaags met een paar sopranen……

Is me gebeurd, vorig jaar tijdens de Matthäus. Vanwege mijn muziekstandaard. Daar stoorden zij zich aan. Even later waren we weer aan het zingen! Want samen vormen we een koor. We zingen als uit één keel, met al die partijen en stemmen.

Vanavond zongen we ook nog voor de dirigent. Hij is morgen jarig.

 

Puppies! Hondjes! Jong grut! De doktersassistente is weer aan de hond. Een hond maakt gezond. Mijn trouwe vriend en leermeester wijkt alweer elf jaar niet van mijn zijde.Waflied op onze viervoetige vrienden.

Vandaag is het stralend weer. Tegen half elf sleur ik Varkentje door de stad richting dokter. Het is weer tijd voor mijn serie prikken. Twee keer per week B12, Gencydo ofwel citrus en Iscador ofwel Visca Album ofwel maretak.

Alle drie de prikken zijn loeders. Citrus prikt bijtend alsof je gestoken wordt door een megawesp. B12 is een kloterige spierprik. Vista Album heeft het in zich om een dode tot leven te wekken. Ingespoten ontstaan er een megamuggenbult, die dagenlang blijft zitten. Tegen de tijd, dat de zwelling eindelijk is verdwenen is het alweer tijd voor de volgende injectie….

Hoewel vervelend om te ondergaan is de uitwerking van deze serie fenomenaal. De citrus zorgt ervoor, dat ik verschoond blijf van bijholteontstekingen, de B12 doet wonderen voor mijn zenuwstelsel, de maretak tenslotte houdt me warm, werkt preventief tegen kanker en schroeft mijn immuniteit op. Pappen en nathouden, deze Heks.

‘Heb je al gehoord dat ik weer een hondje heb?’ De assistente kijkt me vrolijk aan. Ze heeft me al een tijdje niet geprikt, dus ik heb niets gehoord. Honden zijn voor veel mensen nu eenmaal geen onderwerp van gesprek. Behalve voor hondengekken, zoals wij.

‘Wat leuk, vertel, heb je een foto, is het een pup?’ Heks weet dat deze dame al jaren smacht naar een hondje nadat haar Jack Russel naar de eeuwige jachtvelden is vertrokken. ‘Nooit meer een Jack Russel!’ roept ze al tijden. Deze piepkleine hondjes zijn niet voor de poes. Ze hebben het karakter van een bloedhond. Niet in verhouding met hun kleine gestalte.

‘HIj is alweer vijf maanden hoor, maar wat een maanden! Het is toch zoveel werk, zo’n pup. Ongelofelijk!’ Heks herinnert het zich nog heel goed. Ik had een complete jet lag de eerste tijd met Ysbrandt. De godganse dag en nacht rende ik met een hondje onder mijn arm de trap af om hem een buiten een plasje te laten doen. Of een piepklein drolletje te laten draaien…..

Natuurlijk heeft ze foto’s. En ook een filmpje! Haar dochter van vijf staat naast haar nieuwe viervoetige vriendje. ‘Zit!’ roept moeder. De twee gaan zitten. ‘Lig!’ En hop, ze ploffen languit op de grond. ‘Buikje!’ Ze rollen allebei zijdelings een andere kant op. Wat grappig!

Mijn hondje is alweer een heer op leeftijd. ‘Loop een beetje door, oude man,’ mopper ik regelmatig als hij weer eens enorm loopt te sukkelen. Gelukkig is hij ook een beetje doof…..

Ik herinner me nog als de dag van gisteren, dat ik opeens met een hondje in een poezenmand naar huis reed. Een piepkleine pup. De eerste nachten sliep hij in mijn armen. Hij snikte als een kind om zijn moeder, broertjes en zusjes. Het is mijn beste vriend geworden. Eerst een kleuter, toen een peuter, toen een puber, jaren in de kracht van zijn leven en nu een oude man.

Ik dank godin op mijn blote knietjes dat dit ventje in mijn leven is gekomen. Elke ochtend staat hij te springen aan het voeteneind van mijn bed. ’s Avonds zit hij lekker tegen mijn knie geleund naast me. Dagelijks ben ik zielsgelukkig  als ik mijn kereltje achter een balletje zie rennen. Hij is mijn grote leermeester en mijn kleine schat. Woef!

Soms schrijven verhalen zichzelf. Vliegen als jongvolwassen vogels opeens het nest uit. Je pen heeft vleugels gekregen. Zit je toch raar te kijken. Als dat gebeurt.

Zondag schrijf ik een vreselijk blog. Het begint onschuldig maar allengs ontrolt zich een verschrikkelijk verhaal. Als een grote blerp vloeit het uit mijn digitale pen. Ik kan niet ophouden met schrijven, het blog schrijft zichzelf. Als ik klaar ben besluit ik het niet te posten. Ik kan mijzelf er niet toe brengen. In plaats daarvan bel ik Ras. Ik heb zin om samen een lekkere frisse neus te gaan halen.

Het is overigens vies pestpokkenweer. Het vraagt dus wel iets, deze actie. Mijn vriendin heeft andere plannen en Heks vindt het best bij nader inzien. Lekker warm op de bank en straks een bescheiden wandeling is ook helemaal goed. We raken natuurlijk aan de praat. Over hoe het gaat. Terwijl het niet gaat.

‘Ik wil je een paar dingen zeggen, Heks, eerst over je blog. Ik geniet er zo van hoe jij schrijft en momenteel is het fantastisch om te zien hoe je je door een enorme rijstebrijberg heen vreet. Soms denk ik wel eens, oh, al die afschuwelijke mensen waar je het over hebt. Maar er is licht aan het eind van de tunnel, dat is mooi om te zien.’

Haar woorden blijven hangen. Ik denk aan dat heftige blog en besluit er nog een nachtje over te slapen. Misschien is het toch OK om het te plaatsen. Als ik het nu eens een beetje omwerk, m’n zus en m’n zo….

De volgende morgen zit ik alweer aan iets anders te werken. Pas in de loop van de middag zoek ik het bewuste blog weer op. Ik zal er eerst eens tags aan hangen. Terwijl ik naar het bewuste deel van mijn bouwsite scroll druk ik per ongeluk op publiceren. Geen idee wat er mis ging, maar voor mijn ogen vliegt het verhaal online. Ongecensureerd. Rauw op je dak.

Uiteindelijk maak ik het blog af en plaats de officiële versie. De andere ligt dan al in de prullenbak.

‘Prima Heks, dat schrijven, maar schrijf van je af!’ zei Peter van der Hurk onlangs tegen me. Nu het mooie verhalen vertellen er een beetje bij inschiet komt het daar wel min of meer op neer.

‘Ik heb het ook geplaatst omdat ik vind dat je niets hebt om je over te schamen als je wordt verkracht. Hoewel ik dat in de praktijk wel zo ervaar,’ zeg ik later tegen Steenvrouw, ‘Door dit soort dingen massaal te verzwijgen wordt het steeds moeilijker om er vat op te krijgen.’

‘Het is ook heel lastig om over te praten. Je krijgt een stigma. Maar daarom doe ik het juist wel. Ook voor al die andere mensen, die iets dergelijks hebben meegemaakt. Ik vond het moeilijk om te doen, maar ervaar het als hypocriet om net te doen alsof ik dit niet aan den lijve heb ondervonden. Door het te verpakken in een doctor Phil verhaal……’

Ik eet bij Steenvrouw vanavond. We keuvelen nog een beetje na. Het is fijn om hier te zijn. De kinderen hadden weer allerlei verhalen te vertellen aan tafel. Heerlijk! Nu zitten we saampjes te ginnegappen om het bestaan. Tot het tijd is om te gaan.

Fietsen met mijn hondje door de schemering. Mijn kleine viervoetige vriend. Ysbrandt de Ballenbijter!

We hebben niet veel nodig. Als de kwaliteit maar goed is kun je met één dikke deken toe.

Slakkensporen door de slaapkamer tijdens carnaval, solidaire dames, herinneringen aan mijn tijd tussen de slakken en hoe moeilijk het was om mezelf te herpakken: VERKRACHTING IS FOUT. Het maakt niet uit wat voor’n kleren het slachtoffer draagt of dat iemand niet in staat is om te protesteren. Ongevraagd je piemel in iemand steken is niet goed te praten strafbaar. Castratie lijkt me de enige geschikte sanctie.

Zaterdag is een suffe dag. Ik heb slecht geslapen. Ja, dat krijg je als je gaat roepen dat het de goede kant op gaat met eten en pitten. Dan krijg je accuut geen hap door je keel en lig je weer hele nachten wakker. Ik besluit dan ook om heel langzaam te starten. Kopje koffie, pijnstillers, geroosterd broodje. Televisie aan. Beetje schrijven aan een blog. Rustig uit de kreukels komen.

Aan het begin van de middag lig ik bij mijn fysio op de behandeltafel. Ongegeneerd knijpt ze in de kwarktaart, die doorgaat voor mijn lijf. Compleet verstijfde spieren. Au, wat is ze toch gemeen geworden, deze leergierige behandelaar. Haar behandeling wordt steeds pijnlijker, effectiever ook, maar is nog steeds niet bepaald lekker.

De evolutie van de penis

Om een mezelf een beetje af te leiden informeer ik naar haar studentenleventje in België. Ze doet een master aan de universiteit van Leuven. Er volgen wat sappige verhalen over haar woonsituatie, uitgaansleven en aanbidders. Niets mis mee. Je kunt het slechter treffen!

Dan volgt een verslag van de carnaval, gevierd met een club Nederlandse vrienden. ‘De broer van een vriendin had allemaal vrienden meegebracht. Een lekker stelletje maar niet heus. Eén van hen heeft ooit al een keertje een vriendin van ons belazerd, zonder dat ze het in de gaten had. Hij verleidde haar en had al maanden een intieme relatie met deze nietsvermoedende ‘andere vrouw’ voordat ze ontdekte dat hij samenwoont met zijn vaste vriendin. Hij en zijn aanstaande waren druk bezig om een huis te kopen…..’

 

‘Met carnaval was ik aan de beurt,’ Heks kijkt naar de beeldschone Friezin, een prachtvrouw, ‘De gehele avond had ik al zwaar sjans van één van de heren in het gevolg van de broer. Hij gaf me veel aandacht, maakte grapjes, sloeg een arm om me heen…. We sliepen uiteindelijk met de hele groep op één kamer…’

‘Laat me raden,’ roept Heks, ‘Hij lag opeens naast je!’ Inderdaad. De jongeman had zich als een grote turboslak met slaapzak en al via een glibberige slijmspoor door de kamer naast mijn behandelaar gewurmd. Met zijn hoofd naast haar voeten. ‘De man heeft dus ook nog een fetisj,’ concludeer ik opgewekt. ‘Nou, je slaat de spijker op zijn kop. Hij pakte direct mijn voeten en begon eraan te friemelen…..’

We giebelen om die grote slijmbal. Veel verder dan de voeten is hij namelijk niet gekomen. Een stevig ontmoedigingsbeleid hield de zak in zijn slaapzak. Of hield de zak van de zak in slaapstand. Hoe dan ook, zijn scrotum had het nakijken. Met recht een zak met een slaapzak in een slaapzak. Wat zal hij gebaald hebben……

‘Heb je een slaapzak? Was een flauw grapje tussen jongens onderling vroeger tijdens schoolkamp. Als zon joch ja zei kreeg ie een knietje: ‘Ik zal em even wakker maken…’

Alsof je daar ten overstaan van je vrienden kunstjes zou gaan vertonen met zo’n man, zelfs al vond je em leuk en was hij vrijgezel of serieus met je verloofd……

‘Weet je wat nu nog het ergste was? Hij woont samen met zijn vriendin en is bezig om een huis te kopen met haar…. Dat hoorde ik de volgende dag!’ Oh, hij ook al? Ja. Lekkere vent. Lekkere vriendenkring van die broer. Lekkere broer. Die zal zijn toverstafje ook vast wel eens in de rondte proberen te zwaaien bij de vriendinnen van zijn zus……

12764441_195313157492412_6270168440953369114_o

‘En ga je het aan zijn vriendin vertellen?’ Heks grapt maar wat. Mijn ervaring is dat zulke verhalen in de doofpot verdwijnen. Via de guy code. De vriendin zal de laatste zijn om ze te horen. Zelfs al graast de man haar hele vriendinnenclub af en die van de zus van zijn vriend, dan nog zal niemand haar iets vertellen……

‘Ja, daar wordt aan gewerkt. Ik vertel het aan die en die, die gooit het op de vriendinnen-app van die vrouw en zo gaat zij dit dan vernemen. Hebben we de vorige keer ook gedaan. Was die jongen niet blij mee….’

Goed zo dames, klap maar uit de school. Laat je niet langer als lustobject gebruiken door die varkens van kerels. Weg met de schaamte omdat je wordt aangerand. Weg met de schuld als iemand jou te grazen neemt. Wees solidair naar je zusters, we hebben elkaar nodig. En verwacht niet teveel van zwijnen van kerels. Er zijn ook prima mannen. Die vind je echter nooit in zulke guy code clubjes.

Afgelopen vrijdag staat er zo’n geweldige kerel bij me op de stoep. Hij komt een bakkie koffie drinken. ‘Gisteren heb ik ook aangebeld, maar toen was je er niet.’ We kennen elkaar uit de hondenwandelgangen. Zijn hospita is een hondenvriendinnetjes van Heks. Ik ben al zo vaak bij hen uitgenodigd, maar het is er nog steeds niet van gekomen.

Regelmatig staan we een hele tijd te klessebessen over het leven met al z’n fratsen. Sinds een jaar zoent hij me op beide wangen! Afgelopen week nodig ik hem uit in Huize Heks. Daar heeft hij geen gras over laten groeien!

Niet alleen Heks heeft altijd wat, er zijn meer pechvogels. Stel je voor dat je huis ontploft tijdens een vuurwerkramp, je vrouw ongeneeslijk ziek wordt en je achterlaat met een gigantische schuld, omdat ze daarnaast ook nog eens ernstig koopziek was. Je verliest je huis opnieuw en moet jarenlang in de schuldsanering. En je geliefde is er ook niet meer om je te troosten.

‘Ik hield van mijn vrouw, maar na haar dood kwamen er echt lijken uit de kast,’ grapt hij ondanks het ellendige verhaal. Geen onvertogen woord over de veroorzaakster van zijn faillissement. Zijn hart loopt nog steeds over van liefde voor haar. Wat een kanjer!

Zondagmorgen spreek ik alweer een vrouw over pijnlijk gedrag van mannen. Ze heeft in Zuid Amerika gewoond. Daar gaat het er heel anders aan toe. Althans, dat zou je denken. Ze geeft voorbeelden. Ik geef tegenvoorbeelden van hetzelfde eikelgedrag hier ter lande.

‘Toen ik veertig was gooide iemand tijdens een verjaarspartijtje in de kroeg iets in mijn drankje. Van het ene op het andere moment was ik zo dronken als een toetmaloeier. Ik kreeg een ongeluk, viel plat op mijn gezicht en hield er een kapotte kaak aan over. Die hing uit de kom. Ik wilde naar huis, maar daar dachten de aanstichters van dit onheil anders over. Ze sleepten me hun huis in.’

‘Op een gegeven moment ging ik  bijna out. Zoals dat gaat na inname van dat soort rape drugs. De gemene dikke pad van een vrouw in het gezelschap, weigerde me te helpen. Ondanks mijn smeekbeden. Ze keek me aan met haar koude vissenogen. Ik zal die blik nooit vergeten. Achteraf sluit ik niet uit, dat zij mijn drankje heeft vergiftigd. Het is een giftig gefrustreerd wijf. Ze heeft een hekel aan me…. ‘

‘In plaats van me naar huis te helpen of me een veilige slaapplaats aan te bieden, speelde ze me in handen van haar huisgenoot. Uit wraak omdat haar eigen man Heks een leuke vrouw vindt. Niet wederzijds overigens. De man van die pad is een lul van een vent.’

‘Maar goed. Heks ging out en werd niet geholpen. Uiteindelijk ben ik verkracht door die twintigjarige. Toen ik bijkwam was hij bezig. Mijn kaak hing nog steeds uit de kom en ik was bont en blauw en bewusteloos, maar hij had even zin.’

Waarom vertel ik dit nu? Zomaar aan een wildvreemde vrouw? Althans, ik ken haar alleen van kletspraatjes….. Maar ik kan niet meer stoppen. Ik spuug het walgelijke brok verleden uit.

‘Later vond hij het ook wel een ranzig gebeuren, dit stinkende aartslelijke klotejong. En waarom? Omdat ik z’n moeder kon zijn. Geen woord over de verkrachting. In zijn optiek was het dat niet. Ik had toch geen nee gezegd? Hetgeen moeilijk is als je bewusteloos bent. Ook beweerde hij dat ik naar hem gelachen had. Alsof dat kan met zo’n kaak uit de kom. Bewusteloos. Maar stel ik heb gelachen: Alsof lachen betekent dat iemand zijn geslacht er dan maar bij je moet inprakken. ‘

 

‘Toen ik aangifte deed bleek deze niet ontvankelijk te zijn, omdat ik geen getuige had. Huh? Zijn er dan doorgaans getuigen bij verkrachtingen? Wie verzint zo’n belachelijke voorwaarde? Mannen zeker! Die menssoort die meestal de verkrachter is!’

‘Het klotejong heeft nog wel naar het politiebureau gebeld en toegegeven seks met me te hebben gehad, terwijl ik bewusteloos was. Hij vond het belachelijk dat ik daar aangifte van deed. Wilde hij even recht zetten. Niets mee gedaan door de politie. Onbegrijpelijk.’

 

 

‘Het meest kapot ben ik gegaan door de reactie van de omgeving. Heks was veertig, beeldschoon, maar stokoud natuurlijk. Die lelijke puistenkop was twintig, dus daar zal die geile Heks wel zin in hebben gehad. Niemand nam het voor me op. Iedereen ging gewoon bij hem in het café aan de bar staan. Een zogenaamde vriendin, die me een dag later opving en gezien heeft hoe ik er aan toe was met die kaak nog steeds uit de kom vond dat ik me er maar overheen moest zetten! Het was namelijk bij vrienden van haar in huis gebeurd en die wilde ze niet kwijt. De trut.’

‘De man van de Wrattenpad belde me een paar dagen later op. Als ik het in mijn kop zou halen om aangifte te doen, dan zou ik daar flink spijt van krijgen. Dit is dezelfde getrouwde kerel, die achter Heks aan heeft gezeten. Groot kans, dat zijn vrouw dat pilletje in mijn drankje heeft gegooid, uit wraak.’

 

‘Ik deed wel aangifte en ben sociaal uitgekotst. De verkrachter kreeg een relatie met iemand in de periferie van mijn vriendenkring. Heks zat volledig naar de kloten thuis slapeloos naar de televisie te staren. Bijna een jaar lang.’

‘Mijn toenmalige vriend nam het me ook kwalijk. Het was een volstrekt seksistische en gestoorde narcist van een Algerijn. Toen hij het van mij hoorde gooide hij de hoorn op de haak en liet drie maanden niets van zich horen….’

De vrouw in het park kijkt me ontzet aan. Hetgeen ik haar vertel is slechts een uittreksel van bovenstaand verhaal. Een sterk verkorte versie van deze korte versie. Er valt helaas geen verbeterde versie van te maken. Ze is een lieve schat, dus ze reageert vriendelijk. Ja, wat moet je ook met zo’n geschiedenis.

Het is aan de orde van de dag: overal ter wereld steken mannen hun geslachtsdeel in vrouwen zonder dat ze daartoe zijn uitgenodigd. Het is schandalig en afschuwelijk, maar er wordt nauwelijks over gesproken door de slachtoffers. Stomweg omdat het een smet werpt op de vrouw, die het heeft ondergaan. Ik voel me ook vies, elke keer dat ik het erover heb.

 

 

Ik krijg ze nauwelijks uit mijn mond, die woorden. Opgediept uit mijn moordkuil van een hart. Ik schaam me erover. Net als al die andere slachtoffers van seksueel geweld. Het doet afbreuk aan mijn zuiverheid. Het werpt een smet op mijn wezen. Het krast in mijn ziel.

Persoonlijk vind ik dat elke man, die zoiets doet voor straf zijn ballen moet inleveren. Chop chop. En de helft van zijn lul. Mag hij nog een waxinelichtje overhouden om door te piesen. Is het zo afgelopen met die flauwekul.

Heks haalt haar schouders op. Wat moet je er ook mee. Het is alweer zo lang geleden. De lol is er sindsdien wel een beetje af in de liefde. Met mijn gewezen relatie dacht ik mijn Mojo weer teruggevonden te hebben, maar die vent blijkt achteraf zelf ook een vreselijke drakepit te zijn.

Ik heb dus nog steeds geen goeie geliefde in mijn leven getroffen, maar ze bestaan wel. Ik zie zo hier en daar een fantastisch exemplaar tussen al die seksistische gekken. Ik heb natuurlijk ook nog een paar geweldige mannen in mijn vriendenkring, zoals Don Leo, Frogs, Pappa…… En er komen in elk geval al veel betere kerels hier op de koffie. Het gaat dus echt de goede kant op…..

Drie eenvoudige tips om verkrachtingen te voorkomen. 

Ik heb inderdaad achteraf gehoord dat het kwam omdat ik er te sexy uit zie. Van een vrouw! Die avond droeg ik een oud grijs kloffie dichtgeknoopt tot aan mijn kin. Nauwelijks make up. Maar zelfs als ik er wel sexy uit zie dien je je handen thuis te houden!

Steenvrouw en Heks zijn echte vriendinnen! We hebben dezelfde valkuilen en dezelfde blinde vlek! Gurdjieff en onszelf herinneren versus comateus slaapwandelen…..

Donderdagavond zit Steenvrouw tegenover me aan tafel. Heks heeft Elzasser zuurkool in de aanbieding met een heerlijk glas bijpassende Alcase. We praten over het fenomeen, dat mensen de meest vreselijke dingen doen en zeggen zonder met hun ogen te knipperen.

‘Maar dat doen ze toch niet bewust, Heks,’ pleit mijn vriendin ten gunste van allerlei mensen, die nog nooit één seconde gestoken hebben in het aanvoelen van een enkel medemens. Ik betwijfel ten zeerste of mensen zo verstoken zijn van bewustzijn, dat ze anderen oren aannaaien, de vrouw van de buurman naaien, jouw recht in je gezicht naaien, manipuleren en paaien, in andermans portemonnaie graaien zonder het in de gaten te hebben.

Maar ook ik heb altijd de fout gemaakt om allerlei antisociaal gedrag goed te praten. Vaak tegen beter weten in. En het is natuurlijk ook waar. Onder alle shit ligt altijd een juweel. De modder en de lotus…

No mud, no lotus.

In elk gemeen mens schuilt een gekwetst kind. Mensen met pijn doen pijn. Pijnlijke mensen zijn eerder regel dan uitzondering.

Toch rechtvaardigt dat mijns inziens geenszins dat je je antisociaal gedraagt. Je kunt niet alles afdoen met je eeuwige slachtoffergezemel. Ook is het wel erg gemakkelijk om je eigen shit op andermans bordje te deponeren. Ben jij er lekker vanaf natuurlijk.

De intrigerende spiritueel leraar Gurdjieff tergde zijn leerlingen met allerlei opdrachten om hen in het hier en nu te krijgen. Het ging er niet zachtzinnig aan toe. Volgens hem is het grootste struikelblok van ons mensen, dat wij onszelf niet  herinneren. Dit woord gebruikt hij om de toestand aan te duiden van volledig bewust aanwezig zijn. En het is waar. Grote delen van de dag functioneren de meeste mensen op de automatische piloot. Als een machine…..

Gurdjieff deed de raarste dingen om mensen vanuit die comateuze toestand de realiteit in te jagen. Zijn leerlingen gigantisch aan het schrikken maken, een goeie oplawaai met een stok hier en daar, mensen volledig op het verkeerde been zetten. Wie zegt dat een goeroe je maar een beetje onder je kin moet kietelen? De mensheid is toch al niet geneigd ook maar iets op te steken, waarvan dan ook,  wanneer dan ook. Volgens deze leermeester kunnen we alleen groeien middels een grote schok. Hierdoor zwiep je uit je gewoontepatroon. Altijd pijnlijk, nooit leuk, maar wel effectief.

In zijn optiek moet je de mensen, die je wereld op zijn kop zetten dankbaar zijn. Zonder hen draaide je nog steeds in hetzelfde cirkeltje rond. Als een drol in een piespot.

‘Ik denk inderdaad, dat mensen dat niet allemaal bewust zeggen en doen. De meeste mensen lopen maar een beetje te slaapwandelen, bewustzijn heeft nu eenmaal weinig prioriteit in het algemeen, alle  mindfulnesstrainingen ten spijt. Die zijn over het algemeen meer gericht op resultaten zoals succesvol zijn, rijk worden, gelukkig worden en schieten in die zin hun doel voorbij. Thich Nhat Hanh zegt daarover ‘mindfullness is geen stuk gereedschap om je doel te bereiken, het is een weg.’

Ik kijk naar mijn lieve maatje tegenover me. Haar knetterrode haar springt om haar pittige koppie. Ook zij geeft mensen eindeloos krediet. Ook zij loopt zich het vuur uit de sloffen voor halve zachte uit de poppenkast gevallen idioten. Ook zij is nooit te beroerd om een tandje bij te zetten. Ook zij is regelmatig gigantisch belazerd door mensen waar je het echt niet van verwacht. Je partner bijvoorbeeld. Of je beste vriendin. Of een combinatie hiervan…..

Toch blijft ze in de mensheid geloven. Ze blijft het goede zien in elke sukkel of sul. Ze blijft van haar medemensen houden. Als iemand in de problemen geraakt blijft ze een helpende hand uitsteken.

‘Hoe is het eigenlijk met je vriendin? Die vrouw die al een eeuwigheid bij je in huis woont? Ik hoor al een tijdje niets meer over haar….’ Mijn maatje trekt een gezicht. Er volgt een verhaal, waaruit klip en klaar blijkt dat die vrouw mijn vriendin heeft gedumpt zodra ze haar niet meer nodig had. Niet dat mijn vriendin dat expliciet zegt. Ik maak het op uit wat ze vertelt.

De vrouw heeft namelijk weer een eigen huis. Opeens zit ze geld uit te geven aan dure etentjes, terwijl ze tijden op de zak van Steenvrouw heeft geteerd….. Niet aan dure etentjes voor mijn vriendin. Echt dankbaar is de dame niet. Of verbeeld ik me dit nu?

Komt me gewoon bekend voor, dit soort gedrag. ‘Sommige mensen gaan uit van vriendschap, anderen van gebruik. De kunst is om te zien waar je mee te maken hebt,’ aldus de vrouw van 1 van mijn behandelaars nadat ik te grazen was genomen door iemand die me louter gebruikte onder het mom van vriendschap.

‘Pas maar op met haar, mijn ervaring is dat je vaak een trap na krijgt van zulke types.’ waarschuw ik mijn vriendin, ‘Je hebt haar toch hopelijk niet al teveel persoonlijke dingen verteld?’ Diepe zucht. Dat heeft ze dus wel gedaan. In de tijd dat de vrouw nog haar beste beentje voorzette. O jee.

Comateuze medemensen, die je prima weten te vinden als ze je nodig hebben zijn er in overvloed. Ze laten je vallen als een baksteen zodra er niets meer te halen valt. Pijnlijk.

Echte vrienden zijn zeldzaam. Vanavond zit er eentje tegenover me. We proosten en lachen om al die rare fratsen van de slaapwandelaars. We kijken in elkaars wakkere gezicht, de open blik, de liefdevolle glimlach. ‘Laten we vaker samen eten, ‘ roepen we om beurten. En dat gaan we doen.

Mooie en sterke verhalen op jezelf verhalen is natuurlijk balen. Nee, dan de kale waarheid. Dat is de prijs, die ik moet betalen….. Eventjes wennen, dit experiment.

Overal een mooi verhaal van maken. Dat is in essentie hoe ik over het algemeen met het leven deal. Tot nu toe. Wat er ook gebeurt, Heks ziet de zonzijde. Hoezeer je me ook te grazen neemt, ik weet altijd nog wel te verzinnen waar het ergens goed voor is. Wat het me gebracht heeft, die drol van het leven. Het mooie aan een hoop stront. Of die schitterende kever op zo’n mestvaalt.

Een vroegere geliefde van Heks stond vaak raar te kijken als ik vertelde over een gezamenlijk uitje. ‘Was ik daarbij?’ vroeg hij dan verbaasd. Vakanties werden volstrekt verschillend beleefd. Zelfs toe ik ziek werd, hield ik dat lange tijd verborgen. Niet bewust, maar omdat ik het zo gewend was. Ik beet op mijn tanden en zette een tandje bij. Een bikkeltje met mooie verhalen.

‘Heks, jij hebt altijd zulke rare verhalen, ik kan gewoon niet geloven dat je dat allemaal echt meemaakt.’ Een theatervriendin van lang geleden is er uit. Zulke gekke dingen biedt het leven niet. Dit moet gewoon helemaal uit die enorme knoeperd van een duim van Heks komen.

Maar nee, ook alles wat ik haar vertelde was waar. Alleen versmolten tot een acceptabel en mooi verhaal. Ontdaan van de gruwel en gribus van het normale leven. De gekkigheid een beetje aangedikt, zodat er ook iets te lachen valt. Doorspekt met geluk en een sprankeltje zonneschijn. Niet eens erbij verzonnen, ik heb altijd het goede kunnen zien. Het mooie en ontroerende. Het onschuldige kind in een ouwe chagrijn. De kers op de koeienvlaai.

Toch lukt het me niet meer zo goed om overal een mooi verhaal van te maken. Regelmatig sta ik met mijn mond vol tanden. Ook heb ik mezelf betrapt op eindeloos gescheld. Woede over al die keren dat een mooi verhaal als een besmeurde vlag de hele strontschuit over me heen wapperde. Ik heb de mooie verhalen zien verstenen in de lucht, nog voor ze goed en wel mijn mond verlaten hadden. Ik heb me verslikt in de waarheid onder die koude stenen verdichtsels.

En waarom zou je ook alleen maar mooie verhalen willen vertellen? Wat is dat toch met ons, dat zinloze zoeken naar geluk bij een ongeluk. Verlichting, verbinding, liefde, begrip.

Als ik iets de laatste tijd ontdekt en geleerd heb is dat ik geen snars snap van het grootste deel der mensheid. Ik begrijp gewoon niet wat hen bezielt. Soms twijfel ik of er überhaupt iets is wat mensen bezielt als ze al die gestoorde dingen doen, die ik niet vat.

De wereld snapt mij ook niet. Ik word vaak volstrekt verkeerd ingeschat. ‘Heks, jij bent een mooie vrouw met een geweldige uitstraling. Je bent een magneet voor mensen. Iedereen die halfzacht is of uit de poppenkast gevallen, die kan bij je terecht! Mannen denken als ze je zien “Dat wijf pak ik wel eventjes”. Terwijl je in de liefde bloedserieus bent. Jij gaat voor ware liefde, maar andersom is dat niet zo…..’ zegt Peter van de Hurk onlangs tegen me.

Ik herken me in zijn woorden. Hoe vaak zijn mensen niet bovenop me gesprongen vanuit het blinde niks met hun problemen of geiligheid? Ontelbaar.

Mijn moeite om een brug te slaan tussen mij en die onbegrijpelijk wereld is gedoemd te mislukken. Het is een hopeloos project, waar al veel van mijn beperkte energie in is gaan zitten.

Bovendien maakt die houding me voer voor idioten. Het wordt wel erg gemakkelijk op die manier om Heks voor je karretje te spannen. En dat is dan ook vaak gebeurd met stank voor dank als gevolg.

Het mooie van je ogen uit je kop huilen is dat je blik opheldert. Mijn vertroebelde ogenblik. Mijn bliksemse uilenogen.

Overal een mooi verhaal van maken, in iedereen het goede zien, nooit opgeven. Het lukt me niet meer. Ik heb geen idee hoe ik dan wel met de shit van het bestaan moet omgaan. Maar dat geeft niet. Ik moet het sowieso al niet hebben van mijn denken momenteel. Ik moet gaan leven naar mijn gevoel. Een experiment. En vandaaruit handelen. Dan ben ik er zo uit.

 

Bochelgeheimen

 

’s Morgens na mijn paddepoelenbad

trek ik rattehaar uit m’n wrat

en wrijf mijn bochel in met zonnedauw

je weet toch wel dat door goed onderhoud

zo’n bochel elasticiteit behoudt

en zelfs zacht licht kan werpen op je pad

– 

dan draai ik m’n nachtuilenkop

en druk er nog snel drie kusjes op

voordeel van die kop is zal nu blijken

vermogen om jezelf van twee kanten te bekijken

naast navelstaren mag ik ook graag bochelturen

maar niet te lang, ik tap ook graag een mop

 –

uit mijn mooie transparante bochel vol

herinneringen en toekomstmuziek de tol

die ik betaald heb voor haar luciditeit

scheld ik haar zonder spijt of  hartzeer kwijt

want na schade en schande en alles heelt de tijd

is bochel eindelijk mijn kristallen bol

 

 

 

 

 

 

Omgang met bloedzuigers komt je duur te staan: Een aderlating….. Mijn ogen zijn open gegaan, nu mijn mond nog. Toch ben ik niet ontevreden over het proces waar ik in zit. Ik ontdek eindelijk wie ik ben.

Vanmorgen word ik vroeger wakker dan gepland. Dat komt omdat ik gisteren vroeger sliep dan gepland. Ik slaap weer een beetje, ik eet weer een beetje. Ja, het gaat de goede kant op.

Ik word wakker voor de televisie met Doctor Phil. Hij heeft een vrouw in zijn show, die getrouwd is met een serieverkrachter. Ze is er pas een jaar geleden achtergekomen, doordat de politie voor de deur stond. Haar echtgenoot en jeugdliefde was bij een routinecontrole langs de weg door de mand gevallen. Ze hebben vier kinderen…..

Heks zit suffig naar de vreselijke toestanden te kijken. Arme vrouw. Ze kan er nog steeds niet bij met haar hoofd. Tweeëntwintig jaar huwelijk door de plee gespoeld. De man van wie ze hield bestaat niet. Achter deze ideale huisvader schuilt een monster.

Hij trok jonge vrouwen zijn auto in, bond ze vast, injecteerde hen met een stevige rape drug, ging z’n gang, bracht hen bij met een andere drug en smeet ze ergens weer op straat.

©Toverheks.com

©Toverheks.com    Oogkleppen op!

‘Ik heb hem jaren geleden betrapt op een affaire met een jonge vrouw, ik dacht dat dat door mij kwam, omdat ik problemen heb om op gewicht te blijven, maar dit had ik echt niet achter hem gezocht, doctor Phil,’ ze kijkt wanhopig. ‘En hoe reageerde hij toen je hem betrapte?’ Phil weet het antwoord al.

Er volgt een filmpje. De man schreeuwde, gooide met van alles en nog wat. Kortom: Hij was nu niet bepaald berouwvol….. Ik herken die reactie. En ik weet uit ervaring, dat die bedoeld is om nog meer bedrog af te dekken. Ik vermoed dan ook dat die affaire slechts het topje van de ijsberg was. Waarschijnlijk heeft hij haar gedurende het hele huwelijk bedrogen.

Maar goed, dat is bedrog. Walgelijk en ziekmakend, maar niet strafbaar. Je gaat er niet de bak voor in. De halve wereld doet het. Ik ken mensen van wie je het totaal niet verwacht, die hun man of vrouw belazeren. En omdat ze die shit dan toch ergens kwijt moeten vertellen ze het aan Heks. Maar daar gaat verandering in komen. Het is vuiligheid, gif. Ik wil het niet meer horen!

Iemand vertrouwde me ooit toe, dat hij jarenlang zijn geliefde belazerde. Hij zat er niet mee en zij wist van niks. Iedereen tevreden. Een jaar na de scheiding, ze was toch niet zo tevreden, kreeg ze een nieuwe vriend. Boos dat haar ex was! Hij had allang een ander, maar zij bedroog hem voor zijn gevoel. Bizar natuurlijk.

De vrouw bij Phil krijgt hulp, het komt goed…… Arm mens.

©Toverheks.com

©Toverheks.com    In de spiegel kijken, jezelf kennen.

Heks kleedt zich aan en gaat naar therapie. Ik krijg ook hulp. Omdat ik het helemaal gehad heb met geven, nog een tandje bij en wat ik verder ook doe wanneer anderen het laten afweten. Omdat ik leeg ben en op.

Maar ook begin ik mezelf te ontdekken. Ik realiseer me, dat ik energie heb gestopt in dingen die onhaalbaar zijn. Ik kan de afstand tussen mij en de ander niet overbruggen door maar te blijven geven en investeren. Het helpt niet als ik me ’s avonds suf zit te piekeren over hoe ik dat voor elkaar ga krijgen. De ervaring leert juist, dat die mensen waar ik zo mijn gloeiende  best voor doe me in de praktijk laten vallen zodra het hen niet zint.

Misschien dat ik daardoor eerder inslaap de laatste dagen: Ik ben opgehouden met nadenken over hoe ik nog meer kan geven en investeren in vriendschappen die spaak lopen. Soms zit ik toch weer dingen te verzinnen. ‘Ik doe gewoon dit, zeg dat, schrijf iets, geef dit hele mooie persoonlijke presentje, iets van mezelf dat ik eigenlijk nooit weg zou willen geven….’

©Toverheks.com

©Toverheks.com    Je voelt je vaak een onnozele ezel

Een paar dagen geleden zit ik inderdaad weer zo te tobben. En ik heb de oplossing gevonden. Ik ga weer geven. Even voel ik me opgelucht en prima. Dan herinner ik me de woorden van Peter van der Hurk over mijn achterlijke trouw en de zuigers om me heen. Over mijn eindeloze geven en hoe klaar ik daarmee ben. Ik besluit het toch maar eventjes met mijn therapeute te bespreken. Verbijsterd kijkt ze me aan.

‘Heks,’ ze schudt haar hoofd, ‘Ik weet niet of jij het ooit voor elkaar gaat krijgen om op te houden met investeren in hopeloze gevallen. Ik schrik er gewoon van. Die mensen hebben je enorm gekwetst. Meermalen! En je wilt er weer vol in gaan! Hou daarmee op!’

Het is gewoon heel erg moeilijk om te accepteren, dat iemand naar en kwetsend en gemeen is. Of stiekem, achterbaks en leugenachtig. Of boosaardig, jaloers en eng.

Vooral als je veel liefde in je hart gevoeld hebt voor die personen. In die zin begrijp ik de vrouw bij Phil wel. Je wilt gewoon niet dat het zo is. Ook al schreeuwt alles van wel.

©Toverheks.com

©Toverheks.com     Het komt goed.

 

Heks baalt van woningcorporatie Portaal. Ze dient een klacht in. Resultaat: Hoorzitting met Geschillencommisie. Gelukkig verwacht ik er helemaal niets van. En dan valt het nog tegen! Wordt vervolgd…..

Woorden aaneenrijgen tot zinnen. Zin geven hieraan, ook al is het onzin. Een verhaal verzinnen. Die vervolgens uit je duim zuigen of gewoon uit je mouw schudden. Gevolgd door een aap.

Dinsdagavond word ik op het matje geroepen bij Portaal, althans, daar lijkt het op. In werkelijkheid ben ik te gast bij de Geschillencommissie. Na de frustrerende toestanden rond mijn intussen min of meer gereanimeerde lijk van een verwarmingsketel heb ik een paar vette klachten ingediend: Met name over de houding van de medewerkers van Portaal.

Ze hebben me laten barsten, de telefoon op de haak gesmeten: Ik zat in de kou, soms wel een week achter elkaar, maar wat hun betreft kon ik de rambam krijgen. En nu beweren zij dat ik me niet netjes gedragen heb!

Het klopt dat ik een keertje wanhopig steeds harder ben gaan praten, na een weekend in de kou en een stuk of twintig telefoontjes hierover. Waarvan meer dan de helft in het proces van doorverbinden werd afgebroken. De medewerkers van Portaal zijn over het algemeen te dom om op het juiste knopje te drukken, althans, daar heeft het alle schijn van. Het is de enige verklaring voor dit verschijnsel.

Een vriendin van me was een keertje getuige van dit proces.  Heks belde Portaal, moest door zich door een walgelijk keuzemenu vreten naar de juiste medewerker. Gevolgd door een fikse wachttijd natuurlijk.

Telkens als ik dan eindelijk iemand aan de lijn kreeg moest ik het hele verhaal van voren af aan opnieuw volledig uit de doeken doen. Ze kunnen blijkbaar ook niet lezen wat er in de computer staat. Of de stumpers schrijven niets op…..’Oh, ik verbind u even door met de volgende kwezel….’ Vervolgens drukken ze op het verkeerde knopje: En je ligt er weer uit en kunt opnieuw beginnen…..Mijn maatje was werkelijk verbijsterd…..

Een andere verklaring zou natuurlijk zijn, dat ze de telefoon er in mijn geval gewoon opsmijten omdat ik een kruisje achter mijn naam heb. Een idiote gedachte natuurlijk. Maar na het bijwonen van deze vergadering begin ik ernstig te twijfelen of die gedachte nu zo gestoord is of de medewerkers van Portaal.  Ik neig intussen naar het laatste…..

Stipt om zeven uur ben ik op het Leidse kantoor van dit hopeloze woningbouwclubje. De portier neemt me mee en stelt me voor aan twee mannetjes van Portaal. Ik krijg een hand van de ene, de ander negeert me volledig. Hij pakt in plaats van mijn hand zijn telefoon. Merkwaardig. Wat een onbeschoft heerschap, deze onverzorgde vent. Of vergis ik me? Doet hij het niet expres?

Hij doet het expres. Gedurende de gehele avond kijkt deze lompe kerel me niet één keertje aan. Deze wijkopzichter of iets dergelijks. Iemand met een centrale positie. Je kunt er moeilijk omheen. Letterlijk ook in dit geval. Hij zit erbij als een enorme zoutzak en liegt door zijn tanden.

©Toverheks.com

©Toverheks.com

Aan de kop van de tafel zit de commissie bestaande uit drie mensen. Een jongeman, die onbegrijpelijke vragen stelt. Hijzelf vindt ze heel slim, maar mij ontgaat waarom je in godsnaam wilt weten wat ik in mijn dagboek schrijf.

In het midden zit een oudere man, die dolgraag aan het woord is. Hij doet patriarchaal tegen me. Zegt ook al van die rare dingen, ik heb een voorbeeld genoteerd. ‘Uw beleving met uw ketel is natuurlijk heel anders dan de beleving van Portaal.’ Ik snap achteraf nog steeds niet waar dat nu over ging, maar de man raakt behoorlijk geïrriteerd als ik hem vraag waar hij het in godsnaam over heeft.

Toch moet ik het een beetje van hem hebben, goddank is hij niet vijandig. Wel stom vaderlijk. Bah bah, wat is dat toch een irritant verschijnsel, dit soort types op relevante plekken.

Natuurlijk zit er een dame te notuleren. Zij moet haar mond houden, toch beweert ook zij iets ongelofelijk stoms: Een slechte ketel heeft geen invloed op je verbruik. Dus het feit, dat ik idioot hoge rekeningen heb heeft niks te maken met het lijk in mijn gangkast.

Tot slot zit er nog een dame in de commissie. Zij is helder van geest en goed van de tongriem gesneden. Als de opa in het midden haar even laat uitpraten en het snotjong haar niet onderbreekt, dan mag zij ook iets zeggen. Halleluja!

Opvallend ook weer, dat de mannen mogen uitpraten en niet geïnterrumpeerd worden, maar dat geldt voor de vrouwen niet. Heks wordt de mond gesnoerd, maar ook de vrouw in de commissie komt er nauwelijks tussen. De typgeit mag al helemaal niet blaten. De volgende keer ga ik een geluidsopname maken!

Portaal heeft dus die lompe morsige kerel en een frisse vriendelijk ogende jongere man als afgevaardigden. Good cop and bad cop. Good cop voert het woord. Hij kijkt me wel aan met koele observerende ogen. Zijn doelstelling is duidelijk. Ontkennen, ontkennen, ontkennen.

Heks heeft geen idee, wat er van haar wordt verwacht. Ik heb überhaupt weinig verwachtingen  van deze avond. Toch is het goed, dat ik er heen ben gegaan. Als de lijstjes met telefoontjes van Heks aan Portaal en de verrichtingen van de verwarmingsfirma Visser op tafel komen, blijkt Portaal voor het gemak de helft te hebben geschrapt. Of ze hebben de helft niet genoteerd. Ik heb nauwelijks gebeld. En alles is direct prima opgelost. Volgens hen.

Heks vertelt een ander verhaal. Het wordt direct in twijfel getrokken. Maar pech voor hen: Ik kan wel wat telefoonlijstjes aanleveren. En alle data dat de verwarming het niet deed. Gewoon eventjes mijn blog raadplegen.

Over dat laatste heb ik het maar niet. De jongen van de Commissie zit te vissen wat ik allemaal zoal schrijf. Gaat hem geen zak aan. Ik heb het helemaal gehad met mensen, die zich bemoeien met wat ik schrijf.

De man van Portaal, die het woord voert zou een goed politicus zijn. Heel veel dingen weet hij niet, of hij heeft daar geen zicht op. Of het is hem niet bekend. Of hij kan daar weinig over zeggen. Hoe de klachtenprocedures bij Portaal werken? Hij heeft geen idee. Hoe lang de huidige verwarmingsfirma in dienst is? Het is hem onbekend. Hoe lang de vorige firma de boel heeft kunnen belazeren? Hij heeft geen flauw benul.

Hoe het mogelijk is dat mijn telefoontje nergens terug te vinden zijn, laat staan de bezoekjes van de firma Visser? Het is volgens hem niet mogelijk. Hij zegt het niet, maar wat hem betreft zit Heks gewoon te liegen!

De patriarch van de Geschillencommissie spreekt zeker acht keer zijn twijfel uit over mijn verhaal: ‘Mocht het waar blijken te zijn, stel dat u echt gebeld heeft, stel dat Visser echt zo vaak geweest is….’ Zulke dingen zegt hij niet over de medewerkers van Portaal….. Frappant.

Toch begint het uiteindelijk bij de commissie door te dringen, dat er veel in het verhaal van Portaal niet klopt. Ze stellen voor de zaken wat dieper uit te spitten en nog een keertje bij elkaar te komen.

‘Mevrouw Toverheks huurt een woning bij jullie, zij betaalt huur aan jullie. Jullie zijn dus verantwoordelijk voor de staat van het huis. Als er problemen zijn moeten JULLIE dat oplossen. Niet mevrouw zelf en ook niet de firma, die jullie vervolgens inhuren. Als die lui een wanprestatie leveren, zijn JULLIE verantwoordelijk. Niet mevrouw Toverheks.’

Uiteindelijk mogen wij om beurten nog iets zeggen tot slot. Ik luister naar het gelieg en gedraai van de Mannetjes van Portaal. Dan lap ik de lomperik erbij: Ik vertel hoe hij een keertje gewoon de hoorn op de haak heeft gegooid, nadat hij mij belde. Volgens hem zat ik te schreeuwen, maar toevallig had ik een getuige op dat moment. Frogs zat naast me.

Daar heeft de hork niet op gerekend! Wat een pech. De ellendeling heeft me een nieuwe ketel beloofd en vervolgens heeft hij me laten barsten. ‘ Ik heb nu geen zin om met u te praten.’ Nadat hij mij belt….. Het is een domme leperd. Hij liegt dat hij uit zijn dikke pens barst. Onsmakelijk gewoonweg.

Zo ga ik met een vieze smaak in mijn mond naar huis. Gelukkig verwacht ik sowieso al niks van deze hopeloze club. Toch ga ik lekker door met klagen. Laat ze het maar Spaans benauwd krijgen, die leugenachtige mannetjes. Ik ga lijstjes produceren en data tevoorschijn toveren.

Desnoods laat ik geluidsopnames opvragen van mijn vermeende onbehoorlijke geschreeuw aan de telefoon. Die bestaan niet. Ik heb een keertje met stemverheffing gesproken. Volledig terecht volgens de dame van de geschillencommissie. ‘Als ik zo was behandeld door u was ik ook kwaad geworden aan de telefoon,’ kregen de Mannetjes naar hun kop.

Over een aantal weken krijgen we nog een hoorzitting. Ik ga zelf ook gewoon iemand meenemen, die er als een zoutzak en hork bij gaat zitten. Ha! Ik zal ze krijgen, die leugenaars van Portaal!

©Toverheks.com

©Toverheks.com