‘Pablo Neruda  Dichter aan Huis, Dichter aan Zee’.  Geweldig leuke voorstelling door Martine Zeeman, Juan Tajes en Carolina Droller in het charmante Teatro Munganga te Amsterdam. Een aanrader!

 

Zaterdagavond brengt Frogs mijn Varkentje terug. Hij heeft een dag op het monster gepast. We drinken gezellig een glaasje wijn en kletsen bij. ‘Ik ga op tijd naar huis Heks, want morgen heb ik van alles te doen. Ik moet een artikel afmaken en in de loop van de middag ga ik naar Amsterdam. Juan Tajes speelt mee in een toneelstuk over de  Chileense dichter Pablo Neruda.’

Wat leuk! Ik ben een fan van deze acteur. Een paar jaar geleden heeft Frogs samen met hem gewerkt aan een project rond de dichter Garcia Lorca: ‘Global Lorca‘. Die dichter was weer een goede vriend van Neruda. ‘Ik wil mee!’ roept Heks spontaan. Hoe laat en waar? Wat spreken we af?

Zondagmiddag tegen drie uur arriveer ik met Ysbrandt bij onze kikkervriend. Mijn hondje gaat op het huis passen en ik stap in de riante bolide van Frogs. We zoeven naar de hoofdstad. Binnen een half uur zijn we ter plekke. We parkeren voor de deur en het is nog gratis ook. Lang leve het parkeerbeleid van Amsterdam op zondag!

Als we het theatertje binnenkomen ben ik aangenaam verrast. Wat een grappige plek! Het is een hoge ruimte met een bar annex balie, een keur aan kekke keukenstoelen voor het publiek en een indrukwekkende lichtinstallatie aan het plafond, een regiekamer en een toilet. Veel meer heb je ook niet nodig, mijns inziens.

Hoewel Teatro Munganga er bedrieglijk eenvoudig uitziet, werkt alles prima. De medewerkers zijn uitermate vriendelijk, we worden bijzonder hartelijk ontvangen. Omdat we zo vroeg zijn kan ik op mijn gemak rondkijken en een paar foto’s maken. Even over vieren begint het stuk.

De voorstelling ‘Pablo Neruda  Dichter aan Huis, Dichter aan Zee’ gaat over het leven van de dichter Pablo Neruda. Zijn jeugd in Chili wordt aangestipt; Hoe het dichten er al jong in zit. Helaas moet hij architect worden van zijn vader. Dus verandert hij zijn naam en trekt de wijde wereld in…..

De scenes lopen vloeiend in elkaar over en er wordt listig gebruikgemaakt van minimale middelen om iets op te roepen. De regisseuse van het stuk, Martine Zeeman,  speelt zelf ook mee. In verschillende rollen: Van vertelster tot vrouw van de dichter. Die nam het overigens niet zo nauw met de trouw, dus er volgen nog meer damesrollen….

Pablo Neruda   Dichter aan Huis, Dichter aan Zee.

Een voorstelling die de Chileense dichter Pablo Neruda tot leven wekt. Met poëzie, over zijn muzen en zijn vaderland, met dans en verhalen. Twee bekenden uit Valle Tango Muziektheaterproductie (2009 KunstKlank) ontmoeten elkaar weer op Noordwijkse bodem tezamen met Martine Zeeman. Nu in een poëzie-, verhaal-, en dansprogramma. Met Juan Tajes, verteller uit Montevideo, en Carolina Droller, danseres uit Buenos Aires.

 “Es tan corto el Amor y es tan largo el olvido.

Zo kortstondig is de liefde, zo langdurig het vergeten.”

Een hele mooie bijdrage wordt geleverd door de Argentijnse danseres Carolina Droller. Haar hele sierlijke lichaam wurmt zich op een gegeven moment in een op het podium aanwezige ouderwetse lessenaar. Prachtig hoe zij verbeeldt wat de dichter verwoordt.

‘Ik vond het zo mooi hoe zij die geboorte van het kind uitbeeldde achter die semi-transparante kamerschermen,’ zegt Frogs later tegen me. Multifunctionele elementen in het eenvoudige decor. Het is me min of meer ontgaan. Er is zoveel te zien. ‘Dit is zo’n stuk waarbij je als je het nog eens ziet weer allemaal nieuwe dingen ontdekt!’ roep ik.

Ja, we raken enthousiast. Een paar jaar geleden heeft Frogs met de acteur Juan Tajes en een verder geheel internationaal theatergezelschap ook een prachtig programma gemaakt rond een dichter. Een eveneens  geweldig project. Dit theaterstuk heeft dezelfde kwaliteit. Het boeit van het begin tot het eind.

Het is eigenlijk maar een heel eenvoudig gegeven, vertellen over het leven van deze man: Overigens meesterlijk neergezet door Juan Tajes. Toch vliegen er zomaar drie kwartier voorbij. Er volgt een staande ovatie. Daarna is het feest , want de regisseuse is jarig. Wat boffen we toch weer!

Ik kom iemand van mijn koor tegen. We kijken elkaar verbaasd aan, wat is de wereld toch klein soms. Het is sowieso een middag vol leuke ontmoetingen. Ik klets een tijdje met de danseres. Zij blijkt ook veel affiniteit met Indiase dans te hebben. Heks heeft dat vroeger fanatiek beoefend. Voordat ik in een kwarktaart veranderde.

‘Oh, Frogs wat een heerlijke middag was het. Dit gaan we vaker doen!’ We eten nog een hapje in Huize Heks achteraf. Ik schud een soepje en een bord pasta uit mijn mouw. Een een glaasje wijn natuurlijk.

Teatro Munganga Adres: Schinkelhavenstraat 27-HS, 1075 VP Amsterdam Telefoon:020 675 9837

Teatro Munganga is een van oorsprong Braziliaanse theatergroep met een kleine theaterzaal in Amsterdam-Zuid en een reizende theaterbus waarin beeldende poëtische kindervoorstellingen worden opgevoerd. Naast het ten tonele brengen van eigen uitvoeringen, biedt de theatergroep een podium voor theater, muziek, lezingen, films, dans, workshops en cursussen van andere kunstenaars in de theaterzaal Casa Munganga.

Carlos Lagoeiro en Cláudia Maoli zijn de oprichters van Teatro Munganga

Wat maakt een theaterstuk nu boeiend en goed? Dat het in een grote schouwburg wordt opgevoerd? Dat er een BNer in meespeelt? Dat het stuk geschreven is door een wereldberoemde schrijfster/ver?

Driewerf neen.

Vanmiddag werden we meegenomen in een andere wereld. We hebben als publiek een klein uitstapje gemaakt in het leven van een mij tot nu toe onbekende man. Ik heb drie kwartier op het puntje van mijn stoel gezeten. En dagen erna is iets van de voorstelling blijven hangen. Het stuk heeft me geraakt!

Dus toch die goeie ouwe Catharsis? Die broodnodige door angst en medelijden geïnitieerde loutering  der emoties zoals Aristoteles het beschreef in zijn Poetica?

Ja.

De regisseuse van de voorstelling, Martine Zeeman, heeft een klein theatertje in de Voorstraat in Noordwijk: Zeep aan Zee. Voor theaterlessen,  toneel productiecursussen, Toneelcursussen tekst/beweging en improvisatie alsmede voorstellingen kun je hier terecht!

Peter van de Hurk bij Umberto Tan. Dat is schrikken voor een aantal aanwezigen! Heks geniet van wat ze ziet. Behalve van dat stuk verdriet van een Levchenko. Dat is dan weer pure verspilling van zendtijd.

Woensdagavond val ik in slaap voor de TV. Ik dommel en droom. Ik dobber, ga kopje onder, kom even boven en zak weer weg. Ik moet de hond nog uitlaten. Om half drie loop ik met Varkentje door een doodstille steeg. De realiteit is onwerkelijk. Geen zuchtje wind, geen geluid. De stad slaapt. De natuur slaapt.

Natuurlijk ben ik vanmorgen een wrak. Gebroken nachten leveren halvezolige dagen op. Traag kom ik op gang. Aan het begin van de middag rijd ik naar Barendrecht. Ik ga lekker Indiaas zingen: Dhrupad.  Een privéles. Doe maar duur. Lekker luxe.

Het is heerlijk weer. De nieuwe A4 zorgt ervoor dat ik in een mum van tijd voor het kleine dijkhuis parkeer. In het souterrain tref ik mijn juf. We maken koffie en kletsen even bij. ‘Hoe is het me je, Heks?’ Ik vertel haar over mijn rare amoebeleventje. Het ontdekken van de gruwelijkheid van het echte bestaan. ‘Ik droomde vannacht van een afgehakt hoofd!’

‘Hè getsie, Heks, dat is ook gebeurd. Heb je het nieuws niet gezien? Er is vanmorgen ergens een afgehakt hoofd op de stoep gelegd. Een afrekening in de onderwereld. Afschuwelijk en gruwelijk. Wat gek dat jij daarvan droomt….’

Ja, vreemd. Gisteren zie ik Peter van der Hurk op televisie bij Umberto Tan. Op uitzending gemist. Ik kreeg een tip van mijn therapeute. Zij is net als Heks fan van deze bijzondere man.

‘Op een gegeven moment zei hij iets tegen Umberto. Die schrok zich een ongeluk en zat een partij te draaien op zijn stoel…! Hij durfde het niet aan! Alsof hij weet ik wat te verbergen heeft. Heel grappig. Je moet echt even kijken, Heks.’

En dat doe ik. Het duurt een hele tijd voordat Peter van der Hurk aan bod komt. Eerst krijgen we nog een vreselijk ex-voetballer uit de Oekraïne voorgeschoteld, die met zijn seksistische narcistische flauwekul bakken aandacht opslorpt. De sukkel, Evgeniy Levchenko,  wordt elders op het web al subliem afgekraakt door Nico Dijkshoorn. Dus ik laat het hierbij.

Maar gottegot, je zal toch wakker worden naast dit angstige schoothondje, dit opgepoetste misogyne poedeltje…..Zoals Victoria Koblenko elke morgen. Wakker schrikken bedoel ik. Hopeloos!

Maar dan is het zo ver. Eindelijk is onze nationale paragnost aan de beurt.

Peter van der Hurk heeft een prijs gewonnen. Hij is door de lezers van Paravisie gekozen tot medium van het jaar. Toe maar. Wat mij betreft is hij medium van de eeuw. De man steekt met kop en schouders boven zijn collega’s uit. Maar goed. Toch van harte gefeliciteerd!

PETER VAN DER HURK

Dit is waarschijnlijk de aanleiding voor de uitnodiging van vanavond om aanwezig te zijn in ‘Late Night’. Er wordt wat heen en weer gepraat over dit onderwerp. Ja, daar zit je dan als hoogsensitief persoon tussen de dikhuidige Darwinmensen. Krijg je weer al die vooroordelen en angsthazerij naar je hoofd. Uiteindelijk moet Peter zich natuurlijk weer bewijzen. Dat is wat mensen willen. Laat maar zien dat je het kunt. Dat kunstje.

‘Hou op met je bewijzen, Heks. Wat er in iemands kop zit kun je toch niet veranderen. Gewoon je ding doen en je nergens meer voor verdedigen,’ was zijn advies aan mij nog niet zo lang geleden. Ik zie hem nu ook geen krimp geven. ‘Ik scoor 80%,’ deelt hij nog even mee. Gewoon wetenschappelijk bewezen. Deze man heeft zijn sporen verdiend door mee te helpen met het oplossen van misdrijven…..

Peter raakt behoorlijk op dreef als hij de foto van een willekeurig iemand uit het publiek in handen krijgt. Zachtjes wrijft hij over deze ‘inductor’. Vervolgens spuit hij uit het blinde niks allerlei zeer persoonlijke informatie over degene op de foto. De eigenaars van de foto, degenen op de foto, staan verbijsterd te kijken. Het meeste is raak.

Geen ‘cold reading’, waar bij je heel veel uit de interactie met de ander haalt. Slechts met de inductor in de hand geeft hij allerlei treffende informatie. ‘Jij kunt dit ook, Heks. Maar let op: Het interesseert de mensen geen bal, waar jij je informatie vandaan haalt. Ze willen gewoon geholpen worden…’ zei hij onlangs tegen me.

Nu ik hem weer zo bezig zie, deze keer met andere mensen, valt het me weer op hoe snel en trefzeker hij werkt. Er zit nauwelijks iets tussen. Het is zoals met Alex Orbito en spiritueel genezen: Hier is een meester aan het werk. Iemand van het hoogste niveau. En zoals altijd in zulke gevallen is hij super bescheiden. Het is wel een man met flair. En ook zo grappig. Maar hij laat zichzelf niet gelden in wat hij doet. Hij is dienstbaar.

Ik schrik als ik hem hoor vertellen over zijn fysieke problemen vorig jaar. Dit werk kan een grote wissel op je trekken! Mijn hart gaat naar hem uit!

‘Heks, jij kunt ook genezen. Daar moet je iets mee doen. Als er weer mensen bij je komen met problemen: Behandel hen dan! Dan ben je zo uit de sores!’

‘Maar Heks, ik wist helemaal niet dat jij dat kunt, genezen met je handen,’ roept mijn juf als ik vertel over al deze zaken. ‘Ik ben gediplomeerd Toverheks. Ik heb er jarenlang voor op school gezeten bij de Stichting Opleiding en Onderzoek Paranormaal Begaafden, nu het Johan Borgman College. Ik heb zelfs een tijdje een eigen praktijk gehad met alles erop en eraan. Het is niet iets waar je nu echt van droomt als kind. Het komt op je pad en ik heb er niet altijd zin in gehad…..’ Zacht uitgedrukt.

Ik zit in de muziekkamer van het dijkhuisje in Barendrecht. Mijn juf en ik zijn bijgekletst. We gaan zingen. Eerst zo laag mogelijk AAAAAAAaaaaaaa. Dan:  Chandrakauns!

Onze stemmen glijden beurtelings om de riedels boventonen geproduceerd door de Tampoera. Mijn juf zingt voor en ik volg. Later speelt haar man op de Pakhawaj het ritme. Gedrieën dobberen we enige tijd in een andere wereld.

Juf improviseert. Haar stem vliegt omhoog. Indringend. Gepassioneerd. Ik reageer met het op en neer glijden van mijn stem. Heel snel, waardoor een raar effect ontstaat. Het is hierbij belangrijk, dat je van boven naar beneden denkt, terwijl je het doet…. Juf moet lachen. Het klinkt ook grappig.

De middag eindigt met een wandeling langs de dijk met mijn onvolprezen hondje. Hij heeft rustig in de auto op me liggen wachten. Nu is hij aan de beurt.

Voor ik ga slapen spreek ik met Engel op de chat. Morgen ga ik haar nieuwe huisje bekijken. Een wonder naar het schijnt…! Zij is ook een heks in ruste net als Heks. Met genezende handen. ‘Ik voelde me heel goed toen ik er actief mee bezig was,’ laat ze me weten.

‘Eerlijk gezegd voel ik me altijd het beste als ik vanuit dat principe leef. Genezen. Helen. Liefde. Verbinding,’ schrijf ik terug. En dat moet ik dan ook maar doen. Alle woede en ontzetting ten spijt. Alle narcisten en psychopaten ten spijt. Alle onredelijkheid ten spijt.

Schelden?

Scheldt kwijt!

Op de terugweg uit Barendrecht knal ik bijna op een auto voor me. De vrouw stopt voor een fietser, die op de stoep rustig staat te wachten en geen voorrang heeft. Abrupt. Ik en de persoon achter me staan gierend op de rem. Het gaat maar net goed. Geen auto in mijn nek vandaag. Deze onnodige actie is vriendelijk bedoeld misschien, maar levensgevaarlijk. Heks toetert! Als ik naast haar sta bij een stoplicht zit ze me smalend uit te lachen. Ik zit nog scheldend te klappertanden. Bizar toch weer.

Even later ben ik thuis. Ik ga iemand energetisch op afstand behandelen. Bij wijze van vingeroefening. Ik zak met mijn bewustzijn weg in die speciale liefdesenergie. Maak contact met die oneindige bron. Ga mezelf heel goed voelen. Ja, de wereld is gek. Veel mensen halen goedbedoeld de raarste capriolen uit. Levensgevaarlijk soms. En heel veel mensen hebben totaal geen goede bedoelingen….. Ook dat nog! Maar dit voelt goed. Dit is waarom je het doet. Leven.

Leven vanuit je hart.

‘Het is een heel moeilijk en zwaar beroep. De wereld is vaak geen fijne plek.  Dit jaar heb ik geen voorspellingen gedaan voor het nieuwe jaar, ik had er geen zin in. Ik zie alleen maar narigheid…..’ zegt de beroemde paragnost tegen Umberto Tan. Heks is dus niet de enige die af en toe somber is over onze prachtige blauwe planeet en diens bewoners. Met name de kroon van de schepping laat het nogal eens afweten…..

Haha, Toverheks. Je moet jezelf niet zo noemen hoor, als er mensen bij je komen! Dan schrikken ze zich een hoedje!’ raadt Peter van der Hurk me aan tot besluit van zijn consult afgelopen januari. Nou ja, ik hou wel van een hoedje hier en daar…. Hij gniffelt nog even na. ‘Je bent een schat, ik vind je een schat, Toverheks! Haha!’

Hijgend Hert aan je voet, het moet niet gekker worden. Je bent zelf ternauwernood de jacht ontkomen tenslotte!Intussen verzuip je bijna in een blubberpoel en je zusje staat erbij en kijkt ernaar….. Beetje raar. Maar waar!

Ik zit op mijn balkonnetje in de zon. Ingepakt in jassen en dekens en een soort schapenvacht. Ik slurp de zonnestralen in. Vanmorgen had ik weer eens therapie. Dat was een tijdje geleden, want ook therapeuten krijgen griep.

‘Ik maak een soort studie van enge mensen. Soms kijk ik naar de meest vreselijke programma’s op televisie. Gewoon om mezelf ervan te doordringen dat het bestaat, zulk afschuwelijk gedrag.’ Ze knikt en geeft me groot gelijk. Wat een verademing. Geen vermanende woorden over het aandacht geven aan negativiteit.

‘Jouw krachtige basis komt juist voort uit het feit, dat je zoveel hebt meegemaakt,’ ze kijkt me indringend aan. Het is waar. Mijn leven is een aaneenschakeling van extreme gebeurtenissen geweest. Wie is er bijvoorbeeld zeker drie keer op straat in elkaar getimmerd? Heks! Ik heb er de krant mee gehaald.

En dat is nog het minst vervelende. Dat zijn maar klappen, blauwe plekken en een flinke hersenschudding door een trap tegen mijn hoofd. De laatste keer door uitsmijters van ‘Het Koetshuis’. Omdat hun vriendinnen me in het voorbijgaan uitscholden en ik iets terug riep…… Dan kun je als kleerkast vol anabole steroïden natuurlijk niet achterblijven. Zeker niet als je ook al impotent bent, en regelmatig voor lul staat met je knakworst bij diezelfde vriendin. Want impotent word je van die troep. En agressief.

Maar goed. Beurse plekken trekken wel weer bij. Andere verwondingen zijn lastiger te helen.

‘Een ander had al lang aan een touwtje aan het plafond gehangen,’ geef ik toe, ‘De meeste mensen worden al gek als ze drie weken griep hebben, laat staan een chronische versie daarvan. Ook worden mensen er over het algemeen helemaal niet goed van als ze zoveel alleen zijn als ik.’

‘Hopeloze relaties alsmede vriendschappen drijven nogal eens iemand naar de rand van de afgrond, maar ook dat heb ik overleefd. Daarbij kom ik ook niet uit een achtergrond waarbij ze de deur bij me plat lopen om voor me te zorgen als ik helemaal om lig. Eufemistisch uitgedrukt. Dus ja, ik doe het lang niet gek.’

‘Jij komt er wel uit, Heks. Je bent er nog niet. De bezem moet er door en je moet eindelijk eens voor jezelf gaan kiezen. Maar uiteindelijk komt het goed met jou!’

Als ik later met Ysbrandt langs de Zijl wandel spookt zo’n griezelprogramma door mijn hoofd. Een jongeman rijdt zichzelf bijna dood tegen een boom. Hij blijkt ternauwernood een aanslag op zijn leven te hebben overleefd. Gepleegd door zijn eigen zus!

Zij en haar vriendje en nog een paar trawanten sloegen het joch half dood alvorens hem in een grote vijver te dumpen met een zwaar gewicht aan zijn been. Ze lieten hem voor dood achter, maar hij wist zichzelf los te rukken van het betonnen tuinbeeld aan zijn voet. Een hertje notabene.

Hij sleept zich zijn auto in met een grote bloedende hoofdwond en longen vol smerig water. Langzaam maar zeker verliest hij het bewustzijn en rijdt zichzelf bijna te pletter tegen een boom. Maar hij wordt snel gevonden en gered!

Hij is er verschrikkelijk aan toe. Bont en blauw en opgezwollen. Buiten bewustzijn…… Zijn zus zit schijnheilig naast zijn bed gedurende de gehele periode dat hij in coma lig. Zijn overlevingskans is 1 op 4 miljoen. Hoe ze dat hebben berekend is mij dan weer een raadsel.

De gruwelzuster wijkt niet van zijn bed en als hij dan eindelijk zijn ogen opent, een waar wonder,  begint zij hem direct onder druk te zetten. Het is een echte bitch! Hij mag niet reppen over het feit, dat zij hem heeft geprobeerd te vermoorden voor een paar honderd dollar. Want daar ging het allemaal om, zuslief wilde dat hij zijn spaargeld aan haar gaf.

Oh ja, ze heeft ook nog het ouderlijk huis in brand gestoken om de sporen van het bloederige gevecht van drie volwassen kerels tegen één leptosome adolescent uit te wissen…..

Maar goed, het komt toch uit natuurlijk. De boosdoeners worden opgepakt. En nu komt het: De jongeman weigert te getuigen tegen zijn zus. ‘Ze is toch mijn zuster, ik hou van haar, ik heb altijd een sterke band met haar gehad…..’

Hij houdt voet bij stuk, dus de criminelen komen er vanaf met een lichte straf en de monsterzus gaat vrijuit. Ze neemt een nieuwe vriend en verhuist naar de andere kant van de wereld. Veel berouw lijkt ze niet te voelen. Waarschijnlijk een narciste/psychopate. De broer heeft nog steeds contact met haar.

De moeder van de jongen komt ook aan het woord. Zij houdt natuurlijk van allebei haar kinderen. Met een extatische uitdrukking op haar gezicht geeft ze gedurende het gehele item commentaar op de gebeurtenissen. Een vreemd gezicht.

Ja, zo kan het ook. Dit is heel erg hoe Heks altijd heeft geprobeerd te leven. Vergeven bij voorbaat en dan gewoon doorgaan met liefhebben. Als iemand je iets flikt zet je gewoon nog een tandje bij.

Gevangenissen kweken nu eenmaal in het algemeen kleine crimineeltjes op tot monsters. Het is dus nogal wat om je broeder of zuster er bij te lappen om hen naar een dergelijk oord te doen verbannen…..

Toch is er een verschuiving in me aan de gang. Ik heb geen idee welke kant het op gaat, maar ik kan je één ding zeggen: Probeer me niet te vermoorden of iets dergelijks, want je hangt! Als ik het overleef tenminste. De tijd dat Heks Jan en Alleman met alles liet wegkomen is definitief voorbij.

 

Bach is niet dood! Hij leeft. In dit lichaam! Ex Animo! Ik zing me een hoedje! Of twee! Dat is beter dan schrikken. Of je verslikken: Koorrepetitie met franje.

Vanavond staan we weer lekker in te zingen met mijn koor. Ik ben op het nippertje naar binnen geschoven. Als we klaar zijn komt één van mijn maatjes naar me toe. ‘Ik heb ze meegebracht, Heks, hier voor jou!’ Ze overhandigt me een plastic zak. Er zitten twee prachtige hoedjes in!

‘Ik heb mijn kast opgeruimd en vond twee oude hoeden, iets voor jou? Ik heb ze nog gedragen op de bruiloft van mijn vriendin, 40 jaar geleden!’ vroeg ze me vorige week. ‘Natuurlijk, kom maar op met die eierdopjes!’ Heks hoeft er niet over na te denken. En nu is het dan zo ver: Nieuwsgierig gluur ik in de zak.

Oh, wat mooi! Een roze flaphoed en een prachtig rieten hoofddeksel! Heks is verguld. Snel zet ik er eentje op mijn kop. Ik kan bijna niet kiezen, ik wil ze allebei op!

 

Maar dat kan niet. We gaan direct beginnen met het openingskoor uit de Matthäus Passion. Vol overgave blèr ik mee. De hoedjes zitten in mijn kop in plaats van er op. Ze gooien vrolijke fratsen door mijn gedachtengoed. Mijn innerlijke wereldburger vat moed. En buiten dat: Ze staan me goed! Denk ik. Ik moet nog tot de pauze wachten voordat ik dat kan verifiëren…..

Mijn andere zangmaatje is jarig. We zingen haar toe uit volle borst. Verlegen zit ze te glimmen. Niets zo leuk als toegezongen worden door Ex Animo ter ere van je verjaardag!

In de pauze eten we kersenbonbons. Ik zoen mijn zangmaatje op beide wangen en geef haar een lekker verwencadeautje. De andere dames aan tafel besnuffelen het geschenk van voor naar achter. ‘Het is fair trade!’ roept de ene. ‘Wat is het eigenlijk?’ vraagt een ander. ‘Ik heb wel eens zoiets gezien,’ zegt een derde. Het is geurig magisch toverschuim. Voor onder de douche.

Ook mijn nieuw verworven hoedjes worden grondig geïnspecteerd en uitbundig bewonderd. ‘Ik heb ook nog een paar prachtige exemplaren in de kast liggen. Van vijftig jaar geleden,’ zegt een sopraan. Even bekruipt me een gevoel van euforie: Gaat ze vragen of ik die soms ook zou willen hebben? Misschien heb ik wel een enorme antieke hoedenbron aangeboord hier bij mijn koor!

Maar nee, ze vertelt met glinsterende ogen over haar schatten en wanneer ze ze heeft gedragen. Want hoedjes draag je niet zomaar. Behalve als je Heks heet. Vroeger was het wel veel gangbaarder voor dames om een hoed op hun kop te zetten. ‘Met een paar glacés en een bijpassende tas!’

We knikken en lachen. Ja, die goeie ouwe tijd. ‘Ik heb nog een paar prachtige hoeden van mijn moeder. Zij droeg ze ook, net als ik. Ze stonden haar prachtig!’

Vanavond zingen we een groot deel van de Matthäus. We beginnen vooraan en komen een behoorlijk end. Ik ben niet goed bij stem, dus ik knerp de hoge d er met moeite uit. Mijn maatjes schieten in de lach. Maar de rest gaat prima. Na een tijdje is mijn stem opgewarmd. Mijn hoofd staat goed door al dat gehoed. En mijn hart zingt sowieso vanavond.

Terwijl we bezig zijn kijk ik rond. Al die mensen, zo verschillend. Met sommigen zou ik normaal gesproken nooit zo lang in één ruimte verkeren. Ik zie al die monden open gaan. Geluid geven. Zingen. Ik zie gezichten bewegen rond woorden en klanken. Emoties trekken als wolkenflarden over iemands gelaat. Hier en daar. Een ander tuurt verwoed in zijn partituur. Ik zie een gezamenlijk doel. Inzet. Betrokkenheid.

Als Koos, onze supertenor, ‘Ich will bei meinen jesu wachen’ zingt en wij antwoorden met ‘So schlafen unsre Sünden ein’ bekruipt mij zo’n overweldigend gevoel van ontroering. Wat kan die man prachtig zingen. Hij is gewoon koorlid, maar gezegend met een fabeltastische stem.

Onze kleine dirigent zwaait zijn baton met flair. We zijn één zingend lichaam, mijn koor: Ex Animo. Bach is niet dood! Hij leeft. In dit lichaam!

Bach hield het bij een puike pruik……

 

Christelijke Oratorium Vereniging Ex Animo zingt weer vol animo de Matthäus Passion van Johann Sebastian Bach onder bezielende leiding van Wim de Ru op woensdag 23 maart 2016.

Woensdag 23 maart 2016 is het weer zover: De Christelijke Oratorium Vereniging Ex Animo zingt weer vol animo de Matthäus Passion van Johann Sebastian Bach onder bezielende leiding van Wim de RuWe zijn volop aan het repeteren: Het wordt weer fantastisch!

De eerste rang is helaas al uitverkocht. Er zijn echter nog wel kaarten verkrijgbaar via de website voor de tweede en derde rang. Ook niet verkeerd hoor.

Dus komt dat zien en vooral horen!

mattheus passion , ex animo, Leiden, oratoriumvereniging, Wim de Ru, 2016

Killer stories, a true story to die for, moordwijven en dodelijke kerels,bloeddorstige bloedbroeders versus een geslepen zus die haar zuster offert. De wereld zit vol gevaarlijke gekken. Niet iedereen overleeft hen.

Vandaag ben ik laat. Ik ben pas om half vijf in slaap gevallen, vandaar. Het is dan ook al rond het middaguur als ik eindelijk met Ysbrandt in een park loop. De zon schijnt, het is droog. Goddank.

Vannacht bekijk ik diverse afleveringen van het programma ‘Born to kill’. Afgewisseld met ‘Bloodrelatives’ en andere griezelige reality programma’s vol moorddadige mensen met zieke geesten en verdorven karakters, die elkaar naar het leven staan. Vol ongeloof zie ik het verhaal van een serieverkrachter in love. Zijn geliefde gaat vanaf dag één mee in zijn verdorven fantasieën.

Als ze eenmaal getrouwd zijn gaat het van kwaad tot erger. Hij baalt ervan dat ze geen maagd meer is en laat zijn oog vallen op haar jongere zusje. Een onschuldig meisje van vijftien. Samen drogeren ze het arme kind om haar vervolgens te verkrachten. Helaas is de dosis verdovende drugs uit de dierenkliniek (!) waar de slechte zuster werkt te hoog voor het jonge meisje. Het is geen paard tenslotte: Ze overlijdt ter plekke.

Het gruwelstel komt ermee weg….. Nu begint hun echte terreur. Was de man voorheen tevreden met een stevige verkrachting, nu wil hij bloed zien. Zijn vrouw helpt hem zoveel ze maar kan. Onvoorwaardelijk. Ze plegen nog een paar moorden op jonge maagden voordat ze gepakt worden.

Hierna volgt een item over drie moordbroers. Ook weer walgelijk en afschuwelijk. Gewetenloze psychopaten aan het werk. De jongste broer is pas 15 jaar oud. Hij heeft wel emoties en gevoelens. Hij doet niet mee met het moorden, maar is natuurlijk wel met zijn familie op stap. Roadtrip met pief paf poef geluiden. Heks zit verbijsterd te kijken.

Uiteindelijk worden ook zij gepakt. De jongste broer wordt later gevangenispriester…..

Dan komt er nog een aflevering over een sociopaat van de bovenste plank. Hij liegt over zijn beroep, achtergrond, opleiding, financiele status en ga zo maar door. Toch weet hij zich te profileren als politiek lobbyist en op die manier in de hoogste kringen dor te dringen. Hij maakt mensen handig geld afhandig en weet de schijn op te houden zelf ook een rijke stinkerd te zijn.

Op een gegeven moment trouwt hij met een zakenvrouw met drie jonge kinderen. Niemand weet dit, hij houdt haar succesvol verborgen voor de buitenwereld. Zodoende kan hij rustig doorgaan met zijn vele affaires en avontuurtjes. Hij manipuleert de vrouw naar de andere kant van het land. Zo heeft hij lekker zijn handen vrij om door te gaan met zijn rare leventje.

Hij trouwt nog een vrouw. Ook haar weet hij enige tijd een rad voor ogen te draaien, maar uiteindelijk valt zijn kaartenhuis in duigen. De dames ontdekken elkaar. Ze ontdekken nog meer bedrog. De meest recente echtgenote besluit de eikel erbij te lappen wegens bigamie, maar dat moet ze met de dood bekopen. Meneer schiet haar door de kop…..

Wat heb je toch een rare mensen. Wat zit de wereld vol met mafkezen. Neem nu die broers. De middelste is de leider. Hij is vrij jong in een gevangenis beland en daar tijdens een opstand door andere gevangene verkracht. Acht uur lang! Door grote gewelddadige horken van kerels!  Afschuwelijk natuurlijk. Het heeft hem gebroken. Het heeft van dit rotjong, deze kleine crimineel, een monster gemaakt……

Terwijl de beelden nog door mijn hoofd spoken geniet ik van het zonnetje. In het park kom ik een vrouw tegen met een schat van een hond uit Roemenië. We raken aan de praat. Opeens komt de malle molenaar ter sprake. Hoe? Geen idee. De man blijkt klusjes te doen voor de vrouw. ‘Hij is ongelofelijk aardig voor me, ik krijg regelmatig een lekkere eend of gans cadeau. Die schiet hij zelf…’

Dat weet Heks. Hij wilde zijn jachtgeweer ook een keertje op mijn hond richten. Die zat achter een haas aan op de golfbaan. Hij behoort die zigzaggende haas af te schieten. Nog niet zo gemakkelijk natuurlijk. Dat is zijn bijbaantje, maar nee, hij pakt liever mijn hond, de held. Ik ben niet de enige met deze ervaring! De man is een regelrechte griezel. Hij heeft een goeie klap van zijn eigen molen gehad mijns inziens. De laatste die ik over de vloer zou halen…..

‘Ik heb de politie een keertje op zijn dak gestuurd, toen hij me stond uit te maken voor hoer, kutwijf en erger. En dat hij me wist te vinden. Hij sloeg regelrecht bedreigende taal uit. En dat in combinatie met dat geweer….. Mijn actie heeft wel geholpen. Sindsdien laat hij me met rust.’

Er komt een loopse teef aanlopen met een meneer eraan vast. Varkentje is instant verliefd. Zo snel gaat dat bij honden in hun wereld van geur. Zodoende moet ik hem vliegensvlug aanlijnen.

‘Dank voor de tip. Ja, je hebt vreemde snuiters op de wereld,’ zegt de vrouw bij het afscheid. ‘Ach, jij hebt geen problemen met de man. Het is net als bij de gemiddelde psychopaat. Superaardig voor sommige mensen, maar voor anderen gevaarlijk….’

‘Ik maak een studie van rare mensen momenteel,’ vervolg ik opgewekt, ‘Ik probeer de vinger te krijgen achter bepaald gedrag, waar ik vaak tegenaan loop. Ik heb zelf ook relaties met narcisten achter de rug. Het thema houdt me dus behoorlijk bezig.’ Ik vertel maar niet over de griezelmarathon van vannacht. Wel noem ik het boek van Iris Koops, Het verdwenen Zelf.

‘Oh, wat interessant! Ik werk met moeilijke mensen, intelligente types vaak, maar zonder enige vorm van empathie. En ik heb een moeilijke broer….’ Klinkt bekend. De wereld zit vol narcisten, maar veel mensen weten er de ballen vanaf. Heks ook tot voor kort. Nu mijn ogen open zijn gegaan zie ik dit verschijnsel overal. Het komt toch vaak voor. 1% van de bevolking is best veel, dat zijn er 100 op de duizend!

Mijn overtuiging is ook, dat je er meer op je dak krijgt als je hen niet herkent. Zodra je een narcist ontmaskert heb je een enorm probleem. Het is het ergste dat je deze mensen kunt aandoen. Dus maak je borst maar nat: Er volgen geheid levensgevaarlijke represailles. Het goede nieuws is, dat als je het overleeft, je waarschijnlijk ook van die kwibus af bent…… Omdat ie in de bak zit.

God moet een geweldige vis zijn. Een vrouwelijke wel te verstaan! En: Vergeven is een tweezijdig proces. Vandaar dat het vaak niet lukt. Ligt er weer eentje dwars…..

Vanmorgen ga ik naar de kerk. Het is alweer een paar weken geleden, dat ik het op kon brengen. Of niets anders aan de hand had. Eerst natuurlijk eventjes met Varkentje naar buiten. Een koude natte maartse bui kleddert over ons heen. We zijn binnen een paar meter doorweekt. Bah, bah, wat is het toch al maanden vreselijk weer. Slechts zelden piept de zon eventjes door de wolken. Die  verraderlijke wattendekens vol onverzoenbren hemelse haat.

Snel geef ik mijn hondje eten. Even een kwast over mijn toet trekken en ik kan er weer mee door. Op het nippertje arriveer ik in mijn kerk waar God ook een vrouw is.

Nu is God ook een vrouw. Zelfs de katholieke kerk ontkomt niet aan dat gegeven. Onlangs heeft één van  hun priesters, Father John Micheal O’neal,  een bijna dood ervaring gehad. Nou ja, bijna, hij was zowaar 48 minuten dood. Toen hij succesvol werd gereanimeerd, kwam hij bij met een gelukzalige glimlach op zijn gezicht. ‘God is een vrouw!’ bracht hij uit.

 

He claims that at that point in his experience, he went to heaven and encountered God, which he describes as a feminine, mother-like “Being of Light”.
“Her presence was both overwhelming and comforting” states the Catholic priest. “She had a soft and soothing voice and her presence was as reassuring as a mother’s embrace. The fact that God is a Holy Mother instead of a Holy Father doesn’t disturb me, she is everything I hoped she would be and even more!

 

Vandaag hebben wij in onze kerk ook een katholiek op de kansel. In een witte jurk met een lila sjerp staat hij zijn mannetje tegenover die vrouwelijke God.

Haar vrouwelijkheid maakt het celibaat er alleen maar onbegrijpelijker op. Werk je voor een vrouw en zijn vrouwen uit den boze. Tenzij God de Moeder een jaloers kreng is natuurlijk. Misschien wil ze al die priesters lekker voor zichzelf houden…..

Wat een pech voor haar: De priesters keken van oudsher dan toch liever naar kleine jongetjes…… Heks is overigens faliekant tegen het celibaat. In welke klooster of kerkorde dan ook. Wat je onderdrukt perverteert. Seksualiteit is een fantastische  en heilige oerkracht, maar als je em onnatuurlijk aan banden legt zijn de gevolgen desastreus….

De preek van vandaag gaat over vergeven. Over het belang van erkenning door de pleger van wat ie heeft gedaan. Ook berouw en goed maken behoren tot het proces. Het is een tweezijdig gebeuren. Oh.

Vandaar dat het zo moeizaam gaat, dat vergeven in mijn geval. Ik probeer het. Ik verplaats me in de ander, voel compassie in mijn hart voor de ellendige positie van mijn gemene medemens. Maar het is steeds een eenzijdig proces.

Het legertje narcisten uit mijn verleden heeft natuurlijk nooit berouw betoond voor de toegebrachte mishandelingen of spijt gehad van wat dan ook. Het zit nu eenmaal niet in de aard van die beesten. Maar ook van veel anderen heb ik nooit excuses gehad voor tikken die ze uitdeelden. Ikzelf heb daarentegen nogal eens sorry gezegd. Zelfs als die ander het eigenlijk had moeten doen. Maar daar ben ik eindelijk mee opgehouden. Zeer recent.

De preek is opgehangen rondom het verhaal van de verloren zoon. Het is ook een irritant verhaal. Een egocentrische losbol van een lievelingetje van een jongste zoon en zijn oudere broer brave Hendrikje. Heks zit er slaperig naar te luisteren. Al die familieperikelen. Ik kan het niet meer aanhoren. De Bold en The Beautiful volg ik ook niet meer. Krijg toch de klere met je macht en geld. Ik begrijp zulke mensen niet. Met liefde en respect heeft het weinig te maken. En dat is het enige dat mij interesseert.

‘Hoe vond je onze nieuwe aanwinst op de kansel?” vraagt een andere geestelijk leider van mijn kerk aan me bij de koffie. Er ontstaat een sprankelend gesprek met verschillende geloofsgenoten. Over het katholieke geloof en hoe wij in mijn kerk hun wet omzeilen door een onofficiële eucharistie te vieren. Hoe de voorganger van vandaag geen priester is maar een diaken. Niet tot priester gewijd dus.

Mooi zo, denk ik bij mezelf. Hij hoeft zich dus ook niet aan dat enge celibaat te houden. Hoe het komt weet ik niet, maar in no time hebben we het over hoe wij mensen af stammen van vissen. Ik sta aan een tafel met een paar biologen schat ik zo in. Thich Nhat Hanh zei ooit: ‘Volgens een vis moet God een geweldige vis zijn, hoe kan hij anders zo’n perfect zwemmend dier kunnen hebben geschapen?’

 

Compliment van een vent. Door één deur met een charmeur. Een telefoonnummer op de koop toe, nou moe! En dan op de loop: Heks houdt geen uitverkoop!

Vandaag gaan we met mijn koor de gehele dag oefenen op de Matthäus Passion. Om kwart voor tien ren ik de deur uit met Varkentje aan de riem. Die gaat een dagje bij ome Frogs bivakkeren. Ik loop naar de Lange Mare, want daar staat mijn auto. Niet. Oh.

Ik snel helemaal naar de andere kant van de steeg: Er staat me bij daar te zijn uitgestapt onlangs. Maar als ik ter plekke kom: Geen kanariepiet. Opeens meen ik me te herinneren dat mijn kuikentje voor de Schouwburg staat. Ik ben intussen al zeker tien minuten bezig…..

Uiteindelijk vind ik mijn autootje terug. Ik rijd de stad door. Het is nationale slakkendag. Alle slijmvormige rijbekwamen uit de regio glijden traag via hun slikkige slakkenspoor voor me uit. Ze zorgen ervoor dat ik bij elk stoplicht moet wachten!

Ome Frogs neemt het hondje van me over. Ik ben intussen echt te laat. De slakkengang zit er goed in! Op mijn gemak glijd ik langs bedauwde grasvelden vol krokussen. De zon doet duizenden druppeltjes glinsteren. Het is waterkoud.

Eenmaal in de kerk ben ik toch nog op tijd voor het inzingen. Gelukkig maar. Ik heb slecht geslapen vannacht en mijn stem is nog helemaal niet wakker. Schor kraak ik mee met de glijtonen. Stiekem riedel ik een paar boventonen. We zijn begonnen!

In de pauze spreid ik mijn tafelkleedje voor me uit op tafel. Ik lunch met geroosterd brood, zalm en bietenspread met wasabi. Een gekookt eitje maakt mijn feestmaal af. De andere alten moeten lachen. Ze is weer lekker bezig, die Heks.

We houden een uur eerder op. Onze dirigent is tevreden. ‘Oh jee,’ moppert mijn maatje, ‘Mijn zoon komt me halen, maar hij komt pas over een uur.’

We bellen hem op met mijn telefoon. De goede man is onbereikbaar. Helaas heeft ze haar huissleutel niet bij zich, het heeft dus geen zin om een stukje om te rijden om haar af te zetten. ‘Je mag wel met mij mee,’ grapt Heks. Dat lijkt haar wel wat, kan ze eindelijk al mijn katten zien! En Ysbrandt, de grote charmeur. Maar het is niet praktisch….

Als ik terug ben in de binnenstad haal ik snel een paar boodschappen. Op de hoek van de straat bots ik bijna tegen een knappe kerel op. Hij duikt plotseling op uit de  bloemenwinkel. Stralend kijkt hij me aan. ‘Hallo!’ begint hij enthousiast’ ‘Hoe gaat het met je?’ Ik bekijk hem eens goed. Prettig open gezicht, heeft wel iets bekends, maar ik kan hem niet thuisbrengen. ‘Ken ik je ergens van?’

‘Ja, we hebben onlangs koffie gedronken in de stad,’ antwoordt hij in vlekkeloos Duits. Mijn hersens kraken. Er gaat geen belletje rinkelen. Hij bluft vast maar wat. ‘Wat zie je er prachtig uit! Ga je mee ergens iets drinken?’ vervolgt de charmeur. Ik pieker er niet over.

‘Een ander keertje dan?’ Hij laat zich niet uit het veld slaan. ‘Kom geef me je nummer.’ Geen denken aan. ‘Dan geeft ik je mijn nummer! Ich bin in dich verliebt!‘ Toe maar. Dat is snel! Op het eerste gezicht!

Ik heb geen telefoon bij me om zijn gegevens in op te slaan…. Ik sta intussen te bedenken hoe ik me hier uit wurm.

Ik bevind me op een steenworp afstand van mijn huis en ik wil onder geen beding dat deze vasthoudende vleesgeworden verleiding weet waar ik woon!

Ik loods hem de winkel in. Daar schrijft hij zijn nummer op een papiertje dat hij van de toonbank grist. De dames achter de balie kijken verbaasd. Ik geef hen een knipoog. ‘Hij wil per se zijn telefoonnummer geven….’ fluister ik. Even later duwt hij een briefje in mijn hand. Ik loop achter hem aan de winkel uit, maar treuzel lang genoeg om hem uit het oog te verliezen.

Eenmaal buiten maak ik me snel uit de voeten. Ongezien verdwijn ik om de hoek en vliegensvlug schiet ik het portiek van mijn huis in. PPPfffff. Ik ben nog niet toe aan mannengedoe.

Het is natuurlijk wel leuk dat ik weer aanbidders heb. En een beetje uitgaan zou me vast goeddoen. Maar alles op zijn tijd. Ik denk aan de wijze woorden van de paragnost Peter van der Hurk: Zorg dat je eerst weer helemaal stevig op je benen staat. Als je jezelf laat zien in je kracht kan degene die bij je past je ook vinden. Niet meer settelen voor minder!

Als ik later nog eens naar het inderhaast neergeschreven telefoonnummer kijk zie ik dat het op een flyer is geschreven. ‘De Godin in Jezelf’ staat er op. En ook: ‘The Goddess Within’, ‘Lady of the Dragonfly’. En tot slot: Dance the Goddess within……

 

Aan de slag op narcistendag. Oefeningen om je grens aan te geven. Benoemen van je kwaliteiten. Wat theorie om deze waanzin te bevatten. En nog veel meer. Maar vooral: Herkenning, herkenning, herkenning……. Een bezielende bijeenkomst!

De  verdiepingsdag voor slachtoffers van narcistische mishandeling is meer lichaamsgericht dan de eerste dag. Er wordt gewerkt aan het versterken van je grenzen en herstel. Best veel natuurlijk om binnen een paar uur voor elkaar te krijgen. Voor mijn gevoel ben ik nog steeds de opgelopen schade aan het inventariseren…..

De groep bestaat deze keer louter uit vrouwen, maar één van de trainers is man. Ook hij is ervaringsdeskundige op dit gebied, hetgeen betekent dat hij er een ellendige tijd met één of andere narcist op heeft zitten.

‘Ik vind het soms best raar om hier de enige man tussen al die vrouwen te zijn,’ geeft hij aan. De groepen bestaan doorgaans voornamelijk uit dames. Het gros van de narcisten is nu eenmaal man. Deze vrouwen hebben negen van de tien keer een hopeloze ervaring met een mannelijke narcist in hun pocket….. Ze zitten dus niet bepaald te wachten op welke man dan ook. En al helemaal niet op een dag als deze!

‘Ik vind het juist fijn dat je erbij bent,’ zegt één van de deelneemsters, ‘toen ik binnen kwam en je de hand schudde dacht ik “Jeetje wat een lieve ogen heeft deze man”. Dat deed me goed. Het besef dat er ook lieve en goede mannen bestaan!’

De dag gaat pittig van start met een opdracht met z’n tweeën. Ik werk samen met mijn buurvrouw. Je vertelt elkaar over je ervaringen en vervolgens deelt die ander het in de groep. Met daarbij diens persoonlijke indruk van jouw kwaliteiten die je geholpen hebben om dit allemaal te overleven.

Ik ben eerlijk gezegd volledig vergeten wat mijn kwaliteit lijkt te zijn. Waarschijnlijk kracht. Vaak zien mensen mij als een bijzonder sterk wijf. Hetgeen keihard tegen me werkt. Sterke mensen mag je namelijk best pesten en pijn doen, toch?

Iemand krijgt de kwaliteit ‘lief’ toegekend. Wie wil nu niet lief gevonden worden? Nou, deze geweldig lieve vrouw! Het is haar voetangel geweest! De opmerking schiet haar helemaal in het verkeerde keelgat.

Ze ervaart het als misselijkmakend verdrietig dat juist die kwaliteit van haar er weer uit wordt gepikt. Deze schat baalt ervan als zacht gekookt ei te worden weggezet door allerlei keiharde narcisten. ‘Ik wil harder worden, ik ga nog een tijdje de pan in!’ roept ze strijdlustig.

Opvallend genoeg wissel ik precies met iemand uit, die net als Heks ongelofelijk belazerd is. Sommige narcisten leiden een compleet dubbelleven. Ze kunnen dit heel lang geheim houden, maar uiteindelijk lopen ze natuurlijk een keer tegen de lamp. Soms heb je als partner echt niets in de gaten. Waarom zou je ook? Ligt de mouw bijvoorbeeld op apengapen dan verwacht je geen apen…..

Vaak weten veel mensen in de omgeving wel degelijk van het bedrog. Soms ontdekken zelfs de eigen kinderen van alles en nog wat! Vreselijk natuurlijk. De laatste die er achter komt is natuurlijk altijd degene met een stel horens op de kop. Die zijn daar opgezet zonder dat ze het in de gaten had. Door haar partner. Toen ze eventjes niet oplette…..

Er volgen oefeningen met grenzen aangeven. Ik werk weer met iemand anders. We staan tegenover elkaar en de één loopt langzaam richting ander. Je kijkt elkaar in de ogen. Wanneer komt iemand te dichtbij?

De vrouw met wie ik de oefening doe heeft de meest fantastische liefdevolle blauwe ogen, die je je maar kunt voorstellen. Het raakt me diep dat iemand deze engel zo slecht behandeld heeft. Hoe kun je? Waarom?

Op een gegeven moment moet de groep vreselijk lachen om iets wat gezegd wordt. Het is ook hilarisch af en toe wat de narcisten overhoop halen om maar geen terrein te verliezen bij hun partners. Ze doen de gekste dingen en verkopen de vreemdste verhalen. ‘Het is ook goed om af en toe eens flink te lachen om die gestoorde gekken,’ schatert een dame vrolijk.

Direct daarop is er iemand in tranen. ‘Ja, mooi is dat. Ik kan er niet om lachen dat ik hier zit op een mooie zonnige zaterdag. Ik reis het hele land door, betaal 90 euro, zit de hele dag binnen met allemaal andere slachtoffers, hoor de meest verschrikkelijke verhalen…….’ tranen biggelen over haar wangen.

Iedereen is opeens muisstil. Het is waar. ‘En die narcisten hebben er niets van. Die leven gewoon door alsof er niets aan de hand is. Het ligt toch nooit aan hen. Ze maken het je nog moeilijk op de koop toe…’

Ja, je kunt er eigenlijk maar beter om lachen en dat wil je ook. Tegelijkertijd is het echt niet grappig, de narcistische mishandeling. Narcisten en psychopaten zijn de ergste bloedzuigers, die je je kunt voorstellen. Vampiers bestaan. Ze hebben alleen niet van die rare tandjes. Je herkent ze aan hun gebrek aan empathie en hun bloeddorstige honger naar jouw aandacht en energie……

Onze man van vandaag vertelt dat hij zich bezig houdt met Boeddhisme. Heks spits haar oren. ‘Ik ben net terug van een stilte-retraite van 60 dagen. Vipassana.’ Chapeau! Dat is niet niks! Heks heeft die vorm van martelmeditatie ooit in een klooster in Thailand beoefend. Zeer confronterend.

‘Als je zo mediteert kom je alles tegen wat je ooit in je leven hebt uitgevreten. Dat is je karma. Iedereen heeft dat. En voor iedereen geldt dat ie dat ooit tegenkomt. Ook narcisten ontkomen daar niet aan!’

Een schrale troost. Mocht het zo zijn, want dat weten we natuurlijk niet. Heks is wel eens dood gegaan. Ik heb dat overleefd uiteindelijk. Het heeft me dit duidelijk gemaakt: Het is niet het eind van ons bestaan…. En ook ik koester de overtuiging dat je je leven voorbij ziet komen, dat je stomweg niet ontkomt aan een blik in de spiegel. Karma en je eigen spiegelbeeld. Al  die karmische shit tussen jouw buitenkant en je kern. Je ziel.

Narcissus, die verliefd was op zijn weerspiegeling in het water…… op zijn buitenkant. In de buitenwereld. Maar nog nooit van zijn ziel had gehoord. Zijn Zelf niet kende. Geen kern had om zichZelf omheen uit te kristalliseren. Daarom hebben narcisten anderen nodig had om toch iemand te zijn. Anderen moeten dat beeld in het water bevestigen en bewonderen. Voor hen is het ook niet leuk. Want ze zijn eerder een zielig figuur dan een bezield mens…..

De narcistendag vliegt voorbij. Aan het eind wisselen we gegevens uit. Voor wie wil. Op de valreep praat ik nog met een geweldige dame wiens relatie de vorige narcistendag nog aan was. Nu zit zij midden in de ellende die volgt op een breuk met zo’n figuur. Wat zij mij vertelt doet me beseffen dat ik nog van geluk mag spreken met hoe het mij is vergaan na zulke relaties!!!

Varkentje zit in de auto te wachten. Onder de middag hebben we nog eventjes een frisse neus gehaald, maar nu is het tijd voor het echte werk. We wandelen over een dijk rond het kerkhof. Bij een kleine sluis steken we over naar een stuk dijk door de weilanden. Ysbrandt jaagt achter een balletje aan…. Later ontdek ik nog een prachtig pad langs de rivier. We lopen en lopen.

Totdat de man met de houten hamer komt. Van het ene op het andere moment schieten al mijn spieren op slot. Op pijnlijke stokken sjok ik terug naar de auto. Het zit erop. Ik ga nog naar huis rijden, maar dan is het klaar.

De zon staat laag. De TomTom stuurt me via Den Haag terug. Het kan me niet schelen. Mijn autootje snort, mijn hondje knort. Heks is tevreden en voldaan. Wat een dag. Wat een gedoe, narcisten. Wij zijn dan wel de lul, maar laten ons niet kisten!

De dag werd georganiseerd vanuit Het verdwenen Zelf.

Boek: Iris Koops, Het verdwenen Zelf, Herstellen van narcistische mishandeling.

 

Schelden is niet voor helden. Toch ontkom je er soms niet aan. Waar het hart vol van is loopt de mond van over, ook in dit geval. Maak van je hart geen moordkuil, Heks! Gooi het er maar uit, die vuiligheid. Opgeruimd staat netjes! Narcistendag 2.

Zaterdagmorgen sta ik vroeg naast mijn bed. Vandaag heb ik weer een narcistendag, maar deze keer moet ik helemaal naar Gouda. Dat vraagt wat meer inspanning mijnerzijds. Om kwart voor negen zit ik in de auto, ruim op tijd. Ik gooi Ysbrandt eventjes los in een park. Hij mag mee vandaag. Ik heb geen oppas kunnen regelen.

Helaas heb ik vandaag alle stoplichten tegen. Als ik de Hoge Rijndijk afrijd gaat de brug open. Het duurt zeker tien minuten voordat alle Rijnaken en plezierjachten voorbij zijn gevaren. Meuh. Prutteldepruttel. Heks zit zich op te vreten. Intussen rijd ik op een strak schema. Als alles goed gaat ben ik toch nog even voor tienen ter plaatse.

Maar niet alles gaat goed. Als ik in Gouda arriveer stuurt mijn TomTom me via een eindeloze dijk langs de Reeuwijkse plas. Opeens kan ik niet verder. Vervelende mannetjes in oranje pakken staan bij een wegversperring te posten. Wat nu? Ik vraag advies, maar de mannetjes weten niets van de omgeving. Of het interesseert ze niet of ik ooit mijn doel bereik. Ik rijd op de bonnefooi een belendend industrieterrein op.

TomTom laat zich ook niet onbetuigd. Zeker zes keer kar ik hetzelfde rondje tussen de afgesloten loodsen en foeilelijke bedrijfspanden. Wat een blikveldvervuiling, deze architectuur van lik m’n vestje. Maar ja. Hoe kom ik hier weg? Ik bel de twee trainers van vandaag, dat ik iets te laat ga komen. Ik krijg een melding dat het ene nummer niet bereikbaar is. Het andere is niet correct, ik krijg een wildvreemde vrouw aan de lijn.

Na nog een woest rondje industrieterrein bel ik het eerste nummer nog eens. Weer onbereikbaar. De telefoon staat duidelijk uit. Ik word zo woedend. Krijg toch de kolere. De telefoons zouden tot tien uur aan staan, omdat het vaker gebeurt, dat mensen te laat komen. Door files bijvoorbeeld…. Of zoiets als dit.

Scheldend rijd ik nog maar een rondje op zoek naar de juiste route. Afschuwelijk woorden blubberen oncontroleerbaar mijn mond uit. ‘Hoerentoeters, kutlijers, mensen zijn zo slecht. Godverdegodver….. ‘ en ga zo maar door. Ik kanker en scheld op alles en iedereen. Zoals wel vaker de laatste tijd als niemand me hoort of ziet.

Ik ben behoorlijk over de zeik. Uiteindelijk rijd ik een stuk verderop langs een stuk wegversperring. Geen mannetje te zien. Mooi zo. Dat is het voordeel van zo’n klein autootje. Je kunt overal langs en tussendoor. Stukje fietspad? Geen punt indien nodig.

Zonder problemen kan ik gewoon het laatste stuk langs het water rijden. Het is me een raadsel, waarom die weg in godsnaam helemaal dicht moet, maar goed. Mannetjes hè! Die willen gewoon lekker moeilijk doen. Hun invloed doen gelden…..

Een minuut of tien te laat ben ik dan toch ter plekke. Ik mag er nog in! Een hele lieve jongedame ontvangt me en stelt me een beetje op mijn gemak. Dat valt nog niet mee. Er komt stoom uit mijn oren.

De trainers schrikken als ze ontdekken dat de telefoons onterecht uit staan. Er is als het goed is nog iemand onderweg. Die is overigens nooit meer opgedoken. De telefoons gaan aan. ‘Eindigt jouw nummer op **?’ vraagt de vrouwelijk trainster. Terwijl ze het vraagt hoor ik immens geschreeuw vanuit haar telefoon. Dat ben ik! Haar antwoordapparaat stond wel degelijk aan. En ik heb blijkbaar het gesprek niet afgebroken……. ‘Geen idee,’ draai ik erom heen.

In de pauze vertel ik haar, dat ik inderdaad die schreeuwlelijk op haar voicemail ben. Helemaal boven mijn theewater. ‘Luister het asjeblieft niet af!’ roep ik wanhopig. Ik gun het niemand om die vuiligheid over zich heen te krijgen. Nou, misschien een incidentele narcist. Maar zeker niet deze lieve dame.

‘Het komt vanuit trauma. Je hebt zoveel moeten slikken, dat komt er nu uit. Al die ellende zit in je lijf opgeslagen. Helemaal niet verbazingwekkend, dat je zo gaat schelden, zeker niet als alles tegen zit.’ ‘En je op weg bent naar een narcistendag,’ denk ik erachteraan, ‘waar je veel geld voor betaalt, terwijl de aanstichters van dit onheil nergens last van hebben…… Dat geeft inderdaad nogal wat onvrede.

Zo is de narcistendag nog niet eens begonnen en ik heb al de belangrijkste les te pakken van vandaag. Mijn gescheld mag! Het is niet nodig mezelf daar ook nog eens op af te kraken. Ik mag woedend zijn op al die gekken, die me bij de neus hebben gehad. De monsters, die me fysiek te grazen hebben genomen, alsmede alle leugenaars, bedriegers en dieven, die hier kind aan huis zijn geweest.

Ik mag kotsen op mensen, die mij hebben uitgekotst. Ik mag kwaad spreken over mensen, die me kwaad hebben gedaan. Ik mag lastig zijn voor hen die me lasteren. En ik mag iedereen stijf schelden, die mij naar het leven heeft gestaan. Figuurlijk dan. Ik ben wel geslagen, maar gelukkig nog nooit dood geslagen of verwurgd. Wel zijn er zijn mensen, die me sociaal hebben vermoord. En op hen scheld ik ook grof. Volledig terecht.

Maar goed, ik hoop wel dat het een keertje ophoudt, die vuilbekkerij. Je krijgt echt een vieze smaak in je mond door al dat gekanker. Ook schaam ik me natuurlijk toch dood als die vrouw mijn grove taalgebruik hoort. Ik dacht dat haar telefoon uit stond en de mijne het contact had verbroken. Niet dus.

Confronterend. Maar het is nu eenmaal gebeurd. Heks is gewoon enorm pissed off. Op alles en iedereen, die over mijn grens is gegaan. Recent of honderd jaar geleden. Maakt niet uit. Hoepel op van mijn terrein.

Ook ben ik er helemaal klaar mee om bruggen te bouwen naar narcistische idioten. Liever geef ik hen op hun kloten!

Ooit zal het wel overgaan. Deze rage, razernij, woede….. Op een dag zijn de scheldwoorden op en is de bal nijd verdwenen uit mijn buik. Op een goede dag. Als ook alle narcisten en psychopaten me hebben verlaten en terug zijn gekropen in hun hoeken en gaten. Of onder hun steen.