Een ouwe kop valt niet te vermijden met het stijgen der jaren. Geeft niks, gewoon niet in de spiegel kijken voor de lunch. En vreemde vogel verstopt zich in afwachting van een lekker maaltje: Een vage vis of stoned garnaaltje…..

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, Vooral niet voor de lunch in de spiegel kijken…….

‘Mag ik er nog in?’ De assistente knikt vriendelijk. Heks is laat vandaag. Ik ben doodziek opgestaan en het duurde iets langer dan normaal om er weer wat van te maken. Het houdt nog niet echt over….

‘Ik kan maar niet in de tweede versnelling komen,’ verontschuldig ik me nog maar eens. Maar het is nergens voor nodig. De assistente is in een redelijk goed humeur. Er is wel ergernis, maar dat heeft niks met Heks te maken.

‘Het is zo warm in ons hok met dit prachtige weer. En omdat ze de gevel aan het schilderen zijn kunnen we ook niet alles open zetten, zoals gewoonlijk. Zo’n herrie! En dan dat stof!’

Snel rammelt ze de inhoud van de ampullen in de injectiespuiten. Citrus en B12. Het geprik is er een beetje bij ingeschoten de laatste paar weken, door allerlei vakantieroosters.

Heks floreert niet bij dit soort veranderingen. De helft van de tijd vergeet ik de afspraken en de andere helft van de afspraken zijn opeen op een tijdstip dat ik echt niet kan.

Met name B12 tekort geeft veel extra problemen. Zo vuren mijn zenuwbanen constant loze signalen door mijn lijf. Ik lijk onder stroom te staan. De uiteinden in mijn handen bonken pijnlijk tegen mijn vingertoppen. Prikkelingen jassen door mijn benen naar mijn voetzolen. Een afschuwelijk gevoel.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, Stijl haar en een ouwe kop gaan samen hoor ik vanmorgen! Niet best voor Heks. Misschien moet ik toch maar een permanentje nemen, ik krijg er wel de leeftijd voor……

‘Wat word je haar lang, Heks,’ de doktersassistente veegt mijn paardenstaart uit mijn hals en mikt de prik in een vlezig stukje. Zelf heeft ze een korte krullebol. Iets waar Heks altijd jaloers op is. ‘Als kind wilde ik altijd een bos krullen,’ beken ik, ‘Maar om dat lang te krijgen, dan ben je wel eventjes bezig……’

We lachen vrolijk. ‘Joh, het staat me voor geen meter, lang haar. Ik krijg er een ongelofelijk ouwe kop van,’ giebelt ze, ‘Soms strijk ik het wel eens, met een stijltang. Dan is het inderdaad een stuk langer. Maar ja. Geen gezicht!’

‘Haha, nou ik hoef niet eens mijn haar te krullen of strijken om een ouwe kop te zien. ’s Morgens in de spiegel kijken volstaat!’ grap ik terug. Het is waar. Ik wacht meestal een halve dag voordag ik me daaraan waag.

Grinnikend fiets ik naar een park. Ik ga VikThor te water laten. Ik gooi zijn kip in de gracht, maar na 1 bommetje houdt hij het voor gezien. Geobsedeerd staat hij bij het riet te snuffelen. Een zekere opwinding maakt zich van hem meester. Er zit daar iets, maar wat?

Een rat?

Hij duwt zijn neus in het struweel en springt weer terug. En nog eens. En nog eens.

Plotseling zie ik een beest zitten. Van een afstandje zou het alles kunnen zijn. Een haas of konijn. Een verdwaalde kat. Alleen geen rat. Dat niet.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Het is een jonge zeemeeuw. Pientere kraaloogjes kijken me aan. Hij beweegt zich niet. Geeft geen krimp ten opzichte van mijn hondje. Die mag er overigens niet bij van mij. ‘Er is iets met dat dier,’ Heks heeft er een buurvrouw bijgehaald. Het is toch niet normaal dat hij zo stil blijft zitten?

Later bel ik de dierenambulance /vogelopvang. De dame aan de andere kant van de lijn moet lachen. ‘Hij zit op zijn moeder te wachten, die is op zoek naar voedsel. Hij heeft geleerd om zich te verstoppen……’

‘Nou, hij kan beter een ander plekje zoeken, het stikt in dat park van de honden. Het is een officieel uitrengebied!’

Ja, weet zo’n zeemeeuw veel. Dat kunnen we hem toch echt niet aan het verstand gaan peuteren. ‘Ik laat hem dan maar gewoon zitten. Op hoop van zegen.’ Het zit me niet helemaal lekker.

‘Ach, die vogel kan ook heel goed zwemmen. Dus als het hem te gortig wordt kan hij altijd nog de gracht in huppen. Hij zit toch pal aan het water?’

Ja, het dier zit in het riet. Niemand die hem ziet. Zonder zijn moeder redt hij het niet. Maar als hij te water gaat overleeft hij het wel. En hij heeft ook nog een hele scherpe snavel…..

‘Goed neusje heb je toch, VikThor,’ prijs ik mijn hondje. Je kunt je nog zo goed verstoppen: Mijn monster vindt je!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM,

Contemplaties over woede: Het leven slaat je met een roede. Vermoorde onschuld in de pan. Als je het niet volhoudt drink je je lam. Heks geniet via haar hond: Hij rent in het rond. Als een zotteklap met zijn lekkere kontje….. Ja, een hondje maakt gezond.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, HET ONSCHULDIGE LAM MET DE BLAUWE OGEN. DON LEO WEET DAAR CULINAIR WEL RAAD MEE……

Zacht worden, weer zacht worden. Weer acht worden. Of vier. Weer kijken met de ogen van een kind. Verwonderd. Open. Bewust van alle lagen van alle werkelijkheden. Onschuldig als een lam. Met oren. Horen: Getroost worden…..

Oorlam.

Lamstraal.

‘Ik vind mensen verschrikkelijk. Vaak,’ vertrouwd Saar me toe, ‘Dat had ik al als kind.’ We maken een enorme wandeling met onze viervoeters. Mijn frivole huppelhondje en haar woeste herplaatser, een bakbeest met rugzak. Helemaal achter het Valkenburgermeertje, daar waar bijna niemand komt, haalt mijn vriendin de muilkorf van haar monster.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, HEB JE NET JE SCHAAPJES OP HET DROGE, KOMT ER ZO’N LAMSTRAAL AAN…..

Nadat hij eerst met korf bijzonder woest met mijn hondje dolt. Te woest. ‘Hij heeft zoveel opgekropte energie…. Als hij een speeltje in zijn bek kan houden gaat het beter.’

En dat is zo. Plotseling spelen onze schatjes heerlijk langs het oude rangeerplatform. Eindeloos rennen ze achter elkaar aan. VikThor pikt de bal van Baris en vice versa. Saar en Heks zitten het schaterend gade te slaan. ‘Oh, wat heerlijk. Wat zijn het toch een schatten! En wat zijn ze happy! Nu!’

Wij ook natuurlijk. Van weeromstuit. Ook wij rennen een beetje door het struweel. Ook wij krijgen wild in onze neus. Ook wij zijn er helemaal bij. Blij! En vrij!

‘Als je contact met een kristallen schedeltje wilt maken, dan moet je helemaal in je hart komen. Dus denk aan een klein kind. Of een dierbaar dier….,’ de toverheks, die me dit vertelt reist rond met een grote kristallen schedel, Synergy genaamd, ‘Volwassen mensen zijn veel te gecompliceerd voor dit doel, daar ga je het niet mee redden!’

Saar en Heks kijken elkaar aan. Ja, het is waar. Soms tref je een wijs exemplaar. Zoals ik vandaag Saar. Maar vaak is het onwijs onwijs wat de klok slaat. En als je daar tegenin gaat….

Mensen lijden en daarom doen ze zo vreselijk. Ik spreek uit ervaring. Alle keren dat ik me hopeloos heb gedragen voelde ik me bepaald niet senang.

Het is dus niet altijd een keuze om een eikel te zijn. En voor je het weet is het een ingesleten gewoonte. Gedrag, wat je vertoont, nog voor je erover hebt nagedacht. Ingesleten eikelpatronen. Vaak door generaties heen!

Het is eerder een bewuste keuze om te ont-eikelen.

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, KLOK IS DOOD. HANGT SCHEEF EN IS KAPOT……

Afgelopen week heb ik een wonderbaarlijke ervaring. De klok van mijn vader staat al een tijd stil. Plotseling besluit ik em op te winden en af te stellen. Zodat hij weer loopt.

Ik voel mijn vader in mijn kielzog, terwijl ik met mijn tong tussen mijn tanden de klok waterpas hang. Als ik het uurwerk vervolgens opwind begint de klok woest te slaan. ‘Deng, deng, deng, deng,……. Eindeloos.

Ik geef het op. De klok is boos. Er is echt iets mis met het uurwerk.

‘Kun je mij vergeven dat ik een vat vol woede was?’ Mijn vader praat alsof hij naast me staat. Het is echt heel belangrijk. Kan ik dat? Ik heb dat toch al jaren geleden gedaan. Maar heb ik dat toen echt gedaan? Bij voorbaat? Ik wist niet eens waar ik het over had!

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, DE KLOK IS BOOS, HIJ SLAAT EN SLAAT ZICH EEN SLAG IN DE RONDTE

Ja, dat kan ik. Natuurlijk kan ik dat! Ik hou veel van hem en ik neem het hem niet meer persoonlijk kwalijk. Ik zie de bloedlijnen met het venijn in mijn aderen. Het is niet anders. Ik ben niet de enige. Zovele familieclans vol woede. Generaties vastgeketend door zoete wraak.. Getekend voor het leven.

Of angst. ‘Mijn voorouders dragen allemaal het angst-gen in zich. Ik heb vandaag gezeten met mijn angst,’ zegt een man tegen me tijdens de retraite in Biezenmortel. Het heeft me geïnspireerd om met mijn woede te zitten. Maar ja, je ziet wat ervan komt. Het thema nijd heeft zich rap door mijn leven verspreid.

Is zichtbaar en voelbaar geworden. Ik leer woede opeens ook kennen als een kracht. Het heeft een functie, net als jaloezie. Om iets te signaleren. Om je in beweging te zetten.

De genetische woede, of angst, jaloezie, noem maar op….. Daar kun je je maar beter van bevrijden.  Dat doet Heks dan ook. Ik omarm mijn vader in gedachten. Geef de klok nog niet op. Opnieuw probeer ik em aan de praat te krijgen. ‘Ik vergeef je, ik wil dat het hier eindigt. Dat ik iets kan keren hierin…. Voor ons allemaal. Geen ‘bloed kome over ons en onze kinderen’ meer. Bloedwraak en wrok: Ga in je hok!’

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, OORLAM VOOR EEN LAM LAM MET GROTE OREN….

De klok begint te lopen. En loopt  En loopt. Tiktaktiktaktiktak. Doinggg….

Ik hernieuw een vriendschap via Facebook. Mijn oude vriend woont in Kroatië. Daar doet hij al jaren allemaal hele leuke dingen met medemensen. Onder andere smeden. De man is smid.

‘Ik ga de klok van pappa repareren en wel daar. Bij mijn vriend Smid, in Kroatië,’ plan ik overmoedig. De slinger is kapot en behoeft wat degelijk smeedwerk. Mijn lijmpistool volstaat niet meer.

Zo stromen er allemaal magische rivieren door mijn universum. En opeens komen er een aantal samen. Begin ik vreemde plannetjes te beramen.

‘En houdt die woede dan ook op?’ Heks is moe van alle aanvaringen en mijn onvermogen om te sussen, door te slikken en te harmoniseren. Volgens mijn vader wel. Zijn geestesmond beweert terstond onomstotelijk maar niet bewezen: ‘Mijn schattebout, je bent genezen!’

©TOVERHEKS.COM,

©TOVERHEKS.COM, VRIEND SMID SMEED HET IJZER ALS HET HEET IS!

Leergierige Panter klem in Museum Boerhaave. Heeft hij het weer overleefd? Wat is er eigenlijk gebeurd? De hoeveelste queeste is dit nu alweer? En hoeveel levens heeft hij nog over?

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Vrijdagmorgen loop ik museum Boerhaave in. Ik ben het al dagen van plan, maar telkens was de deur dicht of had ik net geen tijd. Vandaag ben ik echter op een missie. Al twee weken is de panter in geen velden of wegen te bekennen. Zijn grote zwarte katerlijf maakt zich niet meer onverwacht los uit de schaduw. Geen gezellige nachtelijke wandelingen met VikThor. Al die tijd is hij ook niet komen eten…… Waar zit die mafkees?

Zoals altijd als mijn panter in de problemen geraakt ben ik binnen een halve dag op de hoogte. Allerlei innerlijke alarmbellen gaan af. Ik weet gewoon dat er iets loos is. Dit terwijl mijn monster met enige regelmaat een paar dagen niet thuis komt. Zeker in het voorjaar wil hij nogal eens op stap gaan. Ik maak me daar nooit te sappel over.

Nu is er echter iets niet in orde. Ik voel het aan mijn hekseneksteroog.

En ja hoor. Twee weken later en nog steeds geen spoor van mijn geliefde kat. Potjandrie. Waar zit dat beest? Hij kan wel overal zijn. Sinds ik hem een keer in Hoorn heb opgehaald kijk ik nergens meer van op. Toch loop ik midden in de nacht door de buurt zijn naam te roepen. Geen reactie……

Steeds als ik aan hem denk zie ik riool voor me. Onder de grond. Buizen. Shit. Hij zal toch niet ergens in verstrikt zijn geraakt? Is hij opgesloten in een leeg pakhuis en probeert hij soms via het riool ontsnappen? Mijn kattenvriendin aan gene zijde helpt me zoeken. Hij zit inderdaad in de problemen.

‘Je moet nog even geduld hebben, Heks, het komt goed, er wordt aan gewerkt, maar nu zit hij inderdaad nog vast..’ hoor ik in mijn geestesoor, ‘Zoeken heeft nu geen zin, je vindt hem niet….. lispel lispel lispel….’ de rest versta ik niet.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Donderdagavond brand ik een kaarsje. Voor Schilder natuurlijk. Maar ook voor mijn avontuurlijke kat. De boerenridder Ferguut. ‘Kom naar huis,’ fluister ik tegen zijn ziel,’ breng hem thuis,’ verordonneer ik de hulptroepen in andere dimensies.

Zo loop ik vrijdag dus het museum in. Ze zijn al ruim anderhalf jaar bezig met een enorme verbouwing. De collectie is zo lang opgeslagen. Het hele gebouw staat op zijn kop. Plafonds en vloeren liggen open. Een tricky omgeving voor een ondernemende kat.

De binnentuin is bomvol mannetjes met allerhande gereedschap. Er wordt verwoed gezaagd en gehamerd. Het duurt dan ook even voordat ze mij in de gaten hebben.

‘Hebben jullie mijn kat gezien, een grote zwarte panter?’ Niemand heeft iets gezien. ‘Nee joh, die zit hier niet,’ beantwoord ik met ‘Ik heb hem hier vorig jaar ook al eens weggehaald.’

‘Ja, jij hebt toen een ruitje ingeslagen,’ grinnikt een grote kerel goedmoedig. Ik verschiet van kleur en kijk zo onschuldig mogelijk. De man laat zich niet bedotten. ‘Geeft niks hoor, je had gelijk. Het is hier echt levensgevaarlijk voor dat beest.’

In eerste instantie kom ik niet veel verder in mijn zoektocht, maar opeens roept een piepjonge timmerman dat hij die ochtend de afdruk van kleine kattenpootjes heeft gezien in het anatomische theater. ‘Ze zien er vers uit, ik heb ze ook niet eerder gezien,’ beweert het joch hardnekkig tegen zijn ongelovige collega’s.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

In overleg met de uitvoerder wordt er een opzichter opgetrommeld. Het blijkt een ongelofelijke grapjas te zijn. Plagend probeert hij me direct in de maling te nemen. Dan komt hij terzake. ‘Kom om half 2 hierheen, dan lopen we het gebouw samen door. Je moet dan wel speciale schoenen aan hoor. En neem wat kattenbrokjes mee!’

‘Ik heb een afspraakje zometeen met een mannetje in het museum,’ roep ik tegen mijn hulp als ze binnenkomt. ‘Wat leuk. Heks, vertel,’ antwoordt ze in de veronderstelling dat het om een date gaat. Ik help haar snel uit de droom.

‘Hij is wel grappig hoor, maar geen relatiemateriaal, hahaha. Bovendien is hij ongetwijfeld getrouwd! We gaan mijn kat zoeken, niet mijn poesje….’ grap ik er lustig op los. Ik voel me verwachtingsvol sinds de melding van de kattenpootjes. Mijn zwerver zit vast en zeker vast in het museum!

Mijn date staat me al ongeduldig op te wachten. ‘Zo, ik dacht dat je me zou laten zitten….’ roept hij opgelucht als ik een paar minuten over half twee voor zijn neus sta. Zijn collega’s reageren met een reeks kwinkslagen. ‘Ze zijn gewoon stikjaloers…,’ verklaart hij dit gedrag.  Snel maken we ons uit de voeten.

‘Miauw, miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door gegiechel. Overal zitten mannetjes te klussen. Het verhaal dat er een toverheks naar haar zwarte kat komt zoeken heeft duidelijk de ronde gedaan tijdens de lunch.

‘Het is zo’n groot zwart bakbeest toch?’ mijn gids is een geweldige kletskous, ‘Nou, dan heb ik misschien niet zulk leuk nieuws voor je, ik heb hem met enige regelmaat uit die vuilcontainer zien kruipen. En die wordt elke week opgehaald om te worden geleegd……’

Een klamme hand sluit zich om mijn hart. Oh jee. Die container wordt tegenwoordig elke avond helemaal dicht geseald met een gigantisch stuk zeil. Dit om te voorkomen dat er de hele nacht mensen dingen in staan te gooien. Of uit proberen te halen.

Er heeft zich de eerste maanden van het bestaan van deze container een levendige ruilhandel ontwikkeld in de wijk. Heks heeft er een paar mooie spiegels en een kroonluchter aan overgehouden…… Geweldig natuurlijk!

Maar ja, de buren waren niet blij met dit verschijnsel. Het maakt lawaai. Vooral als het s’nachts gebeurt. En als er dronken droppies bij betrokken zijn……

‘Eerst maar eens naar die kattenpootjes in het anatomisch theater kijken,’ onderbreekt mijn nieuwe vriend opgewekt mijn sombere gedachten. Ik zie mezelf al voor mijn geestesoog op een verlaten vuilstort zoeken naar mijn zwarte ridder…..

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We spoeden ons door het zo goed als lege gebouw naar de opgebroken zaal. En ja hoor, er staan een heleboel verse afdrukken in het stof van de rudimenten van het theater. Een golf van opluchting slaat door me heen. Aan het enorme formaat te zien gaat het inderdaad om mijn ventje. Mijn schat leeft op grote voet!

Ik schud met de brokjes en roep zijn naam. ‘Miauw,’ klinkt het aan alle kanten. Gevolgd door een welgemeend ‘Hihihi, hehehe, hahaha….’ ‘Hou op, mannen, jullie humor doet me pijn….’ protesteert Heks.

‘Oh jee, kijk hier eens,’ mijn begeleider stopt zijn hoofd in een openstaand luik onder het theater. Er staan kattenpootjes omheen, maar mijn panter is nergens te bekennen. ‘Ik hoop niet dat hij door dat gat de kruipruimte naar de riolering in is gegaan, want het staat vol met water sinds die buien van de afgelopen week…..’ sombert hij. De klamme hand komt terug…….

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

We lopen het hele gebouw door op zoek naar nog meer sporen van mijn panter, maar we vinden slechts een paar hele oude stoffige afdrukjes ergens boven in het gebouw. Waar zit dat beest? Is hij echt verdwenen? Heks rammelt en roept, maar van mijn schat geen spoor.

Plotseling worden we gebeld. Drie keer achter elkaar. ‘Ik zag net iets zwarts voorbijflitsen op de benedenverdieping,’  en ‘Is ie zwart? Er rent een zwarte kat de deur uit hier…!’ en  ‘Zwarte kat gesignaleerd in de binnentuin.’ Heks raakt eufoor. Uit welke deur is hij gerend? De voordeur soms? Er zijn zoveel deuren. Waar is hij nu? Welk bericht is het meest recent?

Na enig onderzoek blijkt er een zwart monster in de binnentuin te zitten. We rennen naar buiten. ‘Ferguut,’ roep ik. Maar niks. Ik loop de hele tuin door. Er staat een grote boom. ‘Miauw,’ hoor ik. Geen bouwvakker te bekennen, dus dat moet mijn kat zijn! Maar waar zit hij?

Er wordt gezaagd en geboord, getimmerd en geschreeuwd aan de andere kant van de tuin. Maar af en toe hoor ik gemiauw. ‘Ik zag hem onder dat vlonder verdwijnen,’ helpt een krullenjongen me uit de brand. Mijn bakbeest blijkt zich midden in een zeventiger jaren spuuglelijke waterpartij te hebben verschanst.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Met moeite en veel snoepjes weet ik hem er uit te lokken. Snel grijp ik hem in zijn kippennek. Ha. Kip ik heb je!

In de dagen erna wordt mijn monster doodziek. Niet direct. Eerst wil hij maar wat graag eten. Misschien geef ik hem iets teveel. Gewend als ik ben dat hij altijd wel wat van zijn gading vindt buiten. Een vette muis of vogeltje….. Deze keer is hij echter flink vermagerd. Pas na een dag dringt het tot me door dat hij hoogstwaarschijnlijk twee weken niks te vreten heeft gehad!

Ik reconstrueer dat hij ongetwijfeld vrij snel na zijn eenzame opsluiting tijdens Hemelvaart in het riool is beland. Het luik ging dicht en meneer kon geen kant meer op. De afgelopen week hebben ze het luik weer opengezet na al die regen. Twee weken vies water, ratten en te snel veel eten deden de rest: Panter doodziek!

Ik doorwaak twee nachten. De tweede nacht gaat het mis. Ik zie hem per uur achteruit gaan. De hele nacht ben ik in de weer om mijn beestje te ondersteunen. En de troep weer op te ruimen……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

Dan komt de omslag: Zondagmorgen valt hij in een genezende slaap. Heks ook. Later die dag wil panter weer eten. Het liefst wil hij ook weer de hort op, maar dat kan hij voorlopig vergeten. Eerst aansterken, gekke roofridder.

Zondagavond halen Joy en Boy mijn hondje op. Heks kan intussen geen pap meer zeggen, maar VikThor moet toch nog eventjes flink aan de wandel. ‘Hij is inderdaad een beetje magertjes, Heks,’ mijn vriendin heeft de panter opgetild. Vol liefde geeft hij haar kopjes. Het is toch zo’n schatje!

Mijn vrienden knuffelen alle katten uitgebreid, nadat ze  mijn hondje flink hebben laten rennen. Daarna heffen we het glas op de behouden thuiskomst van mijn zwerver: Hij heeft nog zeker vier van zijn negen levens over. Daar moet hij het voorlopig mee kunnen redden……… Dus eind goed, al goed.

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

 

 

 

‘Juh, kehjut tsien? He’k wat fan je an dan?’ Heks stijfgescholden door Leidse Moslima met een debiel in heur hoofddoek: ‘Pleurttop juh! Teer op! Tief lekka je graf in, achteleke toverlijer met je leipe bezemsteel. Ga maar lekker op je plaat in rontonde om de kerktoruh! Met die zinksnijer in je smoel! Gestoorde dakschijter!’ En hier dan weer om lachen met Don Leo. Hij is eindelijk op bezoek in Huize Heks!

‘Hoorde je me ruzie maken hier voor de deur?’ Verwachtingsvol kijk ik de Don aan. Hij komt net fris gewassen en geschoren de badkamer uit. Aan de achterkant van mijn huis. Het incident is hem dan ook ontgaan. Jammer. Het was weer een geweldig staaltje van krijg nou wat!

Een piepjonge moslima  fietst als een ongeleid projectiel door de steeg. De oorzaak van haar zwabbergang is de mobiel, die ze in haar hoofddoek heeft geklemd. Vol overgave zit ze er in te blaten. De rest van de wereld ontgaat haar. Ze mist mij en mijn hond op een haar na. Verbluft kijk ik hoe ze na deze gevaarlijke manoeuvre gewoon door blijft kletsen.

Het intermenselijk verkeer laat haar koud. Op die ene idioot aan de andere kant van de lijn na dan.

Ik vang haar blik, terwijl ze verwoed probeert controle te krijgen over haar fiets. ‘JUH, KEH JUH UT SIEN?’ blèrt ze in plat Leids. ‘Ja,’ antwoordt Heks droog, ‘Ik zag je bijna over mijn hond fietsen met die debiel aan je oor.’  Nou, ik kan een hijs voor m’n treiter krijgen. Moord en brand schreeuwend fietst deze perfect geïntegreerde allochtone schone de straat uit.

Nou ja, schone………  Zolang ze haar klep houdt dan. Zodra die muil open gaat ga je over je zuiger van wat er aan asociaal taalgebruik uit komt……

©TOVERHEKS.COM

©TOVERHEKS.COM

De Don moet erg lachen om het gebeurde. ‘Hahaha, Heks, geweldige tekst vanuit die hoofddoek. Wat is de werkelijkheid toch absurd. Als je dit verhaal zou verzinnen gelooft niemand het!’

Al dagen vermaken Heks en de Don zich prima met vrijwel niets. We hebben genoeg aan elkaars gezelschap. We hebben altijd maar een half woord nodig. We moeten lachen om dezelfde grappen. We hebben ongeveer hetzelfde energieniveau of gebrek aan energieniveau……

Vorige week woensdag haal ik de Don van het station. Na een bijzonder vlotte treinreis staat mijn oude vriend dan eindelijk weer eens in levende lijve voor mijn neus. Hoera!

Een grote grijze gleufhoed prijkt op zijn hoofd. En ondanks de tropische temperaturen die dag draagt mijn makker natuurlijk een driedelig pak. Met stropdas. En overjas!

Snel gooi ik zijn bagage in mijn auto en even later zitten we heerlijk op mijn balkonnetje bij te kletsen. Urenlang. Aan het eind van de middag lopen we de stad in met het hondje. In een park laten we mijn monster zwemmen en spelen. Op een terrasje klinken we op ons weerzien na al die jaren.

Don’s vorige bezoekjes dateren alweer van jaren her. En de laatste paar keer hadden we slechts een verloren uurtje om samen stuk te slaan. En ondanks het feit dat we elkaar al die tijd minstens een keer per week uitgebreid spreken wil je toch wel weer eens tegenover elkaar zitten. Wij wel in elk geval! En dat doen we dan ook: Deze keer hebben we alle tijd.

Pas om een uurtje of tien ’s avonds zijn we weer in Huize Heks. We moeten nog eten! Heks gooit snel wat lamskoteletjes in haar grillpan. De Romaanse sla gril ik ook. De Don doet even een tukje. Hij heeft er een hele lange dag opzitten!

Midden in de nacht zitten we eindelijk te smikkelen aan de keukentafel. ‘Een heerlijke souper!’ glimmen we tevreden naar elkaar. Ha! Dit is pas de eerste dag van een nu al legendarische logeerpartij.

‘Mijn zangmaatje Anna heeft me gisterenavond flink doorgezaagd over je slaapplek,’ vertel ik de Don nadat ik zijn bed heb opgemaakt, ‘Ik moest haar ervan overtuigen dat je in de logeerkamer slaapt, dit tot groot vermaak van de sopranen!’  Hikkend van de lach geven we elkaar een nachtzoen. Oh, oh, die Anna. Zo heerlijk ouderwets en degelijk. En: Ze houdt me goed in de gaten!

 

In memoriam Willem van Scheijndel. Mijn vriend Schilder is niet meer onder ons. Onverwacht weggevlogen. Opgetild door het eerste zomerbriesje. Verrukt vliegende vreemde vogel! Meegenomen door engelen en geliefden. Eindelijk thuis. Quote: ‘Stel je voor, je komt bij de hemelpoort en Petrus vraagt je wat je zoal in je leven hebt uitgevoerd…. En je moet antwoorden dat je financiële wanproducten hebt verkocht voor de Rabobank…… Verschrikkelijk natuurlijk! Nou, dat kun je toch beter aankomen met mooie schilderijen!’

Afgelopen week wandel ik met Chris langs de golfbaan. Haar hondjes vrolijk drentelend naast ons. VikThor draaft sneller dan zijn schaduw door het struweel.

Plotseling een ijselijke kreet, een duikvlucht. ‘Wat heeft je hondje daar?’ Heks staat al naast haar monster. Ik vis een jonge spreeuw tussen zijn tanden vandaan. Hij houdt het beestje heel voorzichtig vast, zoals een echte jachthond betaamd. Toch is het dier gewond geraakt. Bloed kleeft aan mijn handen.

Voorzichtig inspecteer ik het diertje. Het ziet er niet goed uit. Hij lijkt wel doorspiest vanaf de rug. Tussen zijn opgevouwen vleugeltjes gaapt een diepe wond. Zijn buikje is echter puntgaaf. Een glanzend kraaloogje staart me helder aan. Ik leg contact met dit kleine kereltje. Nog maar net begonnen aan zijn vrolijke zorgeloze vogelleventje en nu al kansloos.

‘Wat was het voor’n vogel, die zo zat te schreeuwen?’ Mijn vriendin weet het niet. Was het één van zijn ouders? Die in paniek mijn hondje probeerde te verjagen? Of was het soms zo’n lelijke ekster? Ik heb ooit een nest merels op mijn waslijn gehad. Toen ze uitvlogen zat er een school eksters klaar om hen te verorberen……..

Ook het tweede nest datzelfde voorjaar, wellicht geboren uit de frustratie van de berooide ouders, was eenzelfde lot beschoren. Mijn balkon getransformeerd tot fastfoodketen voor de schreeuwlelijkerds onder de nazaten der dino’s……

Voorzichtig loop ik met mijn vogelvriend terug naar de bewoonde wereld. We gaan hem natuurlijk proberen te redden, maar ik heb er een hard hoofd in. Om de paar meter sta ik een tijdje stil. Check de ademhaling. Kijk in zijn kraaloogjes. Hij gaat zienderogen achteruit. In de bocht naar de woonwijk overlijdt hij. Ik zie zijn borstkastje steeds lichter ademen. Mijn heksenhanden vormen een kolom van liefde en licht. En dan is het voorbij.

Ik geef hem een mooi plekje aan de Zijl. Voorzichtig bedek ik het graf met klei en planten. ‘Dag lieve Spreeuw. I hold you close to me, I release you to be so free…..’

‘Dit is al de vierde gewonde vogel, die ik in mijn handen heb het afgelopen jaar. Alleen die uil heeft het overleefd…… Bizar toch?’

Een paar dagen later gaat de telefoon. Ik sta net in de berging mijn fiets van het slot te halen, op weg naar de fysiotherapeut. Het is de broer van Schilder. Ik zie het op de display van mijn mobiel. Ik weet het direct: Mijn goede vriend is er niet meer. ‘Ha lieve Broer, vertel het maar, wat is er met Schilder?’

Diezelfde middag nog ga ik kijken bij mijn oude vriend. Vredig ligt hij in zijn witte kist. Een flauwe glimlach speelt om zijn mond. ‘Haha, heb ik jullie mooi bij de neus gehad….’ Hij lijkt wel te ademen…

‘Goeie hemel, hij past er nauwelijks in, wat is hij toch groot,’ stamel ik, terwijl ik naar zijn tegen het hout gevlijde hoofd kijk. Zijn mooie dolfijnengezicht met dat geprononceerde voorhoofd en de diepliggende ogen helemaal rustig en vredig.

Ons aller Schilder is niet meer. Plotseling overleden aan de gevolgen van een slopende ziekte. Alleen wist niemand het. Hijzelf ook niet. Nou ja, of hij echt geen idee had is maar de vraag. Niet iedereen is in de wieg gelegd voor een lang ziekbed en eindeloze hopeloze behandelingen in het ziekenhuis. Sommigen sterven gewoon bij voorkeur in het harnas. Met een kwast in de hand in zijn geval.

’s Avonds lees ik op internet wat de media over hem hebben geschreven. Ik zie een hele leuke foto bij een artikel staan. Krijg nu wat: Die heb ik een paar jaar geleden gemaakt! Wat grappig.

Fiederelsje komt me troosten. We heffen het glas op Schilder en praten over zijn leven en werk. ‘Die enorme schilderijen uit zijn beginperiode vind ik toch zo mooi, die zou ik dolgraag om me heen hebben,’ mijn vriendin is een fan van zijn vroege werk. We moeten lachen, want het is zo goed als onmogelijk om zo’n enorm doek in een rijtjeshuis  op te hangen.

‘In die periode woonde hij boven dat restaurant op de hoek van de Singel en de Kaiserstraat. Een hokkerig huis, waar die doeken ook niet via het trapgat en door de deur naar buiten konden. Als hij exposeerde haalde hij het raam op de eerste etage er helemaal uit. Dat was de enige manier om zijn werk naar beneden te takelen….’

’s Avonds brand ik een kaarsje. Ik denk aan onze jarenlange vriendschap. De gouden jaren, onze gezamenlijke spirituele zoektocht. De eindeloze gesprekken, het plezier….. Zijn gulheid en positieve levensinstelling. Hoe gedreven hij altijd aan het werk was. Hoe hij medekunstenaars wist te inspireren.

‘Vorige week zondag wilde ik hem nog bellen na de retraite. Chris en ik gaan en Sangha opzetten voor kneuzen,’ Fiederelsje schiet in de lach, ‘het is een Geuzennaam, hoor,’ grijns ik, ‘Alle echte kneuzen zijn welkom. Maar toen bedacht ik me dat ik hem ooit meenam naar een film over Thich Nhat Hanh.’

‘Iemand vertelt in die documentaire dat Thay tijdens de bombardementen in Vietnam gewoon met de weeskinderen ging picknicken. Tussen de aanvallen door natuurlijk. Dat vond Schilder belachelijk. Te gek voor woorden. ‘ We grijnzen naar elkaar. Als Schilder iets in zijn kop had dan kreeg je dat er nooit meer uit!

‘Met Alex Orbito had hij een hele sterke band. Die kleine magische Filipijn, die met zijn blote handen spiritueel opereert, kon mijn vriend wel bekoren. De eerste keer dat hij met me mee ging mocht hij kijken hoe ik aan mijn rug werd geholpen. Ik trof hierna een bevende Schilder aan. Verbijsterd vertelde hij me dat hij mijn wervelkolom had gezien.   Met zijn eigen ogen. Klaarwakker en helemaal bij.’

‘Schilder zag mijn botten en bloedvaten, wit zenuwweefsel…. Alex Orbito haalde  vervolgens allemaal stinkende zwarte materie tussen mijn wervels vandaan en streek toen opnieuw over Heks’ rug en hopla. Al het vlees en vel sloot zich weer: Niets meer te zien, behalve een felle rode streep!’

De hele weg terug naar huis zat mijn vriend te lachen. Te schateren zelfs. ‘Mind over matter, jeetje Heks, wat geweldig.’ Een serie schilderijen volgde. Want alles wat hij meemaakte werd verwerkt in zijn kleurige kunst.

Ook de boeken van Drunvalo Melchizedek over Heilige Geometrie sloegen enorm aan bij deze begeisterde kunstenaar. Hij inspireerde me om ze ook te lezen en Heks sleepte hem vervolgens mee naar een seminar van deze leermeester. Zijn geliefde vrouw Fee ging ook mee. Met zijn drietjes hadden we een heerlijke tijd. En eenmaal weer thuis volgde er natuurlijk een geweldige serie doeken……

Ik denk aan die gelukkige jaren. Zijn Gouden Jaren. Toen hij samen was met Fee, zijn grote liefde. Hoe Schilder tijdens de eeuwwisseling een enorm vuurwerk organiseerde. In zijn mooie woning aan het Rapenburg danste Heks met een zestal prachtige dames, waaronder natuurlijk zijn eigen lief, door de kamer. Allemaal gekleed in een schitterende avondjurk.

Er was slechts één andere man aanwezig, het vriendje van één van de meiden, herinner ik me. Een geweldig foute Griek. Die keek zijn ogen uit. Wat was dit nu allemaal? Een Hollandse harem? Zo bont had zelfs hij het in zijn leven niet gemaakt. En dat vond hij beslist erg jammer zo te zien. Hoe kreeg die Schilder dat voor elkaar?

img_11741

Beneden in de gracht lag onze vuurwerkdeskundige vriend Lampie op een boot aan zijn voorgenomen show te sleutelen. ‘Ik heb van de gemeente Leiden toestemming om om 1 uur te gaan knallen. Leuk hè, dan is overal het vuurwerk voorbij en wij beginnen pas….’ Schilder had geweldig veel plezier in zijn initiatief!

De laatste jaren zagen we elkaar minder vaak. Eens in de zoveel tijd ging ik echter even bij hem buurten. En soms hing hij opeens aan de lijn. Een zeldzaamheid hoor, want Schilder was niet van de verplichte telefoontjes en bezoekjes. Behalve aan zijn moedertje, toen ze nog leefde. Iedereen kwam gewoon altijd naar hem toe!

De laatste keer dat ik bij hem was is ongeveer een maand geleden. Sinds hij zijn rug had gebroken was het leven moeilijk voor deze gedreven man. Hij kon als het ware zijn ei niet meer kwijt. En iets mankeren leidt per definitie tot veel eenzaamheid. Dat vergeten gezonde mensen nogal eens.

‘Als je ziek bent raak je uitgerangeerd. En dat is best moeilijk als je altijd midden in het leven hebt gestaan. Kijk, je kunt mij niet rekenen, ik sta al zeker dertig jaar ergens stationair op een rangeerterrein. Maar ik heb er zo’n gezellig plekje van gemaakt, dat ik toch nog mensen op bezoek krijg…’ zeg ik tegen Fiederelsje.

Niemand kon vermoeden, hoe ziek mijn goede vriend intussen al was. Gelukkig is een lang ziekbed hem bespaard gebleven.

‘Zullen we even samen eten, Heks? Zal ik een paar pizza’s laten komen?’ Vraag hij aan het eind van mijn bezoekje. Ik heb spijt dat ik niet een keertje flink heb gezondigd tegen mijn dieet. Maar ik ben die avond naar huis gegaan.

Lieve Schilder. We gaan je enorm missen. Man van kleur en schoonheid. Vriendelijke man. Met je open onderzoekende geest. Je intelligentie. Je heerlijke vermogen tot abstract denken. Je eigenwijsheid. Je stevige gebruiksaanwijzing! 🙂 Jij, die je zo graag omgaf met mooie vrouwen….  Maar voor wie er maar 1 vrouw echt telde! Jouw toverfee! Jij, van wie we houden. Die zoveel van ons allemaal hebt gehouden. We dragen je in ons hart. Goede reis, gekke dolfijn, oude vriend.

Nederlanders staan klaar op de Alpe d’Huez. Ze willen nu wel eens een landgenoot een etappe zien winnen. Kun je aankomen bij de hemelpoort als Tourwinnaar? Als je plezier in het fietsen hebt gehad wel natuurlijk. En daar hoef je niet eens voor te winnen! Heks bezoekt Schilder. Hij verwent me met kattenspulletjes en mooie verhalen! Willem kijkt ondeugend: ‘Stel je voor, je komt bij de hemelpoort en Petrus vraagt je wat je zoal in je leven hebt uitgevoerd…. En je moet antwoorden dat je financiële wanproducten hebt verkocht voor de Rabobank…… Verschrikkelijk natuurlijk!’ Heks ligt in een deuk. Ik zie het voor me. ‘Nou, dat kun je toch beter aankomen met mooie schilderijen!’

Prachtige expositie van de nieuwe schilderijen van Willem van Scheijndel in Galerie Frederiek van der Vlist te Leiden. Zijn werk is nog steeds zeer herkenbaar, maar heeft tevens een hele nieuwe dimensie gekregen! Heks kijkt haar ogen uit. heerlijke vermogen tot abstract denken eigenwijsheid

De seksuele opvoeding van jonge meisjes is heel moeilijk zolang het collectieve zelfrespect van vrouwen schipbreuk lijdt. Neem een voorbeeld aan het gedrag van een loopse teef: Bijt van je af….. MET PRACHTIGE FOTO’S VAN SCHILDERS MUZES!

No Coming, No Going

No coming, no going

No after, no before

I hold you close to me

I release you to be so free

Because I am in you and you are in me

Because I am in you and you are in me

Plons: Mijn varkentje lijkt wel een kikker! Of een zeehond…… Voor de zoveelste keer lazert VikThor in de gracht…….

1001004006414134

De dinsdagavond voor de sint ga ik toch naar het koor. Ik zit ruim twee uur uit op mijn stoel. Nou ja, zitten. Ik hou het geen drie seconden in dezelfde houding vol. En ik ben nog wel uitgebreid naar de fysio geweest vandaag. Goeie hemel. Niets lijkt nog te helpen. Mijn lichaam valt langzaam uit elkaar……

Thuisgekomen neem ik allerlei verschillende pijnstillers tegelijk in. Daarna ga ik naar buiten met VikThor. Hij moet hoognodig nog een lekker rondje lopen. Parmantig huppelt hij voor me uit. De stad is uitgestorven. Hij loopt los, wel zo lekker voor mijn arme gepijnigde armen.

imgres-6

‘Ga naar je pijn toe, probeer te achterhalen wat het je vertelt,’ zegt een van mijn behandelaars. Lekker is dat. Ik wil juist van die pijn weg. Ophoepelen nou, klotepijn!

Het is zo gemakkelijk gezegd. Overal in de alternatieve wereld krijg ik dit advies. Maar het is gewoon geen haalbare kaart. Toch probeer ik ook vanavond weer door de getormenteerde gebieden in mijn lijf heen te ademen en de pijn te voelen. Intussen tracht ik ook mijn lichaam te ontspannen. En laat ik ook eens een beetje anders lopen. Niet zo verkrampt.

Ik schud met mijn kont, voor zover mogelijk. Borst vooruit. Linkerschouder duw ik bewust naar achteren, want hij schijnt teveel naar voren te  staan en zo de hele boel vast te zetten. Inclusief een paar grote zenuwbanen. Mijn duim, wijsvinger en middelvinger zijn al dagen gevoelloos. Ter afwisseling van een paar weken brandende pijn. Ik weet niet wat vervelender is…..

imgres-5

Terwijl ik zo loop te kreukelen neem ik me opnieuw voor om niet op te geven. Ook Heks wil nog iets maken van haar sukkelige leventje. Ook ik heb zo wat noten op mijn zang……

En ook om te genieten van wat er dagdagelijks te genieten valt. In mijn geval een heel lief hondje en zeven schatten van katten. VikThor rent intussen voor me uit.

Hij snuffelt aan muurtjes en paaltjes. Het zal niet lang meer duren voor hij zijn poot optilt. Ik grijns van oor tot oor. Wat een lekker ventje!

Plotseling maakt mijn ventje een gekke beweging en geloof het of niet: Plons! Hij ligt in de gracht. Alweer! Hevig spetterend houdt hij zijn kleine koppie boven water. In een flits zie ik mezelf weer achter hem aan springen…… Brrrr. Het is stervenskoud! Het vriest een paar graden!

Ik neem een snoekduik op het droge en vis hem met een flinke beweging van mijn rechterarm uit de gracht. Geen nat pak deze keer voor Heks. Ik kan er gelukkig net bij.

Mijn hondje schudt zich uit en gaat als een zotteklap rondjes rennen. Hij is helemaal door het dolle. Een passerende vrouw krijgt er de slappe lach van.

Zo snel als mogelijk neem ik mijn gekke ventje mee naar huis. Gelukkig hoeven we niet ver te lopen. Binnen een paar minuten rol ik hem in een warme handdoek.

Wel een kwartier wrijf ik zijn kleine lijf totdat hij bijna droog is. En weer helemaal warm. Als een dwarse baby wringelt hij alle kanten op. Pas als ik hem een lekkere pensstaaf geef wordt hij een beetje rustig.

Jeetje, wat een gedoe. Mijn schouder heeft een ongelofelijke oplawaai gehad van deze reddingsactie. In 1 beweging is de behandeling van de fysiotherapeut weer volledig teniet gedaan. Maar goed. Mijn hondje is veilig. En dat is ook wat waard.

Een dag later ligt het monster alweer in het water. Tijdens het spelen met een andere hond vliegt hij uit de bocht zo een moddersloot in. Mijn auto ruikt nog dagen naar baggerig hondje…….

Ik kan me niet heugen dat Ysbrandt ooit in het water is gevallen. Zijn opvolger echter is dat al zeker zeven keer overkomen! Vier keer in de gracht, een keertje in een vijver en tot slot een paar maal in een moddersloot…… VikThor loopt echt in zeven sloten tegelijk!

Hier ga ik VikThor voor opgeven!!!!!!

 

 

Brave hondjes en vechtende baasjes: Kom niet aan m’n hond en een hoed dragen is niet gezond. De grootste tuttebel is blond. En rond. En Heks is maar een chique stuk stront. Lult die troela uit haar kont…….

Ys ren zand25

Na een paar dagen in mijn bedje ga ik gisteravond toch naar het hondenstrand in Noordwijk. Ik trek een zwierige lange jurk aan, knikker een flinke strohoed op mijn kop en gris op het laatste moment een sjaal van de kapstok. Gelukkig maar, want het is frisjes aan de  kust. Er staat een verkoelend briesje en de zon gaat grotendeels schuil achter wat vage bewolking.

De dunne katoenen sjaal laat zich helemaal uitvouwen tot een enorme omslagdoek. Als ik het strand oploop slaat een stevige frisse wind me tegemoet. Ik wapper de doek in de lucht en een windvlaag vormt em om mijn lijf. Een aantrekkelijke dame loopt me tegemoet. Verrukt wijst ze op mijn outfit: ‘Wat prachtig! Zo mooi bij elkaar gecombineerd!’ Ik geloof dat ik sjans heb van dit lekkere stuk. Ha leuk. Ik bedank haar voor het compliment.

Varkentje heeft er zin in vandaag. Enthousiast jaagt hij achter de bal aan. Als een jonge god sprint mijn bejaarde viervoetige vriend voor me uit. Snorkelend duikt hij door de branding en vist zijn prooi uit de golven. Gnuivend wordt die vervolgens weer voor mijn voeten gegooid. Een spel zonder einde. Als het aan mijn hondje ligt dan….

We zijn al een flink stuk richting Katwijk gelopen als er een kudde joggers van alle leeftijden langs zwoegt. Met rode, oranje, paarse en/of opgezwollen koppen van de inspanning sjokken ze in een sukkeldrafje door het rulle zand. Een groep vrijwilligers deelt bekers water uit.

Dubbel van de lach kijken ze naar een venijnig oud vrouwtje die de inhoud direct verwoed in haar eigen gezicht smijt. Stoom stijgt op vanuit haar permanentje, maar ze houdt stand!

Ik loop naar de duinrand en vlij tussen het helmgras. Ysbrandt rolt zijn natte magere lijfje net zo lang door het zand totdat hij op een gepaneerde slavink lijkt. ‘Goeie hemel, wat zie je er uit, varken,’ Heks moet lachen om haar gekke hondje.

Op de terugweg vraagt hij weer om een balletje. In een poging me zover te krijgen springt hij tegen mijn benen op. Au! Een grote rode kras loopt over mijn bovenbeen. Mijn monster heeft scherpe nagels! ‘Wegwezen nu,’ vermaan ik hem. Hij zigzagt voor mijn voeten. Plotseling voel ik hoe leeg mijn tank is. De wandeling heeft me uitgeput en ik moet nog helemaal terug!

Bij een strandtent strijk ik neer op het terras. Overal mensen met hondjes. Gelukkig is er nog precies 1 plekje vrij voor ons. Als ik wil gaan zitten propt een enorm dik volgevreten zwart bakbeest van een woefer zich tussen het tafeltje en mij. Hij plet me volledig en zet Ysbrandt klem. Die zit ook nog eens aan de riem: Een recept voor moeilijkheden. Als ik niet uitkijk gaat hij mij nog verdedigen tegen deze tientonner.

Ik kan geen kant op. ‘Vort, beest, ga eens weg,’ ik kijk om me heen naar de eigenaars, die zitten een tafeltje verderop. Ze geven geen sjoege. Ongeïnteresseerd zitten ze ieder voor zich naar hun mobiel te staren. ‘Kunt u uw hond alstublieft terugroepen?’ Geen reactie. Ik duw nog eens tegen het gevaarte. Geen beweging in te krijgen. Ik kan geen kant op. Ik kan niet eens gaan zitten….

Nog een keertje verzoek ik de baasjes om die functie waar te maken. Weer laten ze me kletsen. ‘Hup,’ roep ik uiteindelijk keihard tegen de hond, terwijl ik hem wegduw. Eindelijk komt er beweging in het beest. Maar ook in de eigenaars! De vrouw begint opeens tegen me te krijsen. ‘Ken je dat niet ff normaal vragen, stom mens, ik pik het niet, bladiebla, …..’ Ik kijk haar met stomheid geslagen aan.

Als ik mijn stem hervind blijf ik vriendelijk. Een bal van woede vormt zich echter in mijn maag. ‘Ik heb u twee maal beleefd gevraagd om uw hond terug te roepen,’ mijn reactie is aan dovemansoren! Het wijf schreeuwt en schreeuwt. Allerlei rare dingen, ik snap er geen kloot van. Wel ben ik intussen ook razend. Het hele terras geniet lekker mee. Het lijkt wel de climax van een Griekse Tragedie. Met een stelletje geblondeerde Hagenezen in de hoofrol.

Of ik maar ergens anders heen wil gaan, dit is een hondentent, dus honden mogen hier blijkbaar alles. Dat er een bord met een levensgroot verzoek hangt om je hond aan te lijnen geldt blijkbaar niet voor hen. Ze blèrt en blèrt dat het een lieve lust is. ‘Ga weg, ga ergens anders zitten, ophoepelen nu….’ dreigt ze. Ik peins er niet over en vertel haar dat.

‘Ja, jij denkt maar dat je overal maar kan gaan zitten met je sjieke hoed!’ Walgend blikt ze met haar zure kop naar mijn fabuleuze hoofddeksel. Het is inderdaad een prachtig exemplaar, je kunt er zo mee naar een Engelse bruiloft in de high society. Vraag maar aan mijn vriendinnetje Trui, zij heeft hem voor een dergelijk doel geleend ooit.

‘Oh, gaat het daar om,’ opeens is het me duidelijk wat hier speelt. Ouderwetse jaloezie en afgunst. Het mens kan me gewoonweg niet uitstaan: Zo’n superlang supeslank fotomodel in prachtige outfit. Dat ik een halve zachte menopauzale MEpatient ben en op mijn tandvlees loop ontgaat haar volkomen. Ze heeft haar oordeel klaar. Ik besluit er verder het zwijgen toe te doen. Dit is een hopeloos geval!

Dus draai ik hen de rug toe en ga zitten. Vanbinnen ben ik helemaal door elkaar geschud van het verbale geweld. Ik moet moeite doen om niet iets heel verschrikkelijks terug te roepen. ‘Ademhalen, Heks, ga terug naar je adem…’

Achter me hoor ik die stomme troela over me smiespelen. ‘Ze zijn allemaal veel te dik daar,’ fluister ik uit frustratie tegen mijn hond. Uit wraak vooral. ‘Vooral die hond, wat een gestopte worst!’

‘Ga maar lekker naar dat stomme wijf, hoor, van mijn mag je,’ gilt de vrouw dan weer plotseling met haar weinig chique doorrookte stemgeluid. Ze heeft zich helemaal vastgebeten in haar verhaal!

Verwoed probeert ze de goeiige vetgemeste ondefinieerbare zwartharige vuilnisbak mijn richting in te dirigeren. Misschien hoopt ze dat ik bang ben voor grote honden….. ‘Vooruit, jaag haar maar weg, met haar kapsones en haar stomme hoed.’

Enige tijd later stapt de familie Flodder op. Ik kijk hen na vanachter mijn zonnebril. Een mooie gezonde blonde matrone met man, kind en hond. Tel uw zegeningen! Ze draait zich  pontificaal om. Gemelijk kijkt ze terug. Ze gaat er helemaal voor staan. Wijdbeens en met een triomfantelijk minachtend lachje om haar ontevreden mummelmondje.

De mooie avond is bedorven. Ik voel flarden woede door me heen wolken. Ook ben ik opeens verdrietig. En het is plotseling erg koud geworden. De inderhaast verorberde bosbessen-smoothy ligt als een bevroren plas in mijn net van zomergriep herstelde maag. Het is mooi geweest. We gaan lekker naar huis…..

Thuisgekomen ben ik nog steeds uit mijn hummetje. Wat gebeurde daar nu eigenlijk? En waarom raakt het me zo?

Ik besluit te gaan mediteren. Eerst even inspiratie opdoen uit het boek van Thay, ‘Innerlijk vuur.’ Lukraak open ik het. “Als je de pijn van de ander kunt zien, kunt zien hoezeer de ander lijdt, verdwijnt je woede…. blabla.” He getsie, daar heb ik helemaal geen zin in. Het laatste wat ik wil is mededogen hebben met die blonde troela.

Ik ga in de herkansing met het boek.  Opnieuw sla ik het open. “Als je compassie kunt generen verdwijnt je woede als bij toverslag….” luidt de tweede tekst.  Vooruit dan maar, ik ontkom er niet aan…..

Stil op mijn kussentje ademend kom ik er warempel achter wat hier speelt. De vrouw doet me denken aan iemand waar ik veel van houd. Ze bezorgt me exact hetzelfde gevoel! En ik vermoed dat er precies dezelfde motivatie achter haar gescheld op Heks zit als bij die persoon: Jaloezie, afgunst, onzekerheid, zelfhaat.

Want dat is wat ik ook hoor tussen de regels door: Ze haat zichzelf, haar dikke uitgedijde lijf, haar onbeduidende gezicht van 13 in een dozijn, haar middelmatige leventje met man en kind. Dingen waar ik overigens voor zou tekenen! Maar goed.

Zelfafwijzing, die bron van alle kwaad.

We hebben er allemaal last van. Daarom ben ik extra lief voor mezelf vanavond op mijn kussentje. Ik troost mezelf voor alle keren dat mijn medezusters me uit jaloezie onderuit hebben geschopt. Vrouwen kunnen echt monsters zijn onderling, gemene klerewijven, geniepige kuttekoppen!

Ik laat mijn mededogen uitgaan naar al die formidabele dames die denken dat ze niet slank, mooi, slim of sexy genoeg zijn. Ook naar die taart, die vanavond haar laffe ongezouten mening over me heen heeft gebraakt. Opeens begrijp ik dat al die afschuwelijke dingen die ik hoorde in mijn hoofd als reactie op haar gescheld bij haar horen. Het is hoe ze over zichzelf denkt. Niet al te best.

Het dringt tot me door dat ze die mening feilloos om zich heen projecteert. Ze legde me de woorden bijna in de mond, ik kon nog net voorkomen dat ik iets heel onaardigs of verschrikkelijks terug riep naar het mens. Ze heeft van mij een superieur wezen gemaakt, dat op haar neerkijkt. Althans in haar optiek.

IMG_8799

Ik ben er eigenlijk helemaal niet aan toegekomen om me onbevangen een mening over de vrouw te vormen. Ik kom niet verder dan wat ze met haar acties bij me oproept…..

Ja, we moeten af van het meerderwaardigheidscomplex, minderwaardigheidscomplex en gelijkheidscomplex. We moeten af van het afgescheiden zelf!

Rustig adem ik tot alle emoties en floddergedachten zijn gezakt. Dit is praktiseren. Dit is wat Thich Nhat Hanh bedoelt: Je moet oefenen, beoefenen. Pas dan veranderen er dingen, pas dan ga je groeien.

Een hele tijd zit ik met alles wat er is. Tot het genoeg is.

Kalm en tevreden schuif ik later mijn bedje in. Ik zal vast nog wel rare jaloerse dames tegenkomen in mijn leven. Hopelijk komt het dan niet meer zo bij me binnen……

 

Minivakantie in bont gezelschap op prachtige locatie. Oude school bewijst goede dienst als modern vakantiehuis: Het leven een leerschool? Nu even niet!

 

drenthe01

Woensdagmorgen om een uurtje of tien staat Frogs op de stoep. We gaan een paar dagen op vakantie. Kras heeft een huis gehuurd in Drenthe en haar hele vriendenkring uitgenodigd. Wie kan komen komt. Supergezellig natuurlijk.

Heks is net een beetje bijgetrokken van haar retraite. Ik heb nog niet eens al mijn vakantiespulletjes opgeruimd of ik sta alweer in te pakken. Gelukkig ga ik niet kramperen deze keer. Dat scheelt enorm in de mee te sjouwen troep.

Ik zoek me een ongeluk naar mijn koffer. Het onding is verdwenen. Wat vreemd, ik had em toch in de berging gezet? Staat hij dan nog in de gang? Of op mijn werkkamer? Nee, het valies is nergens te vinden. Bizar.

Zoals altijd als ik iets niet kan vinden denk ik dat het gestolen is. Een hardnekkig fenomeen sinds mijn stelende thuiszorg jaren geleden. Die gemene griezelige narcistische Indiase vrouw met haar grote brutale mond vol gouden tanden, haar pad-achtige kleine dikke volgepropte lijf behangen met goud en haar stem als een cirkelzaag heeft me echt een trauma bezorgd. Mijn onbevangenheid als ik iets niet kan vinden is voorgoed naar z’n gallemiezen.

Nu verdwijnen er nog steeds zo nu en  dan spulletjes uit mijn huis. In Plumvillage koop ik bijvoorbeeld als eerste een nieuwe wandel-bel om mijn zoekgeraakte bel te vervangen. Een paar jaar geleden liet ik dit vernuftige wonder der techniek enthousiast aan een destijds graag geziene gast zien en dat is de laatste keer geweest dat ik de bel zelf gezien heb. Weg! Verschwunden….. Nooit meer teruggevonden……

Ook die gast laat zich overigens niet meer zien in Huize Heks, maar dat kan natuurlijk toeval zijn: Meestal komen mijn spulletjes na een tijd gewoon weer tevoorschijn uit de in mijn huis heersende troep.

Heks heeft natuurlijk gewoon teveel spullen. En als een slak sjouw ik mijn huisraad ook nog eens achter me aan. Gemiddeld loop ik wel een uur per dag naar iets te zoeken: Als je niets hebt raak je ook niets kwijt. Een kopzorg minder…..

Frogs gooit alle bagage in zijn bolide en een uurtje later zijn we op weg. Eerst Ysbrandt eventjes ergens lanceren natuurlijk. Het monster mag ook mee. ‘Wie komen er eigenlijk nog meer?’ vraagt mijn kikkervriend. Geen idee. Het is een grote verrassing.

Mijn vriend zit aan het stuur en ik vlecht met kleurige linten een pak lavendel tot mooie flesjes. Het is een behoorlijk end rijden. Pas in de loop van de middag zijn we ter plekke.

Kras heeft een oude school gehuurd blijkt. Het is een prachtig gebouw, smaakvol verbouwd en ingericht. Beneden is een enorme ruimte met hoge ramen, een open haard en een ruime keuken. Er brandt een lekker vuurtje in de haard. Mooi zo. Het is er echt weer voor!

De gigantische huiskamer is gevuld met gekrijs van kinderen en geblaf van honden: Onze nieuwe huisgenoten. We laten het over ons heenkomen. Iemand geeft ons koffie en we eten een boterham. Langzamerhand landen we een beetje in dit paradijselijke oord.

’s Avonds zitten we met alle gasten rond de ellenlange tafel. Er is heerlijk gekookt door deze en gene: Dat regelt zich allemaal vanzelf blijkt.

Genoeglijk zitten we later bij elkaar. Iedereen doet maar zo’n beetje waar ie zin in heeft. Af en toe verdwijnen we naar buiten met de hondjes. De omgeving is schitterend mooi. We drinken het landschap in….

Een paar heerlijke dagen slaan we zo stuk met elkaar. Het bonte gezelschap smeedt zich aaneen tot een internationale familie. Niets hoeft, alles mag.

‘Dank je wel, Kras, voor dit geweldige initiatief,’ als we weer thuis zijn bedank ik mijn vriendin, ‘Je hebt zo’n fantastische ruimte geschapen om bij elkaar te zijn. We hebben het heerlijk gehad.’

Intussen heb ik ook als mosterd na de maaltijd mijn koffer weer teruggevonden in de berging. Helemaal niet uit de gang gestolen dus! Wel ben ik intussen mijn goeie bril kwijt. Hij zat niet in de brillenkoker. Al een week zoek ik me een ongeluk, hetgeen niet meevalt zonder bril. Zou ‘ie soms gestolen zijn? Wat denk je?

 

 

‘Pablo Neruda  Dichter aan Huis, Dichter aan Zee’.  Geweldig leuke voorstelling door Martine Zeeman, Juan Tajes en Carolina Droller in het charmante Teatro Munganga te Amsterdam. Een aanrader!

 

Zaterdagavond brengt Frogs mijn Varkentje terug. Hij heeft een dag op het monster gepast. We drinken gezellig een glaasje wijn en kletsen bij. ‘Ik ga op tijd naar huis Heks, want morgen heb ik van alles te doen. Ik moet een artikel afmaken en in de loop van de middag ga ik naar Amsterdam. Juan Tajes speelt mee in een toneelstuk over de  Chileense dichter Pablo Neruda.’

Wat leuk! Ik ben een fan van deze acteur. Een paar jaar geleden heeft Frogs samen met hem gewerkt aan een project rond de dichter Garcia Lorca: ‘Global Lorca‘. Die dichter was weer een goede vriend van Neruda. ‘Ik wil mee!’ roept Heks spontaan. Hoe laat en waar? Wat spreken we af?

Zondagmiddag tegen drie uur arriveer ik met Ysbrandt bij onze kikkervriend. Mijn hondje gaat op het huis passen en ik stap in de riante bolide van Frogs. We zoeven naar de hoofdstad. Binnen een half uur zijn we ter plekke. We parkeren voor de deur en het is nog gratis ook. Lang leve het parkeerbeleid van Amsterdam op zondag!

Als we het theatertje binnenkomen ben ik aangenaam verrast. Wat een grappige plek! Het is een hoge ruimte met een bar annex balie, een keur aan kekke keukenstoelen voor het publiek en een indrukwekkende lichtinstallatie aan het plafond, een regiekamer en een toilet. Veel meer heb je ook niet nodig, mijns inziens.

Hoewel Teatro Munganga er bedrieglijk eenvoudig uitziet, werkt alles prima. De medewerkers zijn uitermate vriendelijk, we worden bijzonder hartelijk ontvangen. Omdat we zo vroeg zijn kan ik op mijn gemak rondkijken en een paar foto’s maken. Even over vieren begint het stuk.

De voorstelling ‘Pablo Neruda  Dichter aan Huis, Dichter aan Zee’ gaat over het leven van de dichter Pablo Neruda. Zijn jeugd in Chili wordt aangestipt; Hoe het dichten er al jong in zit. Helaas moet hij architect worden van zijn vader. Dus verandert hij zijn naam en trekt de wijde wereld in…..

De scenes lopen vloeiend in elkaar over en er wordt listig gebruikgemaakt van minimale middelen om iets op te roepen. De regisseuse van het stuk, Martine Zeeman,  speelt zelf ook mee. In verschillende rollen: Van vertelster tot vrouw van de dichter. Die nam het overigens niet zo nauw met de trouw, dus er volgen nog meer damesrollen….

Pablo Neruda   Dichter aan Huis, Dichter aan Zee.

Een voorstelling die de Chileense dichter Pablo Neruda tot leven wekt. Met poëzie, over zijn muzen en zijn vaderland, met dans en verhalen. Twee bekenden uit Valle Tango Muziektheaterproductie (2009 KunstKlank) ontmoeten elkaar weer op Noordwijkse bodem tezamen met Martine Zeeman. Nu in een poëzie-, verhaal-, en dansprogramma. Met Juan Tajes, verteller uit Montevideo, en Carolina Droller, danseres uit Buenos Aires.

 “Es tan corto el Amor y es tan largo el olvido.

Zo kortstondig is de liefde, zo langdurig het vergeten.”

Een hele mooie bijdrage wordt geleverd door de Argentijnse danseres Carolina Droller. Haar hele sierlijke lichaam wurmt zich op een gegeven moment in een op het podium aanwezige ouderwetse lessenaar. Prachtig hoe zij verbeeldt wat de dichter verwoordt.

‘Ik vond het zo mooi hoe zij die geboorte van het kind uitbeeldde achter die semi-transparante kamerschermen,’ zegt Frogs later tegen me. Multifunctionele elementen in het eenvoudige decor. Het is me min of meer ontgaan. Er is zoveel te zien. ‘Dit is zo’n stuk waarbij je als je het nog eens ziet weer allemaal nieuwe dingen ontdekt!’ roep ik.

Ja, we raken enthousiast. Een paar jaar geleden heeft Frogs met de acteur Juan Tajes en een verder geheel internationaal theatergezelschap ook een prachtig programma gemaakt rond een dichter. Een eveneens  geweldig project. Dit theaterstuk heeft dezelfde kwaliteit. Het boeit van het begin tot het eind.

Het is eigenlijk maar een heel eenvoudig gegeven, vertellen over het leven van deze man: Overigens meesterlijk neergezet door Juan Tajes. Toch vliegen er zomaar drie kwartier voorbij. Er volgt een staande ovatie. Daarna is het feest , want de regisseuse is jarig. Wat boffen we toch weer!

Ik kom iemand van mijn koor tegen. We kijken elkaar verbaasd aan, wat is de wereld toch klein soms. Het is sowieso een middag vol leuke ontmoetingen. Ik klets een tijdje met de danseres. Zij blijkt ook veel affiniteit met Indiase dans te hebben. Heks heeft dat vroeger fanatiek beoefend. Voordat ik in een kwarktaart veranderde.

‘Oh, Frogs wat een heerlijke middag was het. Dit gaan we vaker doen!’ We eten nog een hapje in Huize Heks achteraf. Ik schud een soepje en een bord pasta uit mijn mouw. Een een glaasje wijn natuurlijk.

Teatro Munganga Adres: Schinkelhavenstraat 27-HS, 1075 VP Amsterdam Telefoon:020 675 9837

Teatro Munganga is een van oorsprong Braziliaanse theatergroep met een kleine theaterzaal in Amsterdam-Zuid en een reizende theaterbus waarin beeldende poëtische kindervoorstellingen worden opgevoerd. Naast het ten tonele brengen van eigen uitvoeringen, biedt de theatergroep een podium voor theater, muziek, lezingen, films, dans, workshops en cursussen van andere kunstenaars in de theaterzaal Casa Munganga.

Carlos Lagoeiro en Cláudia Maoli zijn de oprichters van Teatro Munganga

Wat maakt een theaterstuk nu boeiend en goed? Dat het in een grote schouwburg wordt opgevoerd? Dat er een BNer in meespeelt? Dat het stuk geschreven is door een wereldberoemde schrijfster/ver?

Driewerf neen.

Vanmiddag werden we meegenomen in een andere wereld. We hebben als publiek een klein uitstapje gemaakt in het leven van een mij tot nu toe onbekende man. Ik heb drie kwartier op het puntje van mijn stoel gezeten. En dagen erna is iets van de voorstelling blijven hangen. Het stuk heeft me geraakt!

Dus toch die goeie ouwe Catharsis? Die broodnodige door angst en medelijden geïnitieerde loutering  der emoties zoals Aristoteles het beschreef in zijn Poetica?

Ja.

De regisseuse van de voorstelling, Martine Zeeman, heeft een klein theatertje in de Voorstraat in Noordwijk: Zeep aan Zee. Voor theaterlessen,  toneel productiecursussen, Toneelcursussen tekst/beweging en improvisatie alsmede voorstellingen kun je hier terecht!

Een bijzonder goede morgen! Heks is happy! Liefde overwint alles en dooie paarden horen onder de grond!

© Toverheks.com, trekken aan een dood paard, onbegonnen werk

© Toverheks.com. Trekken aan een dood paard, het schiet toch niet op!

Uitgeslapen wakker worden. Het is weer eens iets anders. Nee, het is geweldig! Ik draai me nog een keertje om. Gewoon omdat het zo lekker is om nog eventjes na te genieten van dit gevoel. ‘Goeiemorgen Snuitje, ha Rooie Furie, lekkere boskat!’ De ene na de andere katachtige komt me begroeten. Ik grijp Bolster in zijn kladden en knuffel hem plat. Dan is Varkentje aan de beurt. Enthousiast proestend laat hij zich aanhalen.

© Toverheks.com, sprong in het diepe, rand van de afgrond, wie niet waagt, die niet wint

Sprong in het diepe of vrije val? © Toverheks.com.

Buiten in de steeg zit een grote zwarte panter te schreeuwen. Ik kijk eerst goed of hij nog steeds met een muis in zijn bek loopt, zoals gisterenavond. Cadeautje voor de Heks. Helaas waardeer ik zulke presentjes voor geen meter, maar leg dat maar eens uit aan de Zwarte Ridder!

Terwijl ik de trap af loop om het monster naar binnen te laten dansen mijn voeten. Toe maar. Het is echt een goede morgen. Waar komt al dat geluk nu opeens vandaan?

ther is no way to happiness, happiness is the way, Thich Nhat Hanh

‘There is no way to happiness, happiness is the way,’ zingt een nonnetje uit Plumvillage deze woorden van onze leraar Thich Nhat Hanh in mijn hoofd. Zoals altijd heeft mijn kleine hersenpannetje weer het perfecte bijpassende liedje uitgezocht voor de gelegenheid. Uit die enorme collectie muziek op mijn persoonlijke harde schijf.

Regelmatig hoor ik mezelf liedjes zingen, die ik nooit heb geleerd. Er zit blijkbaar een ongelofelijk doeltreffend opnameapparaatje in mijn hoofd……

© Toverheks.com, meditatie, blij

There is no way to happiness

Soms voelt het leven als trekken aan een dood paard. Je sleept dat verleden maar achter je aan. Je blijft maar investeren in hopeloze toestanden. Je houdt van je dode paard. Maar je zou em het liefst aan een boom binden…..

Beter kan je die loden last een goede rustplaats geven. Zodat je je handen vrij hebt!

© Toverheks.com, hiewr rust dood paard, door paard, begraven dood paard,

Rust in vrede, lief dood paard! © Toverheks.com

Om een sprong in het diepe te wagen! Te verzinken in je eigen afgrond? Het is maar hoe je het bekijkt! ‘There is no way to freedom,’ zingt het nonnetje in mijn hoofd., ‘freedom is the way!’

Uiteindelijk komt altijd alles weer goed. Daar ben ik van overtuigd. Amor vincit omnia!