Heks mijmert voor de televisie. Elfstedenkoorts tijdens hittegolf. Mijn held, Maarten van der Weijden, levert een topprestatie. Zomaar. Omdat hij genezen is van kanker en anderen niet….. Helaas is een opgekalefaterde ME-patiënt niet de aangewezen persoon om dit kunstje te evenaren. Wie oh wie gaat er voor zorgen, dat wij ook eens worden behandeld voor deze ernstige invaliderende ziekte? Heks wordt weer overal weggestuurd momenteel…….

De mussen vallen van het dak, maar Heks ligt in bed voor de televisie. Doodmoe na een dagje op stap met de heksenschool. Grafheuveltjestoertocht. Dodenwegwezenexcursie. Heerlijk!

Lekker in bed dus. Met dit weer. Helemaal niet erg: Maarten van der Weijden is aan zijn laatste kilometers bezig. Mijn held. Heks is dol op deze enorme vriendelijke zwemreus. Vorig jaar heb ik twee nachten aan de televisie gekluisterd met de man meegeleefd.

Baalde met hem mee, dat hij moest stoppen. Dacht direct stiekem dat hij vast weer een poging zou gaan doen. Dat zit in zijn karakter. Het karakter van een duursporter. Mijn slag sporters……

Ik ben ook nog speciaal dol op deze man, omdat ik jaren geleden op dit blog over hem schreef en hij schreef terug! Een superleuke reactie ook nog. Echt een hele aardige gast.

En dan ben ik stapeldol op de elfstedentocht. Zelf al jaren lid van de elfstedenvereniging. Nog steeds, ondanks ME. Ik heb namelijk nog steeds de stille hoop, dat er een geneesmiddel voor deze kloteziekte wordt gevonden.

Helaas krijg je geen ME-patiënt zo gek om zijn leven te wagen met een dergelijke monsterprestatie. Ze zijn überhaupt al te moe om helemaal naar Friesland af te reizen. Laat staan, dat ze ook maar 1 Fries stadje hadden weten te bereiken.

Niemand wil ook voor ons iets dergelijks op touw zetten. Je gaat zo’n groep notoire aanstellers toch niet lopen steunen. Een pak op hun flikker moeten ze krijgen. Die luie donders. Die verfoeide aandachtsvragers. Die verdraaide teringlijers. Een schop onder hun kont, hup, zo zelf het Friese water in. Dat zal ze leren!

Het is dus ook dubbel, mijn gevoel als ik naar dit spektakel kijk. Mensen gooiden een tijdje geleden massaal emmers ijswater over hun hoofd voor ALS. Een groot succes. Vrienden gingen mij zelfs hun grappige filmpjes sturen. Maar op mijn verzoek mee te doen aan de natte dweil in je gezicht voor ME heeft nooit iemand gehoor gegeven!

Wel krijg ik nog met enige regelmaat een natte dweil in mijn gezicht. Door de diverse behandelaars.

Zo ben ik al sinds november bezig om ergens voor langere tijd therapie te krijgen. Ik spring tegen de muren op, sinds ik heb ontdekt, dat mijn moeder me een heleboel rotstreken heeft geleverd alvorens in haar dementie te verdwijnen. Ik loop dagelijks tegen de gevolgen aan en het gekke mens wil me ook nog eens niet meer zien! Alsof ik iets verkeerd heb gedaan……

Als ik haar op zoek rent ze van me weg als was ik de duvel. Onverdraaglijk.

Mijn ziekte maakt het er allemaal niet gemakkelijker op. Ik zie soms wekenlang bijna niemand. En als ik dan mensen zie, wil ik niet gaan zitten zemelen over mijn mislukte leventje. Anderen ook niet overigens. Mensen praten liever over zichzelf tegen Heks. Nog steeds.

Dus iemand om de boel mee op een rijtje te krijgen is echt geen luxe. Maar het lukt niet. Wel sta ik drie maanden op de wachtlijst bij een vent, die me op de ochtend van de afspraak afbelt. Hij heeft de vragenlijsten, waar ik een middag bloedig op heb geploeterd om ze in te vullen, net ingekeken. Vijf minuten voor de afspraak.

‘Ik doe geen lange trajecten. Dus u kunt niet komen,’ blaat hij vanuit zijn schapenbaard in de hoorn. Mijn reactie ‘Dus u stuurt me ook weer weg, ik word altijd overal weggestuurd,’ maakt hem razend. Te vuur en te zwaard bestrijdt hij mijn inzicht. maar ik mag toch niet komen.

Uiteindelijk krijg ik de tip van Transparant. Een alternatief voor Rivierduinen. De doorzichtige club heeft zich afgescheiden van de reguliere Rivierduinen, omdat ze niet goed werden van het protocol daar. Maar zelf zijn ze geen haar beter. Ik word lullig te woord gestaan. Ze slaan me met hun protocol om de oren. En mag niet komen.

‘Ik ben al vanaf november op zoek naar hulp. Ik spring tegen de muren op en roep elke dag als eerste dat ik dood wil,’ klap ik uit de school. Het is niet gelogen. Elke dag baal ik van mijn leven, van mijn pijnlijke lijf, mijn gebrek aan energie, van mijn afwezige familie, van mijn gebrek aan geliefden, van mijn uitdunnende vriendenclub…….

Ik vecht, maar verlies terrein. Elk jaar weer. En overal word ik weggestuurd. Al jaren. Ik ben al dertig jaar mijn eigen behandelaar.

Alleen het alternatieve circuit wil me hebben. Dankzij hen ben ik nog in de lucht. Helaas hebben zij ook geen afdoende oplossing voor ME. Pappen en nathouden.

Vanmiddag zit ik bij de reumatoloog in het Alrijne ziekenhuis. Ze moet ontzettend lachten als ze mijn status ziet. ‘Hahaha,’ hikt ze als ik haar vraag wat er zo lachwekkend is,’ u mankeert van alles en denkt dan toch dat er nog dingen kunnen worden uitgezocht. Hahaha….’

Geweldige binnenkomer toch weer. Ik ben eventjes helemaal overbluft. Ik ben wel eens onthaald met de tekst ‘Wat doet u allemaal om uw klachten in stand te houden?’, maar dit is ook apart…..

Dan blijkt ze gewoon een reumatoloog uit het LUMC te zijn, de club waar ik gillend ben weg gelopen, nadat ze me steeds met een verpleegkundige opzadelden in plaats van een arts…….

Toch weet ze me nog wat interessante dingen te melden. Nadat ze uitgelachen is.

‘Uw lichaam doet verschrikkelijk zijn best, om het goed te doen. Te goed eigenlijk…’ Een heel verhaal volgt. Mijn hoofd wil niet luisteren, maar het moet. Haar verhaal komt er op neer, dat je bij heel veel van patiënten met fibromyalgie sprake is van aanleg, maar ook iets dat het triggert.

En laat nu datgene wat het triggert vaak traumatische ervaringen in je jeugd te zijn. ‘Zoals zware lijfstraffen bijvoorbeeld?’ Ja, dat is een uitstekend voorbeeld.

‘Uw lichaam heeft geprobeerd die stress op te vangen, maar te goed. Intussen loopt u daardoor ook nog steeds rond. Jullie ervaren het vaak als last hebben van je lichaam, het wil niks meer. Maar in feite doet uw lijf geweldig zijn best….’

‘Ja,’ denk ik later, ‘lekker is dat. Kun je ook van kanker zeggen: Uw doodzieke lichaam doet geweldig zijn best om allemaal celletjes te splitsen. Maar te goed. Te veel. Je hebt er misschien last van, maar het is eigenlijk een geweldige actie van je lijf…..’

Natuurlijk zegt niemand dat tegen een kankerpatiënt. Dat zou zeer onkies zijn. Je kunt het ook moeilijk verkopen, dat je lijf geweldig zijn best voor je doet, terwijl je daar tegelijkertijd dood aan gaat, Wij ME-patienten gaan niet dood aan onze ziekte, we veranderen doorgaans in een levend lijk, tegen ons kun je gewoon alles zeggen. Blijkbaar.

Tel je zegeningen!

Zo word ik dan weer weggestuurd bij de zoveelste behandelaar. Kan het ze iets schelen? Nee. In het huidige hopeloze medische bestel zit iedereen op zijn of haar eilandjes te prutselen. Na hun de zondvloed. En ME-ers zijn vervelende zeurkousen. Zo. Klaar. Volgende patiënt.

Maar Maarten is binnen!!!!!!!! Klokslag half acht……

 

 

 

 

 

 

Het grote verschil tussen een dood vogeltje. Zijn ene pootje even lang. Koolmees zingt zwanenzang. En Heks ruimt ouwe troep op. Eindelijk.

‘Heks, kijk nou eens wat ik uit de bek van de boskat vis,’ mijn onvolprezen hulp komt de keuken in lopen met een wollig wezentje verborgen in haar hand. Het is een jonge koolmees. Als ze haar hand opent zien we hem naar adem happen.

O jee. In no time zijn we in de weer met lepeltjes water, een eierdoosje en een ouderwetse zachte schone zakdoek. ‘Meelwormen, daar doen ze het goed op,’ vertelt ze me vervolgens, ‘Ik heb een keer twee koolmeesjes groot gebracht. Eentje is zelfs vijf jaar oud geworden……

‘Ik nam ze gewoon mee naar mijn werk, in mijn rugzak. Zo kon ik ze om de paar uur eten geven…….’

Dat klinkt hoopgevend. De aanblik van ‘Kooltje’ is dat geenszins. Ik heb sterke twijfels of we hem hier doorheen krijgen. ‘Hij heeft misschien wel inwendige verwondingen,’ Heks maakt zich zorgen.

Zo zit ik dan met een klein zielig vogeltje op mijn schoot heel zachtjes te trommelen. En te zingen. Kooltje luistert met zijn kope scheef. Hapt naar adem. Lijkt een beetje bij te komen…..

Het is zijn zwanenzang. Als ik terug kom van de dierenwinkel met een bak heerlijke kronkelige meelwormen ligt hij dood in zijn eierbedje. Oh, wat is hij mooi. Wat een prachtig schepseltje. Zijn gele vleugeltjes. Het geel aan zijn snaveltje. Zijn lieve kleine koppie……

‘Hoe ben je op mijn balkon terecht gekomen, schatje. Je bent nog zo klein. Je kunt vast nog niet vliegen……’ Misschien gepakt door een andere vogel en per ongeluk gedumpt op het dak van de berging? En ogenblikkelijk geannexeerd door de boskat? Of is ThayThay de hoofdschuldige?

’s Avonds stop ik hem in de vriezer. Mooi verpakt in een stukje wit papier en een blauw plastic diepvrieszakje. Ik ga de prachtige veertje bewaren heb ik besloten. ‘Teken hem een nieuw verenkleed,’ Heks krijgt duidelijke instructies in haar oor getoeterd. Ok. Komt voor elkaar.

Mijn kleine leventje met de dieren. De hele dag achter Snuitje aanlopen met lepeltjes eten. En ze eet. Minuscule hapjes weliswaar. De rest van de tijd ligt ze het liefst op mijn schoot te knorren. Of op de horizonbox van de televisie.

Mijn suffe bestaan met de dieren. Elke dag op stap met mijn viervoetige vriend. Ik moet het eruit persen momenteel. De recente griep heeft flink huis gehouden. De laatste restjes reserve energie opgesoupeerd.

Jammer, dat Kooltje het niet gered heeft. Het scheelt wel enorm veel werk. Elke dag op stap met een koolmeesje in je rugzak? Om de paar uur voeren? Ook weer een pittig klusje…….

Maandag werk ik met de dame van Cuprum aan mijn vangnet. Of beter gezegd, het gebrek aan vangnet. Het aan te leggen vangent. Steuntjes in de rug. Voor als ik val. Voor de zoveelste keer finaal onderuit ga. Of weer een half jaar griep heb….

Eerst stellen we een lijstje op van mensen, die in geval van nood mijn hond willen uitlaten. Als ik in bed lig te klapperen van de griep bijvoorbeeld. Vaak klim ik dan toch strontziek op de fiets. Gewoon omdat ik niemand vind, die het stokje over pakt. Zo’n blafbeest moet er u eenmaal uit.

Dan een lijstje met mensen, die wellicht een boodschapje willen halen als het me echt niet lukt. Zoals onlangs. Zodat ik niet weer dagenlang zonder de broodnodige sapjes en dropjes in bed lig te stinken.

En tot slot nog een kattenlijstje. Mijn dreamteam is onlangs verhuisd. ‘Natuurlijk blijven we gewoon je katjes verzorgen, hoor,’ zegt Joy hierover. Maar misschien is het toch wel handig om de buurman te vragen voor dit team. Zodat het haalbare kaart blijft om mijn dierentuin in de lucht te houden als ik bijvoorbeeld op vakantie ben.

Na het maken van deze lijstjes gaan we naar mijn slaapkamer. Ik heb het in mijn hoofd gezet om een heleboel teringzooi, opgeslagen naast en onder het bed, weg te gooien. Zakken vol oude kleding, mijn oude tent en windscherm en een enorme tas met stokoude reisgidsen en vage studieboeken knikker ik de deur uit. Er ontstaat enorm veel ruimte!

De dame van Cuprum is perplex. Wat is er in Heks gevaren, dat ze zo gründlich aan het uitmesten slaat?

Ja, wat is er in mijn gevaren? Ben ik soms eindelijk eens verleden aan het loslaten. Laat ik me eindelijk niet meer verleiden tot lijden aan meer van hetzelfde?

Een hele stapel geborduurde tafelkleden van mijn grootmoeder verdwijnen richting kringloop. Ik heb ze altijd foeilelijk gevonden, maar ja. Gemaakt door oma….. En niet eens voor mij!

Mijn geliefde oma, die mij eng vond, nadat ik als zeer jong kind aan de valium verslaafd was gemaakt. Hele spooky ogen kreeg ik daar blijkbaar van…… Grote zuignappen van pupillen. Ze las de ene detective na de ander, maar haar eigen kleindochter was pas echt griezelig!

Mijn moeder kon niet wachten om me dit allemaal in geuren en kleuren te vertellen. Je kunt het ook niet doen natuurlijk. Je kind een beetje ontzien. Ze heeft het al moeilijk genoeg met de chronische afwijzing en aanhoudende mishandeling door die narcistische vader……

Wat een opluchting. Weg met die oude zooi.

Het kleed, dat oma ooit speciaal voor mij borduurde besluit ik te houden. Als ik het nog kan vinden. Ik zie dat kakelbonte tafelkleed helemaal nergens meer…….

Koolmees splijt schedel van concurrent in nestkast

Teken van leven: Toverheks! Waer bestu bleven? Mi lanct na di gheselle mijn! Jaja, dat zal vast wel zo zijn. Een virus heeft me klein gekregen! ’T laatste restje energie uit me gezeverd. Ons koorweekend was echter echt fijn!

Dinsdag herrijst Heks uit haar as en gaat naar het koor. Het lukt me net om twee uurtjes op een stoel te zitten en mee te krassen met de repetitie. Maar daar is ook alles mee gezegd.

Als ik om me heen kijk zie ik wel erg veel lege plekken. Waar is iedereen? Massaal met voorjaarsvakantie? Wat een kaalslag! Maar nee. In de pauze spreekt onze voorzitter ons toe over dit opvallende fenomeen: Een virale nasleep van een geweldig koorweekend!

‘Zeker zeventien mensen zijn behoorlijk ziek geworden na het weekendje weg. Drie van hen hebben er zelfs een longontsteking aan over gehouden…… We hebben contact gehad met de GGD bestrijding infectieziekten…… Een heel naar virus met lange nasleep is hun conclusie. Als jullie meer willen weten, er is een mailtje gestuurd met een telefoonnummer……’

Heks zit met tutende oren te luisteren. Ze ploppen open en dicht. Hoor ik dit nu allemaal goed? Ook ik ben doodziek thuis gekomen van het reisje naar Trier. Eenmaal thuis ben ik in bed gerold om er dagenlang niet meer uit te komen. In geen jaren heb ik me zo ongelofelijk ellendig gevoeld van een griep.

Ik zeg al mijn afspraken voor de komende week af. Nog niet zo eenvoudig als je helemaal geen verstaanbaar geluid meer produceert. Mijn hulp neemt VikThor in huis. Heks verdwijnt in snotland. Kotsmisselijk met een stampend hoofd en nauwelijks lucht in mijn longen zweef ik dagenlang ijlend in het niets……

Een vangnet heb ik niet. Nog steeds niet. Ik mag al blij zijn met mijn geweldige hulp.

In de vriezer vind ik uiteindelijk een bak tomatensoep. Die lepel ik gedurende enige dagen in etappes leeg. Verder heb ik niks in huis. Geen sapjes. Geen dropjes. Ik overleef op de tomatensoep met kamillethee en crackers. Het interesseert me weinig. Bewegingsloos wachten tot het beter gaat is het devies.

Geen mens heeft in de gaten hoe klote ik me voel. What’s new? Hoe vaak lig ik niet zo te stumperen? Het hele afgelopen najaar heb ik in bed doorgebracht, zonder dat het een medemens op viel. En ook nu ben ik al weer drie weken grotendeels onder water verdwenen. Frustrerend, want gekmakend.

Ik ben dan ook blij, dat ik het gered heb naar het koor. De dagen er op ben ik weer terug bij af. Ik kan me werkelijk niets permitteren qua energie.

Mijn voorafgaand aan het koorweekend zorgvuldig opgebouwde voorraadje was direct op toen we om 7 uur ’s morgens vertrokken. Veel te vroeg voor Heks! Ik ben dan nog hondsberoerd van mijn dagdagelijkse kater. Bovendien had ik natuurlijk veel te kort geslapen door de vakantiestress.

De rest van het weekend heb ik ingeteerd op toekomstige energie. Hetgeen betekent, dat ik voorlopig, een maand of wat, geen millimeter over zal hebben. En dan nog de virussen. Heks had namelijk nog een tweede virus opgepikt in datzelfde weekend, een maagdarmparg. Anderen heb ik er niet over gehoord, behalve mijn maatje Anna.

Twee voor de prijs van 1! Spekkoper! Bofkont!

Het was een geweldig leuk weekend. Maar oh, oh, wat betaal ik een prijs. Vier dagen pret, een paar weken ziek in bed……. En dan maanden herstellen. Je moet er wat voor over hebben! Als ME patiënt……

Ik verdenk overigens de airco van de zeer luxe dubbeldekker ervan verantwoordelijk te zijn voor de efficiënte distributie van de diverse virussen. Heks haat airco’s.

Driemaal is scheepsrecht en voor niets gaat de zon op. Heks gaat een hele dag naar de dierenarts op en neer. Met steeds een ander dier. Het eind is nog niet in zicht. Het is mijn plicht als baasje. Heks is vandaag het haasje…..

Dinsdagavond doet de panter weer vreemd. Hij wil niet eten, maar gelijk na binnenkomst weer naar buiten. Onrustig tijgert hij door het huis. Eet dan toch zijn bak leeg. Er is iets met mijn schat. In een opwelling kijk ik in zijn bek. En ja hoor, er is weer een tand uitgeslagen door die kloterige Bengaalse wilde kat van mijn hopeloze asociale buren.

Mijn grote zwarte kater mist nu zijn rechterhoektand boven en zijn linkerhoektand onder. Hij crepeert van de pijn. Ik geef hem een pijnstiller. Morgen maar eens de dierenarts bellen. Ik neem hem bij me in bed en streel zijn gekwelde koppie.

Pas vrijdagmorgen kan ik terecht. Het is dan ook geen echt spoedgeval. Die tand is er vrijdag ook nog wel uit. Ze hebben nog wel een plekje op donderdagmorgen, maar Heks heeft dan geen auto. Die staat bij de garage voor de jaarlijkse keuring.

Vrijdagmorgen ben ik al vroeg bij de dierendokter. Een piepjonge arts staat me te woord. ‘Dat restant tand en bot moet er waarschijnlijk wel uit worden gehaald,’ ze kijkt me verontschuldigend aan, ‘Anders kan het wel eens flink gaan ontsteken. Ik overleg het nog eventjes met een collega, die iets meer thuis is in gebitten….’

Op weg naar huis valt het me op dat VikThor zo raar doet. Hij doet de hele ochtend al vreemd. Schrikt zich een ongeluk van niks. Stopt zijn staart helemaal tussen zijn poten door tegen zijn buik. Wil niet in de auto springen, zodat ik hem er in moet tillen. Wat heeft hij nu weer?

Samen met mijn  hulp inspecteren we zijn staart. We zien dat zijn anaalklieren nogal vol zitten, zou hij daar zo’n last van hebben? Ook heeft hij zich afgelopen week meermalen versprongen. Is er iets mis in zijn bewegingsapparaat en krijgt hij steeds na inspanning last?

Mijn hondje gaat zo snel achteruit, dat ik rond het middaguur alweer bij de dierenarts zit. Een mij bekende jongeman. Die knijpt de anaalklieren leeg. Een smerige putlucht trekt door zijn spreekkamer.

Vervolgens onderzoekt hij zijn pootjes en heupjes. Strekt en rekt mijn ventje alle kanten op. Niets bijzonders te vinden. Ik krijg een stapel pijnstillers mee. ‘Hou hem maar een paar dagen rustig. Wat het ook is, rust doet altijd goed.’

Intussen heb ik hem ook over Snuitje gesproken. Ik heb volgende week een afspraak voor haar gemaakt, want ik vertrouw het functioneren van haar niertjes voor geen cent. En of de duvel ermee speelt lijkt Snuitje ook precies op vrijdag flink achteruit te gaan. Ze staat alsmaar te drinken uit de waterbak van VikThor.

Ook loopt ze ongelofelijk slecht opeens. En ze lijkt zo slapjes…..

Zo zit ik dan vrijdagavond alweer bij de dierenarts. Een grote naald verdwijnt eerst in Snuitjes nekje en daarna in een pootje. Ze weet nog maar 2.3 kilo. In januari was ze nog 2.6!

Ook heb ik thuis een plasje opgevangen. Alles wordt grondig onderzocht. En ja hoor, het zijn haar niertjes. ‘Geen suiker, schildklier is ook goed, maar haar nierfunctie is ernstig beperkt. Het is nog niet in de acute fase, maar ze moet wel per direct op dieet…..’

Zaterdag slapen we allemaal de hele dag. Tussendoor kijk ik naar een travestieten-talentenjacht. Geweldig programma. Heks heeft er als vrouwelijke travestiet erg van genoten.

Vandaag ontdek ik dat ik mijn prachtige elektrische vouwfiets kwijt ben. Geen idee wat ik ermee gedaan heb, maar hij staat niet meer in de berging. Paniekerig begin ik door de buurt te rennen. Vind em terug bij de slager voor de deur.

Als ik zo moe ben als ik nu ben doe ik dit soort stomme dingen. Hoewel niet met een ketting ergens aan vast heb ik de fiets gelukkig wel op slot gezet. Dat vergeet ik ook nogal eens onder zulke omstandigheden.

En goddank staat mijn peperdure fietsje er nog na een woeste uitgaansnacht in de drukke Haarlemmerstraat.

Dinsdag gaat de panter onder het mes. Dan worden de restanten tand en bot verwijderd, zodat de boel mooi geneest. Altijd spannend. Narcose is geen kattenpis.

Volgend weekend ga ik op koorreis. De helft van mijn beesten zitten in de lappenmand.  Pleegzuster Bloedwijn krijgt last van slijtageverschijnselen. Dat gaat nog wat worden. Op mijn tandvlees op vakantie……

MISSCHIEN EEN KLAPPERTJE VOOR DE PANTER?

 

Het klinkt misschien een beetje leip, Heks in de ban van vogel Grijp. Veel getrommel en gerommel, duimendraaiend magisch gestommel….. Maar dan heb je ook wat: Een heel huis! ‘Piep,’ zei de muis, ‘Hier is het pluis!’

‘Heks, we hebben zo’n leuk huis gezien. Moet je kijken….’ mijn vriendinnetje Joy stuurt me foto’s van een gezellige gezinswoning op steenworp afstand van de snelweg. ‘Er is heel veel belangstelling voor. Het huis van de buren is onlangs verkocht en alle mensen, die daar naast grepen proberen nu dit huis te annexeren!

‘Wil je voor ons duimen? Please?’

Heks gaat flink duimen. Met haar duimen op haar trommel. Zachtjes trommel ik mezelf naar binnen. Zoek naar het huis, fluister het adres. Zing een liedje van verlangen. Een loflied op de aanstaande bewoners: Mijn vrienden….

Dagenlang hoor ik niets. Dan volgt een kleine update. ‘We zijn gaan kijken. Mooi joh! Echt een heel leuk huis.’ Een aantal foto’s verder ben ik het helemaal met haar eens. Ja, het is inderdaad fantastisch. ‘Vanmorgen ben ik zelfs om 6 uur opgestaan en ter plekke gaan luisteren hoeveel geluid die snelweg nu eigenlijk maakt. Dat valt op zich erg mee….’

‘We gaan een bod uitbrengen, maar we weten niet of het genoeg is….’ Mijn vrienden hebben als voordeel, dat ze er binnen een maand in kunnen indien nodig. Of over een half jaar pas, mocht dat beter uit komen.

‘Volgende week horen we of ons bod is geaccepteerd.’

Het blijft weer eventjes stil, maar de dinsdagmiddag er op zie ik opeens een bericht staan op de app. Een ingesproken bericht. Een enorm lang verhaal. Heks luistert een deel af midden in de polder, waar ik met VikThor aan de zwier ben. Hebben ze dat huis nu of niet?

Er komt geen eind aan het verhaal en ik heb voorlopig geen gelegenheid om het af te luisteren, dus stuur ik een app: ‘Hoe loopt het af?’

Maar nee, mijn vriendin verklapt niks. Pas een dag later kom ik toe aan de rest van de boodschap. En wie schets mijn verbazing? Hun bod is geaccepteerd!

Onder voorwaarde dat er geen bouwkundig onderzoek zal komen. ‘De eigenaar heeft dat drie jaar geleden nog laten doen. Zo’n onderzoek is vrij kostbaar en het is voor zijn rekening, dus als we daarvan af zien is het huis voor ons.’

Goh.

‘Maar we doen het niet, Heks. Na lang twijfelen hebben we de knoop doorgehakt. We weten nu in elk geval, dat het binnen ons bereik ligt, maar zo’n bouwkundige inspectie overslaan voelt nogal tricky.’

‘Maar nu heb ik ons vandaag ingeschreven voor een huurwoning in dezelfde wijk, maar niet pal naast de snelweg. Hiervoor zijn ook veel gegadigden. Er worden er drie ingeloot en daaruit wordt dan de nieuwe bewoner geselecteerd. Wil je voor ons duimen?’

Heks pakt haar trommel uit de kast en duimt er lustig op los. Mijn eigen huidige woning heb ik aan een dergelijk proces te danken meer dan dertig jaar geleden. Tegen alle verwachtingen in gekregen. Buiten proportioneel groot en mooi voor een dame alleen. Midden in de binnenstad.

Gisteren komt mijn vriendin langs met haar wolk van een baby. Ze komt me helpen met het uitzoeken van kleding voor tweedehands winkeltjes. En natuurlijk om nog eens in geuren en kleuren te vertellen hoe het is afgelopen met het huis……

‘We hebben het, Heks. Tegen alle verwachtingen in. Het is heel raar gegaan. Helemaal niet volgens de regels. We zijn bijvoorbeeld nooit ingeloot. Eerlijk gezegd hoorden we helemaal niks na onze inschrijving. Dus heb ik nog maar eens een mailtje gestuurd. En heeft mijn man nog maar eens een keertje gebeld…..’

‘Hij kreeg te horen, dat we het huis mochten komen bezichtigen. Samen met een super saai ander stel. Ik heb natuurlijk steeds geroepen hoe perfect de tuin is voor onze kleine en dergelijke…’

‘Maar weet je wat nu het gekke is? De straat heet Fabeldier, jouw achternaam! Vind je dat nu niet bizar? Jij zit te duimen voor ons. Nou ja, te trommelen. Het koophuis, waar we veel minder op konden bieden dan de andere gegadigden, konden we krijgen. En dit huurhuis, een veel betere optie voor ons momenteel, is ook gelukt. Ondanks het feit, dat we helemaal niet volgens protocol zijn ingeloot. In een straat met jouw achternaam…..’

‘Koningsdag 2019? Heks is er net van bijgekomen. De voorbereidingen zijn tien keer leuker dan de dag zelf. Wat een kou. Wat een gesjouw. En: ‘Drie keer niks is toch wel duur, mevrouw.’

‘Zullen we op de koningsdagmarkt gaan staan, Heks?’ Mijn nieuwe heksenvriendinnetje kijkt me verwachtingsvol aan. Ze wil allerlei oude spulletjes gaan verkopen. Heks heeft ook nog wel wat rommel op te ruimen. En een heleboel leuke kettingen en oude kleding…..

Zo gezegd, zo gedaan. Mijn maatje regelt een plek op de Papengracht. Een super leuke locatie. Het is schitterend weer in de week voorafgaand aan de grote dag. De mussen vallen van het dak. Ik haal de dag voorafgaand aan koningsdag dus nog een partijtje gekke zonnebrillen bij mijn geheime adresje.

De man verkoopt oude partijen van van alles en nog wat. Een winkel van Sinkel van heb ik jou daar. Echt een favoriet van Heks. ‘Hier heb je nog wat brillenrekjes. Je moet ze wel eventjes zelf in elkaar zetten,’ hij drukt me een paar kartonnen dozen in de hand.

Mijn heksenmaatje staat alles hoofdschuddend te bekijken. Ze houdt haar hoofd weliswaar stil, maar ik zie haar toch schudden vanuit mijn ooghoeken. Met een etalagepop onder de arm lopen we naar Huize Heks. We zijn al de hele middag saampjes op stap.

Eerst koffie met zelfgebakken koekjes in haar heksenhuisje. ‘Zal ik je de kaart leggen,’ zegt mijn vriendin plotsklaps. Geroutineerd schudt ze het pak tarotkaarten en legt ze op tafel. ‘Eens kijken of die nieuwe aanbidder iets voor je is. Of die mysterieuze man. Of er nog liefde aan komt in je leven….’

Heks is blij met haar nieuwe maatje. We zitten samen op de heksenschool. En toevalligerwijs wonen we in dezelfde stad. Op loopafstand van elkaar!

Tot besluit gaan we de hondjes uitlaten en een staatslot kopen. En vervolgens dus naar de Winkel van Sinkel. En met etalagepop onder arm naar Huize Heks…….

Dan weer terug lopen naar de Haven om mijn fiets op te halen. Nog een hondenrondje langs de Singel en de koek is op. ‘Oh jee, ik geloof dat ik te vroeg gepiekt heb,’ piep ik ’s avonds tegen de Don aan de telefoon. Ik ben helemaal druk van moeheid en dat is over het algemeen een veeg teken…..

Een schier slapeloze nacht volgt. Teveel adrenaline in mijn systeem en tegelijkertijd doodmoe. Ik woel en draai me vast in mijn dekbed. Waakslaap en slaapwaak de nacht door. Word heel vroeg wakker om vervolgens toch nog in coma te geraken.Schrik me dood van de wekker en moet ik er dan toch echt uit.

Ik heb geprobeerd om 1 en ander goed voor te bereiden, maar op het laatste moment neemt mijn chaotische aard het over. Ik ben te moe om verstandige beslissingen te nemen, dus fiets ik met een hondenkar vol spulletjes naar de Papengracht. Volledig kapot en de dag moet nog beginnen.

Mijn vriendin is in geen velden of wegen te bekennen. Het zal nog een klein half uurtje duren, voordat ze zich door de menigte heeft geworsteld. Heks zit dan al met wat troepje op de stoep. Het is gemeen koud weer. Net als we van alles hebben uitgestald klettert een overdreven natte voorjaarsbui over het terrein….

Snel de boel weer op een drol gegooid en een paraplu eroverheen. De volgende bui krijgen we hulp van de buurman en zijn enorme oranje zeildoek. Heks loopt even naar huis om een paar kleine krukje te halen. Ik kan niet meer op mijn benen staan intussen. En het is pas half 12 in de ochtend…..

Terwijl ik heen en weer marcheer voel ik de spierpijn in mijn benen schieten. Een teken aan de wand. O jee, mijn lijf gaat het opgeven. En het is nog niet eens middag! Ik heb nog niks verkocht. Alleen maar ontevreden dames aan mijn kleed, die echt helemaal niks willen betalen voor overigens prima spulletjes.

Mijn vriendin doet goede zaken. Zij heeft dan ook werkelijk prachtige kettingen van agaat en mooie ingewijde gebedskralen uit India. Voor een appel en een ei. Ze is overbodige troep uit haar leven aan het verwijderen. Heks heeft ook iets van haar gekregen.

‘Het is een heilig voorwerp uit India, ingezegend door een monnik. Kijk, onderaan zit een mesje. Om overbodige banden door te snijden….. Ik heb em niet meer nodig…..’

Om een uurtje of 1 houden we het voor gezien. We zijn intussen al tien keer zeiknat geregend. En volgens buienradar was dit de droge periode en komen de echte buien er nu pas aan……

Heks heeft alleen een knaloranje sjaal verkocht, die eigenlijk ter decoratie was meegekomen. Ik wilde em echt niet kwijt. Maar de alleraardigste vrouw tegenover me heeft het koud. En ze heeft haar oog erop laten vallen. Hij is ook prachtig.

Ook heb ik een sjaaltje verkocht aan iemand, die er niks voor wilde geven. Zelfs toen ik de prijs halveerde naar dubbel niks was het nog teveel. Ze geeft me daarvan de helft in stuivers. Kijkt me meesmuilend recht in mijn gezicht. Wat een portret. Niet leuk meer. Zo wordt dit spel niet gespeeld! Het spel is dan ook uit. Ik ben er klaar mee.

Gelukkig verkoop ik nog een lederen portemonnaie voor twee kwartjes aan een schattig meisje. Dat maakt mijn dag enigszins goed.

Steenvrouw komt nog even langs, alsmede mijn hulp met haar hele gezin. Maar dan ben ik alweer helemaal ingepakt. De etalagepop achterin de fietskar. Ze ligt een beetje achterover, waardoor mijn kar aanloopt. ‘Ze lijkt wel zwaarder dan op de heenweg…’

Ja, dat krijg je met die anorectische etalagepopjes. Heeft natuurlijk maanden niks te vreten gehad en heeft zich op de markt stiekempjes aan van alles en nog wat te goed gedaan……

Thuisgekomen ben ik zo kapot, dat ik er chagrijnig van ben. ‘Dit doe ik nooit meer, veel te vermoeiend, veel te zwaar voor mijn gestel….’ pruttel ik, terwijl ik alles weer naar binnen sjouw. Ik smijt het in een hoek en zijg neer in mijn stoel.

Daar zit ik een uur later nog steeds. Bewegingsloos. Verkleumd tot op het bot. Ziek. Misselijk. Ellendig. Alles doet pijn……

Ik kruip zonder lunch of avondeten in bed om er alleen nog uit te komen voor een ijskoude laatste hondenuiltaatronde. Ik fiets een rondje langs de Singel. De kille ijzige wind vreet zich een weg door mijn dikke kleding. Mijn handen veranderen in ijspegels. Het zal een half uur onder een gloeiendhete douche kosten om Heks weer op te warmen.

Koningsdag 2019 is geen succes voor Heks. De voorbereidingen waren echter geweldig. Misschien had ik de dag zelf moeten overslaan en alleen voor de aanloop moeten gaan…. Met mijn nieuwe heksenmaatje met het gouden hart.

Ik slaap ongeveer het klokje rond. En nog steeds ben ik niet vooruit te branden. Ik lig daarna nog een hele dag uitgeblust in bed voor de buis. Te moe om te eten. Alleen voor een paar fietsrondes met VikThor kom ik er even uit.

Maar: Het kleine magische mesje gekregen van de schone Italiaanse heksenprinses is al bezig om zijn werk te doen. Volgende week ga ik met Joy mijn kledingkast aanpakken. Spulletjes uitzoeken voor tweedehandswinkels. En de rest naar het Leger Des Heils. En wat dan over blijft is voor de lompenboer.

 

 

 

Ex Animo bestaat vandaag precies honderd jaar! We vieren dat in stijl met een speciaal uitgegeven boek over de geschiedenis van ons koor, alsmede de première van een film over onze voorbereidingen rondom de Matthäus Passion. Maar eerst zingen we diezelfde ‘MP’ van Bach in een stampvolle Pieterskerk. Sinds 1942 een vaste traditie van dit onvolprezen geweldig leuke koor!

Woensdagmiddag generale repetitie. En oh, wat gaat het slecht. ‘Hoera!’ glimmen we na afloop tevreden tegen elkaar. Een waardeloze generale repetitie staat garant voor een sublieme uitvoering. En vice versa.

‘Weet je nog hoe goed de generale vorig jaar ging?’ herinneren we elkaar nog maar eens aan deze ijzeren wet. Ons hoekje raakte toen bij de uitvoering echt de kluts kwijt. Aanstichtster was een dame, een projectlid, die het bij de repetities echt heel aardig deed.

De stress van de uitvoering zorgde voor een geheel eigen interpretatie van de altpartij van koor 1. In feite was er sprake van een geheel nieuwe derde altpartij. Keihard in de rondte getoeterd.

Je kunt ook je mond houden natuurlijk. Dat valt totaal niet op in zo’n enorm koor. Zij koos er echter voor om als een enorme vleesgeworden stoorzender te brulboeien alsof haar leven en niet dat van de Heiland ervan af hing…..

Dit jaar sta ik in een geweldig hoekje. Naast me mijn maatje Anna met haar gouden keeltje. En achter me een heel rijtje heerlijke zangvogels, waarvan er eentje ongelofelijk vast zingt. Geen noot ernaast. Alles precies op de tel! Technisch uitstekend.

Dus Heks boft. Ik kan gerust een steekje laten vallen. Een nootje missen of laten zitten. We vullen elkaar perfect aan.

Rond zeven uur stroomt de kerk vol. Heks is al aardig door haar zorgvuldig opgebouwde voorraadje energie heen. Maar tegelijkertijd zo ontzettend volgepompt met adrenaline…… Ik ga het wel uitzingen vanavond.

Achter in het Koor zingen we in. Wim zwaait met zijn armen door de lucht. ‘Wat is die dirigent van jullie ongelofelijk beweeglijk,’ zal een vriendin van Heks achteraf opmerken. En het is waar. Zijn kleine gestalte danst bezield met sierlijke zwaaibewegingen voor onze neus, zijn mond meebewegend met onze zang. En dat gedurende de hele uitvoering!

In ganzenpas lopen we de kerk in. Doodstil wachten we totdat de eerste tonen van dit magistrale werk door de volgepakte kathedrale kerk klinken. Zoals altijd schiet ik vol. Mijn keel schroeft dicht. Tranen prikken achter mijn droge ogen.

Goddank is het een enorm lang intro. Heks heeft tijd genoeg om zich te herpakken. En dan: ‘Kommt! Kommt! Kohohohommt Ihr Töchter helft mir klahahahahahaaaaaa….hahhahahhhaaaaaa…..hahahahahahahahahahahahahahahahahahahahahahaaaaa hahahahaaaaa…hahahaaaaa….hahahahHAhahahahahagen…..’ Moeiteloos komt deze draak van een openingszin uit mijn mond gerold. Ik heb erop geoefend en dat heeft geholpen….

‘Ik ga niet naar de MP. Vreselijk. Zo’n afschuwelijk ellenlang stuk. Veel te langdradig. En dan al die eindeloze lappen gezongen tekst. En een countertenor, brrrr. Nee, mij krijg je er met geen stok heen…’ niet iedereen loopt warm voor dit muziekstuk. Sommigen van mijn vrienden willen er nog niet heen al krijgen ze flink geld toe.

Voor Heks vliegt de avond echter voorbij. Jeetje, is het nu al pauze? Ik loop de kerk in. Steenvrouw en Fiederelsje zijn komen luisteren. En mijn homeopaat is van de partij. ‘Oh Heks, wat is het prachtig,’ mijn publiek is enthousiast, ‘En die concentratie! Zo intens! Ik ben echt helemaal ontroerd.’

‘Ik sta toch zo lekker te zingen, meisjes,’ vertel ik mijn vriendinnen, ‘Ik ben bij stem, heb energie genoeg, ik sta in een heel goed hoekje tussen heerlijke dames. Het is een superuitvoering!’

Ook het tweede deel vliegt voorbij. Aan het eind staat onze dirigent letterlijk in zijn handjes te knijpen. ‘Hij is echt blij,’ sissen de alten om me heen verheugd. We houden van onze dirigent. We willen hem blij maken. Hij trekt er hard genoeg aan.

Hij verdient het dat we niet inzakken aan het eind van een zin. Hij verdient het dat we hem aankijken tijdens het zingen. Het koor draagt hem op handen!

Ik drink achteraf nog iets met mijn vriendinnen en Anna. Die is helemaal op dreef en voert het hoogste woord. Hele ondeugende dingen roept ze gewoon voor de grap. Heks ligt dubbel.

Thuisgekomen kan ik niet slapen. Tot een uurtje of vier stuiter ik door mijn woonkamer. De echo van de muziek dreunt door me heen. Emoties komen los. Ik moet echter naar bed, want om half negen gaat de wekker weer. Een uurtje later word ik opgehaald door vrienden. We gaan naar een begrafenis…..

Zo duurt het dagen voordat ik een beetje ben bijgetrokken van ons concert. De generale repetitie gevolgd door de uitvoering op dezelfde dag, gevolgd door een droevig afscheid een kleine halve dag later trekt de toch al miezerige tank helemaal leeg.

Dodelijk vermoeid haal ik ’s avonds mijn hondje op. De oppas, zelf ook zeer energiebeperkt, is helaas in slaap gevallen en daardoor is de laatste uitlaatronde erbij ingeschoten. Moet ik toch nog aan de bak…..

Op weg naar huis vliegt er een jongedame, haar debiele telefoon aan een roodgloeiend oor geklemd, bijna op de voorklep van mijn auto. Ik kom rustig van rechts aanrijden op een gelijkwaardige kruising en ben bezig linksaf te slaan. Het mokkel kijkt niet op of om en stormt met een noodvaart diezelfde kruising op. Met gierende remmen red ik haar leven.

Verstoord kijkt ze op alsof ik iets raars doe. Ik toeter en wijs naar mijn hoofd. Maak een telefoonbeweging en wijs nog eens. Gek!

Geërgerd gaat ze express pal voor me fietsen op de gracht, zodat ik er niet langs kan. Nog immer bellend. Ik toeter nog eens. Mondjesmaat maakt ze ruimte, ik mag er zowaar langs.

Even verderop parkeer ik midden op straat en wacht haar op. Voor een overvol terras veeg ik haar de mantel uit. Hoe ze me de doodschrik op mijn lijf jaagt door als een blind ongeleid projectiel door het verkeer te schieten. ‘Ik had voorrang! Dat is je niet eens opgevallen. Maar als ik je aanrijdt heb ik het gedaan, dom kind!’ Ze is niet onder de indruk. Belt gewoon verder…….

‘Je moet naar je bed, Heks,’ zeg ik tegen mezelf als ik veilig thuis ben gekomen. Over lijden en sterven zingen, een begrafenis meemaken en vervolgens bijna zelf iemand te pletter rijden is een beetje teveel van het goede op 1 dag. Om acht uur lig ik plat.

Tweede paasdag bestaat mijn koor precies honderd jaar. Om half tien worden we verwacht in een oude bioscoop hier in de binnenstad. Op ons paasbest! Daar krijgen we dan eindelijk die prachtige film over ons koor te zien. Het speciaal vervaardigde boek met daarin een DVD van de film krijgen we mee naar huis. Het is een feestelijk gebeuren…..

En het allerleukste gaat nog komen: De koorreis naar Trier. Over een kleine maand gaan we een lang weekend op stap met 85 van de 100 leden. Een grote opkomst dus!

Ex Animo is net niet het alleroudste oratoriumkoor uit Leiden. Maar wel het allerleukste koor van de hele regio!

 

Liefde woont in het hart. En geloven? Dat komt toch van boven? Van buiten naar binnen om te beginnen! Een voet tussen de deur desnoods. Want je wilt toch niet ter helle na je dood? Van kruisiging naar paasvuren: De brandstapel zal mijn tijd wel duren…….

Woensdagmorgen word ik uit mijn bed gebeld na een zeer brakke nacht. Lang weliswaar. Ik ben echt op tijd naar bed gegaan. Om in onrustige etappes van steeds een paar uur het klokje rond te slapen…..

‘WAfwaf,’ VikThor staat bij de voordeur. Zou het Steenvrouw zijn? Ze wilde op de koffie komen, maar het komt niet uit op dit moment. Misschien heeft ze mijn app’je niet ontvangen? Ik doe de buitendeur open en wacht rustig af bovenaan de trap.

Een man komt jovialig tevoorschijn. Ik ken hem niet. Hij oogt keurigjes, maar roept instinctief weerstand bij me op. Een licht reformatorisch geurtje omfloerst zijn benige gestalte. Er straalt iets betweterigs uit zijn kille oogjes. Geroutineerd begint hij een vroom verhaal af te draaien. ‘Oh, komt u me soms bekeren op de vroege ochtend?’ roep ik nijdig.

Het is alweer de tweede keer deze maand, dat iemand me probeert een kutgevoel aan te praten middels geloofsovertuiging. ‘Nee,’ de man is zeer stellig, ‘Ik kom u uitnodigen….!’

Iemand van de buurtvereniging? Een initiatief van het museum om de hoek? Ik probeer in te schatten waar de gereformeerd walmende man thuishoort. Het evangelie sijpelt werkelijk uit zijn oksels. Zijn bekeerdrang heeft een hele lange baard. Lobby voor de EO?

Net voordat de man zijn voet tussen de voordeur kan zetten komt de aap uit mouw. Hij komt me uitnodigen voor een gesprek over God. ‘Godkolere, belt u me daarvoor wakker?’ Heks gooit de voordeur dicht. Ik ben helemaal klaar met deze gelijkhebberige vorm van geloven. Wie het ook doet en in welke godheid dan ook.

Als ik een kwartier later uit het raam kijk staat de man met zijn maat nog steeds in mijn portiek te oreren. Hoopt hij alsnog naar binnen te mogen?

Jeetje Heks, dat begint lekker. De dag dat je in de Matthäus Passion mee gaat zingen begint met een vloek. En een poging je in te lijven in de Gelederen van de Uitverkorenen van de Messias met het Ultieme Gelijk. Prutteldepruttel……

Kom mij niet meer aan met dit soort leuterkoek. Mijn hele leven lang ben ik zo ruimdenkend geweest als maar kan om andersom door de diverse spirituele tradities met het Grote Gelijk om de oren te worden geslagen. Te worden verketterd. Door ketters! Een paar eeuwen terug had ik al lang ergens op een brandstapel liggen fikken.

Hoe kleinzieliger de geest, hoe zekerder van de zaak lijkt het wel. Dat het zeer kwetsend is om te horen dat je een duivelskind bent van een evangelisch ingesteld familielid ontgaat zo’n type volkomen. Het Grote Gelijk geeft je het recht om zo te oordelen.

Dat overkwam Heks, toen ze als dertigjarige een opleiding tot paranormaal genezer volgde. ‘Het is van de duivel, dat is het,’ steunde het familielid boosaardig terwijl ze met grote boze stappen haar machtige logge door Jezus geredde lijf door de woonkamer beukte.

‘Oordeelt niet, opdat u niet geoordeeld worde…’ ja, Heks is hartstikke bijbelvast. Er staat nergens in dat grote voorleesboek dat handoplegging van de duvel is. Jezus had er zelf een handje van. Notabene! Ook veranderde hij water in wijn, vermenigvuldigde broden en vissen alsof het niets was en liep over water als hij er in in had.

Matteüs 7:1-6 NBG51

Jezus zei:’Oordeelt niet, opdat gij niet geoordeeld wordt; want met het oordeel, waarmede gij oordeelt, zult gij geoordeeld worden, en met de maat, waarmede gij meet, zal u gemeten worden. Wat ziet gij de splinter in het oog van uw broeder, maar de balk in uw eigen oog bemerkt gij niet? Hoe zult gij dan tot uw broeder zeggen: Laat mij de splinter uit uw oog wegdoen, terwijl, zie, de balk in uw oog is? Huichelaar, doe eerst de balk uit uw oog weg, dan zult gij scherp kunnen zien om de splinter uit het oog van uw broeder weg te doen. Geeft het heilige niet aan de honden en werpt uw paarlen niet voor de zwijnen, opdat zij die niet vertrappen met hun poten en, zich omkerende, u verscheuren.’

Jezus hield wel van een beetje magie. Een wonder was de wereld nog niet uit wat hem betreft. Ik heb het altijd raar gevonden van calvinisten, dat in hun optiek wonderen iets zijn van vroeger. Handoplegging in de tegenwoordige tijd is verdacht.

Katholieken doen ook eindeloos moeilijk over een wondertje hier of daar. Hele commissies onderzoeken jarenlang zo’n vermeend wonder. En als ze er niet omheen kunnen wordt de wonderdoener heilig verklaard. Wonderen zijn niet voor gewone mensen. Dat het maar duidelijk is.

Als ik als kind een dode zag, mijn opa kwam regelmatig buurten, verklaarde men me direct voor gek, knettergek, maar het feit dat de discipelen Jezus zagen rondwandelen daags na zijn kruisdood vond men dan weer zeer aannemelijk.

Ik ben Moslim, Christen, Boeddhist, Atheïst, Hindoe , Nudist, ….. Ik ben dit of dat, geloof dit of dat. En dat is de waarheid. De ultieme waarheid. De absolute waarheid. Ik weet nu eenmaal alles beter en ik heb altijd gelijk.

‘Ik ben de Weg, en de Waarheid, en het Leven. Niemand komt tot den Vader, dan door Mij (Johannes 14:6),’ is zo’n uitspraak van Jezus, waar hele volksstammen dat Eigen Gelijk op hebben gebaseerd.

En dan: Hoe komen we tot den Moeder? In mijn kerk, de Leidse Studenten Ecclesia, is God ook een Vrouw. Een hele verbetering. Heks denkt overigens dat het mannelijke is voortgekomen uit het vrouwelijke. Een leuke variant op het thema mens. Met een dapper slurfje voor de verspreiding van de genensoep. Niets meer en niet minder.

Heks heeft jarenlang zo gebaald van dit soort tendenzen in Christelijkgeloofland, dat ik helemaal niks meer te maken wilde hebben met deze vorm van geloven. Wat een patriarchaal geëikel. \Wat een betweterig gezeik. Al dat zeker weten stuit me tegen de borst.

Onderzoekt alles en behoudt het goede! (1 Tessalonicenzen 5:21)

Na jarenlang te zijn afgeknapt op evangelisch gezever uit mijn omgeving, waarbij de geijkte stompzinnige stokpaardjes van stal werden gehaald, homo’s zijn zondaars en dergelijke, na jarenlang distantie van het geloof van mijn voorouders, kwam ik terecht bij Alex Orbito. Een gebedsgenezer op de Filipijnen.

Een heerlijke man. Diep gelovig op een manier die me ligt. Zo is hij als kind per ongeluk in een berg beland bij kabouters. Daar heeft hij veel geleerd. Zijn moeder was een kruidenvrouwtje. Zijn grote voorbeeld. Omdat hij net als Heks geen zak zin had in het vak van genezer werd hij fotograaf.

Uiteindelijk is hij toch weer op dit pad gezet. Tegen heug en meug aanvankelijk, maar uiteindelijk vol overgave. De hele wereld heeft deze kleine man over gereisd. Talloze mensen heeft hij geopereerd, gewoon met zijn handen.

Een ongelofelijke ervaring voor ons westerlingen, maar op de Filipijnen is deze vorm van genezen heel gewoon. In de Gouden Gids staat een waslijst aan spirituele chirurgen. Ik ben bij verschillenden onder het mes geweest, maar Alex is veruit de beste. Zo zuiver als wat.

Alex werkt vanuit zijn verbinding met Jezus. “Love yourself and love God,’ liggen hem in de mond bestorven. Maar ook ‘The White Lady’ is voor hem van wezenlijk belang. In een heilige grot in het noorden van de Filipijnen werkt hij intensief met haar samen….

Tijdens een healing-seminar bij zijn piramide op de Filipijnen kwam ik een Sikh uit India tegen. Een spirituele leider met een grote tulband op zijn hoofd. Tijdens een gezamenlijke lunch vertelde hij, dat het hoegenaamd niets uitmaakt waar je in gelooft. Er zijn vele waarheden.

‘Het geloof van je jeugd ligt vaak het dichtst bij je hart. Het is als je moedertaal, die spreek je het beste. Daar kun je je het best in uitdrukken….’

Op het internationale healing-festival waren vertegenwoordigers uit alle spirituele tradities van over de gehele wereld aanwezig. Van een degelijke ouderwetse exorcist tot New Age-achtige Aura Soma dames. En alles daartussenin! Heks had de tijd van haar leven in dit kakelbonte gezelschap….

Weer een paar jaar later kwam ik er achter begin jaren ’90 intensief te hebben meegewerkt aan het herstel van het Christenrasterwerk rondom Moedertje Aarde. Vergelijkbaar met het meridiaanstelsel in ons lichaam. Belangrijke plaatsen op dit raster zijn door de eeuwen heen sterk vervuild geraakt door mensenlijk toedoen:

Misstanden in de kerk bijvoorbeeld. Dat laat energetisch sporen na. Zo zijn vele heilige plekken vervuild. Van over de gehele wereld werden lichtwerkers op pad gestuurd pakweg dertig jaar geleden. En Heks werd ook bij haar lurven gegrepen.

Voor ik het wist zat ik dagenlang in trance heiligdommen te reinigen. Voornamelijk in België en Frankrijk. En ook een paar steencirkels en een oude Thor in het uiterste noordwesten van Schotland…..

Christendom en spiritualiteit bijten elkaar niet. Het zijn de mensen, die bijten. Zich vastbijten. Verbijten. Verbeteren. Betweteren. Elkaar onverdraagzaam de les lezen. Elkaar naaien waar je bij staat. Heiligdommen verneuken. Het is de mens, geschapen naar Gods beeld, die er vaak maar weinig van bakt.

Vandaag ga ik meezingen in de Matthäus. Bekeren voor de storm heeft geen zin. Jezus woont al jaren in mijn hart. Deze grote vriend van Boeddha. Zelf ook een heksachtige, kijk maar naar zijn daden. Wekte mensen op uit de dood notabene.

Bach heeft een fantastisch kunstwerk afgeleverd over het lijden en sterven van deze bijzondere man. En wij gaan dat uitvoeren. zoals elk jaar.

Hoera!

Als eerste Bisschop in de kerkelijke top publiceerde Kardi­naal Danneels van België een duidelijk standpunt tegenover New-Age. In zijn brochure “Christus of de Waterman” (1990) gaf hij een helder beeld van de situatie binnen en buiten de Kerk rond deze zaak. En hij riep hij op om te komen tot een bewuste en consequente keuze vóór Christus.

Knibbel knabbel knuisje, wie krabbelt er aan mijn huisje? Wie krabbelt er in? Een spin? Wie zit er op mijn driezitsbank? Een zeekoe of een muisje?

Gisterenavond pak ik mijn trommel. Ik begin te roffelen. Eerst rustig in het tempo van onze Grote Moeder. Daarna sneller. Ik kijk naar het gezichtje van de vrouw op de drum. Ze kijkt terug. Zo grappig. Haar fijne trekken komen tot leven. Alsmede de trom.

Als ik uitgetrommeld ben zit er iemand op mijn bank. Net achter de plek waar ik zonet zat. Wie is het? En wat doet ie daar? VikThor zit met gespitte oren te luisteren, zijn blik onafgebroken gefocust op mijn nieuwe huisgenoot. Waarvan ik niet weet wie het is.

Het lijkt een groot wezen te zijn. De halve bank wordt in beslag genomen. De boskat staart naar de drum. Daar is ook van alles te beleven voor een katachtige. Voorzichtig loopt hij er naar toe. Blijft op gepaste afstand staan…..

Heks wil graag weten die haar krachtdieren zijn. Helaas ben ik ergens in het proces totaal geblokkeerd geraakt. Er zijn vele dieren, waar ik een diepe band mee voel.  Dus aan mijn eigen voorkeur heb ik niks.

De nacht na de eerste opleidingsdag greep Raaf me bij mijn lurven, maar met Raaf heb ik helemaal niks. Nou ja, we hadden vroeger een tamme kauw genaamd ‘Gerrit’. Een ongelofelijk leuk en slim beest.

Mijn moeder haatte hem, vanwege de ongelofelijke vogelschijttroep op haar pas geboende straatje. Het was echt de vogel van mijn vader. Hij had een sterke band met het dier.

Ook voel ik soms Beer als een duffelse jas om mijn schouders. Hem ken ik goed uit mijn prille jeugd. Onafscheidelijk waren we.

Een huis vol kikkers geeft ook te denken. Waarom zoveel? Omdat iedereen me altijd kikkers geeft…… Al bijna een halve eeuw. En: Heks houdt ook veel van haar kwakende vrienden.

Een energetisch hert in de woonkamer en overal hertenbeeldjes. Een draak in mijn hart. Spinnen op de kast. Als puber had ik al een rubberen spin voor de grap genaamd Joris. Maakte ik klasgenoten mee aan het schrikken…..

Als ik de deur uit ga struikel ik over de zwanen. En ga zo maar door.

Nu lukt het me aardig om er niet te veel mee bezig te zijn. Om er op die vertrouwen dat mijn helpers zich te zijner tijd wel zullen manifesteren. Uiteindelijk is het niet aan mij om te kiezen. Je wordt gekozen….

En daar zit natuurlijk een enorme voetangel. Ofwel kraaienpoot. Een oude pijnplek. Want wat als je nu niet wordt gekozen? Wat als je achter het net vist? Buiten de berenboot valt? Wat als er geen krachtdier te vinden is, die jou wil helpen? En vice versa. Wat als je weer eens aan de zijlijn komt te staan?

En het is onhandig, dat ik het niet weet. We worden aangemoedigd om spulletjes te verzamelen en verlanglijstjes aan te leggen voor het maken van magische ratels en dergelijke. Ik heb geen idee wat ik er op moet zetten. En opeens zie ik dat anderen het voor me invullen. Heks heeft als krachtdier kikker…..

 

‘Ik had een keer iemand op les, die een muis als krachtdier had. Maar zelf wilde hij er niet aan. Hij werd zo kwaad op mij, omdat het geen stoere beer of sexy panter was, dat hij de les verliet. “Ik ga dit grondig uitzoeken, dit klopt voor geen meter,” piepte hij tot slot. Typisch een eigenschap van muis, dat grondige en precieze……’ vertelt de juf ter lering ende vermaak.

Misschien is mijn krachtdier wel een muis. Ik had tenslotte een nest in mijn berging, precies toen we de krachtdierlesdag hadden. Eerlijk gezegd kan het me geen bal schelen intussen, wie mijn krachtdier is. Al is het een mollige Talpa Europea. Het zal me een worst zijn.

Als ik het maar een beetje kan vinden met mijn helpers. Als we het maar een beetje leuk hebben saampjes.

Vannacht een drietal programma’s bekeken op RTL Z, Wild Animal Reunions. Hier keren verzorgers en opvoeders van wilde wees-beesten terug naar hun volwassen schatjes, die intussen in de vrije natuur leven. Ontroerend om te zien hoeveel liefde en vertrouwen er is tussen deze bijzondere mensen en hun troeteldier.

Of het nu een Neushoorn, een Hert, een kudde Olifanten, een troep wolven, een groep chimpansees, een Chita, een Schubdier of een Mammon betreft: Er is sprake van herkenning, grote liefde en diep vertrouwen tussen deze mensen en hun dierlijke vrienden.

Olifanten hebben een fascinatie voor de dood. Dat vond ik nu ook weer treffend. De man met wie zij een speciale band hadden opgebouwd overleed op 4 maart een aantal jaren terug. De hele troep dook voor zijn huis op om hem eer te betuigen! Elk jaar op 4 maart staan ze er weer! Ongelofelijk toch……

 

Drummen, ratelen en zingen zijn van die echte heksendingen. Zondag mag ik weer naar de toverschool. In de klas bij mijn idool: Onze juf, uit degelijk hout gesneden, geeft bezield les. Urenlang. Heel tevreden, kapot moe en voldaan gaan we naar huis. Heks valt in slaap voor de buis. Om midden in de nacht pas wat te eten. Tromgeroffel en heksenkreten!

Zondag is het weer zover: Heksenschool! Uit het hele land snellen heksjes bepakt en bezakt naar Amsterdam. Sommige op de bezemsteel, weer anderen gewoon met de trein.

Heks gaat met de auto. Tassen vol drums, ratels en frutsels sleep ik achter me aan. Waar dit me meestal op meesmuilend commentaar komt te staan wordt mijn gesleep met spulletjes in dit gezelschap juist gewaardeerd.

Het wordt zelfs aangemoedigd om zoveel mogelijk materiaal te verzamelen. Om je drum mee te versieren of om een mooie ratel van te maken. ‘Op koningsdag kun je je slag slaan, dames,’ spoort onze juf ons aan om op pad te gaan, ‘Het is de ultieme kans om de meest fantastische troep op de kop te tikken……’

Heks gaat al jaren zo te werk. Veel van mijn magische rommeltjes heb ik op die feestdag ergens gevonden. Tussen de rotzooi. Niet bepaald gewaardeerd door mijn vrienden en bekenden, want ‘Wat moet je met die troep?’

Intussen heb ik een geweldige berg materiaal verzameld door de jaren heen. En eindelijk kom ik mensen tegen met dezelfde inslag.

Heksenschool is toch zo heerlijk voor Heks. Een hele dag verkeren tussen gelijkgestemden. Urenlang les krijgen van een echte ouderwetse toverheks met een schat aan kennis. En een goed gevoel voor humor!  En tot slot het geleerde in praktijk brengen in een veilige omgeving.

Zo gaan we zondag met onze drums en ratels aan de gang. Fantastisch. Kan ik mijn trommel eens goed leren kennen. Ontdekken wat er allemaal mogelijk is met mijn prachtige schat.

Mijn eigen manier om in trance te gaan is totaal anders dan met behulp van drum en ratels. Er zijn vele wegen, die naar Rome leiden. Mocht je daar heen willen dan. Heks niet. Ik heb niets te zoeken bij de paus.

Halverwege de dag ben ik kapot moe. Ik ben niet de enige. Een stortvloed aan informatie is over ons uitgestort. Het is dermate boeiend, de aandacht verslapt geen seconde. Goddank krijgen we een uitgebreide lunch aangeboden. Met een lekker koppie worteltjessoep op de koop toe. Daar trekt de gemiddelde heks aardig van bij……

’s Middags gaan we aan de gang met allerlei oefeningen. Een drumcirkel wordt gevormd. Alsmede een ratelcirkel. En nog een zangcirkel. Heks zit verwoed te drummen op haar mooie rooie trom. Bij een zeker ritueel raak ik lekker in trance.

Plotseling kijkt iemand me aan vanaf het trommelvel. Zie ik het nu goed? Het kleine gezichtje van de vrouw op het vel lijkt te leven. Haar koppie beweegt mee met de muziek. Er glijdt een mysterieus glimlachje over haar fijne snoetje.

De dag vliegt voorbij. En ondanks een paar flinke energie dips heb ik het weer glorieus doorstaan. Op mijn gemak tuf ik terug naar Leiden. Een glimlach om de lippen, die er de komende dagen niet af te krijgen is……

Ik haal VikThor op bij de oppas. Bel eventjes met de Don. Val in slaap voor de televisie. Eet pas om een uurtje of twee ’s nachts. Slaap meer dan het klokje rond…..

De volgende dag lig ik voor gup. Ik fiets een beetje rond met hond en dat is het dan. Ik moet bijkomen en alvast energie sparen voor woensdag. Dan moet ik er weer staan. Met frisse stembanden en een uitgerust lijf.

De hele dag verbaas ik me over mijn lamme armen. Hoe komt dat nu weer? Pas als ik ’s avonds mijn drum uit de kast pak leg ik de link met de intensieve lesdag. Al dat getrommel en geratel is een uitstekende workout. Heksen zijn bepaald geen luie wezens!

Neem nu dat vliegen op een bezemsteel. Je moet een enorm goed gevoel voor evenwicht hebben, anders hang je zo in de eerste beste beuk. Ook vraagt het met tegenwind behoorlijk wat stuurhekskunst om in de lucht te blijven. En dan moet je ook nog een enorm beroep doen op je verbeeldingskracht……

Vandaag doe ik helemaal niks. Morgen wordt weer een hele drukke dag. Een veel te lange dag. Een dag waarop mijn stem bij de les moet zijn. Maar ook een heerlijke dag! We gaan mijn favoriete muziekstuk uitvoeren, de Matthäus Passion van Bach. Over een dierbare leraar van Heks en hoe hij te grazen werd genomen door zijn medemensen.

Zo jammer dat de bijbel zo’n patriarchaal bolwerk is geworden door de eeuwen heen. Zoveel theologen, die hun plasje hebben gedaan over de verhalen. Deze geschiedenis is echter onaangetast.

Behalve de premisse dat Maria Magdalena een hoer is. Die leugen blijft me storen. ( In de loop van de geschiedenis werd zij door de gevestigde waarden soms aangezien voor een vrouw van lichte zeden, dit berustte echter niet op de Bijbel.) Beter ingelichte bronnen beweren dat ze uit een hoogstaande spirituele traditie stamde! En dat ze de vrouw van Jezus was…….