Inspiratie: Eerst je kop laten afbijten door een akelige alt, vervolgens je hart laten raken door een geheimzinnige sopraan en tot slot in een baan om de aarde geraken door de heilige dans van een muzikale olifant. En dat alles in bijzonder goed gezelschap!

Zaterdag heb ik een drukke dag. Om 11 uur ’s morgens meld ik me voor een martelsessie bij de fysiotherapeut. Hardhandig haalt ze me uit de knoop. Oh, wat is ze toch gemeen geworden door de jaren heen. Bijna net zo geniepig als de orthopedische fysio. Alleen lacht ze niet smakelijk om mijn gejammer, zoals laatstgenoemde……

Lachen om je pijn is fijn. Om je eigen pijn wel te verstaan. Het is het enige prettige aan pijn. Lachen is het beste medicijn. Anders krijgt die verrekte pijn je klein….

Na de sessie snel ik richting Leidse Hout. Ik laat mijn hondje flink rennen: Vanmiddag moet hij een paar uur in zijn hok. Heks gaat zingen in een Leids Koorproject. Stipt om twee uur schuif ik op mijn plaats. Althans, dat probeer ik. Er zit echter een dame op mijn plek en ze is niet van plan om te gaan wieberen. Sterker nog: Tot mijn verbijstering heeft ze mijn plaats ingepikt. Iets dat ik absoluut haat!

Een horde dames stort zich op Heks. Ik moet niet zeuren. Ik moet er maar naast gaan zitten, in het hoekje achter een pilaar. Of op de bank er achter. Er voor. Links, rechts…… Noem maar op. Iedereen vindt blijkbaar maar dat ik loop te zeiken, maar ik wil gewoon op mijn eigen plek zitten. En met reden: Daar heb ik geen muziekstandaard nodig, kan ik blijven zitten en toch de dirigent zien, kan ik mijn spullen kwijt….. Mijn gedisloceerde schouders kwijt. Ook niet onbelangrijk!

©TOVERHEKS.COM

Het woeste wijf weet van geen wijken. Haar royale matrasachtige lijf neemt de halve bank in beslag. Mezelf in het hoekje ernaast proppen is geen optie. Per gratie Gods mag ik aan de andere kant van de kerkbank zitten.

Eerst komt dan haar vriendin. Waar Heks al jaren naast zit. Maar waar zij nu opeens zonodig naast moet zitten…….. Begrijpelijk, maar overleg het eerst even! Daarnaast een verschrikte vriendelijke dame, waar ik al jaren mee zing. Zij kan hier ook niks aan doen.

Wat een gedoe. Ik ben helemaal van slag en beland uiteindelijk dus op een geweldige kutplek. Ik zit helemaal opgepropt. Er toeteren alten van een andere partij in mijn oor en naast me zit een venijnig oud vrouwtje onophoudelijk in zichzelf en tegen Heks te mopperen.

In de pauze probeer ik het met de alt in kwestie te bespreken. Het ontaardt in een bijzonder onaangename schreeuwpartij. Het mens weet van wanten, ze wil niet wijken. Na een scene vol menopauzaal chagrijn ben ik nog geen stap verder. Ik moet de rest van de middag maar uitzitten op die ellendige plek met mijn schouders in mijn nek.

Wat zijn wij vrouwen toch een hopeloze wezens bij tijd en wijlen. Vooral  als we verzuren tot oude pruimen met nukkige gezichten en verroestte lachspieren…. Dat moet je ten alle tijden zien te voorkomen!

De tenoren troosten me in de pauze. ‘Kom lekker bij ons zitten, Heks, laat die alten toch de rambam krijgen. Ik ben er ook gillend weggelopen vorig jaar. Ook vanwege geruzie rondom een plek. Wat een hopeloze dames zitten daar tussen. Ik snap je frustratie,’ aldus een bijzonder leuke en vlotte vrouwelijke tenor. Ik ben blijkbaar niet de enige met dit soort ervaringen…..

Het gedoe heeft me aangegrepen. Ik lijk wel onzichtbaar. Onbetekenend. Ik doe er helemaal niet toe! De hele wereld wandelt over me heen. Om me vervolgens te vergeten. De pispaal. De zondebok. Een heel arsenaal oude pijn wordt opengetrokken door dit stupide stoomwals-incident. En ik ben weer eens totaal verbijsterd door het totale gebrek aan empathie en inlevingsvermogen van sommige medemensen. Botterikken tot op het bot zijn het.

Zo snel als ik kan ga ik na de repetitie weer met mijn hondje wandelen. Ik probeer hem uit te putten, want vanavond ga ik alweer uit. Het is niet te geloven! Fiederelsje heeft me uitgenodigd voor een experimenteel jazz concert. Jazzclub Hot House heeft weer eens iets georganiseerd. Op een nieuwe locatie. Gelukkig maar, want hun oude locatie is een no go area voor Heks. Teveel traumatische herinneringen.

Aan alles komt een einde: Als je maar lang genoeg wacht. Sociëteit de Burcht is verleden tijd. Alcoholistisch Leiden moet ergens anders gaan doorzakken. De betrokken zuipschuiten zijn dood of op sterven na dood. Of ze liggen in de goot. Einde van een hopeloos tijdperk!

©TOVERHEKS.COM

Lekkere verhalen, Heks. Beetje gefrustreerd? Daar zit toch niemand op te wachten? Inderdaad. Vooral niet als je denkt dat dit verhaaltje over inspirerende zaken gaat!

’s Avonds trek ik mooie kleren aan. Ik haal een verfkwast over mijn bleke kaken. Ik laat alle ergernissen van me afglijden. De wereld is gestoord, maar daarom hoef je jezelf niet gek te laten maken! Vol goede moed fiets ik richting muziekcentrum Quibus aan de Middelstegracht. Als ik binnen kom vliegt mijn vriendin me om de hals.

‘Niets,’ wuift ze als ik vraag wat ze van me krijgt voor het kaartje. ‘Maar je hebt geen knoop.’ wordt afgedaan met ‘Jij ook niet.’ Ze stelt me voor aan haar gezelschap: Twee beeldschone jongedames uit Indonesië. Hoewel ze maar tot mijn middel komen qua lengte steken ze met kop en schouders boven het maaiveld uit als het aankomt op hetgeen ze bereikt hebben in het leven! Beide vrouwen zijn bezig met hun promotieonderzoek en bijna klaar…….

Ik glijd op een stoel naast de ene dame en hoor haar uit over haar onderzoek. Dan ontdekken we van elkaar dat we ons intensief bezig houden met zang. Zij met traditionele Indonesische muziek, ik natuurlijk met Dhrupad en mijn oratoriumkoor.

De andere jongedame gaat binnenkort promoveren op Javaanse Hiphop…..

Wat een leuk en inspirerend gezelschap! Wat een mooie slimme meiden! Wat een passie en wat een drive om zo je dierbaren achter te laten om in een suf Hollands studentenstadje te komen promoveren!

We hebben ruim op tijd afgesproken, dus er is genoeg rijd om te klessebessen. Langzaam druppelt de zaal vol. ‘Ik zie dat er duizenden mensen op het concert zijn afgekomen!’ roept de man van Hot House enthousiast als hij de band aankondigt. Een kleine verwijzing naar Trump. Die krijgt sowieso een flinke veeg uit de pan. Een klein maar uiterst vermakelijk politiek college verder komen de muzikanten het podium op. Het gaat beginnen! Eindelijk!

©TOVERHEKS.COM

Het concert is geweldig. Slechts vier mensen staan er op het podium, maar ze tellen voor tien! Een operazangeres, Claron McFadden, die jazz zingt. Wat een bereik heeft deze vrouw! Ze schuwt het experiment bepaald niet! Heerlijk.

Dan is er nog een stevig gebouwde acrobaat op een Sousafoon: Michel Massot. Het instrument lijkt met hem vergroeid te zijn. Als hij op een gegeven moment circulair ademend over het podium springt wordt het publiek helemaal wild. Boventonen vliegen om je oren. Olifanten duiken op uit de coulissen en Heks ziet zelfs een heuse neushoorn over het podium stampen!

Een frisse jongedame op cello, Marine Horbaczewsk, en een virtuoze Vlaming, Tuur Florizoone, op de accordeon complementeren het gezelschap. De muzikanten zijn zonder uitzondering zeer begaafd. Het is echt smullen voor het verwende oude knarrenpubliek van Hot House.

Het programma is theatraal en intrigerend. Gedurende enige tijd heeft de band geheimen verzameld. Voornamelijk van oudere mensen. Hier zijn de composities op gebaseerd.

Heks is bij het eerste nummer al in tranen. Het is verschrikkelijk en herkenbaar dit lied over zelfdoding door een geliefde. ‘We grijpen het publiek direct bij de lurven met dit eerste lied…..’

‘Mensen zijn helemaal ontroerd als ze horen dat hun geheim gezongen wordt,’ vertelt de zangeres achteraf. We staan al zeker drie kwartier met haar te praten. Mijn gezelschap wil alles weten over haar zangtechniek en de opzet van de voorstelling. De zangeres op haar beurt is zeer geïnteresseerd in wat wij allemaal uitspoken in het dagelijkse leven.

©TOVERHEKS.COM

Ik loop intussen met mijn net aangeschafte CD te zwaaien op zoek naar handtekeningen. Vooral die van de Sousafonist wil ik hebben. Dat is toch zo’n grappige man. Zijn spel heeft me helemaal opgetild. Zijn bijdrage heeft mijn muizenissen rondom het gekrakeel van afgelopen middag spontaan de deur uit gejaagd. Weggeblazen door deze muzikale elegant dansende olifant!

‘Thank you so very much,’ probeer ik als ik ontdek dat hij geen Nederlands spreekt. Ik steek een heel verhaal in het engels af, maar de man kijkt of hij water ziet branden. Hij spreekt uitsluitend frans. Gelukkig is dat geen probleem voor Heks.

De zangeres spreekt alle drie deze talen werkelijk perfect. Zonder accent. Bizar!  We verbazen ons er achteraf over. Zelf kunnen we ook wel een redelijk woordje over de grens brabbelen, maar dit grenst aan het onwaarschijnlijke. Wat een bijzonder getalenteerde vrouw!

Zo heeft Heks een heerlijke avond. Enigszins zwevend verlaat ik het pand: Ik ben in de zevende hemel! Het is al tegen twaalven als ik eindelijk het laatste rondje met VikThor loop. Dank je wel Fiederelsje voor deze superdate. Het was fantastisch!

Hier kun je alles lezen rondom deze voorstelling en de makers ervan: Secrets met Claron McFadden en het jazztrio Massot-Florizoone-Horbaczewski. 

©TOVERHEKS.COM

Inspiratie: Filantropie versus de dagdagelijkse frustratie. Een gever temidden van vele nemers. Variërend van ONDERnemers tot ECHTE criminelen……

Vorige week zondag wil ik naar de kerk. Ik ben al lekker in de stemming, want ik kijk tot een uurtje of vijf in de ochtend naar moordprogramma’s. Deadly women: Meisjes vermoorden hun schat van een vader, dochters slaan de de hand slaan aan hun lastige moeder. Een exotische oppas vermoordt het aan haar toevertrouwde onschuldige kind. Ontspoorde pubermeid vermorzelt een assertieve homoseksuele man. Verliefde beeldschone deernes zetten hun partners aan tot moord……

Ik slaap een paar uur. Dan sta ik op.

Oh, wat is het koud. Snel draai ik aan de thermostaat. Ik kruip weer in bed. De tweede poging om op te staan is succesvoller. Na de nodige koffie en pijnstillers ga ik de deur uit met VikThor. De kerk ga ik niet meer halen. Ik moet mijn zonden nog maar even verbijten.

Die middag schrijf ik aan een blogje. Het zonnetje baadt mijn woonkamer in haar onbarmhartige licht. Overal liggen stofvlokken. Stukken hondenflos zwerven door de kamer. Mijn hondje kauwt werkelijk op alles wat los en vast zit. Lang leve zo’n ouderwets touw!

In de loop van de middag ga ik weer naar buiten. Het is stralend weer. Overal uitgelaten mensen. Ik peddel met fietskar en hond richting Merenwijk. Onderweg gooi ik mijn hondje uit de kar. Enthousiast rent hij naast de fiets. ‘Kant,’ brul ik als er tegenliggers aankomen. Braaf zwenkt hij naar de rechterkant van het fietspad.

‘Naast,’ commandeer ik vervolgens. En hij komt keurig langszij! Er zit een onzichbare lijntje tussen mij en mijn hondje. Ik lees hem als een boek. En dat is wederkerig. Hij volgt trouw al mijn bevelen op, zelfs nu hij een beetje pubert! Hoe is het toch mogelijk? Hoe kan een wezentje van zeven maanden oud nu toch zoveel snappen en weten? Moet je eens naar onze mensenkinderen kijken: Die liggen amechtig brabbelend in hun wieg als ze zo oud zijn.

Langzaam fiets ik rondom het golfveld. Op de sloten en vaarten wordt geschaatst. Iemand is de ijsbaan aan het vegen. Voor het hek wacht een menigte bont ingepakte kinderen. Een incidentele volwassene steekt er kaaltjes bovenuit.

Op de Zijl zie ik ook iemand schaatsen. In het midden liggen grote ijsschotsen. Daar is weer zo’n klerelijer doorheen gevaren. Dat moest toch verboden worden in tijden van ijspret!

Kleine jongens zitten op een pak stenen langs het bevroren water. Ze stampen erop met hun laarzen, maar durven niet de stap te zetten los van de wal. Hun ouders hebben hen vast goed de oren gewassen! Om beurten gooien ze takken en stenen op het ijs.

Ik kom de leuke vrouw tegen van de wijnwinkel in Warmond.  VikThor vlijt zich tegen haar aan. Zelf heeft ze ook een schitterende jachthond. Heks weet niet welk merk. Dat moet ik toch eens vragen.

Nadat we over het eilandje in het Joppe hebben gestruind gaan we richting Kras. Zij woont om de hoek van dit miniatuur natuurgebied. ‘Gezellig Heks, kom binnen, ik ben net in de weer met mijn slow juicer. ik ben nog eventjes bezig, dan drinken we thee.’

Terwijl mijn vriendin een listig sapje perst zet ik gemberthee. Niet veel later zitten we tegenover elkaar aan haar grote eettafel. VikThor rent verrukt rond met allerhande kattenspeelgoed. Wij drinken gloeiendhete thee en uitermate traag geperst sap. Zalig!

‘Wat gezellig dat je langs komt! Ik had net een beetje een prutdag,’ mijn vriendin lacht van oor tot oor. Al snel zitten we te giebelen om elkaars bizarre verhalen. ‘Dat vind ik toch zo leuk aan jou, jij hebt ook echt de meest vreemde dingen meegemaakt, Heks,’ hikt ze na een hilarisch vervolg op deel 1 van Een Huilduitser In Mijn Hangmat.

Ja, dat klopt. Ondanks mijn amoebe-achtige constitutie stort ik me toch altijd in allerlei avonturen. Ik ken mensen met een enorme actie radius, die nauwelijks verder kijken dan hun neus lang is. Heks kijkt liever ver voorbij het einde van haar hakige heksenneus. Dat heb ik met mijn vriendin gemeen. Het maakt het lastige leven weer sprankelend en leuk….

‘Gisteren was ik eventjes naar Den Haag op mijn nieuwe scootmobiel. Ik kook altijd voor mijn oude tantetje op vrijdag,’ ze ziet mijn verbaasde blik. Op de scootmobiel naar Den Haag? Ik weet dat het een turbo exemplaar is, maar waarom niet met de auto?

‘Oh, heb ik dat niet verteld? Ik heb mijn bus weggegeven,’ mijn vriendin kijkt vergenoegd. Ik weet dat ze het van plan was. Maar om dat dan vervolgens ook daadwerkelijk te doen! ‘Ik zou in een heel duur tarief terecht komen en dat kan ik onmogelijk ophoesten, dus toen ben ik toch nog maar eens op internet gaan kijken of ik iemand kon vinden, die zo’n aangepaste bus goed kan gebruiken.’

Proefrit met Kras ©Toverheks.com

De bus is bedoeld voor gehandicapte mensen en mijn maatje is niet gehandicapt genoeg voor deze volledig aangepaste bus, dus vandaar dat hoge tarief wegenbelasting. Haar tevens gehandicapte partner stond destijds borg voor het lage tarief. Sinds zij niet meer onder ons is staat de bus op de schop…… Haar eigen dure aangepaste bus!

Nederland en zijn stomme regeltjes. Bah.

Maar goed. Deze roodharige dame tegenover me aan de eettafel van haar fleurige huis is niet voor 1 gat te vangen. Ze laat zich stomweg niet uit het veld slaan door bureaucratisch geneuzel. Ze heeft gezocht en gevonden: Een nieuwe eigenaar voor dit geweldige vervoermiddel.

Ergens in Nederland woont een kleine jongen met een stofwisselingsziekte. ‘Er zijn legio van dat soort aandoeningen, Heks. En die mensen moeten vaak maar zien hoe ze het redden. Kortom, ik heb zijn ouders gebeld en gezegd dat ik een auto voor hen heb heb als ze geïnteresseerd zijn…’

‘Aanvankelijk vertrouwden ze het zaakje voor geen meter.  Toch ben ik er een dag later heen gegaan. Ze wonen helemaal in Deventer, stad van de legendarische Go Ahead Eagles. Die kleine jongen is een groot fan van deze voetbalclub. Hij is er een keertje te gast geweest! Hij kreeg een shirt met alle handtekeningen van de spelers! Een onvergetelijke ervaring…..’

‘Maar goed. Ze moesten toevallig die middag naar de dokter in Zwolle. Tijdens de proefrit naar het ziekenhuis kreeg zijn moeder een smsje van haar bezorgde schoonzus. “Kijk maar uit met die testrit. Misschien is het wel een criminele bende en halen ze intussen snel je huis leeg”.’

We moeten vreselijk lachen. Ik zie Kras al voor me als heavy crimineel met haar bus. Een roodharige madre de familia maffia in een oranje scootmobiel. ‘Mensen kunnen het gewoon niet geloven, als je zoiets doet. Wie geeft er nu een bus weg van duizenden euro’s? Dat is gewoon verdacht!’

inspiratie7

Armoede is op je geldberg zitten en je oog alweer laten vallen op het luttele bezit van een ander…… ©Toverheks.com

Ze laat me foto’s zien van het jongetje. Wat een lekker ventje! Hij zit enthousiast te zwaaien met de sleutels van de bus. ‘Hij wilde ze niet meer teruggeven! Wat een lieverd, he?’ Ze laat ook nog wat foto’s zien van de situatie zoals ze hem aantrof.

Een dodelijk vermoeide moeder, die met veel pijn en moeite een ondanks zijn ziekte goddank toch opgroeiend jochie vanuit zijn rolstoel in een personenauto probeert te proppen. ‘Daarbij stootte hij elke keer zijn hoofd,’ wijst mijn vriendin.

Het zusje van de jongen helpt mee. Dan moet de rolstoel helemaal uit elkaar gehaald worden, anders past hij niet in de achterbak van de auto. Wat een gedoe. En de jongen wordt natuurlijk nog groter! De bus komt als geroepen!

Een uurtje later fiets ik naar huis. Mijn hart is helemaal opgewarmd. Ik zit zachtjes voor me uit te zingen. Wat een inspirerende middag! Wat heerlijk dat er mensen zijn zoals Kras. Die niet bang zijn om iets weg te geven, zelfs al hebben ze zelf geen knoop.

Filantropie komt uit het hart ©Toverheks.com

‘God houdt van zijn kinderen,’ zegt een televisiedominee die nacht op de buis. Heks kijkt naar een religieuze zender voor de verandering. Moordprogramma’s zijn plots van de baan.

De voorganger is een forse stoere menopauzale vrouw met een grote wulpse mond, een praktisch kortgeknipt kapsel, een stem als een scheepstoeter en de subtiele charme van een sergeant majoor. ‘Je kunt ze dus maar beter goed behandelen. Als je hen mishandelt word ‘ie erg boos. Dat wil je niet meemaken!’

Oh jee. Daar denken de meesten van ons helemaal niet over na. We beschouwen kinderen vaak gewoon als privébezit. Je mag ze uitschelden, slaan en voor je laten werken…… Ze zijn je verlengstuk, boksbal , bitch en pispaal. Je kunt ze kapen, gijzelen, bezitten en verguizen. Kinderen moeten vaak alles waarmaken wat jij hebt gelaten. Ze moeten slagen waar de ouder heeft gefaalt. En als dat mis gaat promoveer dan die mislukkeling gewoon tot zondebok!

Een wildvreemd kind een auto geven omdat je daar gewoon zin in hebt? Dat is nog eens andere koek! En hoewel ik Kras nog nooit in een moskee of kerk heb gespot, laat staan dat ze zich door een patriarchale mannelijke god de wet laat voorschrijven, toch denk ik dat het wel goed zit met Kras en Godin, de Grote Goddelijke Moeder….

‘Heks, die bus is een tijdelijke oplossing. Hij is aangepast voor mijn grote kleine engeltje destijds. Die mensen zijn nog steeds aan het sparen voor een geheel nieuwe aangepaste bus. De mijne kunnen ze dan inruilen, dus dat scheelt. Maar er is nog best veel geld nodig! Ze hebben een actie opgezet. Ik zal je de link sturen,’ zegt Kras als ik haar later spreek.

Hier kun je meer lezen over deze actie. Dream or donate. Rolstoelbus voor Hayden!

En hier de reactie op de geweldige actie van Kris! Update : Lieve lezers donateurs tot dusver. Er is iets bijzonders gebeurt we hebben een best grote donatie gekregen. Een vw transporter uit 2006. Deze is aangepast met een uitklapbare plank om de rolstoel naar binnen te rijden. We zijn erg blij met deze donatie van een mevrouw uit Leiden. Ze zei ook dat het niet het ideaalste voor ons is maar een begin. Ze ziet het als een investering voor onze eigen bus. We gaan dus door met onze dream!

 

Leven bij de dag. Dag na dag. Soms een leuke dag. Dan weer een hoop gezeur en gedoe. En elke dag weer doodmoe. Maar dat is een oude koe. Laat die maar lekker in de sloot.

Zondag ga ik een dagje Indiaas zingen. Het is ongelofelijk lang geleden dat ik dat gedaan heb. Dit jaar nauwelijks. Op een privélesje na dan, hier en daar.

Omdat ik zo gammel ben en verrek van de pijn zie ik er tegenop. Ik hou een paar dagen van tevoren alvast m’n gemak. Een eitje, want ik lig sowieso gestrekt. Maar de zaterdagmiddag ga ik naar de verjaardag van Joy. Verstandig of niet. Ik reanimeer mezelf tot een acceptabel niveau en rep me naar het huis van mijn jeugdige vrienden. Daar is het al een drukte van belang. Supergezellig!

Ouders, schoonouders en andere familieleden bevolken de piepkleine woonruimte van Joy en Boy. Heks strijkt neer naast oma. We blijken veel gemeen te hebben. Allebei verwoede zanglijsters! In no time zitten we te ginnegappen. ‘Wat zie je er mooi uit, Heks,’ roepen de andere bezoekers in koor. Klopt. Ik heb een listig glitterpakje aan!

Kijk, zo doe ik mijn best in het leven om er toch iets van te maken. Hoewel ik nauwelijks op een stoel kan zitten, zit ik intussen toch maar mooi bij. Het heeft zowel voor- als nadelen, dit verhullen van hoe het werkelijk met je gesteld is.

Het nadeel is natuurlijk dat je altijd veel te goed wordt ingeschat en daardoor voortdurend wordt overvraagd. Voordeel is dat je er zelf enorm van opknapt. Als ik mijzelf van een verfje en mooie kleertjes voorzie, dan trek ik bijna vanzelfsprekend een vrolijk hoofd. Als je glimlacht ontspannen vervolgens de spieren in je lichaam en dat helpt weer mee aan je algehele welbevinden.

Als dat laatste allemaal niet lukt dan houd ik het voor gezien. In zo’n geval worden dingen afgebeld en ga ik maar weer mijn bed in. De laatste tijd meer regel dan uitzondering.

Zondagmorgen om negen uur vis ik een zangmaatje van het station. We rijden zonder oponthoud naar Barendrecht. ‘Heks, wat ben je vroeg!’ mijn zangjuf valt me om de pijnlijke hals. We hebben elkaar maandenlang niet gezien!

Een half uurtje later zingen we Karwatjs. Mijn stem is door een verkoudheid extra laag, ik zak weg tot onder de lage Pa! Ik lijk wel een vent! Daarna gaan we ons wijden aan Chandrakauns. Heks heeft het zich in haar hoofd gezet binnenkort een stukje Indiaas te zingen voor haar koor tijdens een soort Bonte Avond. Na tien jaar zangles moet dat toch tot de mogelijkheden behoren.

‘We gaan het helemaal vastzetten, Heks, ik help je wel,’ roept mijn lerares enthousiast, ‘We spreken gewoon een extra les af.’ Oeps. Ik hoop dat het gaat lukken, want lekker met je medeleerlingen een dagje zingen is 1 ding. Voor mijn koor in mijn dooie eentje een compositie laten horen is natuurlijk iets geheel anders!

Zondag is een heerlijke dag. We worden weer fantastisch verwend met een heerlijke lunch. ’s Middags improviseren we rondom de compositie van Chandrakauns. De man van juf speelt een ongelofelijk ingewikkeld ritme op de Pakhaway. We klappen het mee. 14 tellen. KLAP-1-2-3-4, klap 1-2-3, klap-1-2, klap-1, en weer opnieuw KLAP 1-2-3-4, etcetera. En niet iedere klap is hetzelfde, je hebt een kali en een thali…. Ook dat nog!

Op een gegeven moment ben ik echt moe. ‘Sjakie in zijn nakie,’ vertaal ik de tekst nogal vrij vanuit het Sanskriet, ‘Naaaakte Sjaaakieieie…’ Mijn stem draait en kronkelt. Het klinkt prachtig! Iedereen ligt dubbel.

‘Jeetje Heks,’ roept een zangvriendin, ‘Wat heerlijk toch dat je zo lekker gek kan doen, je inspireert me!’ Om vervolgens zelf ook over de naakte Sjakie te gaan zingen……

De rit naar huis verloopt voorspoedig. Als ik echter thuis in een grote stoel neerzijg is de koek plotseling op. Ik zet mijn TENS apparaat op de ontspanningsmodus. Een speciale stand om spieren uit de knoop te krijgen. Andere spiergroepen verwen ik met de morfinestand. Een soort geklop in spieren is het resultaat. Hierdoor maakt je lichaam ter plekke een soort lichaamseigen opiaat aan.

De spieren in mijn nek voelen blauw aan. Mijn arm vlamt pijnlijk langs mijn flank. Mijn knie is dik, mijn heup hangt uit de kom…….. Ik kan maar op 1 manier zitten. Moeizaam. Een uurtje later lig ik al in bed.

Deze tekst hangt op mijn voordeur……

Vandaag kruip ik richting fysiotherapeut. Het huilen staat me nader dan het lachen. Bovendien geeft deze fysio louter ritmische massages, waar ik juist behoefte heb aan de martelpraktijken van de orthopedisch fysiotherapeut. Zijn methoden willen nog wel eens aanslaan, maar bij hem kan ik pas volgende week terecht….

Zelfs de subtiele ritmische massage van mijn rug is te pijnlijk. Ik hou het niet vol. Uiteindelijk legt de therapeut me op mijn rug en pakt mijn oorlellen. Intussen vertel ik over wat me dwars zit. Dat heeft ze me namelijk gevraagd.

De woorden rollen uit mijn mond. Allemaal verdrietige dingen waar ik weinig invloed op heb. Centraal is wel het thema van mijn eeuwige geluister. Jaren heb ik met bepaalde mensen rondgesjouwd. Er is grif gebruik van gemaakt, maar het is nooit gewaardeerd. En het is ook nooit genoeg geweest.

‘Je bent niet verantwoordelijk voor andermans geluk, hoorde ik gisteren iemand zeggen en dat trof me diep. Ik heb me namelijk altijd verantwoordelijk gevoeld voor andermans geluk. Ik heb me jarenlang ingespannen om anderen tevreden te houden. Of op te peppen. Of gezelschap te houden in hun eenzaamheid of ellende……. En precies diezelfde mensen behandelen me dan achteraf echt lullig.’

Ik weet niet wat mijn behandelaarster allemaal aan het doen is, maar er schijnt ruimte te ontstaan in mijn lijf. ‘Er zitten allemaal herinneringen vast in je lichaam. Laat het maar los. En bescherm jezelf een beetje beter. Er komt gewoon heel veel bij je binnen.’

Grenzen stellen. Ik hoor het bepaald niet voor het eerst. Ja, als je andermans geluk hoger acht dan je eigen geluk, dan wordt het niks met die grenzen natuurlijk. Voor de zoveelste keer neem ik me voor om mijn eigen ruimte beter te af te schermen. Ik wil ook geluk in mijn leven tenslotte!

Na de behandeling loop ik een uur met VikThor door het Bosje van Bosman. We dwalen helemaal door tot aan de bossen rondom Endegeest. De rest van de dag lig ik in bed. Mijn lijf voelt wel iets beter na mijn bezoek aan de fysiotherapeut, maar echt veel stelt het nog steeds niet voor. Straks nog een rondje met het hondje en dan houd ik het voor gezien. Morgen gaat het weer beter misschien.

Leven bij de dag. Zo doen we dat.

De laatste loodjes met Ysbrandt wogen zwaar. Toch waren ook die moeilijke uren heel bijzonder, ik had ze voor geen goud willen missen!

Vorige week vrijdag ga ik met Ysbrandt en buurman op stap. Ys’ grote vriend, de enorme Duitse herder van mijn buurman laten we maar thuis, want mijn oude hondje is uiterst kwetsbaar geworden.

Vlak voordat we het huis verlaten zie ik dat mijn kanjer bloed plast. O jee, een blaasontsteking vrees ik. Niet best. Op ons gemak tuffen we naar het Valkenburgse meertje. We genieten van een heerlijk uurtje in de zon. Buurman en Heks maken voortdurend absurde grappen zoals gewoonlijk.

Ysbrandt wil een balletje. We spelen met mijn oude makker. Een man komt langs met een prachtige zwart-witte  Springer Spaniël, een jonge vitale versie van mijn hondje. De viervoetige heren snuffelen aan elkaar. Wij maken een praatje met de eigenaar.

Op de terugweg gaan we langs de dierenarts. Ysbrandt piest in de wachtkamer, een geluk bij een ongeluk: Een poepzakje om zijn piemeltje tijdens ons uitje mocht niet baten. Hij vertikte het gewoonweg om er in te plassen. Gelijk heeft ‘ie! Snel zuig ik een beetje urine op met een pipet. De dokter onderzoekt het monster en ontdekt inderdaad een blaasontsteking.

Er gaat een flink shot antibiotica in. Ik krijg een kuur mee voor een week. ‘Ik weet niet of hij dat gaat redden. Zijn buikje is zo dik en opgezet. Hij ademt zo snel en oppervlakkig de laatste dagen en nachten. Ik geef hem zoveel plaspilletjes en nog hoor ik hem reutelen…..’ Bovendien zie ik de Demodex rond zijn oogjes opkomen. Met een beetje pech wordt mijn mooie ventje ook nog kaal.

‘Ik heb dit weekend dienst, je kunt me altijd bellen,’ zegt de dierenarts, een schat van een dame. Ze ziet ook wel dat het niet meevalt voor mijn kereltje. ‘Morgen zijn we gewoon open tot 2 uur. Dan kun je altijd even langskomen…’

Eenmaal thuis geef ik de beestjes eten. Voor Ysbrandt maak ik een heerlijke bak rauw vlees met extra Carnitine, Taurine, Alpha Liponzuur en CoQ10 om zijn hartje te ondersteunen. Een beetje glucosamine en chondroitine  moet zijn spieren en gewrichten soepel houden. Tot slot gooi ik er een paar kippennekken bij.

Enthousiast staat mijn ventje zijn bak leeg te schrapen. De kippennekken sleept hij mee zijn bench in. Krakend maakt hij ze soldaat. Mijn zieke hondje eet aanmerkelijk beter dan zijn Vrouw. Ik krijg al dagen geen hap door mijn keel……

Later die avond bel ik de buurman. Ik ben een beetje in paniek. Ys eet dan nog wel goed, maar daar is alles mee gezegd. Het beestje is doodziek. Ik ben als de dood dat zijn nieren het opgeven. ‘Ik leg de telefoon naast mijn bed, Heks, als het nodig is ga ik met je mee naar de dierenarts…’

De hele nacht loop ik te spoken. Met enige regelmaat piest mijn ventje een chemisch geurend bloedspoor door het huis. Ik dweil het op en spreek hem bemoedigend toe. ‘Geeft niks, schat, kijk maar, alweer opgeruimd…’

Midden in de nacht zit ik bij hem. Ik kijk hem recht aan. ‘No coming, no going,’ fluister ik, ‘Jij zit in mijn hart en ik in het jouwe. Altijd. Dat zal niet veranderen, lieverd.’ Hij lijkt me te begrijpen. Doordringend kijkt hij terug. De schat.

IMG_8918

‘Er komt een moment dat je weet dat het zover is, Heks,’ zei mijn vriendin, de vrouw van de acupuncturist afgelopen week. Zij is ervaringsdeskundige op dit gebied. ‘Het is een hele moeilijke beslissing, maar je weet wanneer het zover is. Daar moet je op vertrouwen.’

Het is zover.

De volgende ochtend lopen we een rondje door de wijk. Mijn ventje wil perse het hele rondje lopen. Het gaat erg langzaam. Hierna eet hij zijn bak niet meer leeg. Halverwege houdt hij het voor gezien. Ook laat hij een pensstaafje liggen. Dat is nog nooit gebeurd….

Ik bel de buurman, ik bel de dierenarts. ‘Ik zal het heel cru zeggen, mevrouw Heks, u kunt beter een week te vroeg de stekker eruit trekken dan een dag te laat. Beestjes met deze indicatie sterven een vreselijke ellendige natuurlijke dood, want ze stikken. U bent heel verstandig.’

Om half twee kunnen we terecht……

Om kwart voor 1 belt buurman aan. We stoppen mijn kereltje in de auto. Onderweg laten we hem nog eventjes lopen in een park. Hij draait nog een laatste drolletje. Hij rolt nog een laatste keertje door het gras. Op weg naar de kliniek maken we zoals gewoonlijk gruwelijke grappen. Eerst verkoop buurman een hoop onzin en dan Heks.

‘Ik kwam tijdens mijn zoektocht naar een geschikt crematorium een verhaal tegen over een dierenarts die zijn vriendin vermoordde. Daarna heeft hij haar in stukken gehakt en bij verschillende dierencrematoria aangeboden…..’ We zitten enorm te lachen als we de straat in rijden. Ys kijkt vergenoegd. We zijn gelukkig allemaal ontspannen. Ondanks de dodelijke stress…..

In de wachtkamer van de dokter krijgt Varkentje nog wat ham van van der Zon. Hij vindt het heerlijk natuurlijk. Als we aan de beurt zijn geef ik hem nog een heleboel lekkertjes. Hij krijgt een prikje om rustig te worden. Nog meer lekkertjes….. Totdat hij te duf is om te kauwen.

‘Vaak zakken hondjes met deze ernstige problematiek op zo’n eerste prik al helemaal weg. Groot kans dat er verder niets nodig is…’ De dierenarts spreekt me bemoedigend toe.

Ys loopt naar de deur. Hij wil naar huis. Ik loods hem weer de spreekkamer in. De dokter geeft hem nog maar een tweede prikje. Mijn ventje blijft stokstijf voor de Vrouw staan. Niet veel later staat hij enorm te hijgen. Verdorie. Nu heeft hij het toch benauwd. Net als ik me daar enorm zorgen over maak, gaat hij eindelijk liggen. Hij zakt in slaap.

YSBRANDT13

Toch zijn er twee dodelijke giftig blauwe injecties nodig voordat hij gaat. Hij wil niet weg. Nog bijna een uur ligt hij zachtjes te ademen. Pas na de vierde prik geeft hij het op. ‘Als u hem niet geholpen had, was het waarschijnlijk echt een drama geworden. Dit hondje is zo taai. Hij zou tot de laatste snik hebben volgehouden voor de baas. U heeft een goed besluit genomen. Ik werk overigens niet mee aan zoiets als ik het er niet mee eens ben….’

Mijn mannetje ligt zo vredig te ‘slapen’. Zijn mooie zachte achter oortjes uitgewaaierd over de vloer. Zo laat ik hem achter.

In de auto brul ik het uit. Buurman zit ook te snikken. We pakken elkaar beet.

In Huize Heks nemen we een goeie borrel. ‘Weet je wat ik toch zo vreemd vond, Buurman,’ giebel ik, ‘De dierenarts ging voor elke dodelijke prik de huid van Ysbrandt desinfecteren….. Zodat hij geen infectie krijgt…..’ We liggen dubbel.

De hele middag praten we over het gebeurde. Over onze hondjes. We bellen uitgebreid met Frogs, zo ver weg in Portugal. Oh wat misen we hem vandaag! Ik steek een kaarsje aan voor mijn hondenengeltje.

YSBRANDT14

Hij heeft nu vrede. Zijn zieke lichaampje is weer gezond en mooi en jong. Hij springt weer een meter in de lucht. Hij kan zijn bek weer openen, zijn tong weer uitsteken. Weer gapen….. Hij kan weer rennen en zwemmen. Daar in de mooie hondenhemel. Waar allemaal oude vrienden hem begroeten.

Het is vreselijk ellendig dat Ysbrandt niet langer hier is, maar ik voel me gek genoeg ook opgelucht en gelukkig. En trots. Trots op ons, we hebben het samen toch maar geklaard!

Ons leven samen is 1 grote liefdesgeschiedenis. Vanaf dag 1 tot aan nu. Elke dag van elkaar gehouden. Iedere dag samen genoten. Mijn rouw om Ysbrandt wordt gekleurd door al deze gouden ervaringen samen.

We wonen altijd in elkaars hart, mijn lieve hondje en ik…..

 

 

Brave hondjes en vechtende baasjes: Kom niet aan m’n hond en een hoed dragen is niet gezond. De grootste tuttebel is blond. En rond. En Heks is maar een chique stuk stront. Lult die troela uit haar kont…….

Ys ren zand25

Na een paar dagen in mijn bedje ga ik gisteravond toch naar het hondenstrand in Noordwijk. Ik trek een zwierige lange jurk aan, knikker een flinke strohoed op mijn kop en gris op het laatste moment een sjaal van de kapstok. Gelukkig maar, want het is frisjes aan de  kust. Er staat een verkoelend briesje en de zon gaat grotendeels schuil achter wat vage bewolking.

De dunne katoenen sjaal laat zich helemaal uitvouwen tot een enorme omslagdoek. Als ik het strand oploop slaat een stevige frisse wind me tegemoet. Ik wapper de doek in de lucht en een windvlaag vormt em om mijn lijf. Een aantrekkelijke dame loopt me tegemoet. Verrukt wijst ze op mijn outfit: ‘Wat prachtig! Zo mooi bij elkaar gecombineerd!’ Ik geloof dat ik sjans heb van dit lekkere stuk. Ha leuk. Ik bedank haar voor het compliment.

Varkentje heeft er zin in vandaag. Enthousiast jaagt hij achter de bal aan. Als een jonge god sprint mijn bejaarde viervoetige vriend voor me uit. Snorkelend duikt hij door de branding en vist zijn prooi uit de golven. Gnuivend wordt die vervolgens weer voor mijn voeten gegooid. Een spel zonder einde. Als het aan mijn hondje ligt dan….

We zijn al een flink stuk richting Katwijk gelopen als er een kudde joggers van alle leeftijden langs zwoegt. Met rode, oranje, paarse en/of opgezwollen koppen van de inspanning sjokken ze in een sukkeldrafje door het rulle zand. Een groep vrijwilligers deelt bekers water uit.

Dubbel van de lach kijken ze naar een venijnig oud vrouwtje die de inhoud direct verwoed in haar eigen gezicht smijt. Stoom stijgt op vanuit haar permanentje, maar ze houdt stand!

Ik loop naar de duinrand en vlij tussen het helmgras. Ysbrandt rolt zijn natte magere lijfje net zo lang door het zand totdat hij op een gepaneerde slavink lijkt. ‘Goeie hemel, wat zie je er uit, varken,’ Heks moet lachen om haar gekke hondje.

Op de terugweg vraagt hij weer om een balletje. In een poging me zover te krijgen springt hij tegen mijn benen op. Au! Een grote rode kras loopt over mijn bovenbeen. Mijn monster heeft scherpe nagels! ‘Wegwezen nu,’ vermaan ik hem. Hij zigzagt voor mijn voeten. Plotseling voel ik hoe leeg mijn tank is. De wandeling heeft me uitgeput en ik moet nog helemaal terug!

Bij een strandtent strijk ik neer op het terras. Overal mensen met hondjes. Gelukkig is er nog precies 1 plekje vrij voor ons. Als ik wil gaan zitten propt een enorm dik volgevreten zwart bakbeest van een woefer zich tussen het tafeltje en mij. Hij plet me volledig en zet Ysbrandt klem. Die zit ook nog eens aan de riem: Een recept voor moeilijkheden. Als ik niet uitkijk gaat hij mij nog verdedigen tegen deze tientonner.

Ik kan geen kant op. ‘Vort, beest, ga eens weg,’ ik kijk om me heen naar de eigenaars, die zitten een tafeltje verderop. Ze geven geen sjoege. Ongeïnteresseerd zitten ze ieder voor zich naar hun mobiel te staren. ‘Kunt u uw hond alstublieft terugroepen?’ Geen reactie. Ik duw nog eens tegen het gevaarte. Geen beweging in te krijgen. Ik kan geen kant op. Ik kan niet eens gaan zitten….

Nog een keertje verzoek ik de baasjes om die functie waar te maken. Weer laten ze me kletsen. ‘Hup,’ roep ik uiteindelijk keihard tegen de hond, terwijl ik hem wegduw. Eindelijk komt er beweging in het beest. Maar ook in de eigenaars! De vrouw begint opeens tegen me te krijsen. ‘Ken je dat niet ff normaal vragen, stom mens, ik pik het niet, bladiebla, …..’ Ik kijk haar met stomheid geslagen aan.

Als ik mijn stem hervind blijf ik vriendelijk. Een bal van woede vormt zich echter in mijn maag. ‘Ik heb u twee maal beleefd gevraagd om uw hond terug te roepen,’ mijn reactie is aan dovemansoren! Het wijf schreeuwt en schreeuwt. Allerlei rare dingen, ik snap er geen kloot van. Wel ben ik intussen ook razend. Het hele terras geniet lekker mee. Het lijkt wel de climax van een Griekse Tragedie. Met een stelletje geblondeerde Hagenezen in de hoofrol.

Of ik maar ergens anders heen wil gaan, dit is een hondentent, dus honden mogen hier blijkbaar alles. Dat er een bord met een levensgroot verzoek hangt om je hond aan te lijnen geldt blijkbaar niet voor hen. Ze blèrt en blèrt dat het een lieve lust is. ‘Ga weg, ga ergens anders zitten, ophoepelen nu….’ dreigt ze. Ik peins er niet over en vertel haar dat.

‘Ja, jij denkt maar dat je overal maar kan gaan zitten met je sjieke hoed!’ Walgend blikt ze met haar zure kop naar mijn fabuleuze hoofddeksel. Het is inderdaad een prachtig exemplaar, je kunt er zo mee naar een Engelse bruiloft in de high society. Vraag maar aan mijn vriendinnetje Trui, zij heeft hem voor een dergelijk doel geleend ooit.

‘Oh, gaat het daar om,’ opeens is het me duidelijk wat hier speelt. Ouderwetse jaloezie en afgunst. Het mens kan me gewoonweg niet uitstaan: Zo’n superlang supeslank fotomodel in prachtige outfit. Dat ik een halve zachte menopauzale MEpatient ben en op mijn tandvlees loop ontgaat haar volkomen. Ze heeft haar oordeel klaar. Ik besluit er verder het zwijgen toe te doen. Dit is een hopeloos geval!

Dus draai ik hen de rug toe en ga zitten. Vanbinnen ben ik helemaal door elkaar geschud van het verbale geweld. Ik moet moeite doen om niet iets heel verschrikkelijks terug te roepen. ‘Ademhalen, Heks, ga terug naar je adem…’

Achter me hoor ik die stomme troela over me smiespelen. ‘Ze zijn allemaal veel te dik daar,’ fluister ik uit frustratie tegen mijn hond. Uit wraak vooral. ‘Vooral die hond, wat een gestopte worst!’

‘Ga maar lekker naar dat stomme wijf, hoor, van mijn mag je,’ gilt de vrouw dan weer plotseling met haar weinig chique doorrookte stemgeluid. Ze heeft zich helemaal vastgebeten in haar verhaal!

Verwoed probeert ze de goeiige vetgemeste ondefinieerbare zwartharige vuilnisbak mijn richting in te dirigeren. Misschien hoopt ze dat ik bang ben voor grote honden….. ‘Vooruit, jaag haar maar weg, met haar kapsones en haar stomme hoed.’

Enige tijd later stapt de familie Flodder op. Ik kijk hen na vanachter mijn zonnebril. Een mooie gezonde blonde matrone met man, kind en hond. Tel uw zegeningen! Ze draait zich  pontificaal om. Gemelijk kijkt ze terug. Ze gaat er helemaal voor staan. Wijdbeens en met een triomfantelijk minachtend lachje om haar ontevreden mummelmondje.

De mooie avond is bedorven. Ik voel flarden woede door me heen wolken. Ook ben ik opeens verdrietig. En het is plotseling erg koud geworden. De inderhaast verorberde bosbessen-smoothy ligt als een bevroren plas in mijn net van zomergriep herstelde maag. Het is mooi geweest. We gaan lekker naar huis…..

Thuisgekomen ben ik nog steeds uit mijn hummetje. Wat gebeurde daar nu eigenlijk? En waarom raakt het me zo?

Ik besluit te gaan mediteren. Eerst even inspiratie opdoen uit het boek van Thay, ‘Innerlijk vuur.’ Lukraak open ik het. “Als je de pijn van de ander kunt zien, kunt zien hoezeer de ander lijdt, verdwijnt je woede…. blabla.” He getsie, daar heb ik helemaal geen zin in. Het laatste wat ik wil is mededogen hebben met die blonde troela.

Ik ga in de herkansing met het boek.  Opnieuw sla ik het open. “Als je compassie kunt generen verdwijnt je woede als bij toverslag….” luidt de tweede tekst.  Vooruit dan maar, ik ontkom er niet aan…..

Stil op mijn kussentje ademend kom ik er warempel achter wat hier speelt. De vrouw doet me denken aan iemand waar ik veel van houd. Ze bezorgt me exact hetzelfde gevoel! En ik vermoed dat er precies dezelfde motivatie achter haar gescheld op Heks zit als bij die persoon: Jaloezie, afgunst, onzekerheid, zelfhaat.

Want dat is wat ik ook hoor tussen de regels door: Ze haat zichzelf, haar dikke uitgedijde lijf, haar onbeduidende gezicht van 13 in een dozijn, haar middelmatige leventje met man en kind. Dingen waar ik overigens voor zou tekenen! Maar goed.

Zelfafwijzing, die bron van alle kwaad.

We hebben er allemaal last van. Daarom ben ik extra lief voor mezelf vanavond op mijn kussentje. Ik troost mezelf voor alle keren dat mijn medezusters me uit jaloezie onderuit hebben geschopt. Vrouwen kunnen echt monsters zijn onderling, gemene klerewijven, geniepige kuttekoppen!

Ik laat mijn mededogen uitgaan naar al die formidabele dames die denken dat ze niet slank, mooi, slim of sexy genoeg zijn. Ook naar die taart, die vanavond haar laffe ongezouten mening over me heen heeft gebraakt. Opeens begrijp ik dat al die afschuwelijke dingen die ik hoorde in mijn hoofd als reactie op haar gescheld bij haar horen. Het is hoe ze over zichzelf denkt. Niet al te best.

Het dringt tot me door dat ze die mening feilloos om zich heen projecteert. Ze legde me de woorden bijna in de mond, ik kon nog net voorkomen dat ik iets heel onaardigs of verschrikkelijks terug riep naar het mens. Ze heeft van mij een superieur wezen gemaakt, dat op haar neerkijkt. Althans in haar optiek.

IMG_8799

Ik ben er eigenlijk helemaal niet aan toegekomen om me onbevangen een mening over de vrouw te vormen. Ik kom niet verder dan wat ze met haar acties bij me oproept…..

Ja, we moeten af van het meerderwaardigheidscomplex, minderwaardigheidscomplex en gelijkheidscomplex. We moeten af van het afgescheiden zelf!

Rustig adem ik tot alle emoties en floddergedachten zijn gezakt. Dit is praktiseren. Dit is wat Thich Nhat Hanh bedoelt: Je moet oefenen, beoefenen. Pas dan veranderen er dingen, pas dan ga je groeien.

Een hele tijd zit ik met alles wat er is. Tot het genoeg is.

Kalm en tevreden schuif ik later mijn bedje in. Ik zal vast nog wel rare jaloerse dames tegenkomen in mijn leven. Hopelijk komt het dan niet meer zo bij me binnen……

 

Minivakantie in bont gezelschap op prachtige locatie. Oude school bewijst goede dienst als modern vakantiehuis: Het leven een leerschool? Nu even niet!

 

drenthe01

Woensdagmorgen om een uurtje of tien staat Frogs op de stoep. We gaan een paar dagen op vakantie. Kras heeft een huis gehuurd in Drenthe en haar hele vriendenkring uitgenodigd. Wie kan komen komt. Supergezellig natuurlijk.

Heks is net een beetje bijgetrokken van haar retraite. Ik heb nog niet eens al mijn vakantiespulletjes opgeruimd of ik sta alweer in te pakken. Gelukkig ga ik niet kramperen deze keer. Dat scheelt enorm in de mee te sjouwen troep.

Ik zoek me een ongeluk naar mijn koffer. Het onding is verdwenen. Wat vreemd, ik had em toch in de berging gezet? Staat hij dan nog in de gang? Of op mijn werkkamer? Nee, het valies is nergens te vinden. Bizar.

Zoals altijd als ik iets niet kan vinden denk ik dat het gestolen is. Een hardnekkig fenomeen sinds mijn stelende thuiszorg jaren geleden. Die gemene griezelige narcistische Indiase vrouw met haar grote brutale mond vol gouden tanden, haar pad-achtige kleine dikke volgepropte lijf behangen met goud en haar stem als een cirkelzaag heeft me echt een trauma bezorgd. Mijn onbevangenheid als ik iets niet kan vinden is voorgoed naar z’n gallemiezen.

Nu verdwijnen er nog steeds zo nu en  dan spulletjes uit mijn huis. In Plumvillage koop ik bijvoorbeeld als eerste een nieuwe wandel-bel om mijn zoekgeraakte bel te vervangen. Een paar jaar geleden liet ik dit vernuftige wonder der techniek enthousiast aan een destijds graag geziene gast zien en dat is de laatste keer geweest dat ik de bel zelf gezien heb. Weg! Verschwunden….. Nooit meer teruggevonden……

Ook die gast laat zich overigens niet meer zien in Huize Heks, maar dat kan natuurlijk toeval zijn: Meestal komen mijn spulletjes na een tijd gewoon weer tevoorschijn uit de in mijn huis heersende troep.

Heks heeft natuurlijk gewoon teveel spullen. En als een slak sjouw ik mijn huisraad ook nog eens achter me aan. Gemiddeld loop ik wel een uur per dag naar iets te zoeken: Als je niets hebt raak je ook niets kwijt. Een kopzorg minder…..

Frogs gooit alle bagage in zijn bolide en een uurtje later zijn we op weg. Eerst Ysbrandt eventjes ergens lanceren natuurlijk. Het monster mag ook mee. ‘Wie komen er eigenlijk nog meer?’ vraagt mijn kikkervriend. Geen idee. Het is een grote verrassing.

Mijn vriend zit aan het stuur en ik vlecht met kleurige linten een pak lavendel tot mooie flesjes. Het is een behoorlijk end rijden. Pas in de loop van de middag zijn we ter plekke.

Kras heeft een oude school gehuurd blijkt. Het is een prachtig gebouw, smaakvol verbouwd en ingericht. Beneden is een enorme ruimte met hoge ramen, een open haard en een ruime keuken. Er brandt een lekker vuurtje in de haard. Mooi zo. Het is er echt weer voor!

De gigantische huiskamer is gevuld met gekrijs van kinderen en geblaf van honden: Onze nieuwe huisgenoten. We laten het over ons heenkomen. Iemand geeft ons koffie en we eten een boterham. Langzamerhand landen we een beetje in dit paradijselijke oord.

’s Avonds zitten we met alle gasten rond de ellenlange tafel. Er is heerlijk gekookt door deze en gene: Dat regelt zich allemaal vanzelf blijkt.

Genoeglijk zitten we later bij elkaar. Iedereen doet maar zo’n beetje waar ie zin in heeft. Af en toe verdwijnen we naar buiten met de hondjes. De omgeving is schitterend mooi. We drinken het landschap in….

Een paar heerlijke dagen slaan we zo stuk met elkaar. Het bonte gezelschap smeedt zich aaneen tot een internationale familie. Niets hoeft, alles mag.

‘Dank je wel, Kras, voor dit geweldige initiatief,’ als we weer thuis zijn bedank ik mijn vriendin, ‘Je hebt zo’n fantastische ruimte geschapen om bij elkaar te zijn. We hebben het heerlijk gehad.’

Intussen heb ik ook als mosterd na de maaltijd mijn koffer weer teruggevonden in de berging. Helemaal niet uit de gang gestolen dus! Wel ben ik intussen mijn goeie bril kwijt. Hij zat niet in de brillenkoker. Al een week zoek ik me een ongeluk, hetgeen niet meevalt zonder bril. Zou ‘ie soms gestolen zijn? Wat denk je?

 

 

Paradijselijke LUSTthof gerund door een ex-monnik. Het klinkt tegenstrijdig, maar dat is het niet. Het woord strijd is sowieso volstrekt niet van toepassing op deze vredige locatie…..

De dag voor onze roadtrip ben ik ook al met mijn vriendin de non op stap. Probleemloos komen we deze keer om half tien uur ’s morgens aan in het andere klooster voor de dharmatalk. Een soort boeddhistische preek of les. ‘Zullen we samen lunchen straks? Ik heb geen zin om de hele middag hier in de drukte te blijven, maar ik weet wel een mooi rustig plekje om te picknicken….!’

Mijn vriendin kijkt me stralend aan, ‘Het is een prachtige rozentuin hier in de buurt. Met een theehuis erbij. De uitbater is een uitgetreden monnik. Hij heeft een praktijk voor osteopathie gecombineerd met die tuin. Dit nadat hij is getrouwd met een vrouw, die altijd met haar kinderen ons klooster bezocht, nadat ze heel jong weduwe was geworden. Zij stamt uit een familie met landerijen….’

Ze wijst in de verte, waar het landgoed zich bevindt. ‘Goh,’ zeg ik verwonderd tegen mijn gesprekspartner, ‘ Ik dacht dat je voor je leven het klooster in gaat, als je intreedt, maar ik hoor voortdurend verhalen over mensen, die na een paar jaar trouwen en kinderen krijgen.’  We grinniken.

‘Ja, het is inderdaad de bedoeling dat je blijft, maar in de praktijk werkt het toch anders. Uit mijn ordonatie-clubje is bijna niemand meer over. Ikzelf en nog iemand anders. Die is echter al een tijdje met verlof. Het kloosterleven is echt niet altijd gemakkelijk!’

Intussen heb ik ook dit jaar toch al weer heel wat aspiranten rond zien lopen; Mensen met een groot verlangen om permanent tot deze kloostergemeente te behoren. ‘Ben jij soms van plan om non te worden?’ roept mijn vriendin enthousiast, als ze me hoort oreren. We schateren van het lachen. Vrolijk hik ik nog een beetje na. Ik een non? Heks ziet er weinig heil in. Ze acht zichzelf totaal ongeschikt voor een dergelijk leven. Alleen het celibaat al zou me opbreken.

Daar ben ik als heks natuurlijk totaal op tegen. Het liefst zou ik de mensheid opvoeden in het hebben van goede seks, zoals de priesteressen van de Godin dat vroeger deden. In de tijd van het matriarchaat. Toen vrouwen nog tevreden waren met hun hangtieten, ronde kont en flappende schaamlippen. De gouden tijd voor de playboykutjes en vrouwenbesnijdenis. Overigens min of meer hetzelfde in mijn optiek.

Maar een paar jaar verplicht het klooster in lijkt me een prima idee. Op jonge leeftijd. Bij wijze van dienstplicht. Maatschappelijk weerbaar worden: Met mindfulness als wapen…..

In Thailand bijvoorbeeld is het heel gewoon voor jongemannen om voor een korte periode het klooster in te gaan. Een paar weken of maanden. Geheel vrijwillig overigens, dwang is meer iets voor ons chrgrgrrrristenen. Gewoon een beetje dreigen met zonde, hel en verdoemenis en je zet een groot deel der mensheid probleemloos naar je hand!

Maar goed, mijn vriendin moet ik helaas teleurstellen. Ik hang mijn toverstafje niet aan de wilgen: Ik blijf gewoon toverheks. We storten ons in de hectiek van de dharmatalk. Vandaag spreekt er een politieagente uit Seattle. Speciaal ingevlogen vanuit de Verenigde Staten. Ze blijft maar anderhalve dag!

De vrouw houdt een geweldig boeiend verhaal. Een Boeddhistische politieagente? Mindful schieten? Is dat wel gepast? ‘Politieagenten dragen nu eenmaal vuurwapens, daar kun je beter mindful mee omgaan,’ zei Thay haar ooit toen zij hem die vraag stelde. Intussen heeft zij haar sporen verdiend binnen haar beroepsgroep op het gebied van mindfulness. Thich Nath Hanh heeft zelfs een keer een retraite gegeven speciaal voor haar politiekorps.

Na de talk spoor ik mijn geliefde zuster op: We gaan lekker de hort op samen. Giebelend lopen we naar mijn autootje. Ik heb allemaal lekkere dingetjes in mijn koelbox gestopt en ook mijn vriendin heeft een picknickpakket bij zich. We rijden op ons gemak richting rozentuin. Binnen tien minuten zijn we ter plaatse.

Als we uit mijn kanariepiet stappen zweemt de zoete geur van egelantier ons al tegemoet. Het subtiele parfum bedwelmt onze zinnen en we zijn nog niet eens binnen in deze prachtige lusthof!

We duwen een groot smeedijzeren hek open. De tuin is enorm en we zijn de enige bezoekers! Wat een feest! Heks is flauw van de honger, dus we zoeken eerst een plekje in de schaduw voor onze picknick. Mijn oog valt op een intiem prieeltje. Ook hier geuren verschillende rozen je tegemoet. We installeren ons tussen de bomen, bloemen en planten en pakken ons lunchpakket uit.

Daarna dwalen we op ons gemak door de tuin. Overal hangen prachtige gedichten over rozen in het struweel. Er is ook een geweldige boomhut. Op de tafel iets verderop liggen pen en papier in een doos. Je kunt zelf iets schrijven en achterlaten in een brievenbus aan een dikke boom. Wat leuk allemaal. Interactiviteit avant la lettre.

DSC03905

Net als we de hele tuin mateloos hebben bewonderd stromen er andere bezoekers binnen, kloostergenoten en medeparticipanten. Als een duveltje uit een doosje komt ook de uitgetreden monnik tevoorschijn. Hij heeft al zijn haren weer terug, een dikke bos. ‘Het is de bedoeling dat je een kaartje koopt voor een bezoek aan de tuin,’ begint hij verontschuldigend, ‘het is vijf euro, maar dan mag je het hele jaar naar binnen.’ Een koopje natuurlijk, we betalen grif.

De andere bezoekers storten zich vervolgens in het charmante theehuis op ijsjes, maar wij maken ons uit de voeten. Het is weer mooi geweest. Vanmiddag wil ik nog een uiltje knappen. Wat een geweldige gewoonte in het klooster is dat toch: Ze staan hier wel idioot vroeg op (5 uur), maar iedereen gaat in de loop van de middag eventjes plat. Deep relaxation wordt het genoemd. De vlag dekt de lading. Ik ben er dol op.

Wat een heerlijke dag is het. En er gaan nog vele verrukkelijke dagen volgen. Met warme lieve mensen in een paradijselijke omgeving.

 

Verrukkelijk romig amandelsoepje met venkel. Of venkelsoepje met amandelen. Geheel glutenvrij, lactosevrij en sojavrij natuurlijk. Lekker met tomatensalade en rucola/basilicumpesto.

i

Met enige regelmaat zit er een flinke venkelknol in mijn groentepakket. Ik ben er niet dol op. Op zich een prima groente, die venkel, maar zodra je em ergens aan toevoegt begint zijn smaak direct te overheersen…. Het gebeurt dus nogal eens dat de knol een rot einde heeft in de groentelade van mijn koelkast. Een weggerot einde wel te verstaan!

Onlangs eet mijn vriendinnetje Joy bij Heks. Zoals altijd zitten we uitgebreid te klessebessen over van alles en nog wat. Ook over lekker eten natuurlijk. Plotseling begint ze enthousiast te ratelen over een geweldig soepje van venkel met amandelen. ‘Het is zo verrukkelijk! En echt helemaal niet ingewikkeld qua bereiding. Ik ben er helemaal aan verslingerd…’

Mijn nieuwsgierigheid is gewekt. Als ik weer zo’n onverlaat tussen de worteltjes en broccoli aantref weet ik wat me te doen staat.

En ja hoor: Afgelopen week zit er weer zo’n onding in mijn pakket. Maar deze keer ligt hij niet vruchteloos in de groentelade te wachten totdat ik em een keertje in een visschotel stop. Binnen een dag verwerk ik de knol in een amandelroomsoep. Diezelfde avond belt Frogs me over iets. ‘Heb je al gegeten?’ Ik wil mijn nieuwe gerecht op iemand los laten natuurlijk. Mijn kikkervriend moet nog dineren. Grif accepteert hij mijn uitnodiging.

image

Als hij de eerste hap van de soep neemt slaakt hij onwillekeurig een kreet. Zo lekker is het! Ja, dit soepje is eersteklas subliem van smaak. En zo gemakkelijk te bereiden: Een kind kan de was doen.

Amandelroomsoep met venkel. Ofwel venkelsoep met amandelroom:

Snipper een ui en een paar teentjes knoflook, fruit in ruim olijfolie glazig, eerst de ui en later de knoflook. Voeg een fijngesneden venkelknol toe. Meebakken. Een paar flinke eetlepels amandelmeel even meefruiten. Liter kokend water erbij, bouillonblokjes oplossen. Alles eventjes laten doorkoken en staafmixen maar: Net zo lang doorgaan totdat een romige substantie ontstaat. Serveren met een beetje geschaafde amandelen of dille als garnering. Eet smakelijk!

Frogs krijgt ook nog een heerlijke tomatensalade met rucola/basilicumpesto voorgeschoteld:
Was een flinke bos basilicum en een grote bak rucola. Gooi in een keukenmachine. Pijnboompitten naar smaak toevoegen. Eventueel teentjes knoflook. Sap van een halve citroen of limoen erbij en een deciliter olijfolie. Geruime tijd laten pureren. Serveren met fijngehakte tomaten, bleekselderij en wat er verder zoal in je groentelade zwerft. Mmmmmmm.

Beide gerechten kunnen prima in de koelkast worden bewaard. Zodat je dagenlang verrukkelijk kunt lunchen…..

image

Koude koningsdag begint helemaal verkeerd. Heks heeft al een kater voordat ze ook maar één biertje gedronken heeft. Gelukkig trek ik bij. Ik eindig zowaar blij. Door zware mallemolens en frivool noorderlicht!

De nacht voor koningsdag hang ik met mijn kop boven het watercloset. Oh, oh, wat ben ik beroerd. Mijn hele verteringssysteem keert zich binnenstebuiten. Keert zich tegen me. En dat voor de vrouw die nooit over haar nek ging!

Zeker dertig, veertig jaar kwam het er nauwelijks van. Ik kon zuipen als een tempelier en tegelijkertijd in brakke bootjes over woeste baren varen, terwijl iedereen om mee heen rollend in zijn eigen kots lag te braken: Ik had nergens last van.

Sinds mijn whiplash is dat anders.

Op de feestdag zelf heb ik afgesproken met Frogs voor een lekkere brunch. Meuh. We verplaatsen het tijdstip naar straks en later. We skippen de brunch. Uiteindelijk lopen we dan toch de stad in. Om de hoek van de steeg staan allemaal kraampjes. Ik heb eerder tijdens mijn hondenronde al een paar kleine kroonluchters en een theeservies gescoord. Voor een habbekrats.

We slenteren langs de stalletjes. Mijn Afghaanse stenenman staat er met een overvolle kraam. ‘Ik heb wel wat voor je, maar niet bij me. Op 5 mei kom ik weer,’ zegt hij nadat ik zijn uitstalling heb geïnspecteerd zonder iets van mijn gading te vinden. Er liggen alleen maar goedkopere sierraden gezet met veelvoorkomende kristallen. Hij kent mijn liefde voor een echte goeie steen. En hij heeft iets in gedachten….

Vorig jaar bracht hij vuuropalen mee op bevrijdingsdag. En een grote boulderopaal gevat in ijzersteen….. Die zijn behoorlijk tekeer gegaan in mijn leven…. Jaren geleden leverde hij me mijn trouwring voor mijn huwelijk met mezelf. Een edelopaal met veel vuur. Ja, Heks houdt echt van opaal, de baby onder de kristallen….. Benieuwd wat hij nu weer voor me in petto heeft.

‘Ik wil nog eventjes naar een ketting kijken bij een paar hele leuke dames. Het zijn aurora borealis stenen. Kristallen met een speciale metaallaag. Ooit ontwikkeld door Swarovski. Ze lijken een beetje op Rijnstenen. Prachtig. Komt uit Amerika, jaren vijftig…!’

Frogs kijkt me wazig aan. Waar heb ik het over? Even later staan we voor een kraam gevuld met antieke sierraden en oude hoedjes. Ik pak het beoogde halssierraad van een kleine buste en hang het om mijn nek. ‘Maak eens dicht, Frogsie,’ commandeer ik mijn verschrikte kikkervriend. Al zijn vermogens tot fijne motoriek moeten eraan geloven. Geconcentreerd staat hij te prutsen. Het is ook nog eens een raar haaksysteem….

Heks begint te giechelen, maar uiteindelijk hangt het collier om mijn hals. Prachtig! Verrukt staar ik in de kleine spiegel naar mijn opgetogen gezicht met daaronder een waterval aan schittering: Werkelijk schitterend!

Ik doe goede zaken met de dames. Ze vertellen me over de geschiedenis van deze ketting en pakken em intussen mooi in. In een prachtig oud doosje zie ik later. Wat een toewijding!

Bij een ander kraampje zie ik een porseleinen popje. Piepklein. ‘Wat kost dat poppetje?’ vraag ik aan de verkoper. Frogs vindt het maar raar. Wat moet je nu met zo’n popje? ‘Ik wilde gewoon weten wat zoiets kost, Frogs. Ik heb precies zo’n ding op mijn godinnenaltaar staan. Gekocht voor een kwartje in de kringloop. En het is dus gewoon 20 euro waard. Grappig toch?’

Akka Brinkman (links) van Antiek en Curiosa, akkabrinkman@hotmail.com, 06-10581000

Ja, Heks heeft een neus voor kwaliteit. Laat haar over een rommelmarkt lopen en ze vist er met haar bionisch oog alle spullen van waarde uit. Het heeft iets met aandacht te maken. Alles wat mooi is, is ontstaan in aandacht. En dat zie je aan iets af. Dat geeft het intrinsieke waarde, ongeacht wat het is en waar het voor bedoeld is.

Zo koop ik tot slot een Turks koffiemolentje. Een prachtig aandachtig gebrouwen apparaat. ‘Leuk om mee te nemen als ik ga kamperen,’ roep ik enthousiast. Ik zie mezelf al in een tent zitten met dat gekke loodzware koperen ding. ‘Je kunt er ook een goeie klap mee uitdelen,’ vervolg ik. Ik kijk teveel enge moordprogramma’s tegenwoordig. Maar het is waar. Een oplawaai van deze mallemolen overleef je waarschijnlijk niet….

We eindigen in de WW. Onze geliefde stamkroeg van honderd jaar geleden. We komen oude vrienden tegen. Sommigen half vergaan door alcoholmisbruik en andere slechte gewoontes, anderen verdriedubbeld in de breedte in de vorm van een valhelm.  Maar toch nog even lief en aardig als altijd.

‘Het leven is niet eerlijk, Frogs. De leukste mensen gaan er helemaal naar de kloten door.’

Opeens zie ik een oude thuishulp van me. Een stevige dame met prachtig rood haar. Ze speelt in een heel leuk bandje herinner ik me. Ze heeft een geinig vriendje, waarmee ze een biertje deelt. Ik zie hen duidelijk genieten van de muziek, elkaar, hun vriendenkring. We maken een kort praatje, want we mogen elkaar heel graag!

Later thuis kook ik een kippensoepje. Frogs wandelt met het hondje. Precies op het moment dat hij mijn huis weer binnenstapt is de soep klaar. Hij wordt natuurlijk niet zo heet gegeten als hij wordt opgediend, maar het scheelt niet veel.

‘MMMMMmmmmmmmmm…. Heks, wat is dit lekker!’ Mijn kikkervriend zit te knorren van geluk. En het is waar. Dit soepje kan een dode tot leven wekken. Tevreden lepel ik mijn bordje leeg. Om mijn nek hangt het noorderlicht. Tegenover me zit een liefhebbende kikkervriend. Aan mijn voeten ligt een dwaas varkentje met een lampenkap op zijn kop. Ik ben helemaal gelukkig en tevree. En dat is ook wel eens fijn voor de verandering.

IMG_3208

Ga naar de markt en koop een kilo vis voor bijna niks. Nodig een vriend uit en een stelletje kattekoppen. Improviseer met wat je zoal in de groentela van je koelkast hebt liggen. Voeg ruim olijfolie, citroen en munt toe: Noord Afrikaanse aanslag…. op smaakpapillen!

Zaterdagmiddag loop ik lekker over de markt te flaneren. Het is heerlijk weer, ik heb de lente in mijn bol. Ik ben niet de enige. De stad loopt vol vrolijke uitgelaten dartele mensen: Een kudde koeien na een lange winter voor het eerst in de wei….

De Griek schept de laatste Taramosalata voor me uit een bijna lege bak. Bij de Marokkaanse viskraam ga ik op zoek naar een lekker visje voor de kat.

‘Kijk, je mag dat allemaal meenemen voor 25 euro.’ De kolossale visboer maakt een weids gebaar over het restant van zijn koopwaar. Een berg rode poon. Zeker een kilootje of vijf, zes. Aan zijn postuur te zien kan hij zelf probleemloos een kilo of wat wegzetten. Dus waarom iemand anders niet? Hij glimlacht me bemoedigend toe. Het is een verleidelijk aanbod. Maar vijf kilo rode poon samen met mijn katten in een weekend soldaat maken?

Dat wordt zelfs Heks te gortig. Zeker nu mijn vriezer het begeven heeft…. Uiteindelijk neem ik ruim een kilo mee. Een enorme zak vol vis. Snel gooit de visboer er nog een handvol gefileerde poontjes bovenop. Een bonus! Ysbrandt staat er likkebaardend naar te kijken. Hij is dol op vis. Soms vraag ik me af of hij soms een verdwaalde zeehond is. Of een gereïncarneerde dolfijn.

Eenmaal weer thuis zit ik toch maar mooi met al die vis. Hoewel ik dol ben op rode poon, zie ik het mezelf niet allemaal in mijn eentje opeten….. Ik hoop dat mijn katten het lekker vinden. Anders heb ik toch een probleem.

Terwijl ik een beetje zit uit te puffen van een middag vol beweging gaat de telefoon. ‘Heks, ik zit op het terras bij ’t Praethuys. Kom je ook?’ toetert mijn kikkervriend in mijn oor. Ik heb een beter idee. ‘Kom hierheen, Frogsie, ik heb lekkere dingetjes gehaald op de markt en straks gooi ik een visje in de pan…’ Dat laat mijn kameraad zich geen twee keer zeggen: Heks die in haar kookpot roert! Altijd goed voor een fenomenale maaltijd!

Even later zitten we lekker te klessebessen onder het genot van een hapje en een drankje. Intussen google ik recepten met rode poon. Ik vind iets heel aardigs van Jamie Oliver. ‘Het probleem is dat ik maar zeer beperkt ingrediënten in huis heb, Frogs. Het meeste ligt bij jou thuis in jouw koelkast…..’ We moeten erom lachen. De koelkast van Frogs is altijd dramatisch leeg. Behalve nu de mijne kapot is!

‘Het is toch zo gemakkelijk, als je altijd hetzelfde eet, dan heb je niet al die kruiderijen en ingrediënten nodig,’ plaag ik hem. Nu is ome Frogs toch verontwaardigd. ‘Ik eet echt niet altijd hetzelfde, ik koop gewoon per keer wat ik nodig heb om te koken,’ pepert hij me in.

Het recept van Jamie bevalt allerlei dingen die ik niet in huis heb. Geen probleem. Ik ga een variatie op dit thema maken met spullen, die wel in mijn tijdelijke minikoelkastje liggen. Om te beginnen een bos munt.

‘Heks, ik vind jouw recepten altijd het leukst om te lezen,’ roept de Wilde Boerenzoon onlangs enthousiast door de telefoon, ‘Wanneer ga je weer eens lekker voor ons koken? Vooral de manier waarop je ze opschrijft. Gewoon boem. Niks afmeten. Hopla. Daar houd ik van!’

Ziet er goed uit, Heks…

Bij deze dan. Speciaal voor hem. Een kanjer van een experiment. Natuurlijk zonder gluten, lactose of soja:

Ga tegen sluitingstijd naar de markt en laat je voor weinig geld een kilo rode poonfilet aansmeren. Het is een mooi stevig visje. De graat zit er nog in, maar het velletje en de kop zijn er af. Gooi de poon in een flinke bak marinade van olijfolie, citroensap, citroenrasp, rode peper, munt, peper, zout en knoflook. Uurtje laten intrekken. Langer marineren maakt het nog lekkerder natuurlijk.

Met rijst en broccoli

Kook of stoom sperzieboontjes, snijboontjes en/of broccoli. Kook rijst of glutenvrije couscous. Maak een salade van tomaten, komkommer, muntolijfolie, citroensap, verse munt, uitje en knoflook. Bak de boontjes na het koken met een uitje en knoflook.

Bak de visjes in ruim cocosvet in een koekenpan om en om tot ze een mooi bruin korstje hebben. Uit de pan nemen. De marinade erin gooien. Goed laten inkoken, zodat de uitjes en knoflook garen. Aanlengen met witte wijn. Half bouillonblokje erbij. Het aangebakken laagje van de gebakken vis van de bodem losschrapen en voilà: Een heerlijke saus voor over de visjes..

Alles bij elkaar op een bord knikkeren en smullen maar.

Mmmmmmmmmmm!

De ene dag heb ik de rijst aangemaakt met citroenolijfolie en munt. Een dag later heb ik couscous gemengd met de salade tot een mooie Taboeleh.

Het ‘magische ingrediënt’ is de in de gehele maaltijd aanwezige combinatie van munt, citroen en olijfolie. Heel Noord-Afrikaans! Daar komen ook de meest fantastische dingen vandaan, dat blijkt maar weer! Onze Hollandse smaakpapillen zouden nog in het stenen tijdperk verkeren als we niet een beetje waren heropgevoed door de verschillende stromen migranten van de laatste eeuw met hun exotische eetgewoontes! De meeste aanslagen door vreemdelingen zijn vooralsnog op onze smaakpapillen gepleegd.

Met tabouleh en guacamole, gesmoorde winterpostelein en boontjes…