Maandagmiddag pak ik een trein naar Leiden. Cowboy brengt me weg en tilt mijn fiets op het balkon, klapt em in en lebbert me grondig af. We gaan elkaar missen! Het is rustig in de trein. Op Sloterdijk stappen er twee jongemannen in met een schattige baby. Het popje lacht en kraait, dat het een lieve lust is.
Tagarchief: natuurlijk
Havensafari door de havens van Amsterdam, het nuttige met het aangename verenigen: Cowboy en Heks kijken hun ogen uit, zo’n andere wereld onder handbereik!
Zaterdag slapen we lekker uit. Het was toch weer een latertje, dat feestje van Frogs. En vandaag staat er ook weer van alles op het programma. Allereerst moeten we in Amsterdam zien te komen. Appeltje, eitje zou je zeggen. Niets is minder waar. Heks kan nu eenmaal niet twee dagen achter elkaar pieken.
We hebben ook nog een deadline. Om kwart over 6 gaan we een pontje nemen naar Amsterdam noord. Voor die tijd moeten we eten, alle uitlaatrondes van Ysbrandt volbrengen en hem in het huis van Cowboy deponeren. En oh ja, Varkentje is aan de vliegende schijtpoeperij. Bijkomstige complicatie van de planning……
We weten alles voor elkaar te krijgen en het pontje te halen. Het scheelt, dat blijkt dat we een pont later kunnen nemen. Het weer werkt mee, het is niet al te fris voor hetgeen we gaan ondernemen. Een Havensafari door het havengebied van Amsterdam! Geïnitieerd door Cowboy. Hij doet een marktonderzoek voor zijn eigen bedrijfje en neemt Heks mee voor de gezelligheid. En als kritische sparringpartner natuurlijk….
Het pontje richting de opstapplaats is al hartstikke leuk. Enthousiast wijst mijn hartje me op allerlei interessante architectuur aan weerszijden van Het IJ. Ik hoor allemaal interessante feiten. Wist je bijvoorbeeld dat dat IJ vroeger doorliep tot in de duinen van IJmuiden. Dat verklaart direct de naam van deze kustplaats. Om te voorkomen, dat deze onverzadigbare plas water de gehele provincie Noord-Holland zou opeten zijn er heel wat dammen aangelegd. Nu is het maar een IJtje vergeleken met wat het geweest is!
Ik leun lekker tegen Cowboy aan en kijk om me heen naar de andere passagiers. Meisjes in pyanma’s met panterprint, daaroverheen een leren jasje. Vrouwen in feeërieke jurken met vreemde pruiken op hun hoofd. Fluoriserende outfits met dito haren. Jongemannen in berenpakken of verkleed als konijn. Veel pluche beestenoutfits. Maar ook verlegen meisjes met latex leggings en kanten niemendalletjes.
Ze zijn ongetwijfeld op weg naar een feestje. Halverwege het IJ dreunt de muziek van dit partijtje ons al tegemoet. Nou ja, muziek. Als we dichterbij komen maakt het qua muzikale variatie nauwelijks verschil. Alleen het geluidsniveau gaat omhoog.
We worstelen ons door de drommen feestgangers en gaan op zoek naar de opstapplaats van de safari. Het is een leuk bootje met een echte kapitein, compleet met enorme dikke buik, baard en grijs gekrulde paardenstaart. Een kerstman in wording.
We duiken direct het ruim in, waar zich een bar bevindt en bestellen een glas rode wijn om de optrekkende kou te weren. Daarna wagen we ons aan dek. De boot vertrekt, gevolgd door een vliegende camera. Inspectie van de havenpolitie. Ze houden ons goed in de gaten, zodat we niet lekker sigaretjes gaan roken tussen de petroleumopslagplaatsen.
Die havenpolitie duikt steeds weer op, is het niet als vliegend object, dan wel weer in een bootje. Je hoeft hier echt niet rond te gaan varen met illegale substanties aan boord. Maar wij hebben niets te vrezen als onschuldige toerist.
Na een tijdje gaan we van boord op een eilandje, waar voorheen een munitiefabriek werkzaam was. De half ingestorte gebouwen staan er nog. Best gek eigenlijk, onder de rook van zo’n grote stad. Er werden wel voorzorgsmaatregelen getroffen om een catastrofe te voorkomen.
Zo staat het terrein vol bomen om een eventuele explosie op te vangen. De gebouwen hebben daken, die een onvoorziene ontploffing een bepaalde richting op sturen. Ook werden alle machines aangedreven door stoom, dat werd opgewekt op een centrale plek, door 1 machine. En rokende medewerkers waren er niet. Al het personeel bestond uit verwoede niet-rokers.
Er komt een vrouw naar me toe. ‘Wat heeft u een prachtige laarzen aan!’ complimenteert ze me. Wat grappig, ik heb zonet haar schitterende vlecht zitten bewonderen. Ik heb nog nooit zo’n prachtexemplaar gezien. Brunhilde is er niets bij….. ‘Ik heb er stiekem een foto van gemaakt!’ vertrouw ik haar toe.
Intussen is mijn lief druk bezig met zijn marktonderzoek. Links en rechts interviewt hij deelnemers en medewerkers. Hij vergaart een schat aan informatie. Daar heeft hij ook alle tijd voor, want de tocht duurt dik 3 uur, waarvan de laatste anderhalf uur in het donker. Best lang ontdekken we. Na tweeënhalf uur zijn we het zat. Maar ja, wij hebben dan ook de avond ervoor gefeest.
Op de terugweg staat ons nog een onaangename verrassing te wachten. We mogen de pont niet op met onze fietsen. Dit vanwege de terugkerende partygangers. Op tien meter afstand van het pontje staat een regel-eikel zijn autoriteit te laten gelden. ‘Veel te gevaarlijk met die uitstekende trappers’, oordeelt de zak. ‘Die kan ik inklappen’, pruttel ik wanhopig. Het laatste waar ik zin in heb is nog een enorm stuk fietsen naar een ander pontje.
En dat is precies waar het op uitdraait. Gelukkig duwt Cowboy me het hele eind, want bij mij is intussen De Man met de Houten Hamer langs gekomen. En die heeft een flinke tik uitgedeeld. Met de grootste moeite weet ik in het huis van mijn geliefde te geraken. Daar strompel ik nog een rondje met mijn hondje. Om dan een hele dag gestrekt te gaan. Zoals een beetje MEpatiënt betaamt. Maar een hele tevreden patiënt. Dat wel!
Heel gezellig verjaardagsfeestje van Frogs met heerlijke verrassing: Heks krijgt een heel speciaal cadeau van haar vriendinnetje Elfje. Iets dat ik altijd al gewenst heb…….
Vrijdagavond geeft Frogs een feestje. Om 6 uur meldt Cowboy zich in Huize Heks. Ik lig in bed uit te puffen van de wekelijkse wasbeurt van mijn hondje. Het arme schaap heeft last van een parasiet en moet dientengevolge de meest vreselijke behandelingen doorstaan. Zoals deze aanval met pure chemicaliën. Gewapend met huishoudhandschoenen ga ik hem te lijf met Tactil, een onschuldig klinkend bijtend gif.
Gelaten ondergaat hij de behandeling. Na het bad gaan we dan eindeloos door de stad lopen totdat de ergste gifdampen zijn verwaaid. Een uitputtend ritueel. Baas en hond beiden tot het uiterste getergd door de bijverschijnselen van dit effectieve paardenmiddel.
Mijn lief en ik eten samen en buiken uitgebreid uit. Dan gaat mijn schatje nog eventjes op stap met mijn varkentje, terwijl ik me hul in feestelijke kleding en parfum. Kwastje erover en ik kan er weer helemaal mee door.
Als we bij Frogs arriveren blijken we heel erg laat te zijn. Dit komt voornamelijk, omdat werkelijk iedereen heel vroeg gekomen is. Het is supergezellig, zoals altijd op de feestjes van mijn goede vriend. Ik ben een enorme voorstander van verjaardagspartijtjes. Al je geliefden en vrienden bij elkaar. Er ontstaan nieuwe contacten. De onderlinge band wordt versterkt. En het is nog hartstikke leuk ook! Zowel om te geven als om bij te wonen….
Mijn vriendin Elfje is er ook. ‘Jou moet ik nog even spreken, onder vier ogen…’, zegt ze dreigend. Oeps, ik heb nagelaten een berichtje van haar te beantwoorden, waarin ze me vroeg of ik van plan was om naar ‘Landjuweel’ te komen. Heks zat toen in Antwerpen…
Terwijl we naar de keuken lopen tovert ze een enorm pak tevoorschijn. ‘Hier loop ik al maanden mee rond! Ik heb het gemaakt, nadat ik jouw brief uit Frankrijk had gekregen. Wat een geweldig pakket was dat! Ik liep helemaal over van liefde daarna. Vandaar!’
Ze geeft me een prachtig versierde doos. Helemaal volgeplakt met plaatjes. ‘Een Wensdoos!’ roep ik uit. Want ik herken onmiddellijk haar geslaagde poging toe te treden tot de gelederen der Wensdoosmakers. Ik maak die dingen al jaren. Links en rechts bestaan mensen, die er eentje in hun bezit hebben. Maar ik heb er nog nooit één gekregen!
Een Wensdoos werkt als volgt: Bekijk de doos aandachtig. Een goeie Wensdoos staat bol van de symbolen en magische afbeeldingen. Door ze in je op te nemen, breng je de magie goed op gang. Draai de doos om en om in je handen, zodat je alle kanten in het vizier krijgt. Wensdozen hebben geen onder of bovenkant. Maar je kunt ze wel openmaken…..
Open de doos en speel met de inhoud. 😉 Het verdient aanbeveling om een zeker ritueel uit te voeren met hetgeen zich in dit magische voorwerp bevindt. Maar omdat elke Wensdoos anders is, laat ik een algemene beschrijving hiervan achterwege.
Fluister je wens in de doos en sluit deze onmiddellijk. Nu volgt zorgvuldig schudden, vergelijk het met het potentieren van een homeopathisch medicijn. Hoe meer je je wens verdunt, hoe sterker de werking…..
Laat de Wensdoos op een onopvallende plek staan, totdat je helemaal vergeten bent, dat je iets te wensen hebt. Als je nu per ongeluk de doos opent komt je wens uit. In elk geval uit de doos. Gegarandeerd succes!
In mijn prachtige Elfjes-exemplaar zit een enorme bos geel nephaar. Heel handig voor een bad-hair-day. Of als tijdelijk hip oksel/schaamhaar! Ook zit er een rood mondje in, dat blijkt een pleister te zijn. Voor als ik een keertje pijn heb: Kusje erop! Maar ook handig indien ik chagrijnig ben. Dan plak ik em gewoon op mijn gezicht.
Vervolgens springt een schitterend boek over kristallen schedels in het oog. Ik dacht dat ik alles wat er op dat gebied verschenen is in mijn boekenkast had, maar deze auteur ken ik niet!
In een gouden pakje vind ik geurend hout, Palo Santo. Heerlijk, ik ben daar dol op. Dan is er nog een klein satijnen zakje met een eenhoorntje er in. Maar hij is niet de enige hier aanwezige eenhoorn. Er zijn ook nog wat exemplaren van papier en suikergoed 🙂
Natuurlijk zweeft er ook een elfje tussen alle andere bewoners van deze droomdoos…..
Heks raakt niet uitgekeken op haar geschenk. Vrienden voegen zich bij ons in de keuken en kijken bevreemd naar dit tafereeltje. Wie is er nu eigenlijk jarig? En wat is dit voor een wonderlijk cadeau?
Aan de binnenkant van het deksel waakt Ganesha over al mijn toekomstige wensen. Aan weerszijden prijken twee kleine Zuidamerikaanse dametjes. Dat zijn wij, Elfje en Heks. Twee zielzussen in hun eigen magische universum.
Dank je wel, lieve zielzus, soulsister….. Love you!
Gekke glutenvrije, sojavrije, lactosevrije verwarmende worteltjessoep, die van toevalligheden aan elkaar hangt, gecreëerd door Cowboy en Heks onder invloed van een griepvirus. Tevens effectief in het bestrijden van het ongemak veroorzaakt door ditzelfde virus! Opgedragen aan de Belgische receptensite MyTast.be, waar deze Toverheks nu ook op te vinden is……
Aan het begin van de week worden Cowboy en Heks getroffen door een gemeen griepvirus. Mijn liefje is als eerste aan de beurt. Rillerig een slapjes dweilt hij aan mijn zijde de dag door. Ik besluit een verwarmend wortel/gembersoepje in elkaar te stampen, maar omdat ik zelf ook niet bepaald fris ben, mislukt mijn brouwsel jammerlijk.
Hoewel: De smaak is best goed, maar veel te geconcentreerd…… Ik heb een enorme pan gekookt. ‘Vries het in’, zegt Heks tegen haar geliefde. ‘Leng het aan.’ ‘Gooi er rode linzen bij of aardappelen.’ Uiteindelijk heeft hij al die suggesties opgevolgd en daar bovendien zijn eigen touch aan toegevoegd: Gehaktballetjes!
Dit weekend kom ik alweer bij hem logeren en krijg een werkelijk fantastisch soepje voorgeschoteld. Omdat ik onlangs ben verzocht deel te nemen aan een Belgisch culinair digitaal netwerk, MyTaste, kan ik jullie dit succesrecept natuurlijk niet onthouden…… Een hele eer natuurlijk voor deze kaaskop, om bij onze Bourgondische zuiderburen recepten aan te leveren!
Fruit 2 grote uien in wat olijfolie. Voeg 7 tenen knoflook toe. Kort meefruiten, 2,5 liter water erbij en 5 groentenbouillonblokjes. Kilo waspeen en flink stuk verse gember en 5 citroenbladeren meekoken. Haal het citroenblad eruit. Staafmix de rest tot een mooie oranje soep. Tien citroenbladeren en twee fijngesneden rode pepertjes toevoegen. Maak het af met Thaise vissaus, een mooie verfijnde smaakmaker!
Heks schoot geweldig uit met dit laatste ingrediënt. Waarschijnlijk aangestuurd door het mij bezoekende virus. Ik meen er zeker anderhalve deciliter in te hebben gegooid……Hierdoor ontstond de basis voor een nieuwe soep.
Leng bovenstaande basis aan met een liter water en kook de inhoud van een pak rode linzen mee. Kook een pond aardappelen in de schil. Halveer ze en gooi lekker bij de zich ontwikkelende maaltijdsoep. Meng een pond rundergehakt met zout, peper en knoflook. Braad hier kleine gehaktballetjes van. Heel lekker in deze supersoep.
Een dag later maakt Cowboy nog een variant op dit basisthema met garnalen in plaats van gehaktballetje. Ook heeeeeel erg lekker.
Als je de basissoep vegetarisch wilt houden, kun je geroosterde sesamolie gebruiken in plaats van vissaus. Maar de soep leent zich dan niet meer voor de uitgebreide versie……
Grote rode varkenstepels en andere natuurfotografie. De kracht van statistieken en hun keiharde realiteit versus het simpele plezier van het goed geschreven woord……..
Het gaat goed met mijn blog. De statistieken rijzen de pan uit. Plotseling zijn mijn toverrecepten heel populair in de Verenigde Staten. Ik heb het vermoeden, dat het verhaaltje over al die kleine mensen uit Boston in mijn gele autootje er de oorzaak van is. Maar helemaal zeker is dat niet. Voor hetzelfde geld ben ik ontdekt door een kolonie Nederlanders in den vreemde, die geniet van mijn verhalen over grachtenstadjes, hondjes en Hollandse ijspret.
Hoe het ook zij, feit is, dat ik nog nooit zoveel lezers in een week heb gehad als vorige week. En nog nooit zoveel in één maand als vorige maand. En ook nu denderen de statistieken maar door. Piek na piek. En dat terwijl ik nog nooit zo weinig heb geschreven als in de afgelopen maand….. Wonderlijk.
Recentelijk ben ik er ook achtergekomen, dat mijn verhaaltjes regelmatig worden gedeeld. Een statistisch getalletje, 9.075 keer, dat me tot nu toe ontgaan was. Ik weet niet wat er waar wordt gedeeld, alhoewel ik soms een aanwijzing kan aflezen uit de rijtjes en tabellen. En heel af en toe kom ik er wel achter, waar mijn verhaaltjes worden gepromoot. Op een receptensite bijvoorbeeld. Of eentje met verhalen over vlooienplagen. Maar de andere 9.073 keer tast ik in het duister..
Statistieken zijn best leuk, maar relatief. Met de enorme hoeveelheid labels, die ik aan mijn teksten hang, de zogeheten tags, krijg ik natuurlijk mensen binnen, die wel op zoek zijn naar informatie over bijvoorbeeld grote rode tepels, maar dan niet in een verhaal over een kinderboerderij willen belanden. Waar de zeug haar biggetjes aan de tiet heeft. De tietenbatterij beter gezegd. Met die enorme grote rode tepels…..

De gewraakte foto, populair in de zoekmachines…… en bij mannelijke varkentjes, behalve Ysbrandt…… Foto: Toverheks
Misleidende informatie mijnerzijds? Welnee. Het staat toch in mijn stuk, die tepels. Alleen in een geheel andere context dan op de gemiddelde pornosite. Misschien is het wel een verademing voor deze hitsige lezers om nu eens met echte natuurfoto’s te maken te krijgen in plaats van de klassieke pornografische ‘natuurfotografie’……
Ook schep ik er heimelijk genoegen in deze groep zoekenden op het verkeerde been te zetten. En die foto van die varkenstepels is echt mooi. En voor de gemiddelde beer vast heel opwindend. Maar ja, die knorrige heren hebben helaas geen wifi in hun kot……
Een deel van mijn lezers zal dus ook bij toeval op mijn blog terecht komen. Ontdekken, dat ze er niets te zoeken hebben. Om vervolgens dan ook niets van hun gading te vinden. En tenslotte snel de plaat te poetsen. Om nooit meer weer te keren in dit heksenhol van een blog.
Maar die 9.075 keer dat mensen de moeite hebben genomen een verhaaltje van mij te delen vertelt ook een ander verhaal. Voor deze lezers is er wel sprake van herkenning. Ze vinden iets, dat de moeite waard is om anderen op te wijzen. Of om hun medemens van te laten meegenieten…..
In de begindagen van mijn blog, toen ik soms maar 4 lezers op een dag had, drong het al snel tot me door, dat ik ook voor 1 lezer zou schrijven. Uiteindelijk was de aanleiding tot dit avontuur een maandenlange dagelijkse correspondentie met een kluizenaar in Het Hoge Noorden. Deze kwam uit zijn holletje onder invloed van al dat gecorrespondeer en kreeg verkering met een lokale schone. Dit ging ten koste van onze penvriendschap, maar ik ben nog steeds heel blij voor hem. JOOOOOO!!!!! Alle geluk voor Friesland!!!!
Heks houdt gewoon heel erg van schrijven. Dat maakt me gelukkiger, dan welke statistiek ook. Een perfecte zin, een goed verhaal, een rake bewoording: Het doet mijn hart zingen! Het is tevens ongeveer het enige succesvolle, dat ik in jaren heb gepresteerd. Alle andere dingen doe ik voor spek en bonen.
Zangopleiding? Ik oefen nooit, want daar heb ik de puf niet voor. Koorprojecten? Ik oefen nooit, zelfde reden. Mediteren? Doe ik lopend in het bos, terwijl ik de hond uitlaat, want ik heb niet de energie om een half uur te zitten op een kussentje. Zwemmen? Onbegonnen werk momenteel. Sportschool? Ik betaal mijn abonnement, schrijf me in voor lessen en kom dan niet opdagen. En zo kan ik nog wel eventjes doorgaan.
Gelukkig gaan sociale contacten me wel goed af. Zelfs vanuit bed lukt het me altijd nog om genoeg vriendschappen te onderhouden. Niet met iedereen natuurlijk. In tijden van grote bedlegerigheid is het grootste deel van mijn sociale kring me weer snel vergeten. Maar ik heb een paar gouden vrienden door dik en dun.
Mensen, die niet schromen regelmatig voor me te koken. Of mijn hondje uit te laten op slechte dagen. Zoals gisteren Frogs bijvoorbeeld. Terwijl Heks gestrekt lag, liep Varkentje lekker met zijn suikeroompie op het strand. Ik kreeg allemaal leuke foto’s toegestuurd, zodat ik een beetje mee kon genieten.
Ik heb dan misschien geen knoop, ben totaal mislukt qua goeie baan, gelukkige gezinsvorming en oudedagvoorziening. Kreupel maar zo’n beetje in de rondte op goede dagen en lig nog steeds veel onderuit. Maar ik kan schrijven! En ik word gelezen! En daar geniet ik van. Met volle teugen.
En mensen, die niet willen dat ik schrijf wat ze lezen, raad ik aan vooral niet te lezen wat ik schrijf…..
Cowboy geeft me een speciaal presentje. Gedeelde smart is halve smart. Maar gaat dat ook op voor een griepje?
Maandag zit ik nog steeds in Amsterdam. Op verzoek van mijn lief ben ik nog een dagje blijven plakken. Hij is licht grieperig. Heks is ook moe. Samen keutelen we de dag door. We lunchen op zijn zonnige balkon. Lezen alle achterstallige kranten. Drinken verse jus voor de vitamientjes. Drinken cappuccino, omdat het zo verrukkelijk smaakt.
Aan het eind van de middag strijken we neer in het Oosterpark met Varkentje. Laatstgenoemde rent vol overgave achter een balletje aan. Wij drinken thee en genieten van een waterig zonnetje. Om ons heen zit een kleurrijke menselijke mengelmoes van nationaliteiten, sociale achtergronden en leeftijden.
’s Avonds pak ik een trein terug. Ik zie er tegenop, want mijn bagage is met al die extra boeken loodzwaar. Cowboy bindt mijn koffer achter op mijn vouwfietsje. Met Ysbrandt aan de hand, een tas aan het stuur, eentje om mijn schouders en die hutkoffer achterop peddel ik richting station. ‘Zorg dat iemand je helpt om je fiets in de trein te tillen’, roept mijn liefje me bezorgd na. Ik beloof het hem. Om dan vervolgens op het nippertje zelf mijn fiets de trein in te hijsen. Bij gebrek aan medemens……
De katten zijn erg blij me te zien. Ze uiten dat door keihard door het huis te rennen, ruziënd en vechtend, om dan naar buiten te verdwijnen. Nadat ze lekker gegeten hebben natuurlijk. Eentje piest stiekem in mijn schone bed. Bij wijze van verrassing. ‘Welkom thuis, Heks! Hier een blijk van mijn waardering…’ Getsiederrie. Ze hebben me gemist!
Dinsdag begin ik me vrij gammel te voelen. In navolging van het aanstekelijke griepje van Cowboy. Met veel moeite sleep ik me naar de koorrepetitie. Ik heb hoofdpijn. De microfoon van de dirigent staat keihard. Het doet pijn aan mijn oren, als hij de verschillende partijen voorzingt. De goede man kan geweldig koren dirigeren, maar zijn eigen stem klinkt als een gebarsten scheepstoeter. Versterkt is het nauwelijks te verdragen. Vooral niet als je vlak voor een luidspreker zit…..
Vannacht slaap ik slecht. Mijn hoofd klopt. Ik moet vroeg op. Fysiotherapie. Voorwaar geen pretje, als je stijf staat van de spierpijn. Ik lijk verdorie wel een kwarktaart. De verschillende loshangende onderdelen worden weer ingetapet. Redelijk vroeg loop ik met Ysbrandt in Het Leidse Hout. Met een lamme arm gooi ik een balletje. Ik sukkel een ruime ronde.
Dan heb ik het plotseling helemaal gehad. ik bel alle resterende afspraken van vandaag af. Dit lijf moet in bed liggen. Of in een hangmat, want een beetje zon op mijn snoet is misschien wel lekker. Als die pijnlijke storm in mijn kop tenminste enigszins gaat liggen.
Ik haal wat boodschappen: perssinaasappelen, honingdropjes zonder zetmeel, alle ingrediënten voor een kippensoepje. Over twee dagen moet ik er weer staan. Dan geeft Frogs een feestje. Buiten dat ik het absoluut niet wil missen, zijn feestjes zijn altijd geweldig, heeft hij het ook nog eens speciaal voor mij verzet. Dus ziek zijn is geen optie!
Vandaag geef ik toe aan dit virusje. Ook wel eens lekker!
Uitmarkt Amsterdam 2014. Het Museumplein bruist van de activiteiten. Overal theatrale mensen, muziek, acts. Cowboy en Heks hebben vooral oog voor de boekenmarkt. En elkaar…….
Zondagmiddag gaan we dan eindelijk naar de Uitmarkt in Amsterdam. We zijn het al twee dagen van plan….. Vrolijk fietsen we door de stad. Vlak voor het Rijksmuseum binden we onze fietsen aan een hek. En aan elkaar. Ook al zijn het ouwe lijken, toch willen we ze niet kwijt.
Hand in hand lopen we onder het museum door. Aan de andere kant is het een drukte van belang. Het krioelt van de mensen, veelal in ravissante outfits. Ik val volledig in het niet. Ook wel eens lekker!
Cowboy en Heks slaan middag stuk en koken sterren van de hemel: Zalige soep van Zilverstelen. Glutenvrije, lactosevije, sojavrije knolselderijstamppot met klapstuk en geroosterde groenten. Rabarber gekookt in appelsap toe.
Zaterdag loop ik met Cowboy over de boerenmarkt bij hem in de buurt. We kopen een geweldige lap klapstuk bij de bio-slager. ‘Hak het maar in stukken voor me, want mijn lief heeft geen enkel scherp mes in huis…’, verzoek ik de verkoper.
‘Prima hoor’, zegt de enorme kerel, terwijl hij met een hakbijl van een mes zwaait. ‘Je mag dit mes wel een week lenen, dan breng je mij jouw messen. Krijg je ze volgende week geslepen weer terug!’ Wat een grappig aanbod. Misschien hou ik hem er aan, binnenkort….
Het is raar weer. Om de haverklap klettert er een hap water in ons gezIcht. Het volgende moment schijnt de zon. We besluiten het espressoapparaat van Cowboy op te halen bij de reparateur in de Pijp. Het is tevens een excursie naar het vroegere leefgebied van mijn geliefde. Cowboy rijdt voorop met mijn Batavis vouwwagentje stuiterend achter zijn fiets. Ik volg hem met een enthousiast Varkentje, die loopt alsof zijn leven ervan afhangt.
We oefenen een stukje met m’n hondje in de fietswagen. Met zijn naderende oude dag lijkt het ons erg handig als hij zich zo wil laten vervoeren….. Hij vindt het maar zozo, maar blijft wel netjes zitten.
Onze optocht trekt veel bekijks. Vertederde blikken over het algemeen. ‘Wat een lief roedeltje’ zie je de mensen denken. De keukenwinkel, waar de reparateur voor werkt, blijkt een geweldig bedrijf te zijn. Ze hebben er honderden messen, variërend van een paar euro tot honderden euro’s per stuk. De bioslager zou ervan onder de indruk zijn!
Ik laat me uitgebreid voorlichten over espressoapparaten. De mijne heeft het onlangs begeven. Ik zie genoeg van mijn gading, maar het is allemaal ver boven mijn budget. Ik stook voorlopig mijn koffie maar in mijn piepkleine percolator op het gas….. Het levert een perfect bakkie op!
Terug in het huis van mijn Cowboy gaan we aan de slag in de keuken. Ik flans snel een soepje van zilverstelen in elkaar om de ergste honger te stillen. We maken klapstuk in de oven met geroosterde groenten en een stamppot van aardappelen met knolselderij. Cowboy verrast me met zalige rabarber. Gekookt in appelsap. Echt superlekker!
Was de zilverstelen, fruit een uitje en wat knoflook. voeg water toe en bouillonblokjes met tijm en oregano. Zilverstelen erbij. Even aan de kook brengen, staafmixer erop. Lekker met rookworst van Van der Zon.
Kilo klapstuk in stukken hakken. Of laat het de slager doen, als je zelf botte messen hebt. Meng met 400 gram dobbelsteentjes spek. Zout en peper toevoegen. 45 minuten op 175 graden in de oven. Wortel, ui, knoflook, marjolein, rozemarijn, laurierbladeren en een halve liter bier toevoegen. Bij voorkeur een lekkere Brugse Trippel, maar voor de glutenvrije variant gebruik je natuurlijk een glutenvrij biertje. Nog twee uur op 150 graden laten sudderen.
Kook een kilo aardappelen in de schil met een beetje zout. Kook de knolselderij. dit kun je eventueel in dezelfde pan doen. Stamp met wat -lactosevrije- melk tot een smeuïge puree.
Rooster snijbonen, broccoli, wortelen en wat je verder in de koelkast vind aan groenten de laatste 30 minuten mee met het vlees in de oven.
Je moet engelengeduld hebben, dat wel, maar als het dan eindelijk op tafel staat eet je je vingers erbij op!
What happens when we die? ‘Nothing!’ beweert Thich Nhat Hanh. ‘Een heleboel!’ zegt Heks. Het zet de wereld op zijn kop. In memoriam van onze lieve OB-vriendin Carmen.
Vanmorgen ontvang ik een mailtje van een vriendin. ‘Lieve Heks, het is zo rustig op Toverheks.com. Het gaat toch wel goed met je?’

Inderdaad. Zo stil is het nog nooit geweest op mijn blog. En er staan genoeg verhaaltjes klaar. Mijn zwijgen de afgelopen weken heeft een reden. Ik was met stomheid geslagen door de klap, die het leven uitdeelde aan een vriendin van me. Een dodelijke slag.
Soms is een tragedie zo groot, dat er geen woorden voor zijn. Elke poging om er iets over te schrijven is gedoemd te mislukken……

Met Heks gaat het goed, heel goed zelfs. Ik herstel snel van de vakantie. Cowboy en ik zijn verliefder dan ooit. En supergelukkig. We hebben huissleutels uitgewisseld. Ik heb mijn schoonfamilie ontmoet. So far, so good.

Twee weken geleden, ik was net terug van mijn retraite over wat er gebeurt als we sterven, kreeg ik een verschrikkelijk telefoontje. Eén van mijn OB-vriendinnen is verongelukt. Een file in Antwerpen werd haar fataal. Ze maakte geen enkele kans tegen de achterop rijdende vrachtwagen.
Alle meiden van deze hechte vriendinnenclub raakten volledig van slag. We hebben elkaar veel opgezocht en gezorgd voor een mooi praatje op het afscheid. En een boekje vol teksten van onze hand over onze lieve vriendin. Voor haar man en kinderen. Een schrale troost. Een druppel op een gloeiende plaat. Want niets of niemand kan natuurlijk uitkomst bieden in het aangezicht van dit grote verlies.


Vandaag ga ik beginnen met het afmaken en plaatsen van de resterende vakantieblogjes. Het is heerlijk druilerig weer. Ik zit in mijn warme bedje, want ik ben erg moe na alle activiteiten van de laatste weken.
Vanavond ga ik naar de kwartfinale kijken met mijn vaste voetbalclubje: Frogs, Blonde buurman, zijn vrouw Frisse Friezin, True en Trueman. Cowboy gaat mee. Hij is het nieuwste lid van dit illustere gezelschap.

Het gaat goed met Heks. Ze is heel gelukkig. En ook heel verdrietig. Thay heeft dat prachtig verwoord in één van zijn gedichten: ‘My joy and pain are one.’
What happens when we die? ‘Nothing!’ riep Thich Nhat Hanh vrolijk. Nou, dat is misschien zo voor hem en het biedt wellicht in de toekomst troost voor zijn Sangha. Wanneer hij sterft. Want zijn retraite was overduidelijk een grondige voorbereiding op dat afscheid.
Maar als je midden in het leven staat, daar volop van geniet, zo nodig bent voor je man en kinderen, vader, tweelingzuster en broers, zo geliefd in je vrienden-en kennissenkring, zo gewaardeerd door je collega’s: Dan is het nogal wat om plotseling te sterven. Pijnlijk en niet bepaald ‘nothing’. Het is een nachtmerrie. Een boze droom. Een diepe tragedie.
We hebben afscheid genomen. Met een hele grote kerk vol verbijsterde mensen. We hebben haar begraven. Met een lange stoet verdrietige familie en vrienden.

En nu pakken we de draad van het leven weer op. Zo goed en zo kwaad als het gaat. Het mooie leven. Onze vriendin wist als geen ander hoe daarvan te genieten. Ze leefde ons dat voor. En nu leeft ze dat in ons, door ons heen. Doordrenkt ze ons met het besef, dat we allemaal aan een zijden draadje hangen.
What happens when we are alive? That’s the question volgens Thay. Het is onze opdracht om er iets moois van te maken.
Zes passagiers in mijn gele autootje. Zo’n Peugeotje 107 biedt onverwacht veel ruimte, vooral als de passagiers van Aziatische afkomst zijn……
Vanmorgen, 19 juni, word ik om kwart voor vijf wakker van een droom. Ik probeer de details te achterhalen. Terwijl ik daarmee bezig ben begint er een non megahard op de enorme bel te rammen. Ik hoor het door mijn oordoppen heen. ‘Iets zachter asjeblieft’, smeek ik in gedachten, want ik heb maar vier uurtjes geslapen. Het lukt me niet meer om in slaap te vallen, ik heb een gigantisch snothoofd. Dan maar naar de ochtendmeditatie besluit ik.
Terwijl ik erheen loop voel ik dat nu ook mijn andere oog raar aanvoelt. Ik heb al een afschuwelijk ontstoken oog aan de linkerkant. Rechts zit nu een enorme zandkorrel over mijn oogbol te schuren. Althans daar lijkt het op. Als ik uit frustratie in dit oog wrijf, wordt het nog veel erger.
De ochtendmeditatie wordt begeleidt door teksten als: ‘Inademend word ik me bewust van mijn lichaam, uitademend glimlach ik naar mijn lichaam.’ Ik doe dat laatste als een boer met kiespijn. Mijn lijf voelt verschrikkelijk. Alles doet zeer en ik heb mijn ochtendportie pijnstillers nog niet binnen. Ook mijn Tens-apparaat ligt nog in de tent. Mijn verkouden kop produceert een lichte hoofdpijn. En dan ook nog dat schuurpapier in mijn oog….. Wat een ramp!
‘Boeddha, Aartsengelen, help me, dit is geen doen. Ik begin boven het acceptabele niveau van fysieke ellende uit te stijgen. Straks moet ik echt een arts consulteren en daar heb ik helemaal geen zin in!’ Als door een wonder begint mijn rechteroog enorm te tranen. De zandkorrel verdwijnt. Voor even dan. In de loop van de dag steekt ‘ie regelmatig de kop op…..
Na alle pillen, koffie en mijn externe pijnstiller voel ik me een stuk beter. Ik ben zo verrekte vroeg. Heerlijk gewoon. Op het parkeerterrein word ik benaderd door een jonge Aziatische vrouw. Uit Boston. Of er wat mensen mee kunnen rijden. ‘Natuurlijk, ik heb plaats voor drie personen.’ We hebben les van Thay in het klooster boven op de berg. Een hele klim. Heks begint er al niet meer aan.
Er komen nog drie piepkleine dametjes bij. Nou ja, dat moet wel lukken. Drie wurmen zich op de achterbank. De vierde zit vrolijk naast me te kwetteren. ‘Mijn man moet ook mee hoor’, benadrukt ze met klem, ‘Hij kon niet wachten en is al gaan lopen. Maar dat hele end redt hij nooit. Hij is al vierentachtig!’ Het is wel drie kwartier lopen naar de monniken. Inderdaad een beetje te veel van het goede op die leeftijd.
Na een paar minuten halen we hem in. De vier dametjes zitten op de achterband gepropt en dit vieve heerschap nestelt zich naast me. ‘We kunnen zo in het Guiness book of records’, grapt de oude baas. De gekscherende opmerkingen zijn niet van de lucht. Kwinkslagen vliegen om mijn oren. Er wordt flink gelachen zo op de vroege ochtend.
Onderweg zwaaien sommige mensen enthousiast naar dat kleine gele autootje. Normaal gesproken fungeer ik als een soort bezemwagen. Links en rechts veeg ik de vermoeiden of laatkomers op. Ik zie heel wat verbaasde gezichten als ze zien hoe vol mijn wagentje vandaag zit. Ik heb ook wel eens een paar nonnetjes op de achterbank. Maar zoveel mensen tegelijk……
Helemaal verfrist kom ik boven aan met mijn kostbare lading. This made my day! Ondanks de beroerde start is de rest van mijn dag luchtig en vrolijk. Ik geniet van Thays wijze woorden. Doe op mijn gemak mee met de wandelmeditatie. En blijf daarna eten in het mannenklooster.
Ze koken hier veel meer binnen mijn dieet. En heeeel erg lekker. Ik schep een enorm bord op. En eet het op tegenover een vrouw, die oefent in het zo min mogelijk eten. Aan haar postuur te zien, is ze daar pas onlangs mee begonnen. Ze kauwt eindeloos lang op een piepklein beetje voedsel.
Daarna scoor ik in de boekwinkel een paar lege dozen, waar allemaal boeddhaplaatjes op staan. Ze gooien ze weg. En ik plak er weer kaarten van. Of andere knutseldingen.
Dan ga ik nog eventjes op de schommel zitten onder de enorme Lindeboom. De eerste keer, jaren geleden alweer, dat ik die boom zag, stond hij volop in bloei. Een enorme kolonie bijen zoemde rondom de bloemen. Gek genoeg meende ik te verstaan ,dat ze het “The Living Tree” noemden’. Dat vond ik mooi. Die zoemende boom. Zo vol leven….
Op de terugweg geef ik een lift aan een kunstenares. We hebben elkaar al in de workshop ontmoet. Ze is met hele leuke projecten bezig en woont niet al te ver uit de buurt. Heks heeft er weer een Facebookvriendin bij.,,,,





































































































































Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.