Mijn viervoetige vriend is zo ziek als een hond en hondsberoerd. Zelfs in dit hondenweer heeft hij nog last van de hitte. Heks maakt slapende hond wakker en gaat naar dierenarts.

Vorige week woensdag tijdens een laatste avondlijke zoekronde naar Snuitje is Ysbrandt niet vooruit te branden. Al dagen loopt hij extreem te puffen en te sukkelen: Het arme beest heeft last van de warmte. Nu is het echter goed afgekoeld. Ook miezert het een beetje. Ideaal voor oude hondjes!

Bezorgd neem ik waar dat hij alleen maar terug naar huis wil. Iedere stap is hem teveel. Eenmaal thuis zit hij zo te hijgen, dat ik er niet goed van word. Angstig kijkt hij me aan. Het arme beest krijgt nauwelijks lucht! Zijn bek houdt hij gek genoeg dicht. Ploffend beweegt hij met zijn opgetrokken wangetjes. Ook al zo’n vreemde ontwikkeling.

Mijn hondje is echt in paniek nu. Ik heb het idee, dat hij er gewoon in kan blijven! Het is zaak om hem kalm te krijgen. Terwijl ik hem voorzichtig neerleg en behandel met mijn gouden handjes voel ik hem rustiger worden. ‘Het komt goed schatje, morgen gaan we naar de dierenarts en ik ga niet weg zonder plaspillen.’

Al maanden heb ik het idee dat Ys last heeft van een lekkende hartklep. Hij heeft al jaren een hartruisje en ook is zijn gulle hondenhart een beetje vergroot. Daarnaast heeft hij vocht in de longen en een rare rochelhoest. ‘Het kan ook bronchitis zijn,’ aldus mijn dierenart, ‘Maak eerst maar eens een echo.’

De echo moest wachten, want de beoogde maker lag in het ziekenhuis. Daarna ben ik naar Frankrijk vertrokken. Daarna had ik geen geld meer. Mijn hondje ging weer helemaal goed. Misschien waren al die problemen gewoon naweeën van zijn castratie…..

Tot vorige week. Mijn schat lijkt er in te blijven. Heks schrikt zich een ongeluk. De volgende dag zit ik bij een invaller. Mijn eigen dierenarts is op vakantie. Al snel is ze het met me eens, dat hier sprake is van hartfalen: Volle longen, vergoot hart, dikke opgezette buik en een stevige hartruis…..

‘We weten pas precies wat het is na een echo. Maar je hebt gelijk, 999 van de 1000 keer gaat het om hartfalen met een lekkende klep. Het ligt er in dit geval dik bovenop. Laten we direct de behandeling inzetten, want het dier voelt zich hondsberoerd…. Je kunt die echo altijd nog maken…’

Ik krijg een doos plastabletten mee.

‘Volgens mij is er nog meer aan de hand,’ vertel ik de vrouw, ‘Ik heb op internet zitten zoeken naar problemen met de kaak bij de hond en ben me rot geschrokken. Al enige tijd heeft Ysbrandt last van zijn kaak. Uw collega kon niets vinden, het gebit is goed. Ik dacht eigenlijk dat het in het gewricht zat, maar wat ik gevonden heb is veel ernstiger!’

‘Volgens mij lijdt mijn hondje aan Kaakmyositis. een progressieve ziekte van de kauwspieren, ze sterven geleidelijk af. Of accuut, maar dit lijkt me de chronische vorm te zijn. Werkelijk alles wat ik bij Ysbrandt waarneem aan symptomen, zie ik in dit ziektebeeld terug. Zoals het feit dat hij zijn bek niet meer kan openen. En zijn veranderde gezichtsuitdrukking. Hij heeft inderdaad een vossenkoppie gekregen.’

Toevallig heeft deze dierenarts in haar leven een keer eerder met deze zeer zeldzame aandoening te maken gehad. Ze herkent dan ook de symptomen. Die hond heeft overigens maar twee maanden geleefd na het stellen van de diagnose…… ‘Bij die hond kreeg ik de bek helemaal niet meer open, maar bij Ysbrandt ook maar nauwelijks. En de kop is ingevallen… Je weet het pas zeker na een biopt van de kauwspier. Die sturen we dan op voor onderzoek….’

‘Ja, maar het lijkt me toch duidelijk dat het die aandoening is. Dus waarom eerst weer weken onderzoek doen. Hij heeft misschien nog maar een paar maanden…… Ik wil gewoon behandelen. Het enige dat werkt zijn cortisonen. Dus daar wil ik op inzetten….’

Helaas betekent het toedienen van cortisonen ook weer dat die verdraaide Demodex ofwel pupyschurft een nieuwe kans krijgt om mijn hondje kaal te maken… Het immuunsysteem moet plat om de resterende kaakspieren te redden, maar eenmaal plat krijgt die ellendige parasiet weer een kans! ‘Zou je hem niet gewoon chronisch behandelen met Tactilgifbaden en Ivomec?’ vraagt de dierenarts. Oh jee. Wat een gedoe.

Ysbrandt is gigantisch opgeknapt van al dat plassen. Hij rochelt en hoest niet meer, want het ventje krijgt weer lucht. Intussen hebben we ook nog een hartpilletje ingezet en mijn acupuncturist heeft me nog wat alternatieve medicijnen meegegeven. Mijn dagen bestaan uit hondje uitlaten en nog eens hondje uitlaten en alweer hondje uitlaten.

Ontelbaar veel kleine piesrondjes door de steeg. Net zoals toen hij nog een puppy was.

 

Daarnaast probeer ik een ritme te vinden om al die medicijnen op het juiste tijdstip bij hem naar binnen te krijgen. De smakelijke kauwtabletten voor het hart vindt hij bijvoorbeeld smerig. ‘Wat nu smakelijk? Maak dat de kat wijs!’ zie je hem denken. Die peperdure pillen moeten echter nuchter gegeven worden. dus door zijn eten mengen is geen optie…..

Met veel kabaal staat hij daarna hele bakken water weg te slobberen. Van al die cortisonen en plaspillen krijg je maar dorst! Ook aast hij weer op broodkorsten en kippenpootjes in de Leidse parken. Ook door de cortisonen. Met enig regelmaat pakt hij stiekem iets van de grond. Schijnheilig probeert hij het dan ongezien naar binnen te werken voordat ik het in de gaten heb. Maar de baas heeft altijd alles in de gaten!

Balend laat hij het beoogde stuk voedsel dan maar weer vallen. Behalve de kreeftenpoot, die hij afgelopen week scoorde. Die rook toch zo lekker! Halsstarrig houdt hij hem in zijn bek. Geen gezicht natuurlijk.

Pas na drie keer streng ‘los’ roepen laat hij de poot vallen. Je hoeft geen medelijden met hem te hebben hoor. Mijn Varkentje wordt gruwelijk verwend!

Waar ik erg aan moet wennen, is dat ik mijn stoere onverslijtbare hondje zo moet ontzien. Ik ben zo gewend veel van hem te vragen. En geloof me, als ik dat nu nog doe probeert hij het ook nog te geven. Omdat het nu eenmaal het beste hondje van de hele wereld is!

Na een onrustige week met een lamlendig hondje ga ik gisteren samen met hem de auto wassen. Op een kussen in de schaduw ligt hij me te observeren. Er waait een verkoelend windje. De vrouw wast haar kanariepiet. Ook wordt al het vakantiestof eruit gezogen. Tot slot strooi ik wat lavendelolie door mijn karretje.

Daarna gaan we naar het Valkenburgermeertje. Op ons gemak kuieren we langs het strandje. Mijn Varkentje vraagt om de bal. Met beleid gooi ik dan toch maar weer een balletje voor hem. Ik zorg dat hij zich goed afkoelt in het water. Ook mag hij niet te lang achter elkaar spelen.

Als een jonge god rent hij achter zijn balletje. Het is heerlijk weer. We hebben het weer overleefd!

Die avond zit Ysbrandt eindeloos bij me te knuffelen. Oh, vrouw, wat was het gezellig vanmiddag. Wat hebben we genoten saampjes. Heerlijk! Waf!

 

 

Hommeles in de Heksenketel: Kat zoek, hond ziek en zelf voel ik me ook niet zo lekker…..

DSC00425

Vorige week maandag kom ik opgewekt uit de sportschool. Ik ben toch zo trots dat het me een keertje gelukt is om er überhaupt heen te gaan. Ik gooi mijn natte handdoek over de waslijn en verzamel mijn beestenboel voor wat brokjes en iets lekkers. Gewoontegetrouw tel ik kattenneusjes. Eventjes checken of iedereen binnen is, voordat ik de balkondeur dicht doe. Maar wat gek, ik mis een neusje!

Verschrikt stroop ik het hele huis af. Tevergeefs. Ik roep in de tuintjes en in de steeg. Waar zit Snuitje?

384587_153971018039829_15109475_n

Misschien heeft ze zich ergens verstopt. Het gebeurt wel vaker dat ik een kat niet direct kan vinden in mijn volgestouwde heksenstulpje. Het is echter niets voor Snuitje. Zij is stapelgek op eten: brokjes, kattensnoepjes en ook een stukje rookworst kan zij zeer waarderen. Zodra ik de koelkast open staat ze naast me. Nog nooit heeft zij het op dit punt laten afweten. Er klopt iets niet!

Mijn gevoel bedriegt me niet. Mijn kleine meisje is er inderdaad vandoor. Dagenlang sta ik bij elk binnentuintje te roepen. Ik bel aan bij mensen en doorzoek hun schuurtjes. Ik dwaal door het leegstaande Boerhaavemuseum, terwijl dat helemaal niet mag blijkt later. Ik weet me toegang tot een verlaten schoolplein te verschaffen. Ik klim met halsbrekende toeren op tuinmuurtjes.  Gluur in hofjes en perkjes. Ik hang overals posters op. Ik flyer de hele wijk en ook de belendende straten. Ik sta midden in de nacht op om nog eens overal te gaan roepen…….

Snuitje poster

Na een week ben ik helemaal kapot. Mijn heup ligt uit de kom en al dat gewandel maakt het alleen maar erger. Ook heb ik hoogstwaarschijnlijk alle energie van de komende weken verspeeld.

Bovendien is mijn hondje ook nog eens ernstig ziek geworden. De godganse dag ben ik bezig om mijn ventje er weer bovenop te helpen. Nadat ik ’s nachts naar Snuitje heb gezocht. Gigantisch veel werk…..

Vandaag neem ik een kleine pauze. Ik moet ook voor mezelf zorgen. Er staat al drie dagen een bak met geschilde aardappels en een bak met schoongemaakte groentes klaar in mijn koelkast, maar elke avond ben ik te moe om het te koken en vervolgens op te eten. De bijbehorende tartaartjes heb ik maar ingevroren. Vandaag moet ik echt weer eens een keertje warm eten!

En dan? Ik vrees een volgende zoekronde door alle wijken van de binnenstad. Waar zit dat kleine mormeltje? Waarom komt ze niet tevoorschijn? Leeft ze eigenlijk nog wel………?

Sporten brengt me de gewenste sportmaatjes. En sommige mannenpraatjes vullen geen vrouwengaatjes! Hoe graag ze dat ook zouden willen! Wat Heks betreft gaan de deuren van het Korps Mariniers wagenwijd open voor vrouwen. De hoogste tijd!

Maandagavond ga ik sporten, althans: Het moet ervoor doorgaan. Ik heb al tijden een sportkaart, maar ik maak er zelden gebruik van. Bij mijn huidige poging om mezelf weer aan de praat te krijgen hoort echter ook bewegingstherapie. De ligamenten rond mijn gewrichten moeten sterker worden. En ook voor andere aspecten van mijn leven kan het positief werken.

Eerst ga ik onder de zonnebank. Door die antibioticakuur heb ik weinig meegekregen van het mooie weer van de afgelopen periode. Ik kan wel een kleurtje gebruiken! Daarna volg ik een yogales. Ik doe lekker voor spek en bonen mee, zodat mijn gewrichten enigszins in de kom blijven. Lekker is anders, maar toch is het prettig om te doen. Tot slot een sauna’tje toe.

Woensdag ben ik alweer in de sportschool te vinden. Tijdens een buikspierklasje word ik aangestaard door een vrouw. Ik staar terug. Ze komt me vaag bekend voor. Pas als ze glimlacht zie ik wie het is. Een saunamaatje uit het verleden. ‘Ik herken je niet met je kleren aan,’ roepen we over en weer. En: ‘Ga je zo de sauna in?’

‘Mijn partner heeft me verlaten na 20 jaar,’ vertelt ze me later al zwetende. ‘De mijne was een narcist. Die ellendeling en vreemdganger heb ik hoogstpersoonlijk de deur gewezen,’ puffend vul ik haar in over mijn meest recente liefdesleven. We hebben allebei een klotejaar gedraaid door onze mislukte relaties. ‘Ga mee naar een singleparty zaterdag. Hartstikke leuk, ik ga regelmatig. Als je zegt dat je alleen voor de gezelligheid komt laten de heren je redelijk met rust. Je kunt er heerlijk salsadansen, partners zat!’

Heks heeft er wel oren naar, maar ik moet natuurlijk maar zien of ik het ga redden. We wisselen telefoonnummers uit. Terwijl we zo bezig zijn hoor ik opeens iemand mijn naam roepen. ‘Heks, wat leuk, ben jij het? Ik herken je niet met je kleren uit.’ Een hondenvriendinnetje van me springt spiernaakt door de kleedruimte mijn blikveld in.

Ha, wat een gezelligheid. De dames blijken elkaar ook te kennen. Ze zijn hier iedere avond! Fijn. In mijn pogingen weer te gaan sporten heb ik regelmatig naar een maatje gezocht. Helaas loopt niemand in mijn vriendenkring warm voor lidmaatschap van één of andere stomme sportschool.

De zondag erop heb ik alweer een afspraak aldaar. Deze keer met een trainster. Zij gaat me oefeningen geven om mijn ligamenten te versterken. Eerst sta ik eindeloos te wiebelen op een gehalveerde bal. De onderkant is rond en de bovenkant plat. Een beetje à la het wereldbeeld uit de middeleeuwen met de platte aarde en het ronde uitspansel, maar dan ondersteboven.

Daarna moet ik op een grote bal gaan staan en kunstjes doen. ‘Vind je het niet eng?’ vraagt de bijzonder coole instructrice. Het is een beer van een dame. Volgende week gaat ze de landmacht in. Echt iets voor haar! Nee, Heks is niet bang. Althans niet om op die bal te gaan staan.

Wat ik wel vrees is hoe ik me morgen voel. Het is altijd tricky als een ME-patiënt gaat bewegen. Voor je het weet beland ie een half jaar in bed….

Na de instructie en een buikspierklasje kletsen we wat na. ‘Zou je niet bij het Korps Mariniers willen?’ Heks is gewoon nieuwsgierig. Het lijkt me echt iets voor haar!

Haar ogen gaan stralen. Ze is echt een hele stoere meid! Dan komt er echter tot mijn verbijstering een geheel ander verhaal uit haar mond. ‘Dat kan ik beter niet doen,’ haar stem wordt mat. Hoe is dat nu mogelijk?

Wel: Eén of andere kerel heeft op haar in zitten praten, dat dat geen goed idee is. En waarom dan wel niet?

Omdat het zo moeilijk is voor de mannen. Ze kunnen hun werk niet goed doen met een vrouwelijke exponent van het menselijk geslacht in hun gelederen. Ze kunnen een vrouw nu eenmaal niet zien lijden. Ze zal dus de zwakste schakel zijn in het peloton blablabla.

Ik hoor het al. Een eikel van een vent heeft zijn frustraties op haar botgevierd en met succes. Ze heeft het idee om haar droom te volgen opgegeven. Door zo’n gefrustreerde kwal. Dan maar bij de landmacht……

Heks wilde vroeger brandweer worden of zeeman. Dat dat toentertijd echt niet kon werd me al snel duidelijk. Gelukkig zijn de tijden enigszins veranderd…..

Als mannen gynaecoloog kunnen worden en zich het recht verwerven om recht in onze kut te kijken, dan mogen wij ook best eens een brandje blussen toch? Of een stoomboot besturen. Bij wijze van vrouwelijke Sint Nicolaas.

(Niemand hoor je overigens over de discriminatie van vrouwen in het Sinterklaasverhaal. De volstrekte afwezigheid van onze sekse in de beeldvorming rondom dit feest. Zelfs buitenlanders krijgen meer voor elkaar op dat vlak…. Maar goed, het is nogal vroeg om alweer te beginnen met de hopeloze Zwarte Pieten discussie…)

‘Ik hoop dat je voor het hoogst haalbare gaat, gewoon toetreden tot het Korps Mariniers, wees de eerste vrouw die dit doet,’ enthousiasmeer ik haar. Ja, waarom ook niet? Het Korps zal er waarschijnlijk gigantisch van opknappen!

Korps Mariniers open voor vrouwen!

Experiment met vrouwen in Korps Mariniers in VS loopt uit op drama.

Toelating vrouwen in Korps Mariniers bekeken.

 

Alles is anders in Plumvillage na het wegvallen van hun mannelijke versie van de ‘queen bee’. Toch is Thay nog zeer aanwezig. Heks gaat gewoon met hem mediteren bovenop een berg. Als vanouds!

Ruim anderhalf jaar geleden krijgt mijn hoogbejaarde leraar Thich Nhat Hanh een herseninfarct. Een aantal maanden ervoor bezoek ik zijn seminar met als werktitel: ‘What happens when we die?’ ‘Hij bereidt zijn sangha voor op zijn verscheiden,’ denkt Heks als ze dat van tevoren ergens leest. Ik ben vast niet de enige die dat toen dacht!

Thay overleeft echter zijn infarct en langzamerhand stabiliseert zijn toestand. Praten kan hij helaas niet meer. Deze verbaal zeer begaafde man is met stomheid geslagen. Lesgeven is er dus niet meer bij. Als ik eind mei afreis naar de Dordogne heb ik geen idee wat me te wachten staat. Voorheen draaide zo’n retraite volledig om de virtuoze dharmatalks van Thich Nhat Hanh.

Mijn vriendin de non vertelt me dat hij vroeger wel twee talks per dag gaf. Eentje in het Engels en eentje in het Vietnamees. Die laatste werd je ook geacht te volgen: Er waren gelukkig altijd wel vertalers aanwezig!

‘Misschien komt er wel niemand deze keer,’ mijn vrees blijkt ongegrond. Uit alle windstreken zijn toch weer busladingen leerlingen ingevlogen. De Hamlets zijn afgeladen vol. Niet zo overvol als de vorige keer, maar toch vol.

En ja, het is anders om geen les te hebben van Thay. Het is namelijk zo fantastisch om hem als leraar te hebben. Ik realiseer me hoe bevoorrecht ik ben geweest al die jaren. Ik heb de talks van die verrukkelijke man in levende lijve meegemaakt!

Deze keer moeten we het zonder Thay stellen. Hoewel? Tijdens de eerste talk komt hij plotseling binnen. Zijn verzorgers duwen hem voort in een rolstoel. Het wordt doodstil in de afgeladen meditatiehal. Iedereen is diep ontroerd. Dan zingen we hem toe. Heks voelt tranen langs haar wangen stromen. Wat hou ik toch veel van deze man. Zelfs al zegt onze leraar geen woord, hij is nog steeds zeer aanwezig.

Zo zien we onze geliefde zenmeester toch ook deze keer af en toe: Tijdens de les komt hij regelmatig eventjes binnen. Hij scant de ruimte met zijn ZEN-blik. Een paar keer zit hij maar een halve meter van me af, omdat ik graag helemaal aan de zijkant zit met al mijn kleurpotloden, verf en plakspullen. Zoals altijd kijkt hij dwars door me heen!

Halverwege de derde week hebben we les in New Hamlet. Het weer is een beetje wisselend, om de haverklap valt er een bui op je kop. Na de les is het echter droog. Het zonnetje breekt door. We gaan lekker tegen de berg op wandelen: Walking mediation, iets dat Thay toch zo graag deed. Helaas valt er weinig meer te lopen voor hem…..

Eerst zingen we allemaal liedjes rondom de Belltower. Een dagelijks terugkerend ritueel. De woorden en melodieën zijn vaak uiterst eenvoudig. Kinderlijk bijna. Vroeger zijn er regelmatig mensen geweest, die dat maar niks vonden. Niet serieus genoeg. Ze gingen zich beklagen bij Thay en pleitten voor verandering. Onze leraar echter liet zich niet verbakken, de liedjes bleven.

Nu weten we niet beter. Volwassen mensen maken speels de bijbehorende gebaren in de lucht, terwijl ze vol overgave de eenvoudige woorden zingen. ‘Happiness is here and now’. Eerst in het Engels, dan nemen de Fransen het over. ‘Le bonheur est maintenant…’ Binnen de kortste keren horen we ditzelfde lied in het Fins, Zweeds, Spaans, Portugees, Chinees, Vietnamees, Tagalog en ga zo maar door.

Tot onze vreugde duikt Thay op in zijn rolstoel. Zijn leerlingen beginnen hem tegen de berg op te duwen. Wij volgen als makke schapen. Tussen de pruimenbomen door slingert een lint van blije mensen omhoog. Hoger en hoger gaat het, de monniken hebben er aardig de sokken in gezet.

Bovenaan de heuvel houden ze stil. Wij schapen drommen om hen heen. Onze leraar wordt omgeven door verrukte leerlingen. Sommigen van hen hebben hem nog nooit in levende lijve gezien. Ze gaan vlak voor zijn neus staan en maken een foto. Of ze gaan naast hem poseren en iemand anders maakt een kiekje. Thay kan geen kant op natuurlijk. Hij moet het gelaten over zich heen laten komen….

Dan draaien de verzorgers zijn stoel om. Iemand bedient de bel en het wordt stil. Gezamenlijk mediteren we als vanouds. Ik drink het landschap in. Ik wil niet per se met Thay op de foto, maar dit is wat ik wil. Samen met mijn leraar hier zitten. De lucht inademen, die hij inademt. Het landschap indrinken, dat hij indrinkt. Interzijn met deze grote geest.

Na de meditatie pakken de mensen hun lunchpakket. Het is tijd om te eten, iets waar ze in het klooster nooit de hand mee lichten. Mijn lunch ligt in mijn auto.

Zodoende daal ik achter Thay de berg af. Ik draal nog even onder de moerbeibomen. Op mijn gemak pluk ik er een heleboel. Verzaligd prop ik de zoete vruchten in mijn mond. Overvloed.

Als we die middag dharma-delen komt natuurlijk deze bijzondere wandelmeditatie ter sprake. Wat was het fijn dat Thich Nhat Hanh erbij was!

‘Ik vond het verschrikkelijk dat mensen zomaar foto’s van hem gingen maken. Hoe kun je dat nu doen? Die man kan geen kant op!’ Iemand heeft zich groen en geel geërgerd, ‘Het maakt me zo verdrietig, hebben mensen dan geen fatsoen?’ Heks snapt dit heel goed. Op mij kwam het ook niet prettig over, dat gefotografeer. Maar ik erger me er niet aan. Ik doe gewoon net of ik het niet zie….

De Vietnamese non, die onze familie faciliteert neemt het woord. Ze is een goedlachse schat van een vrouw. ‘Ik zal jullie een beetje invullen over Thay. Hij is niet de zielige man, die sommigen van hem maken. Ik zie hem regelmatig en behalve dat hij niet kan praten is er nog net zoveel contact.’

Ze vertelt hoe ze nog steeds bij hem permissie vraagt om elders een retraite te gaan leiden. Hoe hij nog steeds zeer aanwezig is. Hoe hij geniet van het leven, van een stukje wandelen, de natuur…..

IMG_8838 - versie 2

‘Vroeger had hij een gigantische hekel aan fotograferen. Als je met hem op de foto wilde gaf hij je de ZEN-look!’ Ze trekt een streng gezicht. We liggen dubbel. Thich Nhat Hanh heeft het vermogen dwars door je heen te kijken. Een onthutsende ervaring! Heks heeft ook wel eens de ZEN-look gekregen, toen ze hem van korte afstand probeerde te fotograferen. Van schrik liet ik bijna mijn camera vallen…..

‘Later heeft hij zijn mening herzien. Hij begrijpt dat het voor mensen belangrijk is om een foto van hem te hebben. Sommigen hebben er jaren op gewacht om hun leraar een keertje te mogen zien. Ook met ons is hij uitgebreid op de foto gegaan. Elke monnik of non apart. Eerst een officiële foto,’ ze trekt een heel serieus gezicht en gaat kaarsrecht zitten, ‘en daarna een hele vrolijke of gekke….’

Ach, mijn geliefde leraar. Gevangen in zijn lijf.

Een Vietnamese monnik, een bootvluchteling die in Nederland terecht kwam en dientengevolge vloeiend Nederlands spreekt, geeft op een goeie dag een talk. Hij vertelt over een heldere droom, die hij kreeg na het herseninfarct van zijn leraar. Toen deze in coma lag in het ziekenhuis van Bordeaux.

In de droom ziet hij Thay, heel duidelijk. Deze leest hem iets voor, maar gaat zo snel, dat de monnik het niet kan volgen. ‘Rustig aan, Thay,’ roept hij uit, maar Thich Nhat Hanh is niet te stoppen. Slechts vier regels heeft hij onthouden van hetgeen hem werd gezegd:

  1. Still intact, Still complete, full.
  2. There are ways, there are paths, we need to face by ourselves.
  3. We feel inspired by, we just do it.
  4. We don’t calculate anything.

 

 

 

 

Magische Walvis in Katwijkse wateren. Janneke opgeslokt! Maar ook weer uitgespuwd op de boulevard. Gelukkig is ze niet bang uitgevallen. En: Ze is weer veilig thuis. Geloof jij dat dat mogelijk is? Heks wel…..

Vanmorgen glip ik weer op het nippertje de kerk in. O jee, als ik maar niet op mijn vingers wordt getikt straks! Jip en Janneke zitten naar me te glimmen. Ik schuif naast hen in de rij en zing mee met het openingslied. Ligt het nu aan mij of zingen we al weken een terts hoger dan normaal? Piepend breng ik het vers tot een goed einde. Om me heen ook niets dan gefrustreerd geknerp. Ik kom hier ook echt voor de muziek, maar de lol gaat er wel een beetje af zo.

Alweer mopperen, Heks? Welnee. Ik constateer gewoon een feit.

De preek gaat over het horen van stemmen. Een weinig populair verschijnsel, behalve in de bijbel. Het is bovendien een actueel onderwerp, gezien recente schietpartijen, waarbij de dader beweerde te handelen in opdracht van stemmen in zijn hoofd. Is hier sprake van Goddelijke leiding? Het resultaat is weinig verheffend: Een heleboel onschuldig slachtoffers……

Er worden drie verhalen uit de bijbel aangehaald. Een mij vrij onbekend verhaal over de roeping van de profeet Samuel, waarbij God midden in de nacht de arme jongen alsmaar uit zijn slaap wakker schreeuwt. Hij schrikt zich elke keer een ongeluk, maar heeft aanvankelijk volstrekt niet in de gaten dat de Schepper hem probeert wakker te schudden. Letterlijk en figuurlijk…..

Dan volgt het verhaal van Jezus in de woestijn en hoe de duivel daar dan pogingen doet om onze heiland in verleiding te brengen. Onbegonnen werk natuurlijk. Het Christusbewustzijn doorziet nu eenmaal elke list.

En tot slot Jonas in de Wallevis. Waar Jezus juist niet moet luisteren naar de stem in zijn hoofd moet Jonas het weer wel. Want Jonas hoort de stem van de Ene.

Het is dus wel zaak te onderscheiden met wie je te maken hebt. Wie heb je ‘aan de lijn’ of met wie ben je ‘online’?

Heks hoort ook altijd van alles, maar ik heb het er zelden over. In onze maatschappij krijg  je namelijk direct het predicaat psychotisch opgeplakt of je bent schizofreen. Nou, mij niet gezien. Voor je het weet word je volgestopt met enge pillen, waarna je inderdaad geen stemmen meer hoort. Je transformeert tot dikke wattendeken  en hoort vrijwel niets meer…..!

Ik weet wat ik hoor en het is zeker niet een duivel. Noch lijd ik aan de bij een psychose horende wanen en hallucinaties. Tevens heb ik geen persoonlijkheidsstoornis. Ik ben maar een eenvoudige toverheks en die horen nu eenmaal vrij veel met hun grote flapperende toveroren.

Daarnaast praat ik ook nog eens in mezelf, maar dat is te wijten aan de grote hoeveelheid tijd, die ik in mijn eentje stuksla. Ik kan nu eenmaal niet constant in Noble Silence leven al gaat het wel die kant op….

De preek heeft een beetje een abrupt einde. Je moet zelf je geweten gebruiken om die stemmen te beoordelen of iets dergelijks. Ja, dat lijkt me nogal voor de hand liggen. Maar elke gek zijn gebrek en in een psychose ben je toch goed gek. Dat is meestal niet het moment om een beroep te doen op het geweten. Alles rondom weten is dan even vergeten…..

Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat diepe eenzaamheid en diep lijden leiden tot dit soort extremiteiten. Of zoals een levensgevaarlijke jongeman bij dr. Phil laatst zei: ‘Ik zou dolgraag een keertje een heleboel onschuldige mensen de dood injagen, zodat enorm lijden ontstaat. Dan kunnen die mensen tenminste eens voelen wat ik voel: Ondraaglijke pijn vanbinnen…’

Gesticht en verlicht gaan we aan de koffie. ‘Ga je strakjes nog even mee met ons?’ Janneke nodigt me uit. Eerst moet er opgeruimd worden, want zij hebben corvee vandaag. Ik help Jip om de vaat in de vaatwasser te zetten. Niet veel later fietsen we zorgeloos door de stad richting Professorenwijk. Daar passen mijn vrienden op het huis van hun dochter.

‘Ik was in Israel op het strand, toen ik een bord zag staan: Hier heeft de walvis Jonas uitgespuugd,’ grinnikt Janneke, ‘Grappig he? Mijn zus vroeg of ik dat geloofde. Maar natuurlijk geloof ik dat!’ Ze kijkt me ondeugend aan. Zo’n walvis is veel te leuk om niet in te geloven.

Kwam er maar eens zo’n Magische Walvis rondzwemmen in de buurt van het strand van Katwijk, dat christelijke bolwerk waar ze woont. Dan ging ze vast tijdens haar wekelijkse zwempartijtjes in de Noordzee een poging wagen om opgeslokt te worden….. Om op de Boulevard te worden uitgespuwd! De Katwijkers zouden het absoluut fantastisch vinden. Gelovigen genoeg daar!

‘Ik ook! Ik geloof het ook!’ roept Heks.

Het is sowieso al onmogelijk voor de vriendelijke bultrugwalvis om een mens op te eten met die baleinen in zijn mond. Hoewel…. Er doen wat gekke verhalen de ronde. Ook betwijfel ik of ze in de Middellandse Zee rondzwemmen, want daar is geen krill te vinden. Maar wie weet heeft Jonas zo’n levensgevaarlijk potvis getroffen. Of een andere tandwalvisachtige of een walvishaai, die hem uiteindelijk toch niet lust. Want misschien was Jonas wel een heel smerig mannetje. Wie zal het zeggen?

Zo zitten we lekker te lachen om van alles en nog wat.

Dan zegt mijn innerlijke stem dat het tijd is om naar huis te gaan. Ik heb helaas geen walvis bij me, die me liefdevol opslokt en hier op de Oude Vest precies op het bordes van de Schouwburg weer uitspuwt. Het zou wat zijn zeg. Een enorme aanwinst voor de stad zo’n oudtestamentische toeristische attractie!

Nee, ik fiets naar huis. Wel zo makkelijk.

De lepeltheorie maakt duidelijk hoe het is om te leven met ME. En wat blijkt? Het valt niet mee! Gebrek aan energie went echt NOOIT!

Het is altijd lastig om uit te leggen wat het betekent om te leven met ME. Deze invaliderende ziekte doet ons patiënten, ogenschijnlijk blakend van gezondheid, rücksichtslos achter de geraniums verdwijnen.

Omgeven door onbegrip zitten we daar dan vervolgens te vegeteren. De medische wetenschap maakt dankbaar gebruik van ons gebrek aan energie door ons gek te verklaren. Officieel zijn we psychiatrisch patiënt! We zijn toch te moe om te protesteren…..

Afgelopen week ligt de MEdium in de bus, het blad van de patiëntenvereniging van deze ernstige aandoening. Er staat een artikel in over de spoontheory ofwel lepeltheorie. Deze door Christine Miserandino ontwikkelde theorie maakt in 1 klap duidelijk hoe wij met onze energie moeten woekeren. Hoe zuinig wij moeten zijn op onze energie. Hoe we altijd energie te kort komen.

Pijn kun je bestrijden, met pijn valt te leven, aan pijn kun je zelfs wennen….. Ik crepeer dagelijks van de pijn, dus ik weet er alles van. Gebrek aan energie went nooit. Het is het meest invaliderende aspect van mijn aandoening.

In het artikel zit een vrouw met haar vriendin in een restaurant. Haar maatje wil weten wat het inhoudt om ME te hebben. De vrouw geeft haar een set van 12 lepels. Elke lepel hangt samen met een activiteit die energie kost. Klik hier voor het volledige verhaal:

Ik zocht naar de juiste woorden. Hoe moest ik reageren op een vraag waar ik zelf het antwoord nog nooit op gevonden had? Hoe legde ik uit dat elk detail van iedere dag weer beïnvloed wordt door de ziekte en hoe maakte ik dat dan duidelijk aan een gezond persoon? Ik had het erbij kunnen laten, er een grapje van maken zoals ik gewoonlijk doe en van onderwerp veranderen, maar ik bedacht me dat, wanneer ík het niet eens duidelijk kon maken, hoe ik dan van haar begrip kon verwachten? Als ik het niet eens kon uitleggen aan mijn beste vriendin, hoe zou ik mijn leven dan aan anderen kunnen uitleggen? Ik moest het dus in elk geval proberen.

Op dat moment werd de Lepeltheorie geboren.

Ik greep elke lepel die op tafel lag, joh, ik greep zelfs alle lepels die ik maar zag, ook die van andere tafels. Ik keek in haar ogen en zei tegen haar: ‘Alsjeblieft, hier heb jij een chronische ziekte’.

De vriendin krijgt net al de MEpatiënt een beperkt set lepels per dag toebedeeld. Daar moet ze het mee doen. Heeft een normaal mens misschien wel zestig lepels energie per dag beschikbaar, of tweehonderd zoals Frogs, wij hebben er maar twaalf.

Opstaan en ontbijten kost al een lepel. Een paar boodschappen halen? Een lepel. Aankleden en douchen? Al gauw twee lepels. Zo lopen ze de hele dag na en raad eens? De vriendin komt natuurlijk ernstig lepels te kort. Herkenbaar!

Ook wordt uitgelegd dat je in geval van nood lepels van de dag erna kunt gebruiken. Het nadeel is dat je dan een dag zonder lepels zit. Dan kun je helemaal niks! Ook herkenbaar: Mijn dagen in bed. Weken nu, omdat ik aan het bijkomen ben van mijn retraite.

Zo’n vakantie is eigenlijk gekkenwerk. Weken van tevoren spaar ik al mijn lepels op. Voor zover mogelijk. Dan raak ik het grootste deel kwijt aan de voorbereidingen en de heenreis. Volledig naar de klote kom ik dan op de plaats van bestemming. In de vakantie kan ik alweer gaan sparen voor de terugreis en eenmaal thuis lig ik weken om. Wegens gebrek aan lepels.

Telefoongesprekken, eten, hondje uitlaten? Alles kost lepels. Soms heb ik genoeg energie om te koken, maar lukt het me niet meer om het op te eten bij gebrek aan lepels. Aan een echte lepel heb ik dan helaas niets….

Er is iemand op mijn pad gekomen, die heel wat lepels verorbert. Er wordt een zwaar beroep op Heks gedaan. Soms geeft het leven iemand zo op zijn donder, daar kun je met je petje niet bij. Natuurlijk laat je je broeder of zuster dan niet barsten. Wel is het zaak om goed mijn grenzen aan te geven!

De persoon in kwestie snapt duidelijk helemaal niet hoe het werkt bij Heks, want ondanks herhaalde pogingen om het uit te leggen word ik overlopen.

Al dagen zit ik daar mijn hoofd over te breken. Hoe leg ik nu uit dat je niet zes keer per dag bij me op de stoep kunt staan? En al helemaal niet ’s morgens vroeg of ‘s avonds laat. Hoe maak ik duidelijk, dat ik niet dagelijks in ben voor allerlei bezoekjes. Hoe beperk ik het eindeloze luisteren naar allerlei problemen? Hoe zorg ik dat ik niet telkens wordt benaderd voor allerlei kleine klusjes?

De lepeltheorie! Elk bezoekje, klusje, luistersessie, praatje kost me handenvol lepels. En ik heb er maar zo weinig. Het zegt niets over de compassie, die ik voel. Die is levensgroot. Ik kan er alleen geen scheppen energie instoppen.

Vandaag en gisteren lig ik alweer de gehele dag in bed. Uitgevloerd en uitgekacheld. Ik heb gewoon teveel lepeltjes verstookt van de zomer. Gelukkig was het erg leuk in Plum. Ik ben er gigantisch van opgeknapt. Behalve mijn lamme lijf, dat denkt er heel anders over!

De lepeltheorie. Heel interessant en boeiend. Ik kan er wel achter staan. Toch lig ik liever: Lepeltje/lepeltje als ik mag kiezen.

 

Vrouwen en hun gewicht, een precair onderwerp. Dat patriarchale condensatiepunt van onze zelfhaat houdt ons gevangen in ons dikhuidige afgescheiden zelf. Ook verschaft het ons mogelijkheden om onze zusters af te vallen als hun afvalpoging faalt. Nergens voor nodig! Kom op dames: Be beautiful, be yourself!

Ach, vrouwen en hun gewicht. Een zeer gevoelig onderwerp. Nadat ik gisteren voor rotte vis ben uitgemaakt door een matrone met vermoedelijk een gewichtsprobleem zit ik er over na te denken. Het is bepaald niet de eerste keer dat ik met dit fenomeen geconfronteerd word.

‘Zit je weer lekker slank te zijn?’ blèrde een voormalige beeldschone vriendin nog eens woedend in mijn oor, toen ik belde om haar een gelukkig nieuwjaar te wensen. Ze bleek enorm te zijn uitgedijd tijdens de feestdagen bleek later toen ik haar in levende lijve zag. Dit nadat ze juist het jaar ervoor gigantisch was afgevallen.

‘Ik word nooit meer dik,’ beweerde ze vastbesloten na haar geslaagde afvalrace. Het mocht niet zo zijn. Haar verslaving aan koolhydraten won het van haar goede voornemens. Het gevreesde jojo-erffect deed de rest. Met name een grote voorliefde voor versgebakken brood deed haar de das om. Of beter gezegd: De vetkraag.

Ik begrijp al die frustraties best. Ook Heks deed als adolescent aan de lijn. Ten eerste wist ik niet beter, mijn hele omgeving was chronisch op dieet. De raarste leefregels heb ik voorbij zien komen. De Margriet en Libelle stonden er vol mee. Het brooddieet, Atkins, calorieën tellen, appel-dieet, peer-dieet, zuurpruim-dieet en ga zo maar door……. De raarste vermageringskuur was wel het sherry-dieet.

In de jaren zeventig was dat een populair drankje. Massaal zaten onze voorouders aan de sherry. Je moet het dan ook in dit licht zien dat uitgerekend die consumptie voor dit doel werd aangewend. Het regime was simpel: Zes keer op een dag een flink glas sherry. Bezopen natuurlijk!.

Zo kon het gebeuren dat mijn oom mijn tante om negen uur ’s morgens katlam op de bank aantrof. Ze was op dieet! De kilo’s vlogen eraf!

Het sherrydieet is al een oud dieet dat bekend is geworden in de jaren 70 door koningin Juliana. Zij boekte succes met het sherrydieet.

Het sherrydieet is zeer simpel. Het Sherrydieet is gebasseerd op het eten van normaal voedsel (zoals je dat anders ook zou doen), alleen dan in halve porties (het MLM-dieet). Zorg tijdens het sherrydieet dat men bij elke maaltijd ruim voldoende drinkt, 1 tot 2 glazen sherry per maaltijd.

Calorieinname tijdens het Sherrydieet

Tijdens het sherrydieet zorg je voor een calorieinname van 990 Kcal. per dag (3780 Kjoules). Tijdens het sherrydieet moet men veel zwarte koffie nuttigen en bij elke maaltijd 1 á 2 glazen sherry drinken. Hierdoor houd u zich staande tijdens het sherrydieet.

Daarnaast had ik een zelfbeeld van lik mijn vestje en elke vetkwab leek dat te onderstrepen. Welke vetkwab bedoel je Heks? Jij bent toch altijd redelijk slank geweest?

Een vrouw kan zo dun niet zijn of ze heeft toch wel ergens rondingen. Dat is de aard van het beestje. Helaas overheerst hier ter lande de laatste decennia als schoonheidsideaal figuur strijkplank. Terwijl de meeste dames daar boven de 18 nooit meer aan kunnen voldoen.

Die krijgen prachtige mollige zachte heupen en grote witte marmeren borsten. Dikke dijen vol reserveopslag van vet. Niets mis mee natuurlijk. De natuur bereidt het lichaam voor op een kinderschaar. In andere culturen worden deze vormen vaak wel gewaardeerd, daar zijn dikke vrouwen behoorlijk in trek bij de heren.

In ons land is het dubbel blijkt uit onderzoek. Mannen schijnen zich graag met een graatmager fotomodel te vertonen, maar in bed geven ze de voorkeur aan dikke hammen en zacht vlees. Superhypocriet.

Na het jarenlang gezellig met mijn mollige zusters meewalgen van vermeende vetkwabben en dikke benen heb ik me erbij neergelegd. Ik ontdekte mijn eigen unieke schoonheid, verzoende me met mijn lijf en besloot om nooit meer een dieet te volgen.

Grappig natuurlijk, zo’n voornemen. Ik had nog geen idee dat ik levenslang op een streng dieet zou gaan. Dat er periodes zouden komen dat ik zo mager zou zijn als een lat. Dat gewichtsverlies wel de laatste van mijn zorgen zou zijn….

Vrouwen en hun gewicht. Hoe vaak is het me niet overkomen dat ik een rotopmerking te verduren kreeg van een gefrustreerde stevige zuster? Bijvoorbeeld die keer dat ik een heel afgrijselijk dieet had omdat ik zo ziek was als een hond. Na een half jaar in bed ging ik met vriendinnen op stap. Ik deelde iets over mijn benarde situatie.

‘Goh,’ zei een lange stevige dame jaloers, ‘Je hebt er wel een mooi figuurtje aan over gehouden.’ Lekkere reactie toch weer. Het is geen domme vrouw hoor, ze heeft een universitaire opleiding en een humanitair beroep. Je zou wat meer verstand en invoelend vermogen verwachten.

Jaren later zei dezelfde vrouw bij wijze van diep spirituele uitspraak (Ze beschouwt zichzelf als half verlicht geloof ik) dat iemand, die haar meisjesfiguur had behouden nooit echt vrouw was geworden. Ze keek daarbij pissig naar mijn slanke lendenen. Die waren bij haar al jaren zoek, na het baren van een paar prachtige koters.

Dat Heks er in die tijd mee moest leren leven dat ze nooit kinderen zou krijgen interesseerde haar niet. Mijn intense verdriet hierover is haar waarschijnlijk totaal ontgaan.

Tot slot heeft dezelfde overigens hartstikke mooie meid me nog een keertje vertelt hoe mooi ze een bepaalde outfit van Heks vond ten tijde van onze studie. Ik herinner me die outfit goed, want veel meer kleren had ik toen niet. Ik had geen beurs en geen geld, had nauwelijks te eten, werkte me de blubbers…… maar was wel slank.

‘Ik was zo jaloers op je,’ verspreekt ze zich, ze schrikt er zelf van. Direct begint ze het weer te ontkennen, maar in zoveel toonaarden dat het verdacht is….. ‘o nee, niet waar, blabla…’ een compleet lulverhaal volgt.

‘Aha,’ denkt Heks bij zichzelf, ‘Je was dus wel degelijk al die tijd jaloers. En daarom heb je altijd van die kloteopmerkingen tegen me gemaakt. En je geeft het tegenover jezelf nog niet eens toe. Lekker is dat!’

Vrouwen en hun zwaargewicht. Hun modderfiguur. In de menopauze gaat ons lichaam steeds meer op onze Grote Moeder lijken, ofwel een bol. Er is geen kruid tegen gewassen. Ook de zwaartekracht van Moedertje Aarde krijgt steeds meer vat op onze lijven. Koekeloeren achttienjarige tepels nog fier de lucht in, menopauzale exemplaren doen vooral aan navelstaren…..

Vandaar dat wij dames in de overgang massaal gaan mediteren natuurlijk!

Het is heerlijk om slank te zijn, je kunt alles aantrekken: Alles past. Je sleept minder gewicht mee en het is in een aantal opzichten gewoon gezonder.

Het is ook heerlijk om gezond als een vis te zijn. Je kunt doen waar je zin in hebt en hebt altijd energie.

Het is ook heerlijk om kinderen te hebben, ze zelf te dragen en te baren, zelfs al ruïneert het je figuur.

Dingen zijn hoe ze zijn. Je bent hoe je bent.

Heks wilde vroeger graag ‘petit’ zijn. Zo’n frêle elegant balletdanseresje. Ik was daarentegen een stevig robuust kind. En ik bleef maar groeien, er kwam geen end aan. Daarna leken alle nieuwe lichaamsdelen nog hun juiste plek te moeten vinden. En ook duurde het een tijdje voor ik dit grote machtige vrouwenlijf helemaal kon bewonen. En kleden. Als jonge vrouw was ik best een hosseklos.

Ik schrok me dood toen ik als achttienjarige een video zag van mezelf dansend in een jazzballetklasje. Tussen prachtige lichtgebouwde meisje, elegant en petit. Wat was ik groot! En plomp en lomp! Het heeft jaren geduurd voordat ik de zaken in het juiste perspectief zag, namelijk vanuit het centrum van het universum, vanaf het puntje van mijn neus!

Heks heeft zich met haar lijf verzoend uiteindelijk. We hebben dat dansend gevierd. Jarenlang: Buik dansend, Indiaas dansend, Flamenco dansend, Salsa dansend….

Vrouwen en hun lijven. Wij prachtige vertegenwoordigsters van de Grote Moeder hier op aarde. Met onze barende, zorgende, troostende lichamen. Wij wonderlijke menselijke broedmachines die zoveel te verduren krijgen. Het is verschrikkelijk dat we onze lichamen zo haten. Dat we het martelen om aan allerlei vermeende schoonheidsidealen te voldoen.

Mijn lijf doet ook niet altijd wat ik wil. Ik verander dan wel niet in een bol of een peer, maar mijn machinerie piept en kraakt. Zo is het altijd wat: Geen mens is volmaakt!

Ik vind het altijd jammer, het gedoe met sommige dames rondom dit thema. In mijn optiek zijn alle mensen prachtig. Op hun eigen unieke manier. De meeste mensen worden steeds mooier als je ze beter leert kennen. Het heeft allemaal niet zoveel met uiterlijk te maken, het heeft niet veel om het lijf….

We laten ons gek maken door uiterlijkheden en standaardnormen voor schoonheid. We leggen het onszelf op en slaan elkaar ermee om de oren.

Altijd maar weer die normen, altijd maar weer dat normaal. Dat vergelijken.

In mijn pubertijd had ik een kwelgeest van een vriendin, die me dagelijks uitschold voor ‘Dikke Vetlel’. Ik was een flinke puber, wiens lijf alle kanten opgroeide. Het bezorgde me een afschuwelijk gevoel, dat gepest. Pas later realiseerde ik me dat de pestkop zelf erg gefrustreerd was. Waar bij mij cup C moeiteloos aan mijn boezem ontsproot moest zij het doen met twee erwtjes op een strijkplank…….

Op een goeie dag tijdens mijn retraite in Plumvillage raak ik in gesprek met een jonge non. Zij werkt in de Bookshop. Het is al laat in de avond en normaal gesproken is de winkel allang gesloten. ‘Ik moet nog veel werk afmaken, dus ik blijf gewoon open,’ verklaart ze de situatie. Op mijn gemak snuffel ik eerst wat rond. Ik vind iets van mijn gading en ga afrekenen.

Ons gesprek gaat over de prachtige kalligrafieën van Thay, die niet langer te koop zijn. Althans, de originele versies. ‘Wij bewaren die allemaal en verkopen louter nog kopieën. Alle nonnetjes hebben echter een origineel gekregen van onze leraar. Met een tekst die op ons persoonlijk van toepassing is…. Op de mijne staat ‘Be beautiful be yourself’. Die tekst heeft mijn leven veranderd. Het vormt de kern van mijn beoefening!’

Sunny Bergman interviewde een aantal jaren geleden voor haar documentaire ‘Sunny Side of Sex‘ vrouwen op Cuba. Hun zelfbeeld was fantastisch, ondank bubbeltjes en rondingen. Ze hadden dan ook nauwelijks te lijden van beeldvorming via media, want het fenomeen glossies en dergelijke kwamen niet of nauwelijks voor op dit eiland. Er was dus geen norm. Heel prettig.

De behoefte om aan een standaard te voldoen is van alle tijden: Vrouwen hebben hun voorhoofd afgebonden, hun voeten ingebonden, hun nek uitgerekt, een schotel in hun onderop gestopt, hun doosje dichtgenaaid, playboykutjes in elkaar laten flansen, tieten vergroot of verkleind en de nieuwste mode is schaamlippen in je gezicht…… Kortom: Je kunt het zo gek niet verzinnen………

Lieve dames, zusters: Be beautiful, be yourself. Beter dan Thich Nhat Hanh kan ik het niet zeggen.

 

 

 

 

Brave hondjes en vechtende baasjes: Kom niet aan m’n hond en een hoed dragen is niet gezond. De grootste tuttebel is blond. En rond. En Heks is maar een chique stuk stront. Lult die troela uit haar kont…….

Ys ren zand25

Na een paar dagen in mijn bedje ga ik gisteravond toch naar het hondenstrand in Noordwijk. Ik trek een zwierige lange jurk aan, knikker een flinke strohoed op mijn kop en gris op het laatste moment een sjaal van de kapstok. Gelukkig maar, want het is frisjes aan de  kust. Er staat een verkoelend briesje en de zon gaat grotendeels schuil achter wat vage bewolking.

De dunne katoenen sjaal laat zich helemaal uitvouwen tot een enorme omslagdoek. Als ik het strand oploop slaat een stevige frisse wind me tegemoet. Ik wapper de doek in de lucht en een windvlaag vormt em om mijn lijf. Een aantrekkelijke dame loopt me tegemoet. Verrukt wijst ze op mijn outfit: ‘Wat prachtig! Zo mooi bij elkaar gecombineerd!’ Ik geloof dat ik sjans heb van dit lekkere stuk. Ha leuk. Ik bedank haar voor het compliment.

Varkentje heeft er zin in vandaag. Enthousiast jaagt hij achter de bal aan. Als een jonge god sprint mijn bejaarde viervoetige vriend voor me uit. Snorkelend duikt hij door de branding en vist zijn prooi uit de golven. Gnuivend wordt die vervolgens weer voor mijn voeten gegooid. Een spel zonder einde. Als het aan mijn hondje ligt dan….

We zijn al een flink stuk richting Katwijk gelopen als er een kudde joggers van alle leeftijden langs zwoegt. Met rode, oranje, paarse en/of opgezwollen koppen van de inspanning sjokken ze in een sukkeldrafje door het rulle zand. Een groep vrijwilligers deelt bekers water uit.

Dubbel van de lach kijken ze naar een venijnig oud vrouwtje die de inhoud direct verwoed in haar eigen gezicht smijt. Stoom stijgt op vanuit haar permanentje, maar ze houdt stand!

Ik loop naar de duinrand en vlij tussen het helmgras. Ysbrandt rolt zijn natte magere lijfje net zo lang door het zand totdat hij op een gepaneerde slavink lijkt. ‘Goeie hemel, wat zie je er uit, varken,’ Heks moet lachen om haar gekke hondje.

Op de terugweg vraagt hij weer om een balletje. In een poging me zover te krijgen springt hij tegen mijn benen op. Au! Een grote rode kras loopt over mijn bovenbeen. Mijn monster heeft scherpe nagels! ‘Wegwezen nu,’ vermaan ik hem. Hij zigzagt voor mijn voeten. Plotseling voel ik hoe leeg mijn tank is. De wandeling heeft me uitgeput en ik moet nog helemaal terug!

Bij een strandtent strijk ik neer op het terras. Overal mensen met hondjes. Gelukkig is er nog precies 1 plekje vrij voor ons. Als ik wil gaan zitten propt een enorm dik volgevreten zwart bakbeest van een woefer zich tussen het tafeltje en mij. Hij plet me volledig en zet Ysbrandt klem. Die zit ook nog eens aan de riem: Een recept voor moeilijkheden. Als ik niet uitkijk gaat hij mij nog verdedigen tegen deze tientonner.

Ik kan geen kant op. ‘Vort, beest, ga eens weg,’ ik kijk om me heen naar de eigenaars, die zitten een tafeltje verderop. Ze geven geen sjoege. Ongeïnteresseerd zitten ze ieder voor zich naar hun mobiel te staren. ‘Kunt u uw hond alstublieft terugroepen?’ Geen reactie. Ik duw nog eens tegen het gevaarte. Geen beweging in te krijgen. Ik kan geen kant op. Ik kan niet eens gaan zitten….

Nog een keertje verzoek ik de baasjes om die functie waar te maken. Weer laten ze me kletsen. ‘Hup,’ roep ik uiteindelijk keihard tegen de hond, terwijl ik hem wegduw. Eindelijk komt er beweging in het beest. Maar ook in de eigenaars! De vrouw begint opeens tegen me te krijsen. ‘Ken je dat niet ff normaal vragen, stom mens, ik pik het niet, bladiebla, …..’ Ik kijk haar met stomheid geslagen aan.

Als ik mijn stem hervind blijf ik vriendelijk. Een bal van woede vormt zich echter in mijn maag. ‘Ik heb u twee maal beleefd gevraagd om uw hond terug te roepen,’ mijn reactie is aan dovemansoren! Het wijf schreeuwt en schreeuwt. Allerlei rare dingen, ik snap er geen kloot van. Wel ben ik intussen ook razend. Het hele terras geniet lekker mee. Het lijkt wel de climax van een Griekse Tragedie. Met een stelletje geblondeerde Hagenezen in de hoofrol.

Of ik maar ergens anders heen wil gaan, dit is een hondentent, dus honden mogen hier blijkbaar alles. Dat er een bord met een levensgroot verzoek hangt om je hond aan te lijnen geldt blijkbaar niet voor hen. Ze blèrt en blèrt dat het een lieve lust is. ‘Ga weg, ga ergens anders zitten, ophoepelen nu….’ dreigt ze. Ik peins er niet over en vertel haar dat.

‘Ja, jij denkt maar dat je overal maar kan gaan zitten met je sjieke hoed!’ Walgend blikt ze met haar zure kop naar mijn fabuleuze hoofddeksel. Het is inderdaad een prachtig exemplaar, je kunt er zo mee naar een Engelse bruiloft in de high society. Vraag maar aan mijn vriendinnetje Trui, zij heeft hem voor een dergelijk doel geleend ooit.

‘Oh, gaat het daar om,’ opeens is het me duidelijk wat hier speelt. Ouderwetse jaloezie en afgunst. Het mens kan me gewoonweg niet uitstaan: Zo’n superlang supeslank fotomodel in prachtige outfit. Dat ik een halve zachte menopauzale MEpatient ben en op mijn tandvlees loop ontgaat haar volkomen. Ze heeft haar oordeel klaar. Ik besluit er verder het zwijgen toe te doen. Dit is een hopeloos geval!

Dus draai ik hen de rug toe en ga zitten. Vanbinnen ben ik helemaal door elkaar geschud van het verbale geweld. Ik moet moeite doen om niet iets heel verschrikkelijks terug te roepen. ‘Ademhalen, Heks, ga terug naar je adem…’

Achter me hoor ik die stomme troela over me smiespelen. ‘Ze zijn allemaal veel te dik daar,’ fluister ik uit frustratie tegen mijn hond. Uit wraak vooral. ‘Vooral die hond, wat een gestopte worst!’

‘Ga maar lekker naar dat stomme wijf, hoor, van mijn mag je,’ gilt de vrouw dan weer plotseling met haar weinig chique doorrookte stemgeluid. Ze heeft zich helemaal vastgebeten in haar verhaal!

Verwoed probeert ze de goeiige vetgemeste ondefinieerbare zwartharige vuilnisbak mijn richting in te dirigeren. Misschien hoopt ze dat ik bang ben voor grote honden….. ‘Vooruit, jaag haar maar weg, met haar kapsones en haar stomme hoed.’

Enige tijd later stapt de familie Flodder op. Ik kijk hen na vanachter mijn zonnebril. Een mooie gezonde blonde matrone met man, kind en hond. Tel uw zegeningen! Ze draait zich  pontificaal om. Gemelijk kijkt ze terug. Ze gaat er helemaal voor staan. Wijdbeens en met een triomfantelijk minachtend lachje om haar ontevreden mummelmondje.

De mooie avond is bedorven. Ik voel flarden woede door me heen wolken. Ook ben ik opeens verdrietig. En het is plotseling erg koud geworden. De inderhaast verorberde bosbessen-smoothy ligt als een bevroren plas in mijn net van zomergriep herstelde maag. Het is mooi geweest. We gaan lekker naar huis…..

Thuisgekomen ben ik nog steeds uit mijn hummetje. Wat gebeurde daar nu eigenlijk? En waarom raakt het me zo?

Ik besluit te gaan mediteren. Eerst even inspiratie opdoen uit het boek van Thay, ‘Innerlijk vuur.’ Lukraak open ik het. “Als je de pijn van de ander kunt zien, kunt zien hoezeer de ander lijdt, verdwijnt je woede…. blabla.” He getsie, daar heb ik helemaal geen zin in. Het laatste wat ik wil is mededogen hebben met die blonde troela.

Ik ga in de herkansing met het boek.  Opnieuw sla ik het open. “Als je compassie kunt generen verdwijnt je woede als bij toverslag….” luidt de tweede tekst.  Vooruit dan maar, ik ontkom er niet aan…..

Stil op mijn kussentje ademend kom ik er warempel achter wat hier speelt. De vrouw doet me denken aan iemand waar ik veel van houd. Ze bezorgt me exact hetzelfde gevoel! En ik vermoed dat er precies dezelfde motivatie achter haar gescheld op Heks zit als bij die persoon: Jaloezie, afgunst, onzekerheid, zelfhaat.

Want dat is wat ik ook hoor tussen de regels door: Ze haat zichzelf, haar dikke uitgedijde lijf, haar onbeduidende gezicht van 13 in een dozijn, haar middelmatige leventje met man en kind. Dingen waar ik overigens voor zou tekenen! Maar goed.

Zelfafwijzing, die bron van alle kwaad.

We hebben er allemaal last van. Daarom ben ik extra lief voor mezelf vanavond op mijn kussentje. Ik troost mezelf voor alle keren dat mijn medezusters me uit jaloezie onderuit hebben geschopt. Vrouwen kunnen echt monsters zijn onderling, gemene klerewijven, geniepige kuttekoppen!

Ik laat mijn mededogen uitgaan naar al die formidabele dames die denken dat ze niet slank, mooi, slim of sexy genoeg zijn. Ook naar die taart, die vanavond haar laffe ongezouten mening over me heen heeft gebraakt. Opeens begrijp ik dat al die afschuwelijke dingen die ik hoorde in mijn hoofd als reactie op haar gescheld bij haar horen. Het is hoe ze over zichzelf denkt. Niet al te best.

Het dringt tot me door dat ze die mening feilloos om zich heen projecteert. Ze legde me de woorden bijna in de mond, ik kon nog net voorkomen dat ik iets heel onaardigs of verschrikkelijks terug riep naar het mens. Ze heeft van mij een superieur wezen gemaakt, dat op haar neerkijkt. Althans in haar optiek.

IMG_8799

Ik ben er eigenlijk helemaal niet aan toegekomen om me onbevangen een mening over de vrouw te vormen. Ik kom niet verder dan wat ze met haar acties bij me oproept…..

Ja, we moeten af van het meerderwaardigheidscomplex, minderwaardigheidscomplex en gelijkheidscomplex. We moeten af van het afgescheiden zelf!

Rustig adem ik tot alle emoties en floddergedachten zijn gezakt. Dit is praktiseren. Dit is wat Thich Nhat Hanh bedoelt: Je moet oefenen, beoefenen. Pas dan veranderen er dingen, pas dan ga je groeien.

Een hele tijd zit ik met alles wat er is. Tot het genoeg is.

Kalm en tevreden schuif ik later mijn bedje in. Ik zal vast nog wel rare jaloerse dames tegenkomen in mijn leven. Hopelijk komt het dan niet meer zo bij me binnen……

 

Gewoontepatronen laten zich niet gemakkelijk doorbreken. Je kunt ze maar beter vervangen door iets nieuws. Heks worstelt met haar neiging elke keer in dezelfde groef terecht te komen. Misschien is het tijd voor een nieuwe bezem: Die vegen tenminste schoon!

Sinds ik terug ben van mijn retraite is het zaak om niet direct in mijn oude patronen te vervallen. ‘Gewoonte energie’ noemen ze dat in Bhoeddhistische kringen. We hebben er allemaal last van: Je wilt wel anders, beter leven, maar je zit vast in je groef. Van je groef in je graf als je niet uitkijkt. Bewust zijn, jezelf her inneren: Het is een hele klus.

Toch zit em hier wel de kneep.

Ik ga het klooster in met een brandende vraag. Hoe kun je het nog hebben over de fundamentele goedheid van de mens als je met narcisten en psychopaten te maken hebt? Dit kwaadaardige volkje dat alleen om zichzelf geeft en verder louter neemt. Deze liegende en bedriegende medemensen. De wolven in schaapskleren. Die machtswellustige en seksueel gefrustreerde egoïsten……

Waar blijf je met al je goede bedoelingen oog in oog met deze onmenselijke persoonlijkheidsstoornis?

Ik krijg er geen antwoord op. De meeste mensen hebben geen idee wat narcisten nu eigenlijk voor’n wezenloze wezens zijn. Net als ik een tijdje geleden. De neiging bestaat om compassie te hebben met deze meedogenloze agressors. Ik ken die neiging.

Dan hoor ik tijdens een Dharmatalk door een sprankelende non opeens het verlossende woord. Haar verhaal gaat niet over narcisten, noch over psychopaten. Hier in Plumvillage zijn alle mensen gewoon medemensen.

‘Soms zie je iemand lijden, maar ze willen het niet toegeven. Of je ziet iemand, die heel boos is, maar ze beweren van niet. Sterker nog: Ze zeggen rustig dat jij boos bent en dat jij lijdt. Maar ook voor hen geldt: Zolang je niet toegeeft dat je lijdt verandert er niets. Je zit er in vast. Je kunt overigens zowel in lijden als geluk blijven steken….’

‘Wees geen slachtoffer,’ zegt Thay altijd. Hij is er zelf het levende voorbeeld van. Zelfs in zijn huidige positie, na het herseninfarct. ‘Wie weet hoe hij moet lijden kan er zijn voordeel mee doen. No mud, no lotus.’

In de loop van de retraite verdwijnt de noodzaak om een antwoord te krijgen op mijn vraag. Ik ben stomweg helemaal niet meer bezig met het thema narcisme. Evenmin denk ik aan de narcisten in mijn leven. Het is me om het even. Leven en laten leven. Ze zoeken het maar uit. Zolang zijzelf hun lijden niet erkennen is er weinig aan te doen. En als er iemand al iets aan moet doen dan zijn ze het toch echt zelf……

Wel dringt het tot me door dat ik beter voor mezelf moet zorgen. Ik neem iedereen in bescherming behalve mezelf. Ik spring voor Jan en Alleman in de bres, maar mezelf laat ik creperen. Ik stel niet of nauwelijks grenzen en die worden dan nog met voeten getreden en zwaar overschreden. En dat vergeef ik dan weer grif.

Ook moet ik ophouden met alleen maar te luisteren naar anderen. Ik mag zelf ook delen wat er in me omgaat. Zeker bij vrienden! Na mijn relatiebreuk is het me met enige regelmaat gebeurd dat mensen waar ik altijd eindeloos naar zit te luisteren me na een paar weken de mond snoerden. Of ik kon ophouden met die verhalen, ze wisten het nu wel!

Thuisgekomen zit ik elke dag op mijn kussentje te mediteren. In de stilte luister ik naar mezelf. Ik ben mijn eigen soulmate. Daarnaast zie ik maar weinig mensen en dat voelt prima. Ik ben op zoek naar nieuwe patronen en daar horen nieuwe gewoontes en nieuw gedrag bij. Maar o jee, ik schiet als ik niet uitkijk zo weer in mijn oude groef.

Het leven test me door iemand op mijn pad te sturen, die een zwaar beroep op me doet. Soms kun je er gewoon met je petje niet bij hoe onrechtvaardig mensen door hun dierbaren behandeld worden. Als dan ook de omgeving een duit in het zakje doet en de maatschappij er nog een schepje bovenop doet en het rechtssysteem faalt……

Heks voelt natuurlijk compassie opwellen in haar hart en voor ik het weet spring ik in de bres. Ik luister, schrijf brieven, help uit de brand, bid en brand kaarsjes. Niks mis mee.

Toch moet ik ook in deze situatie heel goed mijn grenzen bewaken, want als ik niet uitkijk vreet het me op. Ik realiseer me dat ik in een mij zeer bekend patroon ben beland:

Een wildvreemde of vage bekende zit zwaar in de shit en staat bij me op de stoep. Ik bied de helpende hand en een luisterend oor. Een scheve ‘vriendschap’ ontstaat, waarbij ik luister en geef. Dit gaat geruime tijd goed. Dan verandert er iets: De andere partij haalt me onderuit, gaat op mijn nek zitten of probeert me de les lezen. Ellendig einde verhaal.

Vorige week in de kerk zette iemand nog op die manier haar nagels in me! Ook die dame heeft regelmatig haar hart bij me gelucht toen ze in de problemen zat bedacht ik me later. Ik ben daar uiterst discreet mee omgegaan natuurlijk, maar toch vindt ze het nodig me op mijn nummer te zetten! MEUH!

Kort samengevat: Eerst zet iemand je op een voetstuk, omdat ie je nodig heeft. Dan beland je in een zogenaamde vriendschap die mank gaat. En tot slot stampt zo’n medemens je dan de grond in, omdat je tegenvalt in het gebruik.  Een simpele formule op zich. Dat wel.

Tijdens de retraite lukt het me prima om mijn grenzen te bewaken.  Tevens luisteren mijn sangha-familieleden ook naar hetgeen ik te vertellen hebt en wat mij bezig houdt of pijn doet tijdens de dharmadiscussies. In deze veilige omgeving oefen ik verwoed op het mezelf handhaven tussen mijn medemensen. En het lukt!

Thuisgekomen is dat een ander  verhaal. In mijn gewone dagdagelijkse omgeving wankelt mijn besluit om mijn ruimte in te nemen. Het is ontzettend moeilijk om zaken anders aan te pakken. Grenzen trekken is niet echt mijn ding. Ook kost het me moeite om niet aardig te zijn. Ik ben een hopeloze pleaser… Ik geef al iets weg voordat ik er over heb nagedacht. En elke keer doe ik het weer.

Daarom zit ik nu stil op mijn kussen te ademen voordat ik iets doe of toezeg. Ik trek wel een grens, doe soms de deur niet open. Ik leg niet uit waarom en hoe, maar bescherm mezelf tegen mensen die me leegtrekken. Er is namelijk een groot verschil tussen energie geven en leeggetrokken worden. In het eerste geval komt het uit de ‘Oneindige Bron’. Dat gebeurt als ik mensen instraal bijvoorbeeld. Dat is heerlijk, ook voor mezelf.

Helaas pluggen er regelmatig mensen stiekem in. Ze verorberen mijn persoonlijke energie, zoals een vampier het bloed van zijn gastheer… En ik heb al zo weinig energie: Ik wil het nu wel eens voor mezelf gebruiken. Al was het alleen maar om mijn huis op te ruimen! Maar ook tekenen en schilderen, lezen en muziek maken schieten er al jaren bij in.

‘You have to take care of yourself before you can take care of others,’ zegt televisiegoeroe Phil op de achtergrond van mijn geschrijf tegen de dochters van een ontaarde alcoholiste. Zij houden van hun moeder, maar diens hersenen zijn zo vergiftigd door drank en pillen, dat ze die liefde op een bizarre manier retourneert. Ik zie ongelofelijke voorbeelden voorbij komen. Tenenkrommend. Wat een keihard wijf!

Phil vervolgt ‘Als jouw moeder ontkent dat jij bent misbruikt door haar partner en de relatie met die man gewoon nog 12 jaar doorzet: Stop er geen energie meer in. Jij moet nu echt voor jezelf gaan zorgen. Je bent ernstig getraumatiseerd en jouw moeder ontkent dat. Erken het in elk geval zelf en zorg voor dat geschonden kind in je, zodat je kunt helen. Eerder kun je niets voor wie dan ook betekenen!’

Wat zegt Thich Nhat Hanh ook alweer? ‘We rennen vaak zonder erbij na te denken achter de brandstichters aan, als ons huis in de fik vliegt.’ Je hebt er niets aan. Het is ook gewoonte-energie. En ook ‘Als je niet thuis bent bij jezelf kan iedereen met het grootste gemak inbreken en de boel leeghalen‘.

Ik ben bezig om voor mijn eigen woning te zorgen, mijn ruimte te beschermen. Ik hoop daar een goede gewoonte van te maken…..

Schuldenaar Heks krijgt woningcorporatie Portaal op haar dak. Het gaat om een luttel bedrag, maar ik krijg een behandeling alsof ik al in geen jaren mijn huur heb betaald! Typisch……

Als Heks zoveel zit te schrijven ligt ze meestal in bed. Zo ook nu. Ik heb een zomergriepje onder de leden. De mussen vallen van het dak en ik kijk naar de Tour de France. Rillerig dobberend in mijn waterbed. Het is niet anders.

Misschien kan ik eens lekker op Portaal gaan mopperen. Ze doen weer raar. Niet heel raar. Hun gewone hebzuchtige ongeïnteresseerde raar.

Vorige week vrijdag schrijven ze een bedrag van mijn rekening af, ik heb geen idee wat het is, maar opeens sta ik rood. Mijn bank protesteert. Dus haal ik het geld terug voor de bank het doet. Eerst maar eens achterhalen waar dit over gaat. Die club maakt tenslotte zoveel fouten.

Maandag bel ik de teringlijers op. Ik worstel me door het menu en na een tijdje krijg ik zowaar een medewerker aan de lijn. Hij vertelt me dat het over een gemeenschappelijke energierekening betreffende ons portaal gaat. Aha. ‘U heeft er begin juni een brief over gekregen,’ beëindigt de man zijn verhaal.

Ik leg hem uit dat ik op vakantie was in die periode. ‘Waarschijnlijk is de brief me ontgaan,’ ik lieg niet eens. Alle brieven uit die periode liggen nog ongeopend in een doos. Ik heb nog niet eens al mijn spullen uitgepakt. Al weken houd ik me vooral bezig met bijkomen van mijn vakantie. Zodoende is de boel nogal achterstallig: Komende week ga ik maar eens aan de administratie.

Met de belofte het bedrag weer over te maken hang ik op. Een paar uur later gaat de telefoon. Een gemelijk kereltje begint een verhaal over een openstaande rekening, deurwaarders en meer van dat fraais.

Het gaat om dertig euro, maar de man maakt bombarie alsof ik al jaren mijn huur niet heb betaald. Wat een lamstraal. Ik schrik me aanvankelijk rot. Is er soms nog een openstaande rekening? Zijn me nog meer brieven ontgaan?

Maar nee. Als je verwarming het niet doet of je zit zonder keuken dan laten ze je gewoon barsten. Telefoontjes worden niet beantwoord of ze smijten de hoorn op de haak! Er gaan soms weken overheen voordat je wordt geholpen. Het is een volstrekt inefficiënt bedrijf als het aankomt op service en nakomen van afspraken.

Maarrrrrrr…….. als ze geld kunnen halen dan zitten ze er bovenop. Opeens functioneert het bedrijf als een geoliede machine blijkt : Vrijdagmiddag boek ik het bedrag terug. Maandagmorgen ligt er al een brief bij Heks in de bus en diezelfde middag heb ik een uiterst onaardige eikel aan de lijn. Dit nadat ikzelf al heb gebeld en heb toegezegd dat ik het bedrag binnenkort zal betalen!

De man blijft knorrig. Alsof hij de zaak niet vertrouwt. ‘Wanneer maakt u het bedrag over? Kan ik noteren dat het morgen binnen is?’

‘Mijnheer. Ik huur al meer dan dertig jaar bij uw woningcorporatie of wat daarvoor doorgaat. Nog nooit heb ik een maand de huur niet betaalt of ben anderszins een verplichting niet nagekomen. Hetgeen ik bepaald niet van jullie kan zeggen. Ik heb een paar weken de tijd volgens de brief om aan mijn betalingsverplichting te voldoen. Derhalve zal ik het binnen die terwijl betalen.’

‘Uw telefoontje komt op mij zeer onaangenaam over. Het gaat om een uiterst luttel bedrag en u gaat mij zitten bedreigen alsof ik een enorme wanbetaler ben! Bovendien heb ik zelf al een keer contact met jullie gehad vandaag! Communiceren jullie dan helemaal niet onderling?’

De man heeft geen boodschap aan mijn verhaal. Een excuus kan er niet af. Gepokt en gemazeld in de slechte gedragsregels van Portaal geeft hij een ongeïnteresseerd antwoord. Wat een onaangenaam sujet. Hij zit helemaal op zijn plek bij Portaal!